Een voogd heeft een speciale status binnen de Nederlandse Rechtsstaat. Een voogd kan via een testament aangesteld zijn door de ouders. Maar deze kan ook aangesteld worden door de Rechterlijk Macht.
Indien de ouders, via een testament hebben aangegeven wie de voogd, na hun overlijden, de voogdij over de minderjarige heeft dient dit een natuurlijk persoon te wezen en niet rechtspersoon ( zie artikel 1:292 BW lid 2 )
Conform artikel 1:295 BW benoemd de rechter een voogd als blijkt dat de minderjarige niet onder het ouderlijk gezag staat en waar de de voogdij niet op een wettelijke manier is vastgesteld.
De Rechterlijke Macht benoemd, conform artikel 1:299 BW, een voogd op verzoek van bloed- of aanverwanten van de minderjarige, de raad voor de kinderbescherming, schuldeisers of andere belanghebbenden, of ambtshalve, behoudens artikel 1: 282a BW.
De Rechterlijk Macht heeft, conform artikel 1:302 BW de mogelijkheid om de voogdij bij een Gecertificeerde Instelling neer te leggen maar dan alleen al rechtspersoon en alleen als er geen met gezag belaste ouders aanwezig zijn.
Vraag daarom altijd om de beschikking van de Rechterlijke Macht om te kunnen lezen of betreffende persoon daadwerkelijk aangesteld is als voogd. En noteer deze beschikking in het hulpverleningsplan en vraag bij een voogdij aan de GI altijd om de naam die de voogdij uitvoert.
Zodra er een voogd is aangesteld heeft deze dezelfde rechten en plichten die de ouders ook hadden.. Je kan de voogd dus zien als een vervangende ouder.