Op 28 februari 1929 werd de Radio Broadcasting Company officieel opgericht. Ten overstaan van de notaris werd de oprichtingsakte verleden, waarmee de juridische en zakelijke basis van de onderneming werd gelegd.
Een cruciaal element bij deze start was de betrokkenheid van de prominente Antwerpse familie de Beukelaer. Dankzij hun aanzienlijke kapitaalinjectie beschikte de firma vanaf de eerste dag over de nodige middelen om haar ambities in de opkomende radiosector te realiseren. Met het vastleggen van de statuten en dit sterke financiële fundament markeert deze dag de feitelijke geboorte van de maatschappij, voorafgaand aan de officiële publicatie in het Staatsblad.
Op 23 maart 1929 verscheen in het Belgisch Staatsblad de officiële oprichtingsakte van de NV Radio Broadcasting Company (R.B.C.), verleden voor notaris Torfs in Antwerpen. De vennootschap werd gevestigd in Tongeren met een startkapitaal van 1,5 miljoen frank, bedoeld voor de exploitatie van radio-omroep, elektriciteit en de toen opkomende televisietechniek. Deze Staatsbladpublicatie legt de zeggenschap vast bij negen beheerders, waaronder staatsminister Alois Van de Vyvere en de Antwerpse ondernemersfamilie De Beukelaer.
De Radio Broadcasting Company (RBC) ontstond uit de technische visie van de familie Delvoie, die vanaf 1928 de productie startte in een Tongerse gieterij met lokaal opgeleid personeel, terwijl kapitaalkrachtige investeerders zoals de familie De Beukelaer in 1929 de officiële financiële basis legden.
Bedrijfsnaam: Radio Broadcasting Company, afgekort R.B.C.
Vennootschapsvorm: Naamloze Vennootschap (N.V.) / Société Anonyme.
Zetel: Tongeren.
Datum van de akte: 28 februari 1929.
Notaris: Mr. Frans-Aloïs Torfs, gevestigd te Antwerpen.
Uit de tekst blijkt dat er een directe link is met een eerdere entiteit uit Luik. De "samenwerkende maatschappij" (coöperatieve) Radio & Broadcasting Company, opgericht in december 1925 in Luik, trad op als een van de mede-oprichters van deze nieuwe N.V. in Tongeren. Dit wijst op een professionalisering of schaalvergroting van de radio-activiteiten in die regio.
Het document lijst een indrukwekkende groep oprichters en aandeelhouders op, wat het belang van dit bedrijf onderstreept:
Eerwaarde Emile-Paul-Hubert Delvoie: Bestuurder van de ambachtsschool van Tongeren.
Aloïs Van de Vyvere: Een zeer zwaarwichtig figuur. Hij was Minister van Staat en advocaat in Brussel (hij wordt hier vertegenwoordigd door Delvoie).
Marcel van Soust de Borckenfeldt: Bestuurder van de maatschappij "Radio-Belgique". Zijn aanwezigheid bevestigt de nauwe banden met de nationale radiopioniers.
De familie De Beukelaer: Meerdere leden van deze bekende ondernemersfamilie (bekend van o.a. de koekjes en Elixir d'Anvers) uit Antwerpen en Ekeren namen deel als investeerders.
Industriëlen uit Luik: Onder wie Jules Hamal en Charles Nagant (bekend van de Nagant-wapenfabrieken en auto's).
Tijdens deze vergadering werden de eerste functionarissen aangesteld:
Voorzitter: Victor de Beukelaar.
Secretaris: Antoine-Marie-Armand-Emile Delvoie (mijningenieur uit Tongeren).
Stemopnemers: Edouard De Beukelaer en August Dillen.
Toezichthouders (Commissarissen): Marcel van Soust de Borckenfeldt en Frans Wuyts (expert-rekenplichtige).
De akte werd op 11 maart 1929 geregistreerd in Antwerpen en op 13 maart 1929 neergelegd bij de griffie van de handelsrechtbank in Antwerpen. Opvallend is dat de vergadering in het Nederlands plaatsvond, maar dat de akte nadien in het Frans werd vertaald voor de officiële publicatie of administratie, wat destijds de standaard was in de Belgische zakelijke wereld.
HET BLIJKT uit eene akte in dato 28 Februari 1929, verleden voor Mter Torfs, notaris te Antwerpen, dat er eene naamlooze maatschappij is gesticht onder de benaming van «Radio Broadcasting Company (verkort R.B.C.) met zetel te Tongeren en ten doel hebbende het uitbaten van alle nijverheids-, handels- en financiële zaken en ondernemingen, inzonderheid die welke verband houden met electriciteit, radio-omroep en radio-nijverheid, televisie, mecaniek en telemecaniek. Duurtijd: 30 jaar. Het maatschappelijk kapitaal bedraagt 1.500.000 fr.
Radio Broadcasting Co.- Hasseltschestraat 37, Tongeren - telefoon 53. Exposeert in stands 78 en 81 op de Eerste Handelsfoor te Tongeren, van 9 tot 16 Sept.
Vlaamsche Radio
Sinds lang reeds was de E. H. Delvoie, bestuurder der Ambachtschool van Tongeren in onderhandeling met vooraanstaande personen van ons land, tot het stichten van een Katholieken Radio. De vergunning werd in 1928 toegestaan en zoo kwam tot stand de kath. Vlaamsche Radio, die in den loop van Oktober zijn uitzendingen zal beginnen en waarvan de inrichtingskosten vier miljoen beloopen. Aan M. Arthur Meulemans, onzen talentvollen toondichter, werd verleden week de muzikale leiding aangeboden. 't Groot orkest dat 's Zondags spelen zal, bestaat uit een dertigtal prijzen van het Conservatorium, terwijl een kleiner orkest in de week concerten zal ten beste geven. Limburg wenscht den heer Meulemans van harte proficiat voor deze vleiende onderscheiding. In den beheerraad als vertegenwoordigers onzer provincie zetelen de 2. E. H. Delvoie en M. Jan Gruyters, Bestendig Afgevaardigde, van Hasselt.
Winkel Radio Roosen-Mombaerts , Kempische poort 1 in Hasselt, Tel. 431. Verkoop van alle merken waaronder ook radio’s van Radio Broadcasting.
10.000 RADIO APPARATEN -R. B. C. tot heden verkocht zonder Reclame.
WAAROM?
Omdat de R. B. C. de fijnste RADIO Is tot heden gekend.
Vraagt gratis PROEFNEMING aan alle ELECTRICIENS.
Dit verbindt U tot niets.
RADIO-BROADCASTING Tongeren
Telefoon 360
RADIO Broadcasting Co N.V., Henisweg 31 Tongeren, Tel. 369
R. B. C. RADIO-TOESTELLEN vanaf 2.250 fr. compleet tot 6.500 fr. Luxe-installatie
R. B. C. PHONO VERSTERKERS vanaf 10 tot 150 Watts voor Cafés tot groote Cinemazalen
R. B. C. RADIO-PHONO COMBINATIE
R. B. C. UW GARANTIEMERK DOOR DEGELIJKHEID EN KWALITEIT
Tongeren
Davidsfonds. Iedereen in onze stad weet dat de E. Heer DELVOIE directeur der Ambachtschool een der pionniers geweest is der Radio, dat hij hierdoor betrekkingen heeft met de grootste uitvinders onzer eeuw, en dat hij ook op Internationale congressen gezaghebbend het woord weet te voeren. Thans houdt hij zich bijzonder onledig met televisie d.w.z. zien op grooten afstand.
't Was dan een zeer goed gedacht van het bestuur van het Davidsfonds den E. H. Delvoie uit te nodigen. hierover een voordracht te geven, waaruit de leden groot nut zouden trekken. Alhoewel het domein, waarop de begaafde spreker zich Dinsdag avond heeft moeten bewegen zeer ingewikkeld is, is hij er toch in geslaagd zijn talrijke toehoorders over deze laatste uitvindingen, een klaar en duidelijk gedacht te geven. Iedereen begreep hoe lichtstralen 't zij duistere of klare door draad en thans ook draadloos kunnen over geseind worden, zoodat photos op verre afstand op 5 minuten tijds kunnen worden weergegeven. Om nu tot de televisie te komen moet men ertoe geraken dit procédé sneller uit te voeren en toe te passen zoodat ditzelfde photozicht in een zestiende van een seconde kan worden weergegeven. Reeds zijn er goede proefnemingen op kleine schaal gebeurd en de toekomst laat ons hopen dat de Heer, de Schepper van al dat wonderbare in de natuur, ons nog zal toelaten dit te mogen zien.
Dat was het slot dier heerlijke voordracht, die gepaard ging met talrijke en documentaire zichten, voor-dracht waarvoor de E. H. Kapelaan Mercken den begaafden leeraar hartelijk dankte in naam van alle aanwewezigen, en tevens de hoop uitdrukte den E. H. Delvoie nogmaals te mogen hooren wanneer nieuwere en betere uitvindingen zouden gevonden wezen.
't Handgeklap dat deze twee sprekers ten deele viel, bewees dat het publiek verrukt en verrijkt in kennissen den zaal van den Volksbond mocht verlaten.
WERKRECHTERSRAAD V. ANTWERPEN
De rechtspositie der bedienden.
De N. V. Radio Broadcasting Co. is veroordeeld geworden tot betaling van 4.800 frank ais schadevergoeding aan haar bediende A. V. G., op grond van onmiddellijke doorzending.
HET RADIOTOESTEL R.B.C.
type 331
IS HET TOESTEL VOOR IEDEREEN HET MOET HET UWE WORDEN
2500 fr.
(kompleet)
R.B.C. type 331
RECHTSTREEKS OP HET LICHTNET
Verzoek: Het verzoek om de status van de palissander kistjes (houten behuizingen) te vernemen. Meer informatie zie brief.
Radio Broadcasting Co. (R.B.C.) Naamloze Vennootschap in Tongeren
Aandeelhouders worden verzocht de gewone algemene vergadering bij te wonen, die zal plaatsvinden op donderdag 24 september om 14.00 uur in het pand aan de Rue des Chevaliers 7 in Tongeren.
