M. De Bisschop




Marcel De Bisschop werd geboren in Aalst op          3 augustus 1907.

Op 13 juli 1991 omstreeks 16 u., vroeg hij, in bijzijn van zijn echtgenote Irène en Erna Temmerman, aan Willy Van Impe,  om zijn goede vrienden in Gabrovo verder te helpen.  Hij voegde eraan toe 'en vraag ons madam (toenmalig burgemeester van Aalst, Annie De Maght) om ook een handje toe te steken'  Het waren zowaar zijn laatste woorden.  Even later viel hij in een diepe coma, waaruit hij niet meer zou ontwaken !

Hij overleed in het O.L.Vrouwziekenhuis te Aalst op maandag 15 juli 1991.

Marcel De Bisschop was de laatste burgemeester van de stad Aalst, voor de fusie, tevens ere -schepen van de stad Aalst

Aan het ouderlijk huis, in de Gentse straat, waar hij ooit zijn apotheek uitbaatte - hangt sedert mei 2000 een gedenkplaat van de grote vriend en voorspreker van de Gabrovezen.

  



Personalisering

 


 

Afscheidsbrief van Cyril Temmerman



Auteur: wijlen Cyril Temmerman
Deir den Bril van Seril

(door den bril van Cyril)
 

Moor da es na toch gebeird.  Weir zellen a noeit of nieveranst nimmer teigekommen.  't Zal ons voren, want ge wortj 'n ottèntik stiksken van ons stei.       't Er es weir nen echten ajoin minder op de weireld, ieënen die altoid en overaal zé gedacht tieft zeggen, klink et nie ten bosjt et.  En da bosjteggen        batoid nekieër mè den ieënen of den anderen die me aa nie 't akkoerd was.

(Maar dat is nu toch gebeurd.  We zullen u nooit of nergens meer tegenkomen.  Wij zullen u missen want je was een authentiek stukje van onze stad.          Er is weer een echte ajuin minder op de wereld, een die altijd en overal zijn gedacht durfde te zeggen, klinkt het niet dan botst het.  En dat botste van       tijd tot tijd eens met de een en de ander die met u niet akkoord was.)     

Azoei em ek m'e aa insj graalek oeverhoeip geleigen en 't eit 'n toiken gedierd veir dat alles vedrom op een ploei gekommen es.  Noderhand em ek            tein insj iet ver aa gedoon, woorvan da'k vond do 't men plicht was, en ik kost valeiven in aa oeigen niks nemieër misdoeng.

(Zo heb ik met u ooit verschrikkelijke ruzie gehad en het heeft een tijdje geduurd vooraleer dat allemaal terug goed gekomen is.)  Nadien heb ik            dan eens iets voor u gedaan, waarvan dat ik dacht dat het mijn plicht was, en ik kon later nooit meer iets verkeerd doen in uw ogen.) 

Marcel ik em a dikkes hoeire zeggen: "Ik ben nen non-konformist" en as berremieëster van klein-Olsjt wordje inderdood 'n boitenbintjen tissen                 all a serjeize kolleiga's.  De verosjelkes die dooroever de ronde doeng, zen ongeloeiflijk, mor écht woor gebeird.  

(Marcel ik heb u dikwijls horen zeggen: "Ik ben non- konformist" en als burgemeester van klein-Aalst was je inderdaad en buitenbeentje tussen                 al uw ernstige colega's.  De vertellingen die daarover de ronde doen, zijn ongelooflijk, maar echt gebeurd.) 

Gelek as ver elken échten Olsjteneer en echt Olsjtenesken was lachen en spotten a lank leven.  Mé 'n ander de voif menieten aaven moor in d'ieëste        plosj oeik me a oigen kenne lachen…

(Zoals voor elke ware Aalstenaar was lachen en spotten uw lang leven.  Met een ander de vijf minuten houden maar in de eerste plaats ook met uzelf      kunnen lachen…)  

Ver onze Vastelauved zoi a leven gegeiven emmen. 't Es nie ver niet da z'a de karnavalberremieëster genoemd emmen

(Voor onze carnaval zou je  uw leven gegeven hebben.  Het is niet dat ze u de carnaval burgemeester genoemd hebben.) 

In de polletiek wordje foitelek nie noig gintresseerd, peis ek "Polletiekers meigen nie liegen, moor wèl de woorét 'n droiken geiven" was ieën                    van a woisheden en ge wortj ne straffen ver dat in de realitoit om te zetten. 

(In de politiek was je feitelijk niet erg geinteresseerd, denk ik: "Politiekers mogen geen leugens vertellen, maar wel de waarheid een draai geven"           was een van uw wijsheden en ge waart heel goed om dat in realiteit om te zetten.)

Annen droeim was e standbeldj ver den Ajuinboer en 'n verbroederingk tissen Oilsjt en de Bulgaarse humorstad Gabrovo, moor door es noeit niks           van in hois gekommen.  Messhing kenne z'a postuum 't plezier doeng mé da te verweizenlekken.

