Je kan zonder problemen een methode in een andere methode oproepen.
In sommige gevallen kan het handig zijn om binnen dezelfde klasse verschillende methodes op te nemen met dezelfde naam en hetzelfde terugkeertype maar met een verschillende parameterlijst.
Hoe beslist Java welke methode er zou gebruikt worden? Java kijkt naar het aantal actuele parameters in de aanroep en het type van elke parameter.
De code van de verschillende methoden kan verschillen; het aantal parameters en het type van elke parameter bepalen welke methode er wordt aangeroepen. De combinatie van het aantal parameters en de typen hiervan wordt de signature van de methode genoemd.
Als de methode een resultaat retourneert, speelt het type van het resultaat geen rol bij het bepalen welke methode er wordt aangeroepen, het gaat er dus alleen om dat de parametertypen van de methode moeten verschillen.
Het gebruik van methodes die dezelfde taken uitvoeren, eenzelfde naam en hetzelfde terugkeertype hebben, maar verschillen in het aantal parameters en/of de typen parameters, wordt overloading genoemd.