Om wat handiger te worden met het programma Excel, staan hieronder 3 oefenopdrachten. Deze opdrachten bereiden je voor op de eindopdracht over Excel. Loop je vast bij een opdracht of een onderdeel hiervan? Kijk dan nogmaals één of meerdere filmpjes. Vergeet niet na het maken van de opdrachten de voortgangsregistratie in te vullen!
Elf leerlingen willen de gemiddelde versnelling van een fietser bepalen. Dit doen ze door over een afstand van 100 meter om de tien meter te meten hoe lang de fietser erover heeft gedaan om daar te komen. De fietser begint bij s = 0m en roept zodra hij begint te fietsen. Alle leerlingen starten op dat moment de stopwatch. Als de fietser langs komt, zet de leerling op dat punt de stopwatch stop. De meetgegevens vind je hiernaast.
a. Verwerk de meetgegevens in een tabel in Excel.
b. Voeg een kolom toe in Excel en laat Excel hierin de snelheid uitrekenen.
c. Maak een (s,t)-diagram met bijbehorende trendlijn en noteer de bijbehorende formule naast het diagram.
d. Maak een (v,t)=diagram met bijbehorende trendlijn en noteer de bijbehorende formule naast het diagram.
e. Bepaal met behulp van de richtingscoëfficiënt van de trendlijn de gemiddelde versnelling van de fietser.
f. Sla het bestand op als 'fietser' en upload het bestand naar je Google drive.
Vergeet niet de voortgangsregistratie in te vullen.
Een natuurkundeklas krijgt de opdracht om de valversnelling op aarde te bepalen. Ze hebben bedacht om een balletje te laten vallen in het trappenhuis van een flatgebouw en op iedere verdieping te meten hoe lang het balletje erover heeft gedaan. De meetgegevens vind je hiernaast.
a. Verwerk de meetgegevens in een tabel in Excel.
b. Voeg een kolom toe in Excel en laat Excel hierin de hoogste uitrekenen in plaats van de afstand.
c. Maak een (h,t)-diagram met bijbehorende trendlijn en noteer de bijbehorende formule naast het diagram.
Omdat het lastig is om bij een kromme lijn verbanden tussen grootheden te herkennen, kunnen we één van de grootheden langs de assen kwadrateren om een lineair verband te creëren. Vervolgens kan je van deze rechte lijn makkelijk de richtingscoëfficiënt bepalen.
d. Maak een nieuwe kolom aan voor t2 .
e. Maak een (h,t2)-diagram met bijbehorende trendlijn en noteer de bijbehorende formule naast het diagram.
f. Bepaal met behulp van de gevonden gegevens de valversnelling die uit het experiment blijkt.
g. Sla het bestand op als 'valversnelling' en upload het bestand naar je Google drive.
Twee leerlingen willen in kaart brengen hoeveel afstand internationaal ruimtestation ISS aflegt in een week. Na een korte speurtocht vinden ze de volgende gegevens.
Baansnelheid: 7,66 km/s
Baanhoogte: 408 km
Massa: 417300 kg
a. Maak met behulp van Excel een tabel met de afgelegde afstand. (Natuurlijk moet Excel dit voor je uitrekenen)
b. Maak een (s,t)-diagram met bijbehorende trendlijn en noteer de bijbehorende formule naast het diagram.
c. Sla het bestand op als 'ISS' en upload het bestand naar je Google drive.