(Uw droom was een standbeeld voor den Ajuinboer en 'n verbroedering tussen Aalst en de Bulgaarse stad van de humor, GABROVO, maar daar is          nooit niets van in huis gekomen.  Misschien kunnen ze u postuum plezier doen met dat te verwezenlijken.)

 Marcel jong, gelek as ge zelf gevraugd etj, em ik gieën troon geloten ver aa, mor ik weit zeiker da'k a nog dikkes insj zal missen.  Want mé aa koste    lachen en zwanzen,moor oeik serjeis klappen en da vindje valangsom minder. 

(Marcel jongen, zoals je zelf gevraagd hebt, heb ik voor u geen traan gelaten, maar ik weet zeker dat ik u nog dikwijls eens zal missen.  Want met u        kon je lachen en plezier maken, maar ook ernstig spreken en dat vindt je alsmaar minder.)

't Beste geer boeven, Marcel, moor kekt nie teveel nor beneen, want ge zotj kennen spaaven op aal die dikkenekkeroi van de nieve Olsjterse elite

(Het beste ginder boven, Marcel, maar kijkt niet te veel naar beneden, want je zou kunnen overgeven op al die "dikkenekkerij" van de nieuw           Aalsterse "elite".)

 Haaft ons messching e plosjken asmen door binnemeigen natierlek want ik peis da 't geerboeven stiellekesoon veil plezanter werd as hier op eerde,  woorda lachen 'n luks on 't werren es. 

(Hou ons misschien 'n plaatsje als wij daar binnen mogen natuurlijk, want ik denk dat het ginder boven stilletjes aan veel plezanter wordt als hier              op de aarde, waar het lachen een luxe aan het worden is.)

 Allei, Marcel, aaft goi geer aambiaans in de kieët, weir zellen ier probeiren dat ons ieneg Olsjst zen oigezinneg karakter noeit nie verliest. 

(Zo Marcel, hou jij ginder maar plezier in 't kot, wij zullen hier trachten dat ons enig Aalst zijn eigenzinnig karakter nooit verliest.)

 Aaft a goed en zè gerest, Olsjt zal zennen Biskop valeven nie vergeiten.
(Hou je goed en wees gerust, Aalst zal zijnen Biskop nooit niet vergeten.)

                                        Seril  (Cyril) - vertaling… Willy Van Impe


   

 

 
Opening tentoonstelling “Marcel De Bisschop – Wereldburger” Stadsmuseum Aalst 24 Mei 2006
(Toespraak van mevr. Stefka Boëva – vertaling)

Opening tentoonstelling “Marcel De Bisschop – Wereldburger”
Stadsmuseum Aalst 24 Mei 2006

(Toespraak van mevr. Stefka Boëva – vertaling)

Mevrouwen, Mijne Heren,

Ik dank de Stichting “ Marcel De Bisschop “ voor de uitnodiging om deel te nemen aan de manifestaties gewijd aan de 15de verjaardag van het overlijden van Marcel De Bisschop. De 15de verjaardag van het overlijden van Marcel
De Bisschop valt samen met een andere ver-
jaardag – met name de 30ste verjaardag van de oprichting van het partnerschap Aalst -Gabrovo.

De betrekkingen tussen Aalst en Gabrovo, waarvan hij de grondlegger is, hebben Marcel De Bisschop vereeuwigd. In Aalst wordt zijn naam gedragen door een Stichting, en in Gabrovo werd zijn naam gegeven aan het groot plein voor het station. De relatie Aalst- Gabrovo, reeds rijk aan dertig jaar geschiedenis, vertegenwoordigt het daadwerkelijke bewijs dat Marcel De Bisschop een wereldburger was.

 

 


 
 

Wereldburger zijn betekende voor Marcel De Bisschop in de eerste plaats van Volksvriend te zijn, en dat was hij. Marcel hield innig van zijn mooi Vlaanderen en van zijn Aalst. Vooraleer wereldburger te worden, was hij iemand geworden met stevige grondvesten, iemand die zich inwerkte in zijn omgeving, iemand die genoot van de waardering en de genegenheid van zijn naasten en zijn medeburgers.

In Gabrovo was hij door zijn naam en door zijn persoonlijkheid niet minder gekend dan in Aalst. Permanent stonden voor hem de deuren open van het Stadhuis, van het 'Huis van Humor en Satire', en van de Folklore Groepen waarvoor hij tournees organiseerde in België. Naast de Instellingen in Gabrovo werd hij ook door de mensen van Gabrovo onthaald met sympathie en genegenheid. Zij correspondeerden met hem, keken met ongeduld uit naar zijn volgend bezoek, en ontvingen hem ondanks de restricties die door het toenmalig totalitair regime waren opgelegd.

Met zijn aanstekelijke volksliefde was Marcel in staat om  invloed uit te oefenen op anderen. Ik moet eerlijk toegeven dat ik, tijdens mijn bezoek van één week in Aalst in februari 1978, volledig van gedachten ben veranderd.

