Religieuze instellingen speelden in de ontwikkeling van de mensheid een grote rol, maar de leerstellingen, die vroeger hun nut bewezen, blijken verouderd. Het is nu een lichaam waaruit de levensgeest verdwenen is. Een lijk!

Dat was al voorzegd door Johannes hfd.11. Daar staat (vrij vertaald): "Het lijk zal op straat liggen (straat= in het openbaar) en het zal ons niet worden toegestaan om het op te ruimen!"
Was religie in andere tijden een ´geneesmiddel´, nu lijkt het verouderd! Een bedorven geneesmiddel werkt als vergif!

Bovendien is er wat bijzonders aan de hand. 
Joh. 11 voorziet: "de zevende engel blies de bazuin [...] Het koningschap over de wereld is gekomen aan onze Here, en aan zijn gezalfde, en Hij zal als koning heersen tot in alle eeuwigheden." 
Dit is vermeld in alle boeken en geschriften van godsdienststichters en profeten, het "Uw Koningrijk Kome" van Christus in het Onze Vader getuigt daarvan. Op die "dag van God" zal het geestelijke en goddelijke Koninkrijk worden gevestigd en zal de wereld worden vernieuwd.

Maar dat gaat niet zonder slag of stoot! Die nieuwe Boodschap wordt ons gebracht "als een Dief in de Nacht". Ongemerkt en onverwacht dus, net als toentertijd de geboorte in die afgelegen stal! Met de martelaren van het vroege Christendom die de toenmalige wereld op z´n kop zetten. Joodse Geleerden zagen de tekenen niet, eenvoudige vissers wel! Het heeft vervolgens nog duizend jaar geduurd tot die Boodschap de Lage Landen had bereikt!
Als we alleen afgaan op onze huidige "Schriftgeleerden" en niet ons eigen verstand gebruiken, zou het wel eens zo kunnen zijn dat ons de tekenen van deze tijd ontgaan! 

Terug naar Joh 11: "Tijd voor de doden om geoordeeld te worden," betekent dat het de "doden", [dwz zij die verstoken zijn van begrip van tijdgeest], duidelijk zal worden wat voor een laag niveau in de bestaanswereld zij innemen.
"En er kwamen bliksemstralen en stemmen en donderslagen en aardbeving en zware hagel!" Betekent: door schade en schande (onze onachtzaamheid) wijs worden. 
Veel mensen van nu beseffen dat de wereld al sinds de negentiende eeuw sterk aan het veranderen is! Dat in de "nieuwe" dag waarin we leven de "verdorvenheden bedreven in de nacht" (o.a. de misstanden in de RK-)voor iedereen zichtbaar zullen worden omdat de "Zon" opkomt! 

Mijn raad is: Ga op zoek naar nieuwe Woorden van Christus die ons toen nog veel zou willen vertellen, maar die we toen nog niet konden bevatten!



' ... De wereld bevindt zich in barensnood en haar onrust groeit van dag tot dag. Haar gezicht is naar eigenzinnigheid en ongeloof gekeerd. Haar toestand zal zo benard worden, dat het niet juist en passend zou zijn deze nu te onthullen. Haar verdorvenheid zal lang aanhouden. En wanneer het vastgestelde uur aanbreekt, zal plotseling datgene verschijnen wat de ledematen der mensheid zal doen beven. Dan, en slechts dan, zal het goddelijke Vaandel worden ontplooid en zal de Nachtegaal van het Paradijs zijn melodie zingen...'

Bron: 



 Varqa stelt in 1885 deze vraag aan Bahá’u’lláh
“Op welke wijze zal de Zaak van God universeel door de mensheid worden aangenomen?”

