Aan het eind van deze les:
kan ik uitleggen wat het verschil is tussen verwering en erosie, en dit toelichten met een voorbeeld.
kan ik de begrippen puinhelling, grind, zand, klei en verweringsmateriaal gebruiken en in mijn eigen woorden uitleggen.
kan ik uitleggen welke processen van verwering en erosie plaatsvinden in de bovenloop van een rivier.
kan ik koppelen welke processen van verwering en erosie belangrijk zijn bij mijn gekozen rivier.
heb ik informatie verwerkt over erosie en verwering in mijn eigen product (document/presentatie).
Rivieren hebben enorme kracht: ze kunnen gesteentes meesleuren, dalen dieper graven en zelfs nieuwe landschappen vormen. Twee belangrijke processen die hierbij een rol spelen zijn verwering en erosie. Hoewel deze begrippen vaak door elkaar gehaald worden, betekenen ze iets anders.
Verwering is het proces waarbij gesteente breekt of verandert, zonder dat het meteen wordt verplaatst. Het gesteente blijft dus op de plek waar het afbrokkelt of oplost. Er zijn drie vormen:
Mechanische verwering (ook wel fysische verwering genoemd)
Dit betekent dat gesteente uit elkaar valt door natuurlijke krachten.
Vorst verwering: Als water in een scheur van een rots komt en ’s nachts bevriest, zet het uit. Hierdoor wordt de scheur groter en valt het gesteente op den duur uiteen. Dit gebeurt vaak in koude berggebieden.
Thermische verwering: In woestijnen wordt het overdag bloedheet en ’s nachts heel koud. Door die snelle temperatuurwisselingen zet gesteente uit en krimpt het weer, waardoor er barsten ontstaan.
Organische verwering: Wortels van planten kunnen in spleten van gesteente groeien. Naarmate de wortels dikker worden, zetten ze meer druk uit en breken ze het gesteente uiteindelijk.
Chemische verwering
Hierbij verandert de samenstelling van het gesteente door een reactie met zuren.
Een bekend voorbeeld is kalksteen dat langzaam oplost door regenwater. Regenwater bevat een beetje zuur, waardoor grotten kunnen ontstaan.
Door verwering ontstaan losse stukken gesteente. Dat materiaal noemen we verweringsmateriaal. Dat kan groot en grof zijn, zoals blokken en grind, maar ook kleiner zoals zand of heel fijn zoals klei. Vaak zie je dit materiaal liggen onderaan een helling: dat noemen we een puinhelling.
Vorst verwering
Chemische verwering
Erosie is iets anders. Hierbij wordt het verweringsmateriaal weggevoerd door natuurkrachten zoals water, ijs of wind. Bij rivieren is water de belangrijkste kracht. Het materiaal dat door de rivier wordt meegenomen, schuurt tegen de bodem en wanden van de rivier, waardoor de rivier zich dieper insnijdt in het landschap.
In de bovenloop (bij de bron, vaak in de bergen) stroomt de rivier snel en krachtig. Hier vindt veel erosie plaats. De rivier neemt grof materiaal mee, zoals grind en rotsblokken. Hierdoor ontstaan smalle, diepe dalen in een V-vorm. Dit noemen wij een V - Dal. Dalen waar ooit een gletsjer gelegen heeft zijn minder scherp. Deze hebben de vorm van een U en noemen we dus ook een U-Dal.
In de middenloop neemt de kracht iets af. De rivier kan nog steeds zand en kleiner materiaal meenemen, maar grof materiaal blijft vaker achter. Dit gebeurt vooral in bochten (meanders).
In de benedenloop is de stroming veel rustiger. Hier wordt materiaal juist afgezet (sedimentatie), maar dat komt in de volgende les aan bod.
Elke rivier in Europa heeft te maken met verwering en erosie. Bij een rivier die in de Alpen begint, zoals de Rijn of de Rhône, zie je veel mechanische verwering door kou, sneeuw en ijs. Het smeltwater neemt vervolgens grind en zand mee de rivier in. Bij rivieren in warmere gebieden, zoals de Ebro of de Po, zie je juist meer chemische verwering (bijvoorbeeld van kalksteen), en andere soorten erosie.
Kortom: verwering maakt het gesteente los, erosie verplaatst het. Samen zorgen ze ervoor dat rivieren dalen dieper maken, bergen langzaam afslijten en nieuw landschap ontstaat.
In deze les onderzoeken jullie hoe gesteente afbreekt (verwering) en hoe rivieren dat materiaal meenemen (erosie).
Schrijf in je eigen woorden op wat deze begrippen betekenen:
mechanische verwering
chemische verwering
erosie
verweringsmateriaal
puinhelling
Kies bij ieder begrip een concreet voorbeeld. Bijvoorbeeld:
Boomwortels die een stoeptegel omhoogduwen → organische verwering.
Onderzoek met je team (tip gebruik google streetview om het landschap te bekijken):
Welke vormen van verwering spelen een rol in de bovenloop van jullie rivier?
Zie je vooral mechanische verwering (kou, wortels), chemische verwering, of een combinatie?
Welk verweringsmateriaal (grind, zand, klei) komt hier waarschijnlijk los?
Werk samen een korte tekst (150–200 woorden) uit waarin jullie:
Het verschil uitleggen tussen verwering en erosie.
Beschrijven welke processen van verwering en erosie voorkomen in de bovenloop van jullie rivier.
Voeg jullie tekst en voorbeelden toe aan jullie document. Zorg dat het goed opgeslagen is.