 Als gevolg van Marcel ’s voorbeeld van volksliefde  ben ik in Gabrovo teruggekeerd met een nieuwe filosofie : ik aanvaarde toen het vooruitzicht van mijn leven door te brengen in de provincie, in mijn geboortestad Gabrovo, en af te zien van mijn dromen en projecten van te gaan wonen in Sofia, de hoofdstad van Bulgarije.  

Wereldburger zijn betekende voor Marcel De Bisschop Ridder zijn in de zin van vechter voor verheven doelstellingen. Één daarvan was de wereldvrede, de goede internationale verstandhouding. Zijn opvatting was dat mensen en sociale kringen de vrede kunnen beveiligen door het aangaan van partnerschappen op alle niveaus – tussen personen en tussen Gemeenten, Steden en Staten. Marcel geloofde in de grote rol van kleine Staten voor het behoud van de Vrede. Hij zag die rol als een tegengewicht tegen het koppel van de twee tegengestelde grootmachten – de VS en de Sovjet-Unie. In die tijd maakten Aalst en Gabrovo deel uit van twee systemen die verschilden in ideologie en structuur. Zijn taak werd erdoor bemoeilijkt.
 

Laat mij toe het thema van de ridderlijke geest in België uit te breiden aan de hand van mijn herinneringen over mijn eerste bezoek aan België in februari 1978, in mijn hoedanigheid van vertaalster van de eerste delegatie uit Gabrovo naar Aalst. Aan de luchthaven werden wij opgewacht door 3 personen uit Aalst. Dat waren Jos De Geyter, Odilon Mortier en Jackie D’ Herde.  Zij hadden een zeer grote bloemenruiker bij zich die - tot mijn verrassing – voor mij bestemd was en niet voor de Burgemeester van Gabrovo.

Dank zij deze ridderlijke geest in België voelde ik mij gedurende mijn Aalsters verblijf als in het land van Duizend en Een Nacht. En deze Marcel, die ik in herinnering zie, en wiens aandenken ik diep in mijn hart bewaar, die nam voor de delegatie van Gabrovo de rol op zich van Gids.

 

Hij toonde ons met veel uitleg de Stad, de Carnaval, Vlaanderen. Hij overstelpte ons met kleine geschenkjes, mij en Pepa Totzéva, Batchvarova. Hij gaf de delegatie een gala middagmaal bij hem thuis en stelde ons zijn vrouw Irène en zijn zoon Baudewijn voor. Nà onder de invloed gekomen te zijn van zijn volksliefde kwam ik onder de indruk van zijn voorkomende houding tegenover zijn vrouw Irène, die ik later het plezier had te mogen terugzien in Gabrovo. 
 

 

Tot slot wens ik nogmaals mijn dank uit te spreken aan  allen die mij uitgenodigd hebben om mijn herinneringen over Marcel neer te schrijven en mij uitgenodigd hebben om Aalst te bezoeken. Ik dank de Stichting “Marcel De Bisschop” te Aalst en de Club “Vrienden van België” te Gabrovo.Ik dank Dhr Willy Van Impe, de Familie De Bisschop, Mevrouw Mariana Basheva et alle anderen die ik niet persoonlijk ken.

Als blijk van herkenning schenk ik graag aan de Stichting “Marcel De Bisschop” de brieven en postkaarten die Marcel mij heeft gestuurd in de periode van 1978 tot 1991.

Deze briefwisseling vertegenwoordigt enerzijds een kroniek van de betrekkingen tussen Aalst en Gabrovo, anderzijds is het een bevestiging van de stelling van Marcel De Bisschop dat gewone mensen in staat zijn om bij te dragen tot de politiek van de goede verstandhouding onder de volkeren, en tot de vrede. 

Tegenover Marcel moet ik wel een pekelzonde opbiechten. Ik antwoorde hem niet snel en ook niet regelmatig.  Zeer dikwijls begonnen zijn brieven met de zinnen “Stefka, neem uw pen!”, “Waar hebt gij uw pen verloren?”. Maar ik weet dat hij mij dit vergaf, want hij had zin voor humor en goedheid. In mijn herinneringen zie ik hem steeds vol positieve energie, altijd bewogen door een idee, altijd actief en klaar om met anderen in contact te treden en om te dialogeren. 

Hij had iets van het kind in zijn karakter, hij gedroeg zich nooit als iemand van belang, gedroeg zich nooit hooghartig of weerhoudend. Deze houding komt voor een deel voort uit het feit dat hij zin voor humor had en hij die ook op zichzelf toepaste. Er zat speelsheid in zijn blik, in zijn taal. Voor mij is hij de gelukkige combinatie van de trekken van een Ridder – een kleine Grote Ridder -  en van Tijl Uilenspiegel.

   

Stefka Boëva
5300 Gabrovo Bulgarije
24 mei 2006

 
STICHTING “MARCEL DE BISSCHOP: AALST-GABROVO” vzw
HERDENKT op 23 mei 2006 HET OVERLIJDEN VAN MARCEL DE BISSCHOP († 15 juli 1991)