Bahá’u’lláh antwoordde (let wel: in 1885!)
  • dat de naties van de wereld zich eerst met helse oorlogsmachines zouden bewapenen en, eenmaal volledig bewapend, elkaar als bloeddorstige dieren zouden aanvallen. Als gevolg daarvan zou er in de hele wereld enorm veel bloed worden vergoten.
  • Dan zullen de wijze mensen van alle naties bij elkaar komen om de oorzaak van al dat bloedvergieten op te sporen.
  • Zij zullen tot de conclusie komen dat het wordt veroorzaakt door vooroordelen, waarvan religieus vooroordeel en ingewortelde haat de belangrijkste vorm is.
  • Zij zullen daarom proberen om religie uit te bannen en daarmee de vooroordelen.
  • Later zullen ze zich realiseren dat de mens niet kan leven zonder religie.
  • Dan zullen ze de leringen van alle religies bestuderen om te ontdekken welke religie past bij de heersende omstandigheden van de tijd.
  • In die tijd zal de Zaak van God door de mensheid aangenomen worden.

Er zal dus nog heel wat (moeten) gebeuren...
Op dit moment zitten we nog in de fase van “Zij zullen tot de conclusie komen dat de oorzaak van alle strijd ligt in religieus vooroordeel en ingewortelde haat.” Bron >> 





“Dit is de Dag waarin Gods meest verheven gunsten over de mensen zijn uitgestort; de Dag waarin Zijn machtigste genade al het geschapene heeft doordrongen. 
Het is de plicht van alle volkeren ter wereld hun geschillen bij te leggen en in volmaakte eenheid en vrede onder de schaduw van de Boom van Zijn zorg en goedertierenheid te verblijven. 
Het betaamt hun zich te houden aan al hetgeen in deze Dag zal strekken tot de verheffing van hun staat en de bevordering van hun hoogste belang.”


Er was eens een arme Chinese boer. Hij had alleen maar een klein strookje land dat hij bebouwde. Hij had maar één zoon die hem daarbij hielp en ook nog een paard voor de ploeg.
Op een dag ging het paard er vandoor! Alle mensen uit het dorp kwamen aanlopen om over het lot van de boer te treuren en hun medelijden te tonen met zijn pech dat zijn paard nu weg was en niet meer voor hem kon werken.
De boer zat er heel kalm bij en sprak: "Hoe weten jullie eigenlijk dat het pech is?"
Een week later kwam het paard terug, temidden van een kudde van tien wilde paarden. Weer kwamen de omwonenden naar hem toe, nu om hem te feliciteren met zijn geluk.
De boer zat er weer heel bedaard bij en zei: "Waarom denken jullie dat dát geluk is?"
Een week later werd de enige zoon van de boer bij het temmen van één van de wilde paarden eraf geworpen en hij brak zijn been. De mensen uit het dorp kwamen weer, hadden medelijden met hem en maakten misbaar over zijn pech.
Weer bleef de boer kalm en zei: "Hoe weten jullie nu dat het pech is?"
Een week later brak de oorlog uit. Soldaten kwamen en namen alle jonge mannen mee, ... met uitzondering van de zoon van de boer, omdat díe een gebroken been had!
Het komt niet aan ons toe om te oordelen over geluk, pech, succes of mislukking. We kunnen niet weten wat deze dingen echt zijn. We zijn er om te doen wat we kunnen, om onze bijdrage te leveren en de dobbelstenen zó te laten vallen als ze willen.

'O ZOON VAN GEEST!' Het meest geliefde in Mijn ogen is rechtvaardigheid. Keer u niet van haar af indien gij Mij begeert, en veronachtzaam haar niet, zodat Ik u Mijn vertrouwen kan schenken. Met haar hulp zult gij met uw eigen ogen zien en niet door de ogen van anderen, uit eigen kennis weten en niet door de kennis van uw naaste. Overweeg in uw hart hoe het u betaamt te zijn. Waarlijk, rechtvaardigheid is Mijn gave aan u en het teken van Mijn goedertierenheid. Houd dit voor ogen.  Baha'u'llah Bron: Verborgen Woorden

