📊 een trainingsschema per slag (12 weken)
🎥 of visuele breakdowns per beweging
🧠 of vergelijking beginners vs gevorderden biomechanica
Welke slag wil je verbeteren?
(bijv. forehand, smash, vibora, bandeja, backhand, volley, etc.)
Beschrijf wat er misgaat.
(bijv. ballen gaan vaak uit, net, te zwak, weinig spin, te langzaam, etc.)
Wat gebeurt er in je lijf als je slaat?
(bijv. voeten blijven staan, romp draait te vroeg, pols stijf, arm dominant, knie niet gebogen, etc.)
Merkt je partner/coach een patroon?
(bijv. steeds te kort, te veel naar links/rechts, timing fout, geen balans, etc.)
Als je deze vier punten invult, kan ik voor jou een volledig persoonlijk verbeterplan maken met:
Exacte cue’s voor heuprotatie, gewichtsoverdracht, pols & racketpad
Drills per biomechanisch onderdeel die jij direct kan doen
Visuele slow-motion tips die jij kunt toepassen om je slag te perfectioneren
Hier zijn video’s met techniekanalyse en slow‑motion
die je kunt gebruiken om te zien wat professionele spelers anders doen:
👉 Analysepunten om op te letten tijdens de slow‑motion:
Heuppositie en rotatie vóór armswing — pro’s draaien hun romp eerder dan amateurs.
Schouder‑ en armpad blijft compact en georganiseerd.
Contactpunt vóór het lichaam — pro’s raken veel consistenter vroeg en vóór.
Racket‑pad en racket‑hoeken zijn gecontroleerd, niet wild of overgeforceerd.
Zie ook deze slow‑motion technique playlist voor meerdere slagen:
The Padel School Shots – technische breakdown playlist
En een specifieke slow motion vibora analyse:
Hieronder staan drills die exact trainen wat elite‑spelers gebruiken (gewichtstransfer, rotatie, contactpunt, racket‑pad).
Drill 1: Medicine Ball Rotational Throws
Sta zijwaarts, voeten schouderbreed.
Gooi een lichte bal diagonaal naar de muur met rotatie uit heupen/romp.
Doel: voel hoe rotatie voud groter is dan armkracht.
Drill 2: Pivot and Release
Voer forehand/backhand simulaties zonder bal.
Zet voet, roterende heupen, zie de romp → arm laten volgen.
Biomechanisch doel
Vergroot krachtmoment van heup → romp → arm.
Meer kracht met minder arminspanning.
Drill: T‑Contact Spot Practice
Zet markers op positie waar contact voor je lichaam moet zijn.
Loop naar de marker en sla de bal op die plaats.
Herhaal 20× per sessie.
Indicator verbetering
Pro’s raken schoten altijd vóór lichaam, amateurs vaak laat.
Drill: Wall Brush Drills
Gooi de bal tegen muur en focus op borstelen — dit is cruciaal, vooral bij vibora en smash.
Varieer tussen toppen (smash) en zij‑brush (vibora).
Drill: Wrist Snap Repetition
Zonder bal, werk 30× het slagenpatroon uit.
Focus alleen op pols en racket‑actie na gewichtstransfer.
Waarom dit werkt
Spelers zoals op pro‑niveau gebruiken polsactie voor spin in vibora i.p.v. brute armkracht.
Drill: Lob → Vibora Combo
Partner lobt voor je.
Jij positionering → zijwaarts onder bal → brush contact → accelereer door contact.
Bouw snelheid op naarmate drill vordert.
Effect: je leert timing, positie, gewichtsverplaatsing in echte rally.
👉 Ik maak een korte vragenlijst die je kunt invullen — ik geef dan concrete verbeterpunten.
Vragen:
🟡 Welke slag wil je verbeteren? (bv. forehand / smash / vibora)
🔹 Beschrijf wat er misgaat (bijv. te laat contact, veel errors, weinig spin).
💪 Wat gebeurt er in je lijf als je slaat? (Voeten blijven staan? Schouders openen te vroeg? Pols te strak?)
📍 Merkt je partner/coördinator een patroon? (bijv. steeds wide of net errors)
Voorbeeldinvulling
Slag: vibora
Mis: ballen gaan vaak uit of net
Lichaam: blijf vaak op achtervoet
Coach zegt: contact te ver achter
➡️ Dan kan ik heel gericht aangeven:
voetplaatsing
timing contact
polsactie
rotatie‑cue
… zodat je direct kan verbeteren.
