Hoogveld
Le Hoogveld est un espace vert protégé, niché au cœur d’un quartier urbanisé. Entouré par les bâtiments et les habitations des rues Kasterlinden, Grand-Bigard et du Bon Pasteur, il demeure largement dissimulé depuis les rues environnantes. Seule une partie de la rue Hogenbos offre encore une vue dégagée sur cet espace de verdure et sur Bruxelles.
Ce paysage précieux est aujourd’hui menacé par un projet de création d’un grand cimetière au cœur de ce quartier résidentiel, à proximité immédiate des maisons, des jardins et d’une école.
Le comité de quartier de l’Îlot Gisseleire-Versé s’oppose à cette implantation et demande que le Hoogveld reste un espace vert protégé.
Retrouvez ci-dessous notre position, les enjeux pour notre quartier et les raisons de notre opposition à ce projet.
Het Hoogveld is een beschermde groene ruimte, gelegen in het hart van een verstedelijkte wijk. Het wordt omringd door gebouwen en woningen in de Kasterlindenstraat, de Groot-Bijgaardenstraat en de Goede Herderstraat en blijft daardoor grotendeels verborgen vanuit de omliggende straten. Alleen vanaf een deel van de Hogenbosstraat biedt het nog een vrij uitzicht op deze groene ruimte en op Brussel.
Dit waardevolle landschap wordt vandaag bedreigd door een project voor de aanleg van een grote begraafplaats in het hart van deze woonwijk, vlak bij de huizen, tuinen en een school.
Het wijkcomité Îlot Gisseleire-Versé Buurt verzet zich tegen deze locatie en vraagt dat het Hoogveld een beschermde groene ruimte blijft.
Hieronder vindt u ons standpunt, de gevolgen voor onze wijk en de redenen waarom wij ons tegen dit project verzetten.
Pour répondre au risque de saturation du cimetière multiconfessionnel d’Evere, le ministre bruxellois des Cultes a lancé un appel à projets pour créer de nouvelles places d’inhumation. Quatorze projets ont été déposés par les différentes communes et doivent encore être examinés par le gouvernement bruxellois.
Berchem a proposé d’ajouter 300 places dans le cimetière existant afin de contribuer à répondre aux besoins de toutes les confessions. Nous nous réjouissons de cette proposition, car il est essentiel que chacun puisse disposer d’un espace d’inhumation respectueux de ses convictions et de ses rites.
Pourtant, selon BX1, la Ville de Bruxelles a également proposé de créer un nouveau cimetière d’environ 7.000 places sur cinq hectares, non pas sur le territoire de sa propre commune, mais sur celui de Berchem-Sainte-Agathe. En effet, le CPAS de la Ville de Bruxelles est propriétaire des terrains du Hoogveld, situés sur le territoire de Berchem. L’Intercommunale d’inhumation souhaite acquérir cette parcelle pour y aménager un cimetière multiconfessionnel.
Une zone protégée peut-elle devenir constructible au gré des décisions politiques ?
Tout d’abord, le Hoogveld est une zone verte au Plan régional d’affectation du sol (PRAS) et constitue donc un espace protégé dont l’urbanisation n'est pas permise.
À cet égard, nous sommes interpellés par les propos d’Ahmed El Ktibi, conseiller communal, qui a déclaré au sujet du PRAS : « C’est une décision politique et notre décision politique pourrait le modifier – on a le temps – d’ici 2029. »
Une protection urbanistique doit avoir un sens. Elle ne devrait pas être considérée comme un simple obstacle à contourner pour permettre la réalisation d’un projet. Envisager de modifier les règles qui protègent cet espace simplement parce qu’elles font obstacle au projet soulève de sérieuses questions et mérite un véritable débat sur les conséquences environnementales et locales d’une telle décision.
Les habitants revendiquent depuis longtemps la préservation du Hoogveld. Après la fin de l’exploitation agricole du site, la commune avait d’ailleurs envisagé des usages allant dans ce sens.
