Klik op de afbeelding om de planner over de werkwoordspelling te openen. De planner bevat volgende items:
OTT
OVT
VD
VDBN
Lees de theorie (in de planner of hieronder), vat die samen in je eigen notities en maak daarna oefeningen.
Haal je minder dan 70% op een oefening? Dan herbekijk je de theorie en maak je extra oefeningen.
De spelling van de PV in de OTT = STAM + UITGANG
* Wanneer 'jij' of 'je' achter je persoonsvorm staat, dan schrijf je geen 't'.
bv. Word jij morgen 15 jaar?
Wanneer er bijvoorbeeld 'je broer / jouw hond' achter de persoonsvorm staat,
dan schrijf je wel een 't'.
bv. Wordt jouw broer morgen 15 jaar?
De OVT valt uiteen in twee categorieën:
1. Regelmatige werkwoorden
Bij de regelmatige werkwoorden krijgt de stam van de PV twee mogelijke uitgangen: -te(n) of -de(n).
Wanneer -te(n) / -de(n)?
De persoonsvorm krijgt -te(n) in de OVT als de derde laatste letter van de infinitief een medeklinker is van 't ex-kofschip.
De persoonsvorm krijgt -de(n) in de OVT als de derde laatste letter van de infinitief GEEN medeklinker is van 't ex-kofschip.
Opgelet!
Als de stam eindigt op een 't' of 'd', dan verdubbelen we die medeklinker in de verleden tijd.
bv. Papa redde de twee meisjes van een verdrinkingsdood. (stam + de = red + de)
bv. Mama zuchtte diep. (stam + te = zucht + te)
2. onregelmatige werkwoorden
Deze werkwoorden veranderen van klank in de verleden tijd.
bv. Ik loop naar school.
Gisteren liep ik naar school.
Voor deze werkwoorden zijn er niet echt regels, je moet ze dus uit het hoofd kennen.
In een zin met een voltooid deelwoord vind je meestal een vorm van de hulpwerkwoorden zijn, hebben of worden. Ook begint een VD vaak met ge-, maar soms met be-, ver- of ont-. Verder kan je (net zoals bij de OVT) twee categorieën van VD onderscheiden:
1. Regelmatige werkwoorden
Bij de regelmatige werkwoorden krijgt het VD twee mogelijke uitgangen: -t of -d.
Wanneer -t / -d?
1. Kijk naar de verleden tijd.
bv. Hij is naar huis gerend. --> want hij rende.
2. Gebruik 't ex-kofschip.
Het VD krijgt -t als de derde laatste letter van de infinitief een medeklinker is van 't ex-kofschip.
Het VD krijgt -d als de derde laatste letter van de infinitief GEEN medeklinker is van 't ex-kofschip.
2. onregelmatige werkwoorden
Een voltooid deelwoord van een onregelmatig werkwoord eindigt meestal in -en. Bij twijfel raadpleeg je best een (online) woordenboek.
bv. Ik heb vandaag 5km gelopen
Een VDBN gebruik je zoals zoals je een normaal bijvoeglijk naamwoord: +e
bv. het gedownloade bestand, de bezette stad, de gedweilde vloer
Enkele of dubbele d/t?
Je schrijft een dubbele d/t als er in de infinitief ook een dubbele d/t is. In alle andere gevallen schrijf je een enkele d/t.
bv. stranden --> het gestrande schip
bv. besteden --> het bestede bedrag
bv. redden --> de geredde piraat
Een vrije klinker voor d of t: enkel of dubbel?
Een vrije klinker in een VDBN schrijf je zoals je die in de infinitief zou schrijven.
bv. vergroten --> de vergrote foto
bv. bestraten --> de bestrate weg
bv. begroten --> het begrote bedrag
Krijg je het liever nog eens uitgelegd? Dan kan je naar de filmpjes luisteren.