Letter W
Werkvormen die ingezet worden waarbij het presteren van het moment bewust iets moeilijker gemaakt wordt. De bedenkers hiervan (Robert en Elisabeth Bjork) beschrijven het als: het moeilijker maken maar op een goede manier, bijvoorbeeld het spreiden van oefenmomenten of het afwisselen van oefeningen. Wenselijke moeilijkheden komen het leren op lange termijn ten goede, maar de prestatie op het ogenblik zelf kan erdoor verminderen omdat de leerling bijvoorbeeld geconfronteerd wordt met leerstof die hij vergeten is (Desirable difficulties).
Onderdeel van het geheugen waar de eerste bewuste verwerking van informatie plaatsvindt. Het werkgeheugen ontvangt prikkels uit het zintuiglijke geheugen, maar ook informatie uit het langetermijngeheugen. Het werkgeheugen is beperkt in capaciteit en duur waarin informatie vastgehouden kan worden.
Verzamelnaam voor zowel uitgeschreven uitgewerkte voorbeelden als gemodelleerde voorbeelden. In beide gevallen wordt getoond/gedemonstreerd hoe een vaardigheid wordt uitgevoerd met het doel dat de leerling in een volgende fase die taak/handeling imiteert (Uitgewerkte voorbeelden).
Het bestuderen van uitgewerkte voorbeelden van taken/oefeningen bevordert het leren van nieuwe vaardigheden in vergelijking met het proberen op te lossen van de oorspronkelijke oefeningen. Leerlingen kunnen zich concentreren op de onderliggende structuren van de oefening en hoe deze de ene oplossingsstap in de volgende overzetten zonder uitgebreid te hoeven zoeken. Op deze manier wordt de cognitieve belasting volledig geïnvesteerd in schemavorming (Uitgewerkte voorbeeld-effect).