Le Hoogveld constitue un espace vert précieux dans une commune déjà fortement urbanisée. Il offre un paysage remarquable, où la campagne rencontre la ville, avec une vue dégagée sur Bruxelles. Sa transformation en cimetière de cette ampleur modifierait durablement le paysage et le cadre de vie de centaines de riverains.
Notre petite commune devrait-elle accueillir un cimetière de cette ampleur pour répondre aux besoins d’autres communes, alors qu’elle compte déjà trois cimetières ?
Berchem accueille déjà, avec Dilbeek, un cimetière appartenant à une autre commune : celui de Koekelberg, dont une partie se trouve sur son territoire. Trois cimetières, dont un qui relève déjà d’une autre commune, ne constituent-ils pas un effort suffisant ? Pourquoi en ajouter un quatrième ?
Le site se trouve dans le secteur de la maille apaisée à l’ouest de la chaussée de Gand, où la circulation est déjà problématique. La Région a octroyé une subvention de 4 millions d’euros à la commune pour apaiser les quartiers concernés, dont le nôtre.
Un nouveau cimetière soulève des questions importantes concernant l’augmentation des déplacements, l’accessibilité du site et les possibilités de stationnement pour les familles et les visiteurs.
Nous reconnaissons pleinement la nécessité de garantir à chacun, quelles que soient ses convictions religieuses, la possibilité d’être enterré dans le respect de ses convictions et de ses rites. Notre opposition porte sur le choix du Hoogveld, et non sur ce besoin.
Nous réaffirmons donc notre soutien à la proposition de Berchem d’ajouter 300 places dans le cimetière existant, afin de contribuer à répondre aux besoins de toutes les confessions.
Répondre à un besoin régional est une responsabilité collective. Mais cela ne justifie pas d’imposer à une autre commune un projet de cette ampleur, au détriment d’un espace vert protégé et de la qualité de vie de ses habitants.
Nous demandons que le projet de cimetière au Hoogveld soit écarté et que la protection de cet espace vert soit maintenue.
Nous attendons des élus de tous les partis qu’ils prennent position sur ce dossier et défendent les intérêts des habitants de Berchem, au-delà des appartenances politiques. La protection du Hoogveld, la qualité de vie des riverains et les objectifs d’apaisement de notre quartier devraient être des préoccupations communes.
Om het risico op verzadiging van de multiconfessionele begraafplaats in Evere op te vangen, heeft de Brusselse minister bevoegd voor de Erediensten een projectoproep gelanceerd om nieuwe begraafplaatsen te creëren. De verschillende gemeenten hebben veertien projecten ingediend. Die moeten nog door de Brusselse regering worden onderzocht.
Berchem heeft voorgesteld om 300 extra plaatsen te creëren op de bestaande begraafplaats, om mee tegemoet te komen aan de behoeften van alle geloofsgemeenschappen. We zijn blij met dit voorstel, want het is belangrijk dat iedereen een begraafplaats vindt waar zijn of haar overtuigingen en rituelen worden gerespecteerd.
Toch heeft de Stad Brussel volgens BX1 ook voorgesteld om een nieuwe multiconfessionele begraafplaats met ongeveer 7.000 plaatsen aan te leggen op vijf hectare, niet op het grondgebied van de eigen stad, maar in Sint-Agatha-Berchem. De gronden van het Hoogveld zijn immers eigendom van het OCMW van de Stad Brussel, hoewel ze op het grondgebied van Berchem liggen. De Intercommunale voor Teraardebestelling wil dit terrein aankopen om er een multiconfessionele begraafplaats aan te leggen.
Kan een beschermd gebied zomaar bebouwbaar worden gemaakt naargelang de politieke beslissingen?
Het Hoogveld is volgens het Gewestelijk Bestemmingsplan (GBP) ingekleurd als groengebied en vormt dus een beschermd gebied waar verstedelijking niet is toegestaan.
In dat verband baren de uitspraken van Ahmed El Ktibi, gemeenteraadslid, ons zorgen. Over het GBP verklaarde hij: “Het GBP is een politieke beslissing en onze politieke beslissing kan het wijzigen – we hebben tijd – tegen 2029.”
