John Tabé hakt door: 10-02-2026

De parasiet in het kabinet-Jetten

In het kabinet-Jetten zit de VVD dicht bij de macht, maar neemt zij weinig verantwoordelijkheid. Andere partijen doen het moeilijke werk; de VVD profiteert. Rob Jetten staat duidelijk op de voorgrond, terwijl de VVD vooral op de achtergrond blijft.

Bij onderwerpen als asiel, migratie en de ‘hardwerkende Nederlander’ spreekt de VVD stevige taal. De partij presenteert zich als daadkrachtig en duidelijk. Maar zodra er moeilijke keuzes nodig zijn, trekt zij zich terug. Dan legt de VVD de verantwoordelijkheid bij D66 en het CDA. Als het beleid succesvol is, claimt zij wel het resultaat.

Vanuit deze veilige positie vertelt de VVD haar eigen verhaal. Onderhandelingen worden voorgesteld als grote overwinningen. De boodschap is steeds hetzelfde: de hypotheekrenteaftrek blijft, het asielbeleid wordt strenger en de overheid moet zuiniger werken. Er wordt zestien miljard euro bezuinigd op zorg en sociale zaken. Volgens de VVD versterkt dat de economie en blijft de staatsschuld onder de twee procent.

Zo wekt de VVD de indruk dat zij de richting van het kabinet bepaalt. In werkelijkheid valt dat tegen. Achter de grote woorden schuilt een partij die vooral meebeweegt en weinig echt afdwingt.

Als plannen mislukken, klinkt het bekende argument: “Wij willen wel, maar zij houden ons tegen.” Dat is volgens critici de kern van de VVD-aanpak: meeregeren zonder veel risico, successen claimen en bij problemen de schuld geven aan de coalitie of aan links Nederland.

Kabinet Jetten: Koffie, koffietijd >