27 mei 2018
We zitten alleen aan het ontbijt dat bestaat uit een broodje en wat gebak. Dan wordt het tijd om afscheid te nemen van Roberto en begint onze wandeltocht.
We lopen naar de kapel Santa Maria della Neve dat vlak bij de B&B op een heuvel tussen eikenbomen gelegen is.
Bij de kapel staat een bord met veel informatie over de kapel.
Uit welk jaar de kapel stamt is onbekend, wat wel zeker is dat de kapel reeds vernoemd werd in een document van 1588 hetgeen aangeeft dat het een belangrijk gebouw was. Vroeger was de kapel eigendom van Maltezer ridders, die veel heilige plekken bezaten die opgedragen waren aan Onze Lieve Vrouw van de sneeuw. Tevens liep langs de kapel een pad waar vee over gedreven werd.
Elk jaar wordt hier op 12 augustus de “Palio” gehouden, een paarden race. De winnende jockey gaat de kerk in met zijn paard om voor het standbeeld van de Hl. Maria te knielen. Wat een traditie! Helaas is het gebouw gesloten.
We hebben besloten dat hier ons vertrekpunt van de tocht naar Monte Sant’Angelo is. Dus, daar gaan we van start! Het gedeelte naar Ripalimosani is ons sinds gisteren al bekend.
Langs de mooi bloeiende gele brem volgen we de dalende weg.
We hebben de uitbaatster van het barretje waar we gisteren zaten beloofd om nog even koffie te komen drinken. Dat doen we dus ook, al is ze er zelf niet, maar ( waarschijnlijk) haar partner. We worden meteen al enigszins vreemd aangekeken door enkele oudere heertjes, wandelaars met een rugzak zien ze hier niet elke dag. Ze gniffelen en drinken espresso.
Via een behoorlijk aantal trappen omlaag ( de foto is onder aan de trappen genomen) komen we bij een viaduct onder een verkeersweg. We passeren een kapelletje aan onze linkerhand en komen op een licht stijgend weggetje in het veld.
Onderweg komen we langs de restanten/ruïnes van wat ooit woonhuizen moeten zijn geweest. Het weggetje wordt een karrenspoor. Gelukkig gaat het pad niet al te steil omhoog, dat valt wel mee. Bij een T-splitsing gaan we naar rechts, en even later begeven we ons weer over een verhard weggetje dat uitkomt bij een drukke weg die we oversteken. Rechts zien we Campobasso liggen, slechts enkele kilometers van ons verwijderd. We gaan onder een spoorviaduct door en houden bij een splitsing links aan. We komen op een lange provinciale weg. Al doet de benaming “provinciaal” naar onze maatstaven meer vermoeden dan wat het is. Het is een smalle rustige weg die zich door het landschap slingert.
Na zo’n 4 km komen we bij een bar, genaamd "Del Rosario". Volgens een bordje zou hij “aperto” ( open) zijn, maar de deur blijkt op slot. We nemen toch even rust en nemen plaats in de stoelen. Als we na een kwartiertje weg gaan komt een ouder vrouwtje uit de grote tuin gelopen met een hond. Ze blijkt de uitbaatster van het barretje te zijn; we krijgen toch iets te drinken.
Daarna gaat het weer verder over dezelfde bochtige weg in het open veld.
Het is eind mei, we zien dat de veldbloemen nu volop bloeien wat een mooi gezicht is. Thuis in Nederland zie je zoiets niet meer.
Na een uurtje houden we bij een splitsing links aan en komen we op een smallere weg waar meerdere huizen langs liggen. Het lijkt alsof een batterij honden ons “verwelkomt”. Ze worden bedaard door hun baasjes. Verderop komen we bij een groot kerkhof; waar we even naar binnen lopen. Het is het Cimitero Comunale di Campodipietra. We blijven niet te lang en gaan verder. Bij een drukke verkeersweg aangekomen slaan we linksaf. We blijven veilig aan de linkerkant van de weg lopen. Zo kunnen we het tegemoetkomende verkeer zien, en indien nodig op tijd aan de kant gaan.
In de verte zien we Toro liggen. Plots stopt een motor voor ons. Het blijkt Fernando van de B&B Cola Fasciano te zijn, ons overnachtingsadres in Toro. Hij vertelt ons dat de B&B open is en dat we meteen gebruik kunnen maken van de keuken. En de koelkast ligt vol met fris etc.
We lopen door en komen bij de kerk van Toro. De B&B zou hier in de buurt liggen. Een inwoner wijst ons de weg, en inderdaad, het gebouw is open. De koelkast blijkt toch niet zo gevuld als beloofd, maar goed, er ligt wel iets te drinken. Fernando laat op zich wachten, na een tijdje besluiten we hem te bellen en hij belooft spoedig te komen.
We krijgen een supermooie kamer toegewezen, Fernando weet wat een pelgrim nodig heeft.
Hij heeft in het verleden zelf de tocht naar Monte Sant’Angelo gelopen, zie bovenstaande kaart en de cactussen. ’s Avonds eten we pizza bij een kleine bar annex pizzeria. Het is een verzamelplek van jeugd, het is alsof Saturday Night Fever hier live wordt opgevoerd. De jeugd is wel vriendelijk.
Daarna gaan we op verkenning door Toro, dat niet zo groot is. We lopen langs de kerk en door de doolhof van smalle straatjes. Typisch Italiaans, smal, met trapjes, en de was die buiten hangt.
Terug op onze kamer zien we op TV dat Max Verstappen 9e is geworden in zijn woonplaats Monaco. Meer was waarschijnlijk ook niet mogelijk als je op de laatste rij moet starten.
Meer foto's:
Lees verder Toro - Pietracatella