AGENDA:
1. Verslag van de raad van bestuur;
2. Rapport van de commissaris;
3. Goedkeuring van de balans en de winst- en verliesrekening per 30 juli 1931;
4. De directie en de commissaris dienen een ontslagbrief te ontvangen.
Aandeelhouders die de vergadering willen bijwonen, worden verzocht hun aandelen uiterlijk vijf werkdagen vóór de datum van de vergadering op het statutaire adres te deponeren.
Voor Radio Broadcasting Co., een naamloze vennootschap,
De algemeen directeur, Em. DELVOIE, Igr.
GROOTE RADIO-EXPOSITIE R.B.C.
Het Huis Rompen, Statielaan 1, te TONGEREN
houdt op dezen oogenblik en tot op Zondag 31 dezer, een prachtige expositie der R. B. C. fabricatie.
Het is waarlijk bewonderenswaardig te bestatigen, hoe de Tongersche Radio Fabriek R.B.C. zich heeft kunnen opwerken tot de degelijkste fabriek van ons land.
Heel leerrijke demonstratie's worden er gegeven over de fabricatie der luidsprekers en over het bouwen der toestellen.
Een bezoek aan deze expositie dringt zich op, aan al wie belang hecht aan mecanische en electrische inrichtingen en die de vooruitgang van eigenlandsche fabrikanten waardeert.
Groote Radio-expositie R. B. C. Het Huis Rompen, Statielaan, 1. te Tongeren.
Houdt op dezen oogenblik en tot op Zondag 31 dezer, eene prachtige expositie der R.B.C. fabricatie, Het is waarlijk bewonderenwaardig te bestatigen, hoe de Tongersche Radio Fabriek R.B.C. zich heeft kunnen opwerken tot de degelijkste fabriek van ons land. Heel leerrijke demonstraties worden er gegeven over de fabricatie der luidsprekers en over het bouwen der toestellen. Een bezoek aan deze expositie dringt zich op, aan al wie belang hecht aan mekanische en electrische inrichtingen en die de vooruitgang van eigenlandsche fabrikanten waardeert.
STERFGEVALLEN Wijlen M. Victor de Beukelaar
M. Victor de Beukelaar, wiens afsterven wij gisteren vermeld hebben, was, zoals wij gezegd hebben, in talrijke ondernemingen betrokken.
Hij was afgevaardigd beheerder der N.V. Fabrieken der Gebroeders de Beukelaar, beheerder der Electrafina, der Electricité de l'Escaut, der Electrique Anversoise, der Autobus Bruxellois, der Usines Gevers, der Sama, der N.V. Radio, der Radio Broadcasting Co, der N.V. Schooten Koningshof en Villa Park, afgevaardigd beheerder van het Finantie- en Administratiekantoor.
De relatie tussen de productie in Tongeren en het commerciële hart in Antwerpen onmiddellijk werd verbroken. De familie De Beukelaer trok zich terug uit de actieve leiding.
K.V.R.O.ers steunen vlaamsche fabrieken en luister op R.B.C. toestellen.
R.B.C. type 12WA, zuivere en krachtige ontvangst.
R.B.C. NV Henisstraat, TONGEREN.
De burgemeester en schepenen van de stad Tongeren maken bekend dat een onderzoek van Commodo en Incommodo is geopend aangaanden de aanvraag van de Naamloze Vennootschap Radio Broadcasting Company te Tongeren, strekkende bemachtigd te worden tot het oprichten van een werkplaats voor het bewerken van metalen in het groot en eener inrichting voor het verven met perslucht op perceel nr. 223 x sectie A.
De personen die hiertegen bezwaar zouden hebben, zijn verzocht hetzelve binnen de veertien dagen te rekenen van heden aan het stadsbestuur in te dienen. Het onderzoek zal gesloten zijn den 1 juni 1932 om 12 uur middags.
Tongeren, 18 mei 1932 De burgemeester Paul Neven en schepenen
De personen en instellingen die aangeschreven werden om al dan niet bezwaar in te dienen :
Naamlooze Maatschappij Fonderies du Geer et du Nord Tongeren
Van Herckenrode-Slegers Lucien Frans Gerard, mijningenieur, Bilzen.
Delvoie-Lamotte Josephus Hubert Dominique, de weduwe en kinderen, rentenierster te Tongeren en Paul Hubert Emiel Delvoie, bestuurder van de Ambachtsschool, Hasseltsestraat Tongeren.
Naamlooze Maatschappij “Raffinerie Tirlemontaise” Tienen.
Steyns-Malmendier Frans Lodewijk, schoenfabrikant, Tongeren.
Clemens-Renaers Theodoor, sigarenmaker, Henisweg Tongeren
Moreas-Thielen Jan Arnold, werkman, Henisweg Tongeren
Guffens-Clemens Martin Jozef Gregoor, dagloner, Henisweg Tongeren.
Van Eyck-Horsmans Martin Willem, bediende, Henisweg Tongeren.
Pulinx-Pulinx Martin André, baanwerker, Henisweg Tongeren
De Marto-Purnal Frederik Hubert en kinderen, assurantieagent Tongeren.
Cancillier-Fredrigo Guiseppe, mozaïkbewerker, Henisweg Tongeren.
Schoubben-Velaers Frans, sigarenmaker, Henisweg Tongeren
Vansloun-Tulleners Andries Leonard, staatsbediende, Tongeren.
Peeters-Peeters Jean Albert, nijveraar, Henisweg Tongeren
Nationale Maatschappij Spoorwegen, Tongeren.
Bij het sluiten van Commodo en Incommodo was er geen enkel bezwaar ingediend. Het schepencollege van Tongeren maakte het technisch bundel over aan de provincie Limburg, die op haar beurt een advies vroeg aan de arbeidsinspectie in Antwerpen. In deze administratie vonden we volgende tekst:
De inrichting heeft voor doel het vervaardigen van radiotoestellen. Te dien einde is er eene werkplaats opgericht waar de volgende machienen voorhanden zijn, drie verschillende draaibanken, twee boormachienen, een vijlmachien, een schaafmachien, een pers van 1 ton en eenige kleine andere machienen. Al deze machienen worden bewogen door een electromotor van 5 P.K.
Het verven met de pistool geschiedt in een afzonderlijk lokaal. Dit lokaal bevat een luchtcompressor bewogen door een electromotor van 2 P. K. De lucht wordt samengeperst in een reservoir van 54 L. inhoud, voorzien van manometer en veiligheidsklep. Daarna wordt de lucht gezuiverd in een toestel dat cokes bevat. Vervolgens komt de lucht in de verfspuit waar de verfstof zich er eenig mee verbindt. De verfstof bestaat uit vernis, cellulose of aluminium bevattende. De verdunning geschiedt bij middel van acetoon.
Eene hoeveelheid van hoogstens 300 L. benzine wordt in de inrichting gebergd en dient voor eigen gebruik.
Een electromotor van 3, 5 P. K. zal gebezigd worden voor de inwerkingstelling van twee persen, een van 20 Ton en een van 12 Ton.
R.B.C. type 8WAD het genot in uw huiskamer.
R.B.C. NV. Henisstraat 31, Tongeren
Elektro-dynam. R.B.C., Type WA (universel) 1250fr, Type G.C. 220V of 110V 850fr.
De eenige Vlaamsche Luidspreker
In 1932 startte R.B.C. een katholieke radiozender in Tongeren, maar een verboden aankondiging voor de Kroningsfeesten leidde tot een klacht van een concurrent. Vanwege deze overtreding van de strikte reclamewetgeving nam de overheid alle apparatuur in beslag, wat het definitieve einde betekende voor de lokale omroep.
RADIO BROADCASTING Co NV. in TONGEREN
Buitengewone Algemene Vergadering KENNISGEVING VAN BIJEENKOMST
Aandeelhouders worden verzocht de buitengewone algemene vergadering van onze vereniging bij te wonen, die zal plaatsvinden op woensdag 29 juni 1932 om 15.00 uur in Tongeren, 7, rue des Chevaliers.
AGENDA:
1. Vermindering van het aandelenkapitaal tot een bedrag van 1,5 miljoen frank tot 1 miljoen frank, omzetting van de aandelen in sociale aandelen met waardebepaling, en verhoging van het aandelenkapitaal tot een bedrag van 1 miljoen tot 4,5 miljoen frank door de creatie van 7.000 preferente aandelen van 500 frank per stuk, die bij winstuitkering recht geven op een dividend van 5 procent en een superdividend.
2. Mogelijke uitgifte van zevenduizend preferente aandelen van 500 frank per stuk en onmiddellijke vrijgave van maximaal een vijfde van deze aandelen, waarbij deze aandelen vanaf 1 juli 1932 de hierboven bepaalde rechten en voordelen genieten in verhouding tot het aantal vrijgegeven aandelen.
3. Mogelijk een verlaging van het aandelenkapitaal tot één miljoen frank en een omzetting van de aandelen in aandelen zonder waardeaanduiding.
4. Wijzigingen in diverse artikelen van de statuten om deze in overeenstemming te brengen met de genomen besluiten. Aandeelhouders die deze vergadering willen bijwonen, worden verzocht hun aandelen vóór 25 juni op het statutaire adres te deponeren.
Namens Radio Broadcasting Co., NV., de algemeen directeur, E, DELVOIE.
DE MIS “DA РАСЕМ” VAN ARTHUR MEULEMANS.
Uitvoering Zondag, te Tongeren van Bij gelegenheid der Kroningsfeesten zal in de Basiliek O.L. Vrouw te Tongeren, de Pontificale Hoogmis, beide Zondagen om negen u. opgeluisterd worden door het mannenkoor O.L. Vr., dat de heerlijke mis «Da Pacem Arthur Meulemans zal vertolken.
Deze uitvoering zal worden uitgezonden, op 10 Juli, door de K.V.R.O. op Vlaamsche golflengte 337 meters.
6de Radio Salon: Het hoog bezoek van Z. Exc. Minister Dierckx aan de R.B.C.-stands
De heer Minister van P.T.T. heeft de stands der R.B.C.-fabrieken, N.V. te Tongeren, door zijn bezoek vereerd. Hij werd er bijzonder geïnteresseerd door de prachtige radiocentrale, die er onder meer tentoongesteld wordt. Ing. Delvoie, bedrijfsleider der R.B.C., vestigde de aandacht van den heer Minister op het radio-distributie-bedrijf, dat, pas in voege in België, met reuzenschreden vooruit gaat.
