Aan het Walkaatarchiev te Kampen
Met deze adressering ontving het Frans Walkate Archief aan de Burgwal in Kampen in 1974 een postpakket, gewikkeld in grauw papier en bijeen gehouden door een rafelig stuk touw. De inhoud bestond uit twee boekjes, twee brieven, een aantal stukken perkament beschreven met een laat-middeleeuwse Latijnse tekstletter en drie stukken perkament dicht beschreven met een middeleeuwse gotische cursief.
twee boekjes
Dit waren twee 18e eeuwse uitgaven over de geschiedenis van Kampen. Niet zeldzaam, wel alleen nog antiquarisch te verkrijgen.
Eén van de boekjes had toebehoord aan Mr. Frans Lemker (1706-1773). Jurist Frans Lemker was geboren in Deventer en werd stadssecretaris in Kampen. Hier trouwde hij in 1732 met Gesina Catharina Vollenhove (1699-1761), weduwe van stadssecretaris Aper Herweijer, zijn jong overleden voorganger.
Kleinzoon Frans Lemker (1776-1840) was in de 19e eeuw burgemeester van Kampen. Burgemeester Lemker was op latere leeftijd getrouwd en liet geen kinderen na. Wel een rijk en groot boeken en schilderijen bezit, één van de oudste woonhuizen van Kampen en landgoed De Vollenhof aan de Zuiderzeestraatweg in Oldebroek.
twee brieven
Het postpakket ging vergezeld van een handgeschreven brief in slecht Nederlands. De anonieme afzender pretenteerde een oude leren band, de boekjes en de perkamenten terug te sturen, die nog bij hem thuis lagen. Hij zou verhuizen naar het bejaardenhuis en was nu bezig met opruimen. De teruggevonden stukken waren van zijn schoonvader geweest, die ze zou restaureren op verzoek van meneer ''Henneman''. Waarschijnlijk werd hiermee gedoeld op Joan Ennema, de vorige beheerder van het Frans Walkate Archief.
Daarnaast zat in het postpakket een getypte brief van Jules de V. aan ''vriend John''. Deze brief was gedateerd op 2 maart 1931 en verzonden vanuit St. Christophe. Jules de V. bezweert vriend John, een kennis van hem en zijn vader uit Nederlands-Indië, om geen geloof te hechten aan de praatjes van de ''imbiciele F.W.'' ¹, die hen ervan beschuldigde een belangrijk manuscript over de oudste geschiedenis van Kampen achter te houden. Jules de V. ontkent in de brief dat dit manuscript, ooit in eigendom van de Kamper families B. en d.B.v.L., nog in zijn bezit was. Zijn vader bezat alleen de leren omband met inhoud, die hij nu aan zijn vriend John stuurde, aangezien de stukken uit Kampen komen en niet van zijn familie zijn. Waar het eigenlijke manuscript gebleven is weet hij niet, tenzij F.W. het heeft of ''het zeer vriendelijke sujet N.U.'' ², die er eerder veel belangstelling voor had.
In de jaren 1920, op verlof in Nederland, had Jules de V. een bezoek aan Kampen gebracht en daar de collectie van C.W. ³ bezichtigd, maar het gezochte (het manuscript) daar niet aangetroffen.
Tenslotte spoort Jules de V. opnieuw zijn vriend John aan geen geloof te hechten aan de praatjes van F.W. en N.U., die ''niet wilden horen naar vrienden van grootvader, als de kolonel D., de schilder H. en de broeders B., die Papa kenden als een eerlijk man.''
¹ F.W. = Frans Walkate, de eerste verzamelaar van de collectie van het Frans Walkater archief
² N.U. = Jurgen Nanninga Uiterdijk (1848-1919), stadsarchivaris van Kampen van 1873-1918
³ C.W. = Clara Welcker, de opvolger van Jurgen Nanninga Uiterdijk vanaf 1917
De leren omband en stukken perkament met Latijnse tekst
De omband lijkt uit de 16e of 17e eeuw te komen, maar de ouderdom is moeilijk te schatten.
De fragmenten met een Latijnse letter vormden samen een bladzijde uit een laat-middeleeuws, met de hand geschreven bijbelboek. De tekst komt uit de Vulgaat, een oude Latijnse bijbelvertaling door -grotendeels- kerkvader Sint Hieronymus.
foto omband van Stadsarchief Kampen
Drie losse beschreven stukken perkament
De tekst op deze drie vellen (perkament A, B en C) ging over de vroegste geschiedenis van Kampen. Twee van de drie stukken perkament (A en B) hadden ooit één geheel gevormd, maar bleken doormidden gesneden. Er was dus eigenlijk sprake van maar twee stukken perkament: A+B en C
De tekst was geschreven door een 13e eeuwse Kamper schepen, die tot in details vertelde hoe de stad was ontstaan. Naar de schrijver werden de perkamentdelen ''De kroniek van Vloet'' genoemd.
De samenstelling van de inhoud van het postpakket, maakt van ''De kroniek van Vloet'' een raamvertelling: een verhaal dat als een 'omlijsting' één of meerdere andere verhalen omsluit of inleidt. In dit geval vormen de twee begeleidende brieven ''het raam''.
© cultuurZIEN 2024