Een stedenbouwkundige bescherming moet betekenis hebben. Ze mag niet worden beschouwd als een loutere hindernis die moet worden weggewerkt om een project mogelijk te maken. De regels die dit gebied beschermen willen wijzigen, enkel omdat ze het project in de weg staan, roept ernstige vragen op en verdient een grondig debat over de lokale en ecologische gevolgen van zo'n beslissing.
De bewoners vragen al lange tijd om het Hoogveld te behouden. Na het einde van de landbouwactiviteiten op het terrein had de gemeente trouwens al nagedacht over mogelijke bestemmingen die in die richting gingen.
Het Hoogveld is een waardevol groengebied in een gemeente die al sterk verstedelijkt is. Het biedt een bijzonder landschap waar het platteland en de stad elkaar ontmoeten, met een vrij uitzicht over Brussel. De omvorming tot een begraafplaats van deze omvang zou het landschap en de leefomgeving van honderden omwonenden blijvend veranderen.
Is het redelijk om van onze kleine gemeente te verwachten dat ze een begraafplaats van deze omvang aanlegt om tegemoet te komen aan de behoeften van andere gemeenten, terwijl ze al drie begraafplaatsen telt?
Berchem deelt bovendien met Dilbeek een begraafplaats die toebehoort aan een andere gemeente: die van Koekelberg, waarvan een deel op het grondgebied van Berchem ligt. Is de inspanning die onze gemeente al levert, met drie begraafplaatsen waarvan er één ook een andere gemeente bedient, niet voldoende? Waarom zou er een vierde moeten bijkomen?
Het terrein ligt in de zone van de verkeersluwe maas ten westen van de Gentsesteenweg, waar het verkeer al problematisch is. Het Gewest heeft de gemeente bovendien een subsidie van 4 miljoen euro toegekend om de betrokken wijken, waaronder de onze, verkeersluwer te maken.
Een nieuwe begraafplaats roept belangrijke vragen op over extra verplaatsingen, de bereikbaarheid van het terrein en de parkeermogelijkheden voor families en bezoekers.
We erkennen ten volle dat iedereen, ongeacht zijn of haar religieuze overtuiging, de mogelijkheid moet hebben om begraven te worden met respect voor de eigen overtuigingen en rituelen. Ons verzet richt zich tegen de keuze voor het Hoogveld, niet tegen die behoefte.
We herhalen daarom onze steun voor het voorstel van Berchem om 300 extra plaatsen te creëren op de bestaande begraafplaats, zodat ook op die manier kan worden tegemoetgekomen aan de behoeften van alle geloofsgemeenschappen.
Tegemoetkomen aan een gewestelijke behoefte is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Dat rechtvaardigt echter niet dat een andere gemeente een project van deze omvang opgelegd krijgt, ten koste van een beschermd groengebied en de levenskwaliteit van haar inwoners.
We vragen dat het project voor een begraafplaats op het Hoogveld wordt afgevoerd en dat de bescherming van dit groengebied behouden blijft.
We verwachten dat verkozenen van alle politieke partijen zich over dit dossier uitspreken en de belangen van de inwoners van Berchem verdedigen, los van hun partijpolitieke overtuiging. Het behoud van het Hoogveld, de levenskwaliteit van de omwonenden en de doelstellingen om onze wijk verkeersluwer te maken, zouden gedeelde bekommernissen moeten zijn.
Quelques vestiges funéraires subsistent toujours aux abords de l'ancienne église de Berchem. Ces pierres témoignent d'une époque où le cimetière faisait partie intégrante du cœur du village…
Mais saviez-vous que les cimetières ont progressivement quitté les centres des villes et des villages pour s'installer en périphérie ? Et que, par la suite, l'urbanisation a parfois rattrapé ces nouveaux emplacements, conduisant à de nouveaux déplacements ?
