Aanvullingen in de tweede druk

Puberhersenen in ontwikkeling 

In opdracht van de Hersenstichting is onderzoek verricht onder ouders van pubers: Puberhersenen in ontwikkeling. Wat weten ouders van de hersenontwikkeling van hun kinderen?  

Een puber heeft ongeveer negen à tien uur slaap nodig om alle indrukken van de afgelopen dag te verwerken in zijn hersenen, ongeveer evenveel als een negenjarige. Maar, in de loop van de puberteit verandert het slaapwaakpatroon.
Dit patroon van wakker zijn en slapen verschuift ongeveer anderhalf uur. Het hormoon dat hiervoor verantwoordelijk is, is melatonine.
Een verhoogde productie van melatonine zorgt ervoor dat iemand slaperig wordt. Dit gebeurt elke 24 uur. In de ochtend neemt de melatonineproductie weer af, waardoor hij wakker wordt. Bij pubers is de productie van dit hormoon pas later (op de avond) verhoogd. Dit betekent dus dat de puber later moe wordt, waardoor hij pas later zal inslapen. ’s Ochtends moet hij wel net zo vroeg opstaan, of misschien wel vroeger omdat de middelbare school niet naast de deur is. Hierdoor kan slaaptekort optreden. Uit onderzoek van de Hersenstichting bleek dat zestig procent van ouders van pubers niet op de hoogte is van het feit dat pubers een ander slaappatroon hebben.
Enkele wetenschappers zijn er voorstander van om belangrijke activiteiten als proefwerken later op de dag te laten plaatsvinden in plaats van in de eerste uren. Volgens hen kunnen pubers er namelijk niet echt iets aan doen als ze ’s ochtends niet uit bed kunnen komen of slaperig in de schoolbanken zitten, maar zit het probleem vooral in hun hersenen. Dit zou betekenen dat pubers in de ochtend veel minder kunnen presteren. Verder onderzoek naar dit onderwerp is nog nodig.
Uit proefdieronderzoek aan Princeton University bleek dat te weinig slaap de aanmaak van nieuwe hersencellen remt. Een tekort aan slaap is een belangrijke bron van stress en is van invloed op het hormoon cortison. Dit leidt weer tot afname van de aanmaak van zenuwcellen in de hippocampus (het deel van de hersenen waar informatie wordt opgeslagen in het geheugen). Het omgekeerde is niet waar; meer slapen leidt niet tot meer vorming van zenuwcellen. Dit alles kan misschien een reden zijn om het een keer door de vingers te zien als uw puber maar niet uit zijn bed kan komen. Hij heeft nu eenmaal veel slaap nodig, maar is de vorige avond pas heel laat moe geworden.