De Centrale Eindtoets was een toets die leerlingen in groep 8 van het Nederlandse basisonderwijs aflegden. Deze toets werd georganiseerd door Cito, onder toezicht van het College voor Toetsen en Examens (CvTE). De toets werd voor het laatst afgenomen in het schooljaar 2022-2023. Vanaf 2024 wordt de Centrale Eindtoets vervangen door de Doorstroomtoets, als gevolg van een wetswijziging.
Sinds 2015 was de Eindtoets Basisonderwijs verplicht voor alle leerlingen in groep 8. Dit verving de eerder gangbare, maar niet verplichte Cito-toets. De toets gaf inzicht in wat de leerlingen tijdens hun basisschooltijd hadden geleerd en hielp bij het bepalen van het meest geschikte vervolgonderwijs. De Eindtoets fungeerde als een ‘tweede onafhankelijk gegeven’, naast het schooladvies van de leerkracht.
Scholen hadden de keuze uit verschillende aanbieders van eindtoetsen, die allemaal door de overheid beschikbaar werden gesteld. De door de overheid georganiseerde versie was de Centrale Eindtoets. Vanaf het schooljaar 2023-2024 maken leerlingen in groep 8 de Doorstroomtoets.
De Centrale Eindtoets bestond uit de volgende onderdelen:
Lezen
Taalverzorging
Schrijven
Rekenen
Scholen hadden de optie om ook Wereldoriëntatie op te nemen in de toets, hoewel de resultaten hiervan niet meewerkten voor het uiteindelijke advies. Deze resultaten gaven echter wel waardevolle extra informatie.
De score van de leerling op de onderdelen Nederlandse taal en rekenen vormde de basis voor het eindresultaat van de Centrale Eindtoets. Dit resultaat werd omgerekend naar een standaardscore tussen 501 en 550. Bij elke standaardscore hoorde een advies voor het meest passende brugklastype.
Volgens de Wet referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen wordt gemeten welk niveau een leerling beheerst in taal en rekenen op verschillende momenten in hun schoolloopbaan. Het verwachte referentieniveau aan het eind van groep 8 is 1F, maar het behalen van dit niveau is niet verplicht voor toegang tot het voortgezet onderwijs.
Voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hadden, waren er aangepaste versies van de Centrale Eindtoets beschikbaar. Bijvoorbeeld een versie met spraakondersteuning voor leerlingen met dyslexie of een brailleversie voor slechtziende leerlingen.
Daarnaast kon de school aanvullende maatregelen treffen, zoals het bieden van een rustige ruimte of extra tijd voor de toets.