L'histoire de Berchem-Sainte-Agathe en témoigne. À l'heure où un nouveau cimetière est envisagé au Hoogveld, dans un espace vert protégé, enclavé au cœur d’un quartier urbanisé et presque entièrement entouré d'habitations, revenons sur l'évolution des lieux d'inhumation et sur les traces de notre passé encore visibles aujourd'hui.
In de omgeving van de oude kerk van Berchem zijn nog altijd enkele grafresten te vinden. Deze stenen herinneren aan een tijd waarin de begraafplaats een volwaardig onderdeel vormde van het dorpscentrum…
Maar wist je dat begraafplaatsen geleidelijk uit de centra van steden en dorpen verdwenen en naar de rand werden verplaatst? En dat de verstedelijking deze nieuwe locaties soms later heeft ingehaald, waardoor ze opnieuw moesten verhuizen?
De geschiedenis van Sint-Agatha-Berchem getuigt hiervan. Nu er een nieuwe begraafplaats wordt overwogen op het Hoogveld, in een beschermd groengebied dat midden in een verstedelijkte wijk ligt en bijna volledig door woningen wordt omringd, blikken we terug op de evolutie van begraafplaatsen en op de sporen van ons verleden die vandaag nog zichtbaar zijn.
Le noyau du village s'est développé autour de la chapelle Sainte-Agathe, qui a précédé l’actuelle « ancienne église ». Du XIVe siècle jusqu'en 1890, le cimetière paroissial se trouvait dans l'espace entourant l'église.
À cette époque, les cimetières étaient étroitement liés à la paroisse et à la religion. Un mur délimitait cet espace funéraire et le séparait de ses environs. Dans de nombreux cimetières, ces murs marquaient la séparation entre la terre consacrée et l'espace extérieur, entre le monde des morts et celui des vivants, tout en contribuant à tenir les animaux à distance.
Les défunts étaient souvent enterrés directement en terre, parfois avec leur bière, c’est-à-dire la civière servant à transporter le corps, car seuls les plus aisés pouvaient bénéficier d’un cercueil.
Être inhumé en terre consacrée revêtait une grande importance, mais l'accès au cimetière consacré n'était pas garanti à tous. Selon les époques et les lieux, les suicidés, les enfants non baptisés ou les criminels pouvaient se voir refuser une sépulture dans cet espace et être enterrés à l'écart.
Les communautés juives disposaient de leurs propres cimetières, comme celui qui se trouvait près de la porte de Namur. Certains protestants, quant à eux, étaient parfois enterrés dans des propriétés privées, notamment dans leur propre jardin.
Au XVIIIe siècle, dans le contexte du siècle des Lumières, les préoccupations sanitaires liées aux lieux d'inhumation prennent une importance croissante dans les décisions des autorités et dans l'organisation des villes.
Les inhumations dans les églises et les cimetières situés au milieu des zones habitées sont de plus en plus critiqués en raison des risques sanitaires qui leur sont associés.
Le 26 juin 1784, l'empereur Joseph II interdit les inhumations dans les églises et dans les cimetières situés à l'intérieur des villes et des bourgs. L'édit prévoyait la création de nouveaux cimetières à l'extérieur des zones habitées et la suppression des anciens lieux d'inhumation concernés.
Les cimetières nichés au milieu des habitations, parfois saturés et sans possibilité d'extension, suscitent des inquiétudes concernant les odeurs, la pollution des eaux et la santé publique. Les autorités cherchent donc à éloigner les lieux d'inhumation des zones habitées.
Les lieux d'inhumation deviennent ainsi aussi une question de santé publique et d'aménagement du territoire.
Cette évolution se concrétise à Berchem à la fin du XIXe siècle. En 1890, face à l'accroissement de la population, un nouveau cimetière est aménagé plus loin, en haut de la rue de l'Allée Verte. Il existe toujours à cet emplacement et c'est celui que nous appelons aujourd'hui l'« ancien cimetière ».
Il sera lui-même remplacé par le cimetière actuel, ouvert en 1960, lui aussi aménagé plus loin, en périphérie, à mesure que le village s’est développé et urbanisé.
