Ziektebeelden‎ > ‎

Griep

Griep wordt veroorzaakt door het influenzavirus en heet daarom ook wel ‘influenza’. Het influenzavirus wordt gemakkelijk van de ene mens op de andere overgedragen, door hoesten, niezen of praten, of door iemand de hand te geven. Elk jaar krijgt gemiddeld ongeveer één op de tien mensen griep, meestal in de winter. U kunt elk jaar opnieuw griep krijgen. Als veel mensen tegelijk griep hebben, noemen we dat een epidemie.

Het influenza A virus kan gemakkelijk epidemieën kan veroorzaken zoals:
• Spaanse griep van 1918-1920, wereldwijd tussen de 20 en 50 miljoen doden
• Aziatische griep in 1957 met 1 miljoen doden,
• Hongkong griep met 700.000 doden.

Mexicaanse griep (Influenza A, H1N1)

Sinds maart 2009 is er een nieuw influenza A virus H1N1 ontstaan uit een humaan virus, het vogelgriepvirus en het varkensgriepvirus. Dit nieuwe griepvirus verspreidt zich gemakkelijk van mens tot mens. Het lijkt nu echter zo te zijn dat dit virus niet gevaarlijker is dan het gewone griepvirus.

Complicaties
Er kunnen zich bij griep echter wel complicaties voordoen, bijvoorbeeld een longontsteking, voornamelijk bij mensen met een onderliggende aandoening, zoals mensen met een immuunstoornis, Astma, COPD, hartziekten, suikerziekte, lever- en nierziekte.

Behandeling
Als u de (Mexicaanse) griep heeft zal deze in de meest voorkomende gevallen mild verlopen. Thuis blijven, rust nemen en goed uitzieken is belangrijk. Bij mensen met een verhoogd risico op complicaties is het raadzaam om contact op te nemen met de huisarts. Waarschijnlijk kunnen zij in aanmerking komen om behandeld te worden met virusremmers. Dit zijn medicijnen die de vermeerdering van virussen tegengaan, zodat patiënten minder ernstig ziek worden, minder complicaties krijgen en minder besmettelijk worden voor andere mensen. Virusremmers worden alleen verstrekt aan patiënten die tot de risicogroepen behoren en zijn alleen op doktersvoorschrift te verkrijgen.

Besmetting
Het virus verspreidt zich via kleine speekseldruppeltjes in de lucht, afkomstig van besmette personen die hoesten of niezen. Deze besmette druppeltjes kunnen dan weer worden ingeademd zodat de virussen in de mondholte, keelholte en longen terecht kunnen komen, waardoor ze ontstekingsverschijnselen kunnen geven met de symptomen, passend bij griep.

Voorkomen van besmetting
• gebruik een papieren zakdoek bij hoesten en niezen, gooi de zakdoek daarna weg
• was veelvuldig de handen met zeep
• kom niet in de buurt van mensen die de griep hebben
• als u zelf griep heeft, blijf thuis en goed uitzieken: zo voorkomt u ook dat u andere mensen besmet
• zorg voor een goede ventilatie van woon- en slaapkamer
• maak regelmatig in huis schoon

De griepprik

De griepprik is voor mensen die extra risico lopen om ernstig ziek te worden door de griep. Zij kunnen bijvoorbeeld een ernstige longontsteking krijgen of uitdrogen. Als u tot een risicogroep behoort, krijgt u het advies om elk jaar de griepprik te halen. De griepprik is bedoeld voor de volgende risicogroepen:

• mensen van 60 jaar en ouder;
• mensen met een hart- of vaatziekte;
• mensen met een longziekte (bijvoorbeeld
astma of COPD),
• mensen met (suikerziekte) diabetes mellitus,
• mensen met een nierziekte,
• mensen met verminderde weerstand door een ziekte of door een medische behandeling.

Werkt u in de zorg en heeft u direct contact met mensen uit de risicogroepen? Dan krijgt ook u het advies om de griepprik te halen. De kans is dan kleiner dat u het griepvirus op patiënten overdraagt. Informeer bij uw werkgever hoe u de griepprik kunt krijgen en of deze vergoed wordt.

Nadelen van de griepprik
Als u allergisch bent voor kippeneiwit, kunt u een heftige allergische reactie krijgen op de griepprik. U mag de griepprik dan niet hebben.
Als u koorts heeft moet u de griepprik even uitstellen. Verkoudheid is geen reden om de griepprik uit te stellen. Na de griepprik kunt u gedurende een dag een gevoelige arm hebben. U kunt van de griepprik zelf geen griep krijgen. De griepprik beschermt niet tegen verkoudheid.

Wat kunnen de bijwerkingen van het vaccin zijn?
• Soms treedt enige irritatie op de plaats waar de injectie heeft plaatsgevonden.
• Bij ongeveer 1 tot 10% van de gevaccineerde mensen treden bijwerkingen op zoals: hoofdpijn, koorts, spierpijn, lokale reacties op de entingsplaats of algehele malaise. In de meeste gevallen verdwijnen deze reacties binnen 2 dagen.

Heeft u vragen, overleg dan met uw huisarts of longarts!