✔️ Videoanalyse → zie hoe pro’s langzame, gecontroleerde biomechanica gebruiken.
✔️ Drills op maat → trainen elke sleutelcomponent afzonderlijk en samen.
✔️ Foutanalyse → gepersonaliseerde feedback zodra je invult wat er misgaat.
🟢 Laat me de 4 vragen uit de foutanalyse invullen — dan krijg je bulletproof, persoonlijk advies gericht op jouw techniek! 💪
Lineair = rechtlijnige beweging (gewichtsoverdracht, stap naar voren, racketpad)
Angulair = rotatie (heupen, schouders, onderarm, pols)
👉 In padel komt kracht nooit alleen uit arm
→ het is een keten: voeten → heupen → romp → schouder → arm → racket
Stap met je linkervoet (rechtshandige speler) naar voren
Gewicht: achter → voor
Contactpunt: voor je lichaam (~30–50 cm)
Racketpad: laag → licht omhoog → naar target
Concrete cues
“Stap door de bal heen”
“Duw de grond weg met je achterbeen”
Heuprotatie: ~30–60°
Schouderrotatie: ~60–90°
Onderarm: lichte pronatie (naar binnen draaien)
Belangrijk
Rotatie start van onder → boven
Pols blijft relatief stabiel (geen flip)
Stap met rechtervoet naar voren
Contactpunt: iets voor lichaam
Racketpad: vlak of licht omhoog
Cue
“Duw met je linkerhand door de bal”
Heupen draaien minder dan forehand (~20–40°)
Schouders draaien ~70–90°
Dominante kracht: linkerarm (bij rechtshandige speler)
Kleine stap naar voren bij contact
Contactpunt: ver vóór lichaam
Nauwelijks backswing
Cue
“Blokkeer en duw”
“Compact blijven”
Minimale rotatie
Pols stabiel → geen klapbeweging
👉 Hier is controle > kracht
Zijwaartse beweging onder bal
Contactpunt: boven hoofd, iets vóór lichaam
Swing: kort en gecontroleerd
Schouder abductie (~90–120°)
Lichte interne rotatie bij contact
Pols: licht open houden (slice)
Cue
“Snij onder de bal door”
“Houd het rustig, geen smash”
Explosieve sprong omhoog (verticale kracht)
Contactpunt: hoogste punt, voor lichaam
Racketpad: van achter → recht naar voren/beneden
Grote rotatie:
Heupen: ~60°
Schouders: ~90–120°
Onderarm: sterke pronatie
Cue
“Gooi je racket over de bal”
“Raak op hoogste punt”
Contactpunt: iets achter je hoofd
Swing: laag → hoog → naar voren
Extreme polsactie (snelle pronatie)
Schouderrotatie + pols versnelling = spin
Cue
“Borstel de bal omhoog”
“Versnel pas op het einde”
Lage start → hoge finish
Contactpunt: vóór lichaam
Gewicht: licht naar voren
Open racketblad (~30–45°)
Weinig rotatie → controle
Cue
“Lift de bal, niet slaan”
Korte, zachte voorwaartse beweging
Lage contactzone
Nauwelijks rotatie
Fijne polscontrole
Cue
“Duw zacht onder de bal door”
Beweging diagonaal naar voren
Contactpunt: boven en iets rechts van lichaam (rechtshandige)
Schouderrotatie + slice beweging
Onderarm: lichte supinatie
Cue
“Snijd zijwaarts door de bal”
“Maak een zweepbeweging”
Stap naar voren na stuit van glas
Contactpunt: voor lichaam, dalend
Rotatie vergelijkbaar met smash, maar minder explosief
Controle belangrijker dan kracht
Cue
“Val de bal aan na het glas”
Contactpunt: naast of boven lichaam
Korte, snelle actie
Sterke armrotatie (haakbeweging)
Veel polsgebruik
Cue
“Haak de bal weg”
Elke slag volgt:
Voeten drukken tegen de grond (lineair)
Heuprotatie start (angulair)
Romp versnelt
Arm volgt
Racket versnelt het meest
👉 Grootste fout: alleen arm gebruiken → verlies van kracht & controle
❌ Geen gewichtsoverdracht (alles statisch)
❌ Te veel pols → inconsistentie
❌ Te laat contactpunt (bal naast/achter lichaam)
❌ Geen rotatie → weinig power
“Contact altijd vóór je lichaam”
“Kracht begint bij je voeten”
“Rotatie vóór armswing”
“Rustig beginnen, versnellen bij contact”
“Compact = controle, groot = power”