Doel; student weet welke vragen gesteld kunnen worden en welke vragen hij tijdens de kennismaking moet stellen
Je gaat jezelf voorstellen op je toekomstige stageplaats. Welke informatie zou jij over jezelf willen vertellen? Dit dient uiteraard relevante informatie te zijn.
Welke zaken wil jij graag van/over je toekomstige stageplaats/stagebegeleider weten?
Wat kun je ter voorbereiding op je kennismakingsgesprek voorbereiden/onderzoeken?
Maak een opsomming van onderwerpen (minimaal 8) die tijdens het kennismakingsgesprek naar voren kunnen/zullen komen.
Binnen 2 seconden heb je een eerste indruk gekregen van een andere persoon. Bij de kennismaking staat de schijnwerper in eerste instantie op jou. Maak een lijst van zaken (minimaal 6) die ervoor kunnen zorgen dat jouw eerste indruk goed is.
Er kunnen verschillende situaties zijn waarbij het prettig is wanneer je weet wat je wil zeggen. Schrijf voor onderstaande situaties twee verschillende zinnen die je zou kunnen zeggen.
Situatie 1: Je gaat op kennismakingsgesprek en hebt om 11.45 uur een afspraak met mw. Janssen. Je staat bij de receptie. Wat zeg je?
Situatie 2: Je wordt opgehaald door mw. Janssen, de stagebegeleidster. Ze zegt: “van harte welkom.” Hoe reageer je?
Situatie 3: Nadat je bent opgehaald door mw. Janssen, gaan jullie het kantoor binnen van de afdelingsleider. Jullie gaan zitten en je krijgt de vraag: “vertel, waar kunnen we je mee helpen? Wat zeg je?
Situatie 4: Aan het einde van het gesprek zegt mw. Janssen dan jullie alles besproken hebben. Je start komende maandag om 08.00 uur. Jullie staan op en mw. Janssen geeft je een hand