Het is een vogel die tot de familie van de spechten behoort.
Hij heeft een zwart-wit verenkleed en een spierwitte buik. Hij heeft precies een rode broek aan. De vrouwtjes hebben een zwart achterhoofd, de mannetjes een rood achterhoofd. Het is eerder een kleinere specht. Hij is ongeveer 25 cm groot en weegt ongeveer 100 gram. Met hun kleverige tong halen ze insecten uit de bomen.
De grote bonte specht vind je in alle soorten bossen: loofbossen, naaldbossen of gemengde bossen. Ook in kleine bosjes, parken en tuinen komt deze soort voor.
De grote bonte specht hakt een nestholte uit in bomen. Zowel het mannetje als het vrouwtje hakken het hol uit. Hetzelfde gat wordt vaak meerdere jaren na elkaar gebruikt. In de nestholte worden de eieren gewoon op het hout gelegd. In april en mei worden vier tot zeven crème-witte eieren gelegd, die in elf tot dertien dagen worden uitgebroed.
De grote bonte specht eet vooral insecten en schakelt in de winter over op verschillende boomzaden, noten en ook soms eikels. In de zomer worden soms ook eieren en jonge vogels uit nesten geroofd.
Een aantal vogels zijn vijanden van de grote bonte specht, zoals uilen en kauwen
De grote bonte specht komt in een groot deel van Europa en Azië voor. De specht is een standvogel.