verhaal van: Annie Verdonk
Weet u het nog?
Het was op de Secunda. Moeder en ik waren bij u aan boord. U was aan het varen en er ging iets niet goed met de boot die ervoor stond."
Houd jij maar even het roer vast. Goed vasthouden en niet draaien" zei u tegen mij.
U liep naar voren. Er volgde een grote klap...
Ik hing met mijn hele gewicht aan het dolgeworden stuurrad. Geen houden aan.
De Secunda had een groot gat in de kop en ik maar denken dat het mijn schuld was....
Of die andere keer in de Rietlanden in Amsterdam. ik logeerde een weekendje bij u aan boord. Ik zal zo'n jaar of 14 zijn geweest. Nicht Grietje Fernhout was er ook. Zondagmorgen zouden we met zijn vieren naar de kerk gaan. U, Grietje, Hilda en ik. De schipper die tegen de wal lag had geen loopplank uitgelegd. "Ach" zei u," het gaat zo ook wel". U stapte op de grote ronde meerpaal die bestemd was voor zeeschepen. In het midden was net genoeg plaats voor twee paar voeten. U bleef daar staan om ons een hand te geven en wij moesten nog een stap maken om op de kade te komen.
Grietje ging het eerst. Ze haalde het maar net.
Hilda zag dat het eng was en stribbelde tegen. Met vereende krachten kregen wij ook haar veilig aan de wal.
Toen was het mijn beurt. Ik was inmiddels behoorlijk zenuwachtig geworden en in mijn angst zette ik het verkeerde been voor. Nu moest ik beentje wisselen op de ronde zijkant van de paal. Dat ging natuurlijk mis. Ik gleed eraf en u kon me niet meer houden. Ik viel letterlijk tussen wal en schip. Met een pikhaak werd ik aan boord van een roeiboot gehengeld en daarna aan boord gehesen.
Tante Catrien was de hele zondag in de weer om mijn kleren te wassen, te drogen en te strijken terwijl ik in bed lag met een nat washandje op mijn voorhoofd vanwege de buil die ik tijdens mijn val op de stenen had opgelopen.
Toen ik jarig was kreeg ik van u een mooie blauwe vulpen met een échte gouden pen. Wat waren mijn klasgenoten jaloers! Zomaar een paar herinneringen.