De R.B.C.-fabrieken hebben op dat nieuwe gebied van het radiobedrijf niet willen ten achter blijven tegenover vreemde firma's. Zij is er in gelukt een model-centrale te bouwen, die aan alle eischen der techniek en der praktijk ten volle beantwoordt.
Het K.F.-systeem, dat in deze model-centrale toegepast werd, is in hoofdzaak hierop gebaseerd, dat eenerzijds, eender welke versterker op eender welke groep van het distributienet, en anderzijds, eender welke ontvanger op eender welken versterker kan geschakeld worden. Dit heeft voor gevolg dat, op ieder oogen-blik, voor elk der doorgegeven programma's, de aanpassing, naar de vraag der luisteraars, zeer gemakkelijk gebeurt en dat de versterkers aldus steeds met hun grootst mogelijke rendeering gebruikt worden.
De heer Minister wenschte de R.B.C.-leiders geluk voor deze prachtige en volmaakte uitvoering van een zeer ingewikkeld en nieuw probleem van het radiobedrijf. Hij vroeg nog verderen uitleg over de tentoongestelde ontvangtoestellen en electrodynamische luidsprekerssystemen, waarover R.B.C. met zooveel redenen fier is.
R.B.C. bewijst alweer, bij dit prachtig radiosalon, aan de spits der Belgische Radiofabrieken te willen blijven. Al wie belang hecht aan den vooruitgang der radio, zal dan ook een bezoek brengen aan de stands 63 tot 65 der R.B.C.-fabrieken.
NV RADIO BROADCASTING Co. in Tongeren.
Algemene vergadering
Aandeelhouders worden verzocht de gewone algemene vergadering van ons bedrijf bij te wonen, die zal plaatsvinden in Tongeren, 7, rue des Chevaliers, op 22 september om 14.00 uur.
AGENDA:
1. Verslag van de raad van bestuur en het college van commissarissen;
2. Goedkeuring van de balans en de winst- en verliesrekening per 30 juni 1932;
3. Declaratie dient te worden afgegeven aan de beheerders en de commissaris;
4. Diversen.
Aandelen aan toonder moeten vijf dagen vóór de vergadering op het statutaire adres worden gedeponeerd.
De algemeen directeur, Em. DELVOIE.
Allo! Allo!!
Radio Broadcasting Co
verleent een buitenkansje aan alle radioliefhebbers die het RadioSalon, niet hebben kunnen bezoeken, te Brussel, vanaf Zaterdag, 17 September aanst. tot Zondag, 25 September
GROOTE TENTOONSTELLING
der RBC-producten,
HUIS ROMPEN Statielaan, 2 TONGEREN
R.B.C. Superbandfilters 33- Het reuzensukses van het Radio Salon.
INGANG VRIJ
RADIO BROADCASTING Co S.A. in TONGEREN
(vastgesteld op 28-2-1929, besluit van het Belgisch Staatsblad, nr. 3287 van 22-3-1929)
OPROEPING
Aandeelhouders worden verzocht de buitengewone algemene vergadering bij te wonen, die zal plaatsvinden op vrijdag 10 februari om 14.00 uur in het pand aan de Rue des Chevaliers 7 in Tongeren.
AGENDA:
1. Omzetting van de 3000 aandelen, die momenteel het aandelenkapitaal vertegenwoordigen, in 3000 sociale aandelen zonder waardeaanduiding;
2. Verhoging van het kapitaal van 1.500.000 frank naar 4.000.000 frank.
Tot 500.000 frank in 1500 aandelen zonder vastgestelde waarde, volledig volgestort, als vergoeding voor inbreng:
Tot 2.000.000 frank door de uitgifte van 6.000 aandelen zonder waardeaanduiding, tegen een koers van 333,33 frank per aandeel, waarvan tot 50% direct betaald moet worden;
3. De creatie van 5250 oprichtersaandelen zonder vastgestelde waarde, waarvan er één wordt uitgegeven voor elke twee nieuwe aandelen die in contanten worden ingeschreven. De overige 2250 aandelen worden verdeeld volgens specifieke overeenkomsten tussen verschillende partijen. Deze aandelen geven de houder tevens recht op één stem per stuk op de algemene vergadering;
4. Wijzigingen in de statuten met betrekking tot:
De beslissingen die zijn genomen met betrekking tot de verhoging.
De vervanging van woorden aandelen door maatschappelijke aandelen zonder nominale waarde.
Distributie:
a) In geval van winst. Art. 32. Verwijder paragraaf 2, punten 2, 3 en 4, en vervang deze door:
2. Vijftien ten honderd voor de beheerders en toezichters, derwijze onder hen te verdelen, dat ieder toezichter. zoude ontvangen het derde deel der zoveelste aan een beheerder toekomende;
3. Het saldo zal, op voorstel van den beheerraad, verdeeld worden tusschen de aandeelhouders in de volgende verhoudingen:
70% voor de houders van maatschappelijke aandelen zonder nominale waarde, prorata temporis en evenredig het afgeloste bedrag.
30% voor de houders van stichters-aandelen.
Het saldo kan ook, op voorstel van den beheerraad en met goedkeuring der algemene vergadering, in zijn geheel of gedeeltelijk op een voorzienigheid fonds worden gebracht of op het volgende dienstjaar worden overgedragen.
b) In geval van liquidatie, artikel 35. Vervang de woorden al de aandelen door al de maatschappelijke aandelen zonder nominale waarde.
D. De uitbreiding van het bedrijfsdoel, in de volgende bewoordingen toe te voegen aan artikel 3, lid 1. En radio, zoowel als alle andere geluidsverspreiding tevens televisie enz... het plaatsen en exploiteren van de netten en installaties, die daarbij te pas komen, en de handel in, verhuur enz.., van alle toestellen die gebruikt worden of kunnen worden voor de ontvangst en de verspreiding van ethergolven en verder alle zaken die daarmee in verband kunnen staan.
E. Diverse tekstwijzigingen.
5. De bevoegdheid wordt verleend aan de raad van bestuur voor de uitvoering van genomen beslissingen, met name met betrekking tot de kapitaalverhoging.
6. Mogelijke benoeming van nieuwe bestuurders en commissarissen.
Aandeelhouders die deze vergadering willen bijwonen, worden verzocht hun effecten uiterlijk vijf dagen vóór de vastgestelde datum op het statutaire adres te deponeren.
Namens de NV R.B.C.. De algemeen directeur: Em. DELVOIE.
Hun komst bracht niet alleen vers kapitaal, maar ook een nieuwe strategische visie op radiodistributie die zij meebrachten uit Nederland. Deze versterking was de directe aanleiding voor de beslissing die enkele maanden later zou volgen: de definitieve zetelverplaatsing naar Leuven om daar de distributieactiviteiten grootschalig uit te bouwen.
Datum vergadering: 10 februari 1933.
Locatie: Ridderstraat 7, Tongeren (het huis van Emile Delvoie).
Notaris: Mr. Auguste Van Ormelingen (Tongeren).
Publicatie: Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, 25 februari 1933.
De kern van deze documenten is een substantiële verhoging van het kapitaal om de groei van het bedrijf te financieren:
Het kapitaal wordt verhoogd van 1.500.000 frank naar 4.000.000 frank.
Dit gebeurt door de uitgifte van nieuwe aandelen. Een deel hiervan is bestemd voor "inbreng in natura" (bijv. apparatuur of licenties) en een groot deel voor contante inschrijving.
Er worden tevens 5.250 stichtersaandelen gecreëerd.
Een zeer opmerkelijk punt in deze akte is de uitbreiding van het maatschappelijk doel (Article 3). De tekst wordt aangepast om de toekomst veilig te stellen:
"In radio, zoowel als alle andere geluidsverspreiding tevens televisie en zoo voorts..."
Het is fascinerend om te zien dat de R.B.C. in 1933 al officieel de intentie vastlegt om zich bezig te houden met televisie, een technologie die toen nog in de experimentele kinderschoenen stond. Ze wilden niet alleen uitzenden, maar ook handelen in, verhuren van en installeren van alle toestellen die "ethergolven" konden ontvangen.
De vergadering benoemt twee nieuwe invloedrijke bestuurders uit Nederland (Den Haag), wat wijst op internationale belangstelling of kapitaal:
Alwin Foyer: Industrieel uit Den Haag.
Louis Geradt: Bankier uit Den Haag.
Zij voegen zich bij de bestaande kern van oprichters zoals Jules Hamal (Luik) en Emile Delvoie (Tongeren).
Aandelen zonder nominale waarde: De oude aandelen met een vaste guldens- of frankwaarde worden omgezet in "maatschappelijke aandelen zonder nominale waarde". Dit gaf het bedrijf meer financiële flexibiliteit.
Winstverdeling: De statuten worden verfijnd: 15% van de winst gaat naar de beheerders en toezichthouders, 70% naar de gewone aandeelhouders en 30% naar de houders van stichtersaandelen.
Analyse kapitaalverhoging Radio Broadcasting Company
Datum akte: 15 juni 1933.
Locatie: Ridderstraat 7, Tongeren.
Notaris: Mr. Auguste Van Ormelingen.
Publicatie: Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, 5 juli 1933 (3e trimester).
Een cruciaal onderdeel van deze akte is de beloning voor intellectueel eigendom en technisch werk. Er worden 1.500 aandelen toegekend aan de heren Emile Delvoie (de mijningenieur) en Emile Delvoie (de priester/directeur van de vakschool) samen.
Waarom kregen zij deze aandelen?
De tekst specificeert dat dit de vergoeding is voor hun:
"Travaux, études, plans" (werken, studies en plannen).
Met het oog op de "mise au point" (fijnstelling) en de eventuele exploitatie van radiodistributie.
Dit is historisch interessant: het bedrijf focuste dus niet alleen op uitzenden via de ether, maar onderzocht ook radiodistributie via de kabel (een vroege voorloper van onze huidige kabeltelevisie/internet).
De kapitaalsverhoging van 2,5 miljoen frank werd als volgt concreet ingevuld door de aanwezige bestuurders:
Aandeelhouder / Aantal nieuwe aandelen / Achtergrond
Alwin Foyer & Louis Geradt / 4.500 / De Nederlandse investeerders (Den Haag).
Eerwaarde Emile Delvoie / 800 / Directeur vakschool Tongeren.
