Essais van Montaigne

vertaald door Jules Grandgagnage

Deze vertalingen van de Essais van Montaigne zijn gebaseerd op de édition de Bordeaux, 1595. Dat is de editie van 1588 waaraan Montaigne tot aan zijn dood in 1592 bleef werken door in zijn exemplaar nota's en verbeteringen aan te brengen. Voetnoten en opmerkingen tussen rechte haken [...] die ik aan de vertaling heb toegevoegd, maken geen deel uit van de originele tekst van Montaigne.

CC BY-SA 3.0 (overname tekst toegestaan mits naamsvermelding vertaler)
De licentie CC BY-SA geldt voor alle teksten op deze website.
Overname van de teksten is toegelaten, onder voorwaarde van naamsvermelding van de vertaler:
Jules Grandgagnage

Deel 1

I. Op verschillende wijzen bereikt men hetzelfde

II. Over het verdriet

III. Dat waar we om geven reikt tot voorbij ons eigen leven

IV. Hoe we ons door onze passies op het verkeerde richten in plaats van op het ware

V. Moet de leider van een belegerde plaats naar buiten om te onderhandelen?

VI. Het ogenblik van onderhandelen is gevaarlijk

VII. Onze intentie bepaalt het oordeel over onze handelingen

VIII. Over ledigheid

IX. Over leugenaars

X. Over vlotte of slome praters

XI. Over voorspellingen

XII. Over standvastigheid

XIII. Over ceremonieel bij het ontmoeten van koningen

XIV. De ervaring van goed en kwaad wordt voor een groot deel bepaald door de opinies die we erover hebben

XV. Men wordt gestraft bij het te hardnekkig verdedigen van wat al verloren is

XVI Over het bestraffen van lafheid

XVII. Over sommige ambassadeurs

XVIII. Over de angst

XIX. Over ons geluk moet men pas na onze dood oordelen

XX. Filosoferen is leren om te sterven

XXI. Over de kracht van de verbeelding

XXII. Het profijt van de ene is het verlies van de andere

XXIII. Over de gewoonten, en dat men een verkregen wet niet licht verandert

XXIV. Hoe hetzelfde advies tot verschillende resultaten kan leiden

XXV. Over pedanterie

XXVI. Over de opvoeding van kinderen

XXVII. Het is waanzin om juist en fout van ons oordeel afhankelijk te maken

XXVIII. Over de vriendschap

XXIX. Negenentwintig sonnetten van Étienne de La Boétie

XXX. Over matigheid

XXXI. Over de kannibalen

XXXII. Dat we ons terughoudend moeten bemoeien met de beoordeling van de Goddelijke wetten

XXXIII. Dat we aangaande het leven wellust moeten vermijden

XXXIV. Dat het geluk vaak gevonden wordt in de uitoefening van de rede

XXXV. Over een gebrek in onze regering

XXXVI. Over de gewoonte om kleren te dragen

XXXVII. Over Cato de Jongere

XXXVIII. Dat we wenen en lachen om dezelfde zaak

XXXIX. Over de eenzaamheid

XL. Overwegingen in verband met Cicero

XLI. Niet over iemands eer communiceren

XLII. Over de ongelijkheid die ons scheidt

XLIII. Betreffende wetten over de uitgaven

XLIV. Over de slaap

XLV. Over de Slag om Dreux

XLVI. Over namen

XLVII. Over de onzekerheid van ons oordeel

XLVIII. Over paarden

XLIX. Over oude gebruiken

L. Over Democritus en Heraclitus

LI. Over de ijdelheid van woorden

LII. Over de zuinigheid van de Ouden

LIII. Over een gezegde van Caesar

LIV. Over iijdele subtiliteiten

LV. Over geuren

LVI. Over gebeden

LVII. Over leeftijd

Deel 2

Deel 3