Nous reviendrons sur cette deuxième étape dans un prochain chapitre.
Alors qu'un nouveau cimetière est envisagé au Hoogveld, dans une zone verte protégée, au cœur d'un quartier urbanisé, cette histoire mérite d'être rappelée.
Le choix d'un emplacement engage durablement le territoire et doit tenir compte de son environnement, de l'évolution de la commune et des besoins de ses habitants.
De dorpskern ontwikkelde zich rond de kapel van Sint-Agatha, die voorafging aan de huidige ‘oude kerk’. Van de 14e eeuw tot 1890 lag de parochiebegraafplaats in de ruimte rond de kerk.
In die tijd waren begraafplaatsen nauw verbonden met de parochie en de godsdienst. Een muur bakende deze begraafplaats af en scheidde ze van de omgeving. Op veel begraafplaatsen markeerden dergelijke muren ook de grens tussen gewijde grond en de buitenwereld, tussen de wereld van de doden en die van de levenden. Ze hielpen bovendien om dieren op afstand te houden.
Overledenen werden vaak rechtstreeks in de aarde begraven, soms met hun baar, een draagbaar waarop het lichaam werd vervoerd, aangezien alleen de meer welgestelden zich een doodskist konden veroorloven.
Begraven worden in gewijde grond was bijzonder belangrijk, maar niet iedereen kreeg toegang tot de gewijde begraafplaats. Afhankelijk van de periode en de plaats konden zelfdoding, niet-gedoopte kinderen of criminelen een begrafenis op deze grond worden ontzegd en elders, aan de rand of buiten de begraafplaats, worden begraven.
Joodse gemeenschappen hadden hun eigen begraafplaatsen, zoals die bij de Naamsepoort in Brussel. Sommige protestanten werden dan weer begraven op privéterreinen, bijvoorbeeld in hun eigen tuin.
In de 18e eeuw, in de context van de Verlichting, kregen gezondheidskwesties in verband met begraafplaatsen steeds meer aandacht in het overheidsbeleid en bij de inrichting van steden.
Begravingen in kerken en op begraafplaatsen midden in bewoonde gebieden werden steeds vaker bekritiseerd vanwege de gezondheidsrisico's die ermee gepaard gingen.
Op 26 juni 1784 verbood keizer Jozef II begrafenissen in kerken en op begraafplaatsen binnen steden en dorpen. Het edict voorzag in de aanleg van nieuwe begraafplaatsen buiten de bebouwde kom en in de sluiting van de betrokken oude begraafplaatsen.
Begraafplaatsen midden tussen de woningen, die soms overvol waren en niet konden worden uitgebreid, riepen bezorgdheid op over geuroverlast, waterverontreiniging en de volksgezondheid. De overheid wilde daarom begraafplaatsen verder van de bewoonde gebieden verwijderen.
Begraafplaatsen werden zo ook een kwestie van volksgezondheid en ruimtelijke ordening.
Deze evolutie werd aan het einde van de 19e eeuw ook in Berchem zichtbaar. In 1890 werd, als gevolg van de bevolkingsgroei, verder van het centrum een nieuwe begraafplaats aangelegd, bovenaan de Groendreefstraat (rue de l’Allée Verte). Ze bestaat nog steeds op die locatie en is de begraafplaats die we vandaag de ‘oude begraafplaats’ noemen.
Ook deze begraafplaats werd later vervangen door de huidige begraafplaats, die in 1960 werd geopend en eveneens verder weg, aan de rand van de gemeente, werd aangelegd naarmate het dorp groeide en verstedelijkte.
Op deze tweede fase komen we in een volgend hoofdstuk terug.
Nu er een nieuwe begraafplaats wordt overwogen op het Hoogveld, in een beschermd groengebied midden in een verstedelijkte wijk, verdient deze geschiedenis het om in herinnering te worden gebracht.
De keuze van een locatie heeft gevolgen voor het grondgebied op lange termijn en moet rekening houden met de omgeving, de evolutie van de gemeente en de behoeften van haar inwoners.