LXI. De wereld bevindt zich in barensnood en haar onrust groeit van dag 
tot dag. Haar gezicht is naar eigenzinnigheid en ongeloof gekeerd. Haar 
toestand zal zo benard worden, dat het niet juist en passend zou zijn deze 
nu te onthullen. 
Haar verdorvenheid zal lang aanhouden. En wanneer het 
vastgestelde uur aanbreekt, zal plotseling datgene verschijnen wat de 
ledematen der mensheid zal doen beven. 
Dan, en slechts dan, zal het 
goddelijke Vaandel worden ontplooid en zal de Nachtegaal van het Paradijs 
zijn melodie zingen. (Bron: 
Gleanings from the Writings of Bahá'u'lláh 
 )

Toekomstige wereld
De eenheid van het mensenras, zoals aangegeven door Bahá'u'lláh, sluit de oprichting in van een wereldgemenebest, waarin alle natiën, rassen, geloven en klassen nauw en duurzaam worden verenigd en waarin de autonomie van zijn lidstaten en de persoonlijke vrijheid en het initiatief van de onderdanen definitief en volledig worden gewaarborgd. 
Dit gemenebest moet, voor zover wij het ons kunnen voorstellen, bestaan uit een mondiaal wetgevende macht, waarvan de leden als de gevolmachtigden van de gehele mensheid, uiteindelijk het beheer zullen voeren over alle hulpbronnen van de samenstellende natiën, en die wetten zullen uitvaardigen welke noodzakelijk zijn om het leven te ordenen, aan de behoeften te voldoen en de verhouding tussen alle rassen en volkeren onderling in goede banen te leiden. 
Een mondiaal uitvoerende macht zal, gesteund door een internationaal leger, de genomen besluiten uitvoeren en de wetten, uitgevaardigd door deze mondiaal wetgevende macht, in toepassing brengen en de organische eenheid van het gemenebest waarborgen. Een wereldgerechtshof zal uitspraak doen en een eindvonnis wijzen inzake elk meningsverschil dat eventueel rijst tussen de verschillende delen, waaruit dit universele stelsel bestaat. 
Een intercontinentaal communicatiesysteem zal ontworpen worden, dat de gehele aarde omvat, vrij is van alle nationale hinderpalen en beperkingen, en dat met wonderbaarlijke snelheid en volmaakte regelmaat zal functioneren. Een wereldmetropolis zal als zenuwcentrum van een wereldbeschaving dienen, het brandpunt waar de verenigde levenskrachten samenkomen en van waaruit de bezielende invloeden zullen uitstralen. 
Een wereldtaal zal [uitgevonden en/of] gekozen worden uit de bestaande talen en zal op de scholen van alle natiën behorende tot de statenbond, onderwezen worden als hulptaal naast de moedertaal. Een wereldschrift, een wereldliteratuur, een wereldmuntstelsel, uniforme maten en gewichten zullen het verkeer en het begrip tussen natiën en volkeren vereenvoudigen en vergemakkelijken. In zo'n wereldgemeenschap zullen wetenschap en religie, de twee machtigste krachten in het leven van de mens, zich met elkaar verzoenen, samenwerken en zich harmonieus ontwikkelen. 
De pers zal binnen zo'n stelsel de uitingen van de verschillende inzichten en overtuigingen van de mensen tot hun recht laten komen, en niet langer op schadelijke wijze gehanteerd worden door de gevestigde belangen, zij het persoonlijke, zij het algemene, en zal vrij zijn van de invloed van wedijverende regeringen en volkeren.
De economische hulpbronnen over de gehele wereld zullen worden georganiseerd, de bronnen van grondstoffen zullen worden aangeboord en ten volle worden benut, de markten daarvan zullen worden gebundeld en ontwikkeld en de verdeling van de producten zal rechtvaardig worden geregeld. 
Nationale wedijver, haat en intriges zullen ophouden te bestaan, terwijl rassenvriendschap, begrip en samenwerking de plaats zullen innemen van rassenhaat en vooroordeel. De oorzaken van godsdiensttwisten zullen voorgoed verdwijnen, economische barrières en restricties zullen volledig worden afgeschaft en buitensporige klassentegenstellingen zullen vervagen. Uiterste armoede aan de ene kant en grove opeenhoping van privébezit aan de andere kant zullen verdwijnen. 
De reusachtige krachtsinspanningen, verkwist en verspild aan oorlog, zij het economisch of politiek, zullen gewijd worden aan die doeleinden, welke de reeks van uitvindingen en de technische ontwikkelingen zullen vergroten, de productiviteit van de mens zullen toenemen, aan het uitbannen van ziekte, de uitbreiding van wetenschappelijk onderzoek, het verhogen van het gezondheidspeil, het verscherpen en verfijnen van de menselijke geest, het exploiteren van ongebruikte en niet vermoede hulpbronnen op aarde, het verlengen van de levensduur van de mens en aan de bevordering van ieder hulpmiddel dat het intellectuele, morele en geestelijke leven van het gehele mensenras kan stimuleren. 
Een wereldomvattend federaal systeem, dat de gehele aarde bestuurt en een onbetwistbaar gezag uitoefent over de onvoorstelbaar grote hulpbronnen, de idealen van oost en west vermengt en in zich verenigt, vrijgemaakt van de vloek en de ellende van oorlog, en gericht op de exploitatie van alle beschikbare energiebronnen op de aarde, een systeem, waarin macht tot de dienaar van gerechtigheid is gemaakt, welks bestaan wordt geschraagd door de universele erkenning van één God en de trouw aan één gemeenschappelijke Openbaring - dit is het doel waarnaar de mensheid, gedreven door de verenigde levenskrachten, zich beweegt. 
Shoghi Effendi 11 maart 1936
Bron: 'The Unfoldment of World Civilization', 11 maart 1936, opgenomen in 'The World Order of Bahá'u'lláh, blz. 162-163, 201-204)

