Tweede periode van de tijd door het jaar
Na Pinksteren begint de tweede periode van de tijd door het jaar. Op de eerste zondag na Pinksteren vindt het Hoogfeest van de Heilige Drie-eenheid gevierd. Deze dag staat ook bekend als Drievuldigheidszondag. Op de tweede donderdag na Pinksteren valt Sacramentsdag, het hoogfeest dat de werkelijke tegenwoordigheid van Christus in de eucharistie centraal stelt. Op de derde vrijdag na Pinksteren viert de Kerk het Hoogfeest van het Heilig Hart van Jezus. Op 15 augustus valt het Hoogfeest van Maria Tenhemelopneming. Andere gedenkwaardige dagen in deze periode zijn: Maria Geboorte (8 september), het Hoogfeest van de Kruisverheffing (14 september) en daags daarna Onze Lieve Vrouw van Smarten. In deze periode vallen ook Allerheiligen (1 november) en Allerzielen (2 november). Het kerkelijk jaar wordt op de laatste zondag voor de Advent afgesloten met het Hoogfeest van Christus Koning Anders dan het burgerlijk jaar dat in vier gedeelten – de vier seizoenen- is ingedeeld, kent het kerkelijk jaar drie perioden: de Kerstkring, de Paaskring en de Tijd na Pinksteren. De twee eerste kringen beslaan samen ongeveer zes maanden. Daarin vallen de grote heilsfeesten: Kerstmis, Pasen en Pinkstern. De derde kring, de Tijd na Pinksteren, duurt ongeveer even lang als de twee eerste samen. Het is de tijd van beschouwing en overweging. De grote gebeurtenissen zijn gevierd en het is nu tijd om daarover na te denken en zich alvast op het nieuwe kerkelijk jaar voor te bereiden.