Emile Delvoie (Ingenieur) / 350 / Mijningenieur uit Tongeren.
Charles Nagant / 350 / Industrieel uit Luik.
In totaal werd hiermee de verhoging naar een kapitaal van 4.000.000 frank (vertegenwoordigd door 10.500 aandelen zonder nominale waarde) volledig afgerond.
De inschrijvers hebben onmiddellijk 50% van het bedrag gestort (één miljoen frank aan contanten was direct beschikbaar voor de vennootschap).
De kosten voor deze hele operatie (notaris, registratie, publicatie) werden geschat op 45.000 frank.
De registratierechten bij de fiscus bedroegen 37.500 frank, een aanzienlijk bedrag dat de omvang van de transactie bevestigt.
Datum vergadering: 15 juni 1933 (direct volgend op de vorige akte).
Locatie: Ridderstraat 7, Tongeren.
Notaris: Mr. Auguste Van Ormelingen.
Publicatie: Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, 5 juli 1933, nummer 9881.
Het eerste agendapunt dat unaniem werd goedgekeurd, is zeer ingrijpend:
Verplaatsing van de maatschappelijke zetel: De zetel van de vennootschap wordt verplaatst van Tongeren naar Leuven (Louvain).
Dit duidt er vaak op dat het bedrijf dichter bij een academisch centrum (de universiteit voor technische expertise) of een centralere geografische locatie in België wilde opereren.
Het meest technische en strategische besluit is de overdracht van een deel van de activiteiten (Punt 3 van de dagorde):
R.B.C. besluit een deel van haar activa en passiva die betrekking hebben op de fabricage van en handel in radio-elektrische toestellen over te dragen naar een nieuwe naamloze vennootschap.
Kapitaal van de nieuwe firma: 1.000.000 frank.
Vergoeding: R.B.C. ontvangt voor deze inbreng 900.000 frank aan volledig volgestorte aandelen in die nieuwe vennootschap.
Door deze operatie verandert de aard van de oorspronkelijke R.B.C.:
De oorspronkelijke vennootschap (nu in Leuven) lijkt meer een moederbedrijf of holding te worden die de intellectuele eigendom en de uitzendrechten beheert.
De nieuwe vennootschap wordt de operationele en commerciële tak die zich specifiek richt op de productie en verkoop van radio-apparatuur.
De heren Emile Delvoie (de ingenieur uit Tongeren) en Alwin Foyer (de investeerder uit Den Haag) worden afgevaardigd om namens R.B.C. te verschijnen bij de oprichtingsakte van deze nieuwe vennootschap. Dit bevestigt de nauwe band tussen de technische man uit Tongeren en het Nederlandse kapitaal.
Datum besluit: 15 juni 1933.
Locatie: Leuven (de nieuwe zetel).
Publicatie: Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, 5 juli 1933.
Kern: Verschuiving van de dagelijkse leiding en bepaling van de tekenbevoegdheid.
De belangrijkste verschuiving vindt plaats in de top van het bestuur:
Ontslag: De heer Emile Delvoie (de priester/directeur uit Tongeren) neemt ontslag uit zijn functie van afgevaardigd bestuurder (administrateur délégué), een rol die hij sinds de oprichting in 1929 bekleedde.
Benoeming: De heer Alwin Foyer (de industrieel uit Den Haag) neemt deze functie over.
Analyse: Dit bevestigt dat de macht binnen R.B.C. definitief is verschoven naar de grote investeerders uit Nederland. De familie Delvoie blijft echter essentieel voor de operaties.
Hoewel de "politieke" leiding naar Foyer gaat, krijgt de technische man uit de familie de touwtjes in handen voor de dagelijkse gang van zaken:
Emile Delvoie (de ingenieur) wordt benoemd tot Directeur-Gerant.
Hij krijgt de volledige controle over de "gestion journalière" (het dagelijks beheer).
Het tweede document bevat een gedetailleerde lijst van wat de Directeur-Gerant (Delvoie) allemaal mag doen zonder telkens toestemming te vragen aan de raad van bestuur:
Financieel: Hij mag contracten tekenen, aankopen doen, huren en verkopen tot een waarde van 50.000 frank. Voor bedragen daarboven is ook de handtekening van de afgevaardigd bestuurder (Foyer) vereist.
Personeel: Hij mag personeel aanwerven en ontslaan.
Administratief: Hij vertegenwoordigt de firma bij de overheid, mag post ophalen, cheques tekenen en bankverrichtingen uitvoeren.
R.B.C. type CLASSIC 33 Superbandfilter - 7 lampen voor gelijk- en wisselstroom.
Volmaakte selectiviteit - klankreine weergave en storingsvrij.
R.B.C. NV Henisstraat 31, TONGEREN
R.B.C. type RECORD 33. Het genot in uw huiskamer.
PRIJS: 2600 Frank.
R.B.C. NV Henisstraat 31, TONGEREN
ALLO! ALLO!
RADIO BROADCASTING Co.
Verleent een buitenkansje aan alle radioliefhebbers die het Radio-Salon, niet hebben kunnen bezoeken, te Brussel, vanaf Zaterdag, 17 September aanst. tot Zondag, 25 September
GROOTE TENTOONSTELLING van R. B. C. PRODUKTEN,
HUIS ROMPEN Statielaan, 2 -TONGEREN
R.B.C. Superbandfilters 33- Het reuzensukses van het Radio Salon.
INGANG VRIJ
NV Radio Broadcasting Company in Tongeren
OPROEPING
Aandeelhouders worden verzocht de buitengewone algemene vergadering van ons bedrijf bij te wonen, die zal plaatsvinden in Hendra, Tongres, 7, rue des Chevaliers, op donderdag 15 juni om 10.00 uur.
AGENDA:
1. Verplaatsing van de statutaire zetel;
2. Uitvoering van de kapitaalverhoging van 1.500 frank naar 4.000.000 frank, zoals besloten op 1 van vorig jaar;
3. Een deel van de activa en passiva van de vennootschap met betrekking tot de fabricage en handel in radio-elektrische apparatuur toewijzen aan een nieuwe naamloze vennootschap, waarvan het kapitaal vastgesteld zou worden op 1.000.000 frank. Deze bijdrage zou worden vergoed door de levering van 900.000 frank aan volledig volgestorte effecten.
4. De raad van bestuur krijgt de bevoegdheid om deze bijdrage te leveren onder de voorwaarden die door de vergadering zijn vastgesteld.
De algemeen directeur: E. DELVOIE.
Door de economische crisis verhuisde de zetel naar Leuven om zware verliezen op te vangen. In Leuven focuste men op radiodistributie, terwijl de productie in Tongeren bleef onder een nieuwe zustermaatschappij. Ondanks de financiële problemen bleef het bedrijf pionieren met nieuwe technieken en deelnames aan radiosalons.
Voor meer informatie Radio Belgian Corporation NV
Onze Limburgsche radio nijverheid,
Wij vernamen dezer dagen uit Brussel dat Ingenieur Delvoie, afgevaardigde beheerder Radio Broadcasting Co. N.V. te Tongeren Woensdag, tot voorzitter benoemd werd van het verbond der Belgische Radio-nijveraars. Dit verbond verenigt. 35 Belgische fabrieken van radiotoestellen of van radiomateriaal.
In de jaren 30 van de vorige eeuw was de radio het kloppend hart van de huiskamer. Het was een venster op de wereld, een luxe-item dat met zorg werd uitgekozen. Dit verhaal begint op 15 november 1933, wanneer de heer Goedermans, een rijkswachter uit Genk, een aanzienlijke investering doet bij de lokale handelaar Gorissen Lambert in Vucht.
Opening der handelsfoor van Deurne.
De stand van RADIO BROADCASTING CORPORATION N.V., Tongeren. Radio's R.B.C. trekt bijzonder de aandacht, Eveneens werd ons medegedeeld, dat deze Firma voor de buitenmuziek zorgt. Vertegenwoordiger voor Antwerpen en de beide Vlaanderen M. Pletinck, Kleine Beerstraat, 33, Antwerpen.
Het zesde Radio-Salon te Brussel.
Vaklieden hebben kunnen opmerken dat de buitenlandsche producten van groote technische kwaliteit waren, niettegenstaande de Belgische fabrikanten, zooals S. B. R., Philips, Bell-Telephone, R. B. C., R. R. Radio-Itax, en andere, zich hardnekkig en met goeden uitslag wisten te verdedigen.
Brief van de gemeente Herverlee aan hun inwoners voor bezwaren tegen het aanleggen van radiodistributie door Radio Broadcasting Co.
SOCIETE ANONYME RADIO BROADCASTING Cy A LOUVAIN
Aandeelhouders worden opgeroepen voor de gewone algemene vergadering die zal plaatsvinden op 27 september om 14.00 uur, boulevard de Tirlemont 168, te Leuven.
AGENDA:
1. Verslagen van de Raad van Bestuur en het College van Commissarissen. Balans en winst- en verliesrekening per 30 juni 1934;
2. Ontslag van de directeuren en commissarissen;
3. Wettelijke benoemingen.
Direct na deze vergadering zal een buitengewone algemene vergadering worden gehouden, waarin de volgende punten aan de orde zullen komen:
1. Voorstel om het aandelenkapitaal te verlagen van 4.000.000 frank naar 2.835.000 frank door afschrijving van verliezen ten bedrage van 1.165.000 frank.
2. Mogelijke wijziging van de statuten als gevolg van de beslissing genomen over het eerste punt:
A l'art. 5, al. 1, les mots vier millioen frank, seront remplacés < twee millioen acht honderd vijf en dertig duizend frank ».
De effecten moeten uiterlijk 21 september worden gedeponeerd op het hoofdkantoor van de onderneming, boulevard de Tirlemont 15.
Het belangrijkste besluit in deze akte is de vermindering van het maatschappelijk kapitaal:
Het kapitaal wordt teruggebracht van 4.000.000 frank naar 2.835.000 frank.
De reden: Het aanzuiveren van een verlies van maar liefst 1.165.000 frank.
Dit verlies kwam niet onverwacht als we kijken naar de balans uit uw vorige vraag (waar enorme investeringen in het netwerk en de centrale stonden). Het bedrijf had simpelweg te veel geld uitgegeven aan technologie en infrastructuur (zoals de "radio-distributie" en "televisie-studies") voordat er voldoende inkomsten tegenover stonden. Door het kapitaal te verminderen, kon het verlies boekhoudkundig worden "weggestreept" om de balans weer gezond te maken.
