Vaak bezit een leerkracht één of twee talen, om een zo divers mogelijk taalaanbod te kunnen geven tijdens het voorlezen kan je anderstalige leerkrachten, schoolmedewerkers of ouders betrekken. Kies hierbij niet alleen voor de voorkeurstalen (Frans, Engels, Duits), maar laat ook mensen in minder gekende talen voorlezen. Door het betrekken van ouders ga je de participatie verhogen en toon je de interesse in de thuistaal. Het is belangrijk dat je de ouders goed begeleidt:
Toon voor hoe je aan de slag gaat met een boek: gebruik vertel- en voorleestechnieken. Geef tips rond het tempo, de mimiek en intonatie.
Kies samen voor een passend boek. Een minder taalvaardige ouder zal het moeilijker vinden om met een prentenloos woordenboek aan de slag te gaan. Hij/zij kan zich meer comfortabel voelen bij een reeds uitgeschreven verhaal.
Ondersteun voor, tijdens en na het lezen de ouder. Hij/zij is het vaak niet gewoon om les te geven of interactief voor te lezen.