De strijd in zichzelf

Er zijn in onze tijd maar weinig mensen die niet in het grote belang van zelfbeheersing en wilskracht geloven. Iedereen probeert wilskracht op te brengen, met het onvermijdelijke gevolg dat hij géén wilskracht heeft, of op zijn minst niet genoeg.
Iedereen vecht met zichzelf alsof men verschillende personen was; men speelt tegelijkertijd de rol van beklaagde, de officier van justitie, de verdediger en de rechter.
 
De wilskracht is één van de karakteristieke voorbeelden hoe wij onze verwarring en onze illusies tot uitdrukking brengen.

Wat betekend wilskracht hebben? Als vergelijking zullen we eens zien hoe we met dingen omgaan die buiten onszelf liggen.   

Als ik een voorwerp wil optillen dan zal mijn geschiktheid om dit te kunnen doen afhangen van twee factoren, n.l. het gewicht van het voorwerp en mijn lichamelijke kracht. Als ik het voorwerp kan optillen, ben ik sterk als ik het niet kan optillen, dan ben ik zwak. Daaruit volgt, dat de hoeveelheid kracht waarover we beschikken, ongetwijfeld uiterst belangrijk is als we met dingen te doen hebben die buiten onszelf liggen.

Maar hoe is het nu als we met onszelf omgaan?
Dan zijn we tegelijkertijd degene die wint en degene die verliest; de één is in strijd met de ander gewikkeld.
 
In Wenen leefde eens een acteur Nestroy, een bewonderenswaardig schrijver van zeer aardse komedies, die in één van de scènes van zijn toneelstuk een soldaat ten tonele voert, die twee mannen tegelijk uitbeeldt. Deze soldaat droeg maskers die twee tegenover elkaar liggende gezichten voorstelden. In iedere hand droeg hij een zwaard en iedere helft streed met de andere helft. Hij kwam het podium op met de woorden: "Nu wil ik eens zien wie de sterkste is, ik of ik".
Net zo doen de meeste mensen iedere dag! Wanneer iemand 's morgens moet opstaan, vraagt hij zich af: "Heb ik zin om op te staan en naar het werk te gaan, of slaap ik nog een beetje door?" En zo voert men dagelijks die leuke kleine oorlogjes met zichzelf.
 
Waarom toch? Omdat men veronderstelt, dat men, als men niet met zichzelf vecht, men niet in staat zou zijn zichzelf onder controle te houden; men zou anders niet in staat zijn zichzelf ertoe te brengen dát te doen wat men eigenlijk zou moeten doen.
Met andere woorden: de meeste mensen behandelen zichzelf zoals een ongeschikte leraar slechte leerlingen behandelt: met dreigen en straffen wanneer de leerlingen zich niet behoorlijk gedragen of niet willen leren. Dat heeft in het algemeen weinig effect, zodat de kinderen hun onaangenaam gedrag voortzetten.
Op gelijke wijze intimideren wij onszelf zodat we misschien bereid zijn ons behoorlijk te gedragen. We zijn het offer van een slavenmentaliteit doordat we eraan twijfelen dat de mens zich ooit fatsoenlijk zal gedragen wanneer hij niet door dreiging met straf er toe gedwongen wordt! Wij allen zwaaien de zweep van mislukking en vernedering over ons eigen hoofd zonder dat we in staat zijn veel vertrouwen in onszelf of in onze medemensen te stellen. 
 
Dit is de traditionele manier waarop wij met onszelf en anderen omgaan en zolang als wij hiermee doorgaan, wordt ons de mogelijkheid ontnomen onze innerlijke rust te vinden. We zien geen kans om ons veilig te voelen, want onze veiligheid of zekerheid wordt altijd bepaald door: "Zal ik succes hebben of zal misschien duidelijk zijn dat ik een mislukkeling ben?" "Zal ik me boven of misschien wel onder bevinden?" En geen mens kan ooit zijn plaats vinden door achter het succes aan te hollen, evenmin kan hij zich zeker voelen door hetgeen hij van de hem omringende wereld verlangt. Het doet er niet toe, hoeveel geld, macht, status of liefde we bezitten, we zullen nooit echte zekerheid in onszelf ontdekken, omdat we nooit genoeg van al deze zaken zullen bezitten!
En.alles wat we hebben kan ons weer afgenomen worden!