De lijst met aanwezige aandeelhouders toont wie er op dit moeilijke moment nog aan boord is:
Charles Nagant (Luik): Hij is nu een van de grootste spelers met 2.020 gewone aandelen en 1.000 stichtersaandelen.
De familie Delvoie (Tongeren): Priester Emile en ingenieur Emile behouden een aanzienlijk belang (ca. 2.400 aandelen samen), wat hun blijvende betrokkenheid bij hun levenswerk bevestigt.
Opvallend: De grote Nederlandse investeerders (Foyer en Geradt) worden in deze specifieke lijst van aanwezigen niet met hun volledige pakket genoemd, wat kan duiden op een verschuiving van de macht terug naar de Belgische kern.
In het document wordt expliciet vermeld dat de tekst van de statuten wordt aangepast: de woorden "vier millioen franks" worden officieel vervangen door "twee millioen achthonderd vijf en dertig duizend franks". Dit was een formele vereiste om weer conform de wet te handelen.
Het jaar 1934 was een crisisjaar, niet alleen voor dit bedrijf maar voor de hele wereldeconomie (de naweeën van de Grote Depressie). Voor een innovatief bedrijf als R.B.C. was het overleven geblazen. De kapitaalvermindering was een klassieke "sanering": het bedrijf maakte zichzelf kleiner en lichter om een faillissement te voorkomen.
Staatsblad verklaring van de gebruikte termen
De balans per 30 juni 1934 geeft een uniek kijkje in de bezittingen van het bedrijf:
Activa (Bezittingen): Het bedrijf heeft voor meer dan 2 miljoen frank geïnvesteerd in "Réseau, centrale, concession et étude" (Netwerk, centrale, concessie en studie). Dit bevestigt hun focus op de uitbouw van een fysiek distributienetwerk.
Vastgoed: Ze bezitten een gebouw ter waarde van ruim 538.000 frank.
Portefeuille: Er is een post van 900.000 frank, wat waarschijnlijk de aandelen zijn in de commerciële dochteronderneming die in 1933 werd opgericht.
Resultaat: Ondanks het grote kapitaal boekt het bedrijf een verlies van 1,3 miljoen frank. In deze fase van een technologiebedrijf (vroege radio/televisie) is dat niet ongebruikelijk: de investeringskosten (amortissements) waren enorm.
Er vindt een opmerkelijke wisseling plaats in de Raad van Bestuur:
Generaal Henri-Victor Maglinse wordt de nieuwe Voorzitter. Hij was een gepensioneerde luitenant-generaal en voormalig Chef van de Generale Staf van het Belgische leger.
Hij vervangt baron de Waha Baillonville.
Analyse: Het aanstellen van een figuur als Maglinse was een strategische zet. In de jaren '30 was de radio-ether politiek en militair gevoelig terrein. Een generaal als voorzitter gaf het bedrijf een aura van nationale betrouwbaarheid en gewicht in onderhandelingen met de overheid (het N.I.R.).
In het "College van Commissarissen" zien we een zeer interessante naam:
Marcel van Soust de Borkenfeldt wordt herkozen, maar nu met de titel: Directeur-Generaal van het N.I.R. (het huidige VRT/RTBF).
Dit bewijst dat R.B.C. geen kleine buitenstaander was, maar nauwe banden onderhield met de top van de nationale openbare omroep.
Ondanks de verhuizing naar Leuven en de komst van nationale kopstukken, blijft de operationele leiding in handen van de vertrouwde gezichten:
Alwin Foyer (Den Haag) als afgevaardigd bestuurder.
Emile Delvoie (Tongeren) als directeur-gerant, nu met kantoor aan de Boulevard du Dix-Huit Août in Leuven.
Ook de Luikse industriëlen Hamal en Nagant blijven aan boord.
R.B.C. bood met haar radiodistributie in Leuven een storingsvrij alternatief voor eigen toestellen, waarbij abonnees voor één frank per dag via een kabelnetwerk toegang kregen tot vier zenders.
Deze innovatieve service diende als cruciale overlevingsstrategie die de oorlog overleefde en de basis legde voor de moderne kabeldistributie.
Staatsblad verklaring van de gebruikte termen
De R.B.C. was een naamloze vennootschap (société anonyme) gevestigd in Leuven, opgericht op 28 februari 1929 in Tongeren. De documenten betreffen de verslaglegging van de gewone algemene vergadering van 26 september 1935, met de balans over het boekjaar eindigend op 30 juni 1935.
De cijfers schetsen een beeld van een bedrijf dat door een financieel zeer moeilijke periode ging en een aanzienlijke kapitaalvermindering moest doorvoeren om verliezen op te vangen.
Kapitaalvermindering: Er is een post "Diminution du capital" van 1.165.000 frank (27 september 1934). Dit wijst erop dat het kapitaal werd afgestempeld om de enorme overgedragen verliezen uit het voorgaande boekjaar (1933-1934), die maar liefst 1.303.338,03 frank bedroegen, weg te werken.
Activa (Bezit):
Onroerend goed: Gebouwen met een waarde van 349.582,62 frank, waarvan reeds 49.582,62 frank is afgeschreven (netto 300.000 frank).
Netwerk en centrale: De grootste post op de balans is het "Réseau et centrale" ter waarde van 1.933.206,69 frank. Dit vertegenwoordigt waarschijnlijk de zendapparatuur en de infrastructuur van de omroep.
Portefeuille: Een investeringsportefeuille van 450.000 frank die volledig is afgeschreven ("pr mémoire"), wat duidt op waardeloze beleggingen of dochterondernemingen.
Passiva (Schulden en Eigen Vermogen):
Het maatschappelijk kapitaal staat na de vermindering op 2.835.000 frank.
Er is een aanzienlijke hypotheekschuld van 131.661,25 frank.
Resultaat: Het boekjaar 1934-1935 sloot opnieuw af met een verlies (Perte) van 735.000 frank, ondanks "diverse ontvangsten" van 506.342,93 frank.
De algemene vergadering nam enkele belangrijke besluiten:
Herverkiezing: Henri-Victor Maglinse (gepensioneerd luitenant-generaal) en Louis Geradts werden herkozen als bestuurders.
Ontslagen: Alwin Foyer (bestuurder) en Marcel van Soust de Borkenfeldt (commissaris) namen ontslag om "persoonlijke redenen".
Samenstelling Raad van Bestuur: De raad bestond uit een mix van militairen en industriëlen uit Brussel, Tongeren, Luik en zelfs één lid uit Amsterdam (Englebert du Croo). Dit wijst op een breed, maar ook geografisch verspreid aandeelhouderschap.
Dagelijks beheer: Emile Delvoie (civiel mijningenieur) trad op als de afgevaardigd bestuurder-directeur (administrateur-directeur gérant).
Het hoofddoel van deze vergadering was een ingrijpende balanssanering.
De Operatie: Het maatschappelijk kapitaal werd verlaagd van 2.835.000 frank naar 2.100.000 frank.
Doel: Een vermindering van 735.000 frank (exact het verlies dat we op de vorige balans zagen). Dit geld werd gebruikt om de opgestapelde verliezen af te schrijven ("amortissement de pertes") en een reservefonds aan te leggen.
Statutenwijziging: Artikel 5 van de statuten werd officieel aangepast om dit nieuwe, lagere kapitaal te reflecteren.
De documenten geven een zeldzaam gedetailleerd overzicht van de aanwezige aandeelhouders. Er waren twee soorten effecten: maatschappelijke aandelen (parts sociales) en oprichtersaandelen (parts de fondateur).
Aandeelhouder / Maatschappelijke aandelen / Oprichtersaandelen / Totaal stemmen
Louis Geradts / 2.400 / 2.150 / 4.550
Emile Delvoie (Ingenieur) / 1.391 / 850 / 2.241
Emile Delvoie (Abbaye/Abt) / 190 / 154 / 344
Overige bestuurders* / 80 / 0 /80
TOTAAL AANWEZIG / 4.061 / 3.154 / 7.215
*De overige bestuurders (Nagant, Maglinse, Hamal, Stevens) bezaten elk slechts een symbolische 20 aandelen om hun mandaat te mogen uitoefenen.
Dominantie van de familie Delvoie & Geradts: Louis Geradts was de absolute grootmachthebber. Interessant is dat zijn stemrecht werd beperkt door artikel 24 van de statuten: hij mocht niet meer dan 1/5e van de uitgegeven aandelen of 2/5e van de aanwezige stemmen vertegenwoordigen. Zonder die regel had hij de volledige controle.
De rol van de "Abt": Er wordt melding gemaakt van M. l'abbé Emile Delvoie uit Tongeren. Dat een geestelijke een van de grootste aandeelhouders was van een commerciële radio-omroep in de jaren '30, benadrukt de verzuiling en de sterke band tussen de kerk en de vroege media in België.
Formele procedure: De vergadering vond plaats voor notaris Alban Rooman in Leuven (Boulevard de Tirlemont 168). De publiciteit voor deze vergadering werd breed gevoerd in het Belgisch Staatsblad, Le Messager de Bruxelles en La Cote libre.
Deze twee brieven vormen samen een korte briefwisseling tussen een lokale Leuvense vereniging en de Radio Broadcasting Company (RBC) uit augustus 1937.
Financiële Analyse 1937, Radio Broadcasting Company.
In vergelijking met 1935 zien we een bedrijf dat probeert de tering naar de nering te zetten, maar nog steeds worstelt met de lasten uit het verleden.
Kapitaal en Reserves: Het maatschappelijk kapitaal staat nu vast op 2.100.000 frank (het niveau na de sanering van 1935). Opvallend is dat er een "Prélèvement" (opname) van 100.000 frank is gedaan uit het reservefonds om de verliezen te dekken.
Activa (Bezit): * Réseau, centrale, études: De waarde van de zendinfrastructuur en technische studies is gestegen naar 2.056.016,09 frank (bruto), maar er is nu ook een forse afschrijving van 256.254,81 frank op toegepast. Dit toont aan dat het materiaal veroudert of dat de boekhoudkundige voorzichtigheid is toegenomen.
