Je kunt kenmerken van kraakbeenweefsel en beenweefsel noemen en de delen ervan benoemen in een afbeelding.
Je kunt beschrijven hoe de samenstelling van botten verandert tijdens het leven.
De botten bestaan uit beenweefsel, wat bestaat uit 2 bestanddelen;
Kalkzouten
Zorgen voor stevige botten
Lijmstof
Zorgen ervoor dat botten flexibel zijn en niet zomaar afbreken
Beenweefsel ziet eruit als kanaaltjes, met daarin cellen en veel tussencelstof
Als je wordt geboren heb je heel veel lijmstof in je skelet
Hoe ouder je wordt hoe meer lijmstof veranderd in kalk
Tussen de botten zit een ander soort weefsel; kraakbeenweefsel
Kraakbeen heeft veel tussencelstof, waardoor er veel ruimte is en het dus heel flexibel is.
Kraabeen vindt je:
Bij de oren
Bij de neus
Tussen het borstbeen en de ribben
Tussen de wervels in de rug
Bij gewrichten