De werkelijkheid van de zichtbare wereld
Bepaalde sofisten denken dat het bestaan een illusie is, dat elk wezen een volkomen illusie is die geen bestaan heeft, met andere woorden dat het bestaan van wezens als een luchtspiegeling is, of als de weerspiegeling van een beeld in water of in een spiegel, hetgeen slechts een verschijning is en in zichzelf geen beginsel, basis of werkelijkheid heeft.
Deze theorie is een dwaling, want alhoewel het bestaan van wezens in verhouding tot het bestaan van God een illusie is, heeft het in de staat van een wezen niettemin een werkelijk en bepaald bestaan. Het heeft geen zin dit te ontkennen. Het bestaan van het mineraal bijvoorbeeld, is vergeleken met dat van de mens niet-bestaan, want als de mens voor het oog tot stof vergaat, wordt zijn lichaam mineraal, maar het mineraal heeft bestaan in de wereld der mineralen. Daarom is duidelijk dat aarde, in verhouding tot het bestaan van de mens, niet-bestaand is en haar bestaan denkbeeldig, maar in verhouding tot het mineraal bestaat zij.
Op dezelfde manier is het bestaan van wezens in vergelijking met het bestaan van God slechts illusie en niet-zijn, het is een verschijning, zoals het beeld dat in een spiegel wordt weerspiegeld. Maar hoewel een beeld dat men in een spiegel ziet, een illusie is, is de bron en de werkelijkheid van dat denkbeeldige beeld de persoon die weerspiegeld wordt, wiens gezicht in de spiegel verschijnt. Kortom, het spiegelbeeld is in verhouding tot de persoon die wordt weerspiegeld, een illusie.
Het is dus duidelijk dat, hoewel wezens in verhouding tot het bestaan van God geen bestaan hebben, maar zijn als de luchtspiegeling of de weerspiegelingen in de spiegel, zij toch op hun eigen niveau bestaan. Daarom zei Christus van degenen die onachtzaam waren en God loochenden, dat zij dood waren, alhoewel ze duidelijk leefden; in verhouding tot het volk van geloof waren zij dood, blind, doof en stom. Dit bedoelde Christus toen Hij zei: "Laat de doden hun doden begraven."
Bron: Abdu'l-Baha, Beantwoorde Vragen)