Voorraden: Er is een post "Marchandises" van 77.106,90 frank, wat suggereert dat R.B.C. mogelijk ook handelde in radiotoestellen of onderdelen.
Passiva (Schulden): De hypotheekschuld is licht gestegen naar 142.400 frank, wat wijst op een aanhoudende behoefte aan externe financiering.
De "Compte de pertes et profits" laat zien dat de bloeding is gestelpt, maar dat er nog geen sprake is van echte bloei:
Recettes (Inkomsten): De diverse ontvangsten bedragen 658.744,10 frank. Dit is aanzienlijk, maar niet genoeg om alle kosten te dekken.
Solde (Verlies): Het jaar sluit af met een overgedragen verlies van 204.664,83 frank. Hoewel dit veel minder is dan de miljoenenverliezen van vóór 1935, is het bedrijf nog steeds niet winstgevend.
De kern van het bestuur blijft nagenoeg ongewijzigd, wat duidt op een loyale groep investeerders die de rit uitzitten:
Réélection: Emile Delvoie en Charles Nagant werden herkozen als bestuurders.
Raad van Bestuur: De bekende namen keren terug: Generaal Maglinse (voorzitter), de ingenieurs Delvoie en Du Croo, en de industriëlen Hamal, Nagant, Stevens en Geradts.
De documenten uit het Belgisch Staatsblad (oktober 1938) tonen de balans van de Radio Broadcasting Company (R.B.C.) zoals goedgekeurd op de algemene vergadering van 22 september 1938.
De firma bevond zich op dat moment in een precaire financiële situatie. Ondanks een substantiële omzet van ruim 700.000 frank, sloot het bedrijf af met een gecumuleerd verlies van 211.662,18 frank. Dit verlies werd veroorzaakt door hoge exploitatiekosten en aanzienlijke afschrijvingen op het netwerk en de centrale (294.414,83 frank). Opmerkelijk is dat de raad van bestuur tijdens deze vergadering ook akte nam van het ontslag van bestuurder M. de Croo, waarbij werd besloten hem niet te vervangen. De activa bestaan voor het grootste deel uit infrastructuur (netwerk en centrale), maar de liquiditeitspositie is krap in verhouding tot de uitstaande schulden en de lopende verliezen.
Radio Broadcasting Company NV te Leuven Verlies 1937-38: 211.662,18 fr
De vergadering vond plaats op het hoofdkantoor aan de Boulevard de Tirlemont 168 (Tiensevest) in Leuven, onder leiding van notaris Jean-Félix Peeters.
Voorzitter: Henri-Victor Maglinse (gepensioneerd luitenant-generaal).
Secretaris: Emile Delvoie (mijningenieur).
Doel: Beslissen over een aanzienlijke vermindering van het maatschappelijk kapitaal.
Het document geeft een interessant overzicht van de belangrijkste spelers in het bedrijf:
Naam / Functie/Beroep / Sociale Delen / Oprichtersaandelen
Louis Geradts / Beheerder (Schaarbeek) / 3.600 / 2.000
Emile Delvoie / Directeur vakschool (Tongeren) / 1.300 / 600
Emile Delvoie / Mijningenieur (Tongeren) / 360 / 180
Charles Nagant / Industrieel (Luik) / 20 / -
H.V. Maglinse / Luitenant-generaal (Brussel) / 20 / -
Jules Hamal / Industrieel (Luik) / 20 / -
Totaal aanwezig / 5.320 / 2.780
De kern van de vergadering was een financiële herstructurering:
Kapitaalvermindering: Het maatschappelijk kapitaal werd verlaagd van 2.100.000 frank naar 1.050.000 frank.
Terugbetaling: De vermindering werd uitgevoerd door 100 frank terug te betalen aan elk van de 10.500 "sociale delen" (aandelen zonder nominale waarde).
Termijn: De raad van bestuur kreeg de macht om deze terugbetalingen in schijven uit te voeren, waarbij de laatste betaling uiterlijk op 30 juni 1946 voldaan moest zijn.
Statutenwijziging: Artikel 5 van de statuten werd aangepast om het nieuwe, lagere kapitaal te reflecteren. Opvallend is dat de tekst van de statuten in het Nederlands geciteerd wordt ("Het maatschappelijk kapitaal bedraagt..."), terwijl het proces-verbaal zelf in het Frans is opgesteld.
De besluiten werden met unanimiteit aangenomen door zowel de houders van sociale delen als de houders van oprichtersaandelen (die apart stemden).
De publicatie in het Belgisch Staatsblad (Le Moniteur Belge) was vereist om de besluiten tegenover derden afdwingbaar te maken.
De overgang van boekjaar 1938 naar 1939 markeert het einde van de RBC als financieel gezonde onderneming. Hoewel de operationele inkomsten stegen, werd de firma verstikt door een structurele schuldenlast en hoge technische afschrijvingen. De beslissing in juni 1939 om het maatschappelijk kapitaal te halveren en uit te keren aan de aandeelhouders, terwijl het bedrijf kampte met een gecumuleerd verlies van 224.670 frank, kan historisch geïnterpreteerd worden als een bewuste liquidatie van activa. De lage cashpositie en de zware hypotheek op het onroerend goed maakten de firma uiterst kwetsbaar voor de economische ontregeling die de oorlogsjaren met zich mee zouden brengen.
Dit omvangrijke document is het resultaat van een nauwgezette expertise die direct na de feiten begon en in 1958 administratief werd bezegeld. Het beschrijft de volledige staat van de fabriekssite in de Henisstraat 67 te Tongeren.
1. Administratieve Identificatie (De "Geboorteakte")
Het verslag opent met de officiële formulieren van het Ministerie van Openbare Werken en Wederopbouw. Hierin wordt de N.V. RBC formeel erkend als "geteisterde" partij. Het bevestigt de datum van de schade (10 mei 1940) en de oorzaak: bombardement.
2. Ruimtelijke Indeling van de Fabriek
Door de gedetailleerde posten in het verslag krijgen we een uniek beeld van het RBC-complex. De schade is opgemeten in de volgende ruimtes:
De Grote Montagezaal: Waar de radio-onderdelen werden geassembleerd.
Ateliers de Fabrication: De ruimtes voor de eigenlijke productie.
Burelen en Administratie: Ruimtes met een hogere afwerkingsgraad (behang- en pleisterwerk).
Magazijnen en Hangars: De opslagplaatsen voor grondstoffen en afgewerkte producten.
3. Technische Schade-inventaris
Het verslag breekt de schade af in specifieke vakgebieden:
Metselwerk & Structuur: Herstel van gescheurde muren en fundamenten door de schokgolven.
Dakwerken (Grootste post): Honderden meters aan dakstructuur en pannen moesten worden hersteld. Dit verklaart de dringende noodherstellingen van 14.000 frank om de machines binnen droog te houden.
Schrijnwerk & Glas: Nagenoeg alle ruiten waren verbrijzeld. Er is een enorme lijst van te vervangen glasoppervlaktes en herstel van raamkozijnen.
Afwerking: Herstel van pleisterwerk, schilderwerk en zelfs sanitaire installaties die door de trillingen beschadigd waren.
4. De Rekenkunde: 1939 als maatstaf
Een cruciaal element in deze 19 pagina's is de kolom met de eenheidsprijzen. De staat hanteerde strikt de prijzen van vóór de oorlog (1939) om speculatie te voorkomen.
Er werd een ouderdomssleet (vetusté) van 10% tot 50% toegepast op de materialen, aangezien het gebouw in 1940 ongeveer 20 jaar oud was.
Dit leidde tot de uiteindelijke netto vergoeding van circa 42.000 frank.
De gedetailleerde opmeting van de montagezalen en ateliers bewijst de schaal van de productie. Tegelijkertijd verklaart het de jarenlange stilstand en de uiteindelijke verkoop: de schade was simpelweg te groot om zonder onmiddellijke staatssteun volledig zelf te dragen in oorlogstijd.
Met deze analyse heb je nu het hart van je onderzoek naar de fysieke locatie in Tongeren volledig in kaart gebracht!
Hoewel het bedrijf in 1939 nog probeerde de risico's voor aandeelhouders te beperken door een enorme kapitaaluitkering, zorgde de Duitse inval van 1940 voor het genadeschot. De combinatie van fysieke netwerkschade, een onvermijdelijke daling in abonnementen en een explosie van oninbare vorderingen (bijna 180.000 frank aan openstaande schulden van abonnees) bracht de firma in een uitzichtloze positie. In oktober 1940 bedroeg het gecumuleerde verlies reeds 308.773,08 frank, wat de commerciële toekomst van de Leuvense kabeldistributie op dat moment uiterst onzeker maakte.
De jaarrekening van oktober 1941 schetst een somber beeld van de Radio Broadcasting Company (R.B.C.) in Leuven. Het bedrijf, dat verantwoordelijk was voor de fysieke distributie van radiosignalen via een kabelnetwerk, ziet zijn inkomsten in één jaar tijd met meer dan 35% dalen. Door de aanhoudende bezetting en de materiële schade aan het netwerk (geschat op 100.000 frank) is het gecumuleerde verlies opgelopen tot 375.023,20 frank. De strategische kapitaalvlucht die de aandeelhouders in 1939 inzetten, blijkt grotendeels mislukt; het kapitaal zit vast in een verlieslatende infrastructuur die door gebrek aan middelen en luisteraars langzaam zijn waarde verliest.
De balans van Radio Broadcasting Cy (R.B.C.) in Leuven, per 30 juni 1941, toont een verlies van 375.023,20 frank, inclusief het voorgaande verlies van 308.773,08 frank.
1. Gedetailleerde schade-inventaris (per ruimte)
Het document somt per afdeling op wat er vernield was. Dit geeft een uniek beeld van de indeling van de fabriek:
De Burelen: Glasbreuk en schade aan het pleisterwerk.
Het Atelier: Schade aan de muren en het dak (dakpannen).
De Montagezaal: Hier was de schade aanzienlijk door de schokgolf van het bombardement.
De Magazijnen en Hangar: Het document vermeldt specifieke schade aan de metalen structuren en de muren van de bijgebouwen.
2. Gebruikte materialen en eenheidsprijzen
Je ziet in de kolommen gedetailleerde berekeningen voor het herstel:
Hoeveelheid nieuw metselwerk (in $m^3$).
