A Hoe word ik een meesterverteller?
Wie heeft jou ooit voorgelezen?
Waar en wanneer was dat dan?
Waren deze personen goede vertellers?
Heb jij zelf ooit al voor iemand voorgelezen?
Wat maakt volgens jou iemand tot een goede verteller?
Bekijk het filmpje aandachtig en probeer aan de hand van het filmpje af te leiden wat de kenmerken van een goede verteller zijn. Denk zowel aan
verbale,
non-verbale en
paraverbale kenmerken.
B Welke verhalen herken je?
Iedereen kent deze sprookjes wel ...
Welke overeenkomst is er tussen beide verhalen?
Sneeuwwitjes moeder is overleden, ze blijft alleen achter met haar stiefmoeder. Deze is jaloers op Sneeuwwitjes schoonheid en huurt de jager in om haar te vermoorden.
Assepoesters moeder is overleden en zij blijft alleen achter bij haar stiefmoeder en -zussen. Assepoesters stiefmoeder is haar niet goed gezind, want zij moet het huishouden doen en mag niet naar het bal.
Meestal ken je een sprookje van de bijpassende Disneyfilm. Toch zijn sprookjes veel ouder en anders dan je zou denken.
Bekijk de video uit Man over Boek (start: 18:43) en beantwoord onderstaande vragen.
Eerste luisterbeurt
Oriënterend luisteren
Wat is het onderwerp van het fragment?
Tot welke tekstsoort (en welk -type) behoort het fragment?
Globaal luisteren: je beluistert de tekst een eerste keer.
Wat is de hoofdgedachte van het fragment?
Wat zijn de hoofdzaken van dit fragment?
Tweede luisterbeurt
Intensief luisteren
Wat hebben de gebroeders Grimm gedaan met sprookjes?
Geef hiervan een voorbeeld uit Sneeuwwitje.
Wat vinden mensen/volwassenen spannend?
Is het volgens de spreker wel of niet jammer dat we die originele sprookjes niet meer kennen?
C Wreed schoon
Al eeuwenlang gaan sprookjes in dialoog met elkaar, er is wederzijdse beïnvloeding, er wordt over en weer geknipt en geplakt, gebricoleerd, gecombineerd, gelinkt en verbonden.
Het boek Wreed schoon van Marita De Sterck en Jonas Thys biedt een bont palet van niet-verkinderlijkte, ongecensureerde volkssprookjes uit veertig cultuurgroepen die België en Nederland bewonen.
Maak kennis met Cinderella's uit alle continenten, dierlijke bruiden en bruidegoms, bloeddorstige verwanten, ghouls, duivels en heksen, slimme dappere meisjes en vrouwen, liefde en lust in alle tinten van de wereld.
Oriëntatie
Je leest een volkssprookje uit het boek Wreed schoon van Marita de Sterck en je maakt vervolgens een aantal opdrachten:
Vertel het verhaal na in je eigen woorden. Noteer een aantal kernwoorden zodat je het verhaal kan navertellen.
Aan welke 3 sprookjes doet de tekst je denken? Welke elementen zetten je op dit spoor? Schrijf het antwoord neer.
Selecteer een stukje van tien à vijftien regels dat je wilt voorlezen voor de klas.
Voorbereiding
Je bereidt deze opdracht eerst op papier voor. Nadien kun je je focussen op het mondelinge gedeelte.
Je schrijft je tekst uit waarin je de antwoorden op de eerste opdracht noteert.
Je maakt een briefje met kernwoorden dat je kunt gebruiken om je presentatie te ondersteunen.
Het stukje dat je wilt voorlezen, schrijf je over of kopieer je op een apart blaadje.
Uitvoering
testversie (thuis)
Je kunt je mondeling oefenen met ChatGPT. De prompt die je aan ChatGPT kunt geven, vind je hieronder. Houd rekening met de tips die je krijgt.
Tip: het kan makkelijker zijn om ChatGPT te gebruiken op je smartphone in plaats van je laptop.
Oefen je presentatie nadien voor publiek, waarbij je je materiaal gebruikt.
Controleer of je rekening gehouden hebt met alle evaluatiecriteria (zie evaluatiefiche)
We spreken een startdatum af wanneer je deze presentatie houdt in de klas.
Reflectie
voorbereiding thuis
Houd rekening met de tips die je krijgt van ChatGPT en je publiek thuis.
na je presentatie in de klas
Je uploadt een foto van de evaluatiefiche in de uploadzone 'Spreekopdrachten - 2.2 Reizende verhalen'. Je noteert erbij waar je een volgende opdracht extra op zult letten.
💬 Zo praat je met ChatGPT:
Begin gewoon te vertellen of te typen alsof je voor de klas spreekt.
Als je wil dat ChatGPT stopt met vragen stellen en feedback geeft, typ of zeg “stop”.
ChatGPT zal je dan feedback geven over je inhoud, taalgebruik en paraverbaal taalgebruik, met concrete tips.
📋 Kopieer en plak deze prompt in ChatGPT:
Ik wil mijn mondeling oefenen voor Nederlands. Jij bent mijn leerkracht Nederlands.
Ik heb een sprookje gelezen uit Wreed schoon van Marita De Sterck.
Dit zijn de vragen waarop ik moet antwoorden:
Aan welk of welke sprookje(s) doet de tekst me denken?
Welke elementen zetten me op dat spoor?
Ik kies een stukje van 10 à 15 regels dat ik in de klas wil voorlezen.
Jij mag me tussendoor vragen stellen, zoals mijn leerkracht zou doen.
Wanneer ik “stop” zeg, geef jij me feedback over:
Inhoud: is mijn antwoord duidelijk en volledig?
Taalgebruik: spreek ik in Algemeen Nederlands, zonder tussentaal of stopwoorden? Gebruik ik een rijke woordenschat?
Paraverbaal taalgebruik: hoe is mijn tempo, volume, intonatie en articulatie?
Geef me daarna concrete tips om mijn mondeling te verbeteren.
Ik begin nu met mijn antwoorden.
Marokko
Portugal
Italië
België
Turkije
Congo
Spanje
China
Nigeria
Polen
Griekenland
Duitsland
Israël
Armenië
Mexico
Nederland
India
Verenigd Koninkrijk
Frankrijk
Roemenië
Het stappenplan hieronder helpt jou op weg om dit efficënt en grondig aan te pakken...
Luister naar de samenvattingen van je medeleerlingen.
Welke overeenkomsten vind je met het sprookje dat jij las?
Ken je nog sprookjes die overeenkomsten hebben, maar niet vermeld zijn?