Aantal vierkante meter nieuw pleisterwerk en schilderwerk.
Vervanging van ruiten (glaswerk).
De prijzen zijn berekend op basis van het prijspeil van 1939, zoals wettelijk verplicht was voor oorlogsschadeclaims.
3. Bevestiging van de constructie
Uit de beschrijvingen blijkt dat de fabriek bestond uit een combinatie van bakstenen muren met een dakstructuur van hout en pannen, deels met metalen spanten in de grotere hallen (ateliers).
4. De berekening van de "Sleet" (Depreciatie)
Op de laatste pagina's zie je hoe de deskundigen de aftrek voor ouderdom hebben bepaald. Omdat de fabriek al sinds ca. 1920 bestond, werd er niet het volledige bedrag voor "nieuwbouw" uitgekeerd, maar werd er een percentage afgetrokken omdat de materialen al 20 jaar oud waren op het moment van het bombardement.
Visualisatie: Dankzij dit document kun je de fabriek bijna "heropbouwen" in gedachten. Je weet nu welke zalen er waren (montage, atelier, magazijn).
Bewijs van impact: Het weerlegt elke twijfel over de ernst van de aanval; het was niet zomaar een verdwaalde kogel, maar een explosie die de structuur van meerdere gebouwen ontwrichtte.
Technisch detail: Het verklaart waarom de familie Delvoie 14.000 frank aan noodherstellingen moest uitgeven; zonder die werken (vooral glas en dak) zou de hele inboedel en de machines door weer en wind verloren zijn gegaan.
Samengevat: Dit is de technische blauwdruk van de vernieling. Het is de meest gedetailleerde beschrijving die je zult vinden van hoe de RBC-fabriek er vanbinnen uitzag op de dag dat de oorlog begon.
Financiële Analyse 1942, Radio Broadcasting Company.
Staatsblad verklaring van de gebruikte termen
De jaarrekening van 1942 laat zien dat de Radio Broadcasting Company (R.B.C.) erin geslaagd is de vrije val van de voorgaande jaren te stuiten. Voor het eerst wordt een operationeel overschot gerapporteerd, waardoor het gecumuleerde verlies daalt tot 313.799,75 frank. Deze stabiliteit is echter misleidend: de firma overleeft door onderhoud uit te stellen — wat resulteert in een groeiende kasreserve — en door een aanzienlijke claim voor oorlogsschade (170.610 frank) als actiefpost op te voeren. Het fysieke kabelnetwerk is inmiddels voor meer dan 60% afgeschreven, wat duidt op een technologische veroudering die de levensvatbaarheid van de firma na de oorlog ernstig zal bemoeilijken.
Naamlooze vennootschap RADIO BROADCASTING Cy. te Leuven.
De gewone algemeene vergadering heeft plaats op 24 September 1942 te 14 uur, Bogaardenstraat, 72. te Leuven.
DAGORDE
1. Verslag van den be-heerraad en van Kommissaris:
2. Bilan en Winst- en Verliesrekening op 30 Juni 1942:
3. Ontlasting aan Beheerders en kommissaris;
4. Statutaire benoemingen.
De titels moeten ten maatschappelijken zetel neergelegd worden.
RADIO BROADCASTING Cy. te LEUVEN.
-De gewone algemeene vergadering heeft plaats op 23 September 1943. te 14 uur, Bogaardenstraat, 72, te Leuven.
-Dagorde:
1. Verslag van den beheerraad en van kommissaris;
2. Bilan en winst- en verliesrekening op 30-6-43:
3. Ontlasting aan beheerders en kommissaris;
4. Statutaire benoemingen.
- De titels moeten ten maatschappelijken zetel neergelegd worden.
Er zit een specifieke reden achter dit ontslag die we niet mogen vergeten: het heeft zeer waarschijnlijk te maken met de aanvaring die zijn familielid, priester Emile Delvoie, had met de Duitse bezetter in 1941. De priester werd toen tot zes maanden cel veroordeeld omdat hij protesteerde tegen de inbeslagname van zijn woning door de Ortskommandantur.
In de ogen van de Duitse bezetter was de naam "Delvoie" na 1941 waarschijnlijk gemarkeerd als "anti-Duits" of "weerspannig". Dat de priester het aandurfde om klacht in te dienen tegen de Ortskommandantur getuigde van een enorme moed, maar maakte hem (en zijn familie) ook een doelwit.
Het lijkt erop dat het ontslag van de ingenieur in 1943 een strategische zet was om de naam "Delvoie" uit de officiële bedrijfsdocumenten te halen. Zo kon de firma onder de radar blijven en werd RBC beschermd tegen mogelijke verdere represailles van de Duitsers. Het was dus waarschijnlijk een papieren verschuiving om de continuïteit van het bedrijf te waarborgen in die moeilijke oorlogsjaren.
In het vierde oorlogsjaar laat de Radio Broadcasting Company (R.B.C.) een opvallend krachtig herstel zien. Dankzij een recordomzet van ruim 866.000 frank slaagt de firma erin haar historische verlieslast met twee derde te verminderen tot 104.346,38 frank. De behoefte aan radioconsumptie tijdens de bezetting zorgde voor een constante instroom van abonnementsgelden, terwijl de oorlogsschaarste de firma dwong om investeringen in het netwerk te staken. Hierdoor ontstond een ongewoon grote kasreserve van bijna 219.000 frank. Hoewel de technische infrastructuur (netwerk en centrale) boekhoudkundig inmiddels voor bijna twee miljoen frank is afgeschreven, bewijst de balans van 1943 dat de radiodistributie in Leuven commercieel springlevend was op de vooravond van de bevrijdingsstrijd.
De jaarrekening van oktober 1944, gepubliceerd vlak na de bevrijding, markeert het einde van een tijdperk voor de Leuvense radiodistributie. Hoewel de firma een recordomzet van meer dan 1 miljoen frank rapporteert en haar historische verlies bijna volledig heeft weggewerkt, tonen de cijfers een catastrofale fysieke realiteit. De oorlogsschade aan het netwerk is in 1944 verdrievoudigd door de bombardementen op Leuven. De firma beschikt over een enorme kasreserve van bijna een half miljoen frank, maar bezit een infrastructuur die voor meer dan twee derde boekhoudkundig is afgeschreven en fysiek grotendeels vernield. Het bedrijf is getransformeerd van een actief distributiebedrijf naar een beheerder van cashgeld en oorlogsclaims.
De balans van oktober 1945 toont de paradox van de bevrijding voor de Radio Broadcasting Company (R.B.C.). Terwijl de firma een recordomzet van ruim 1,15 miljoen frank realiseert door de enorme vraag naar radio-informatie in een vrij land, wordt zij financieel verstikt door de Operatie Gutt. Deze monetaire sanering van de Belgische regering, bedoeld om de naoorlogse inflatie te beteugelen, leidde ertoe dat 134.900 frank aan bedrijfstegoeden werd bevroren onder de post "geblokkeerde fondsen".
Hierdoor ontstond een acuut liquiditeitsprobleem: het werkkapitaal dat nodig was voor de wederopbouw zat vast, terwijl de schulden aan leveranciers explodeerden tot bijna 290.000 frank om het vernielde netwerk te herstellen. Het gecumuleerde verlies steeg hierdoor opnieuw tot 368.777,11 frank. Bovendien verloor de maatschappij met het overlijden van voorzitter Henri-Victor Maglinse haar boegbeeld. RBC Leuven moest de transitie van een verouderd draadomroepmodel naar de moderne naoorlogse communicatiemarkt dus inzetten met een fysiek gehavend netwerk en een geblokkeerde bankrekening.
De Radio Broadcasting Company (Leuven) was de moedermaatschappij. Toen de Radio Belgian Corporation (Tongeren) op 15 juni 1933 werd opgericht, werd deze gefinancierd door de Leuvense vennootschap. De moedermaatschappij bracht voor 900.000 frank aan activa in (machines, meubilair, cliënteel) in ruil voor 900 van de 1.000 aandelen.
In de boekhouding van de moedermaatschappij (Leuven) bleef de Radio Belgian Corporation dus op de balans staan als een "deelneming" (een bezit in de vorm van aandelen).
Het bedrag dat je na 1946 ziet staan, kan twee dingen betekenen:
Aandelenwaarde: Hoewel de firma in Tongeren in 1946 officieel werd ontbonden en een "eindverlies" van ruim 1,1 miljoen frank boekte, bleef de juridische afwikkeling (de liquidatie) vaak nog jaren aanslepen in de boeken van de moedermaatschappij totdat alles fiscaal was afgerond.
Schuldvordering: Het is ook mogelijk dat de moedermaatschappij nog geld te goed had van de dochteronderneming uit de periode van de vereffening.
De datum 26 september 1946 was inderdaad het breekpunt. Op die dag vonden in het pand aan de Bogaardenstraat 72 in Leuven twee vergaderingen vlak na elkaar plaats:
Om 14:00u: De herstart van de Radio Broadcasting Company (Leuven) om de draad na de oorlog weer op te pakken.
Om 16:00u: De definitieve sluiting van de Radio Belgian Corporation (Tongeren).
Dat de naam bleef staan, wijst erop dat de familie Delvoie en de familie Robert de "financiële littekens" van de Tongerse fabriek nog jarenlang moesten meeslepen in hun boekhouding. Het bedrijf in Tongeren was dan wel gestopt, maar de verliezen en de aandelenposities moesten nog administratief worden verwerkt in de overkoepelende structuur van de groep die in Leuven en later via Interradio in Hasselt verderging.
De balans van 1946 markeert de definitieve overgang van RBC Leuven naar de naoorlogse economie. De maatschappij profiteert van een enorme honger naar radiodistributie, wat resulteert in een recordomzet van bijna 1,8 miljoen frank en een sterke daling van het historische verlies naar 110.697 frank. Om deze groei te faciliteren en het tijdens de oorlog vernielde netwerk te vervangen, is de firma echter een agressieve schuldenpolitiek gaan voeren. Met meer dan 2,7 miljoen frank aan openstaande kredieten is de financiële structuur van de onderneming fundamenteel veranderd: van een voorzichtige beheerder naar een expansief nutsbedrijf dat zwaar leunt op vreemd vermogen
De jaarrekening van oktober 1947 bezegelt het succesvolle herstel van de Radio Broadcasting Company (R.B.C.) na de turbulente oorlogsjaren. Met een jaaromzet die voor het eerst de 2,1 miljoen frank overstijgt, heeft de maatschappij haar historische verlieslast nagenoeg volledig gesaneerd (nog slechts 44.000 frank resterend). Ondanks de zware investeringen in het netwerk, dat nu een waarde van ruim 4 miljoen frank vertegenwoordigt, slaagt de firma erin om aanzienlijke reserves aan te leggen in een speciaal amortisatiefonds. Onder leiding van voorzitter Charles Nagant is RBC Leuven getransformeerd van een noodlijdende firma in 1940 naar een financieel solide en expansieve speler in de Leuvense nutssector.
Het document toont een bedrijf dat de economisch turbulente periode vlak na de Tweede Wereldoorlog stabiel is doorgekomen. Door gebruik te maken van de wettelijke mogelijkheden tot herwaardering van de activa (waarschijnlijk om de impact van de muntontwaarding op te vangen), presenteerde de vennootschap een gezonde balans met een positief resultaat.
In 1949 was R.B.C. Leuven een groeiend bedrijf. De winst steeg met bijna 50% en er werd fors geïnvesteerd in nieuwe activa. De documenten bevestigen ook dat het bedrijf zijn naoorlogse fiscale verplichtingen (de kapitaalbelasting) succesvol had afgehandeld, wat de weg vrijmaakte voor verdere stabiele bedrijfsvoering onder leiding van Charles Nagant.
1. Context: De Naoorlogse Vermogensheffing
Het document verwijst naar het Koninklijk Besluit van 28 november 1945. Dit was een van de ingrijpende maatregelen van de Belgische regering (onder minister van Financiën Camille Gutt) om de enorme staatsschuld na de bezetting af te lossen.
Bedrijven werden verplicht een aanzienlijk percentage van hun kapitaal af te staan aan de staat. Dit kon op twee manieren:
Aandelenoverdracht: Nieuwe aandelen uitgeven en deze direct aan de staat geven.
Rechtstreekse regeling: De belasting in contanten betalen zonder het kapitaal te verwateren.
2. De Beslissing van R.B.C.
In deze publicatie staat dat het aanbod voor een "rechtstreekse regeling" door het Ministerie van Financiën is aanvaard.
Betekenis: De vennootschap heeft ervoor gekozen (en had de middelen) om de belasting cash te betalen in plaats van de staat medeaandeelhouder te maken.
Gevolg: Zoals vermeld in de tekst, blijft het aantal aandelen hierdoor onveranderd. De bestaande aandeelhouders behielden dus hun volledige controle en hun relatieve aandeel in het bedrijf.
3. Juridische Bevestiging
Het document is ondertekend door de "rekenplichtige" en de "procuratiehouder" (gevolmachtigde) van de N.V. Het werd op 6 oktober 1949 neergelegd bij de griffie van de rechtbank van koophandel in Leuven, wat de finale afwikkeling van deze fiscale last markeert.
In 1950 presenteert R.B.C. Leuven zich als een financieel zeer solide en voorspelbare onderneming. Terwijl de brute winst steeg, werden de kosten en afschrijvingen strak beheerd, resulterend in een stabiel nettoresultaat. De focus verschoof in dit jaar zichtbaar naar het verder opbouwen van het "vernieuwingsfonds", een voorzichtige en verstandige strategie voor een bedrijf in een technologische sector zoals de radiodistributie.
1951 was voor R.B.C. Leuven een jaar van expansie en bestuurlijke consolidatie. De balans overschreed de grens van 12 miljoen frank, gedreven door substantiële nieuwe investeringen. Het herstel van Louis Geradts in de beheerraad suggereert dat de top van het bedrijf na een jaar van onduidelijkheid weer volledig voltallig en stabiel was. Het bedrijf blijft een schoolvoorbeeld van een solide naoorlogse KMO die haar winsten consequent herinvesteert in vernieuwing.
1. Context en Structuur Beide brieven zijn gedateerd op 7 december 1951 en verzonden door het Bestuur van Oorlogsschade aan Private Goederen (Commissie voor Uitzonderlijke Voorrangen). Ze vormen de reactie op een schrijven van de firma uit Leuven van 24 november 1951.
2. Document 1: De interne ambtelijke mededeling (1ste afbeelding)
Afzender: L. Colmant (Secretaris van de Commissie).
Geadresseerde: De Directeur van de Provinciale Dienst voor Oorlogsschade (Brussel).
Inhoud: De Commissie stuurt het verzoek van de Radio Broadcasting Company officieel door naar de provinciale dienst "voor nodig gevolg". Dit is de formele overdracht van de bevoegdheid om het dossier lokaal te behandelen.
3. Document 2: De externe mededeling aan de aanvrager (2de afbeelding)
Afzender: L. Colmant (Secretaris van de Commissie).
Geadresseerde: De directie van Radio Broadcasting Company N.V. in de Bogaardenstraat 70, Leuven.
Inhoud: Dit is een beleidsbevestiging aan het bedrijf. De commissie laat weten dat hun brief is ontvangen en is doorgestuurd naar de Provinciale Directie. De firma wordt verzocht om vanaf nu rechtstreeks contact op te nemen met die dienst.
1. De exacte datering De datum 8 januari 1952 is het moment waarop de ambtenaar de fiche volledig had ingevuld en ondertekend. Het document vormt daarmee de bevriezing van de situatie van de RBC aan het begin van het jaar 1952. Het laat zien dat men toen al zeer diepgaand onderzoek deed naar de levensvatbaarheid van het bedrijf.
2. De financiële bewijslast Op deze pagina (waar de datum 8-1-52 staat) zien we de cruciale berekeningen:
Eigen middelen: De staat stelde vast dat het bedrijf een netto actief had van ruim 3,5 miljoen frank. Dit was belangrijk omdat de overheid alleen oorlogsschade uitkeerde aan bedrijven die zelf ook over voldoende kapitaal beschikten om te overleven.
Leningen: Er wordt bevestigd dat de RBC al voor 500.000 frank aan kredieten had opgenomen om de eerste dringende herstellingen uit te voeren.
3. De koppeling met de ronde stempel (juli 1952) Het tijdsverloop tussen januari (opmaak) en juli (officiële stempel) is typerend voor de bureaufase van die tijd. Het dossier moest waarschijnlijk langs verschillende diensten voor verificatie voordat de ronde stempel van de "Directeur Provincial" er in juli op werd gezet als teken van definitieve aanvaarding van de gegevens.
4. Waarom dit de "ruggengraat" van je dossier is Omdat dit document al in januari 1952 werd opgesteld, diende het als het fundament voor alles wat daarna kwam:
De afwijzing van 1953 was gebaseerd op deze cijfers.
De succesvolle herziening in 1954 gebruikte dit document als startpunt om aan te tonen hoeveel de situatie sindsdien was verslechterd.
Bedrijf: Radio Broadcasting Company N.V.
Locatie: De zetel is inmiddels verhuisd (of het briefpapier is geactualiseerd) naar de Bogaardenstraat 70 in Leuven.
Geadresseerde: De Provinciale Directie voor Oorlogsschade van Brabant, gevestigd aan de Wetstraat 35 in Brussel.
De R.B.C. verzoekt om een "uitzonderlijke voorrang" (Nr. 450) voor de behandeling van hun dossier voor schadeloosstelling (dossier nr. 2051078).
Het bedrijf probeert de overheid te overtuigen om hun dossier sneller te behandelen dan dat van anderen. Hun belangrijkste argumenten zijn:
Sociaal en Cultureel Belang: Ze stellen dat hun bedrijf een "uitzonderlijk sociaal en cultureel belang" heeft. In die tijd was radiodistributie een cruciaal medium voor informatievoorziening en volkseducatie.
Precedentwerking: Ze verwijzen naar de N.V. Radiodistributie Merksem, aan wie om dezelfde redenen al voorrang was verleend.
Officiële Steun: Ze voegen een brief bij van het Ministerie van Verkeerswezen (Directie Radioverkeer) uit 1950, waarin hun aanvraag werd ondersteund.
Deze brief is illustratief voor de moeizame wederopbouw van België na de bezetting:
Oorlogsschade: Veel infrastructuur van radiostations en distributienetwerken was tijdens de oorlog vernield of door de bezetter geconfisqueerd.
Bureaucratie: Zeven jaar na het einde van de oorlog (1945) was de afhandeling van schadeclaims nog steeds in volle gang, en de wachtrijen waren blijkbaar zo lang dat bedrijven officiële verzoeken moesten indienen voor prioriteit.
Sector: Het bevestigt dat de R.B.C. niet zomaar een bedrijf was, maar een speler in de radiodistributie (het verdelen van radiosignalen via kabels naar huishoudens), wat destijds een sterk gereguleerde maar essentiële sector was.
Ondertekening: De brief is ondertekend door de "rekenplichtige" en de "procuratiehouder" namens de N.V. Radio Broadcasting Cy.
Identificatie: Het H.R.L.-nummer (Handelsregister Leuven) is 3003, wat wijst op een relatief vroege registratie in de regio.
Instantie: Beroepsvereniging der Radiodistributie (B.V.R.), gevestigd in Ukkel (Winston Churchill-laan 190).
Datum: 8 januari 1952 (dezelfde dag getekend als de brief van de firma zelf).
Geadresseerde: Eveneens de Provinciale Directie voor Oorlogsschade in Brussel.
De B.V.R. treedt hier op als belangenbehartiger voor de N.V. Radio Broadcasting Cy uit Leuven. Ze dringen er bij de overheid op aan om de "uitzonderlijke voorrang" daadwerkelijk te verlenen op basis van de wet van 1 oktober 1947.
De argumentatie is puur gericht op de maatschappelijke waarde van het bedrijf:
Informatieve rol: De vereniging stelt dat radiodistributie een cruciale schakel is in de "voorlichting van de publieke opinie".
Culturele verheffing: Er wordt expliciet gesproken over de rol van radio bij de "opbeuring van het cultureel niveau van de bevolking".
Economisch belang: Naast cultuur wordt ook het economische gewicht van de sector benadrukt.
Gesticht in 1936: Dit toont aan dat de sector van de radiodistributie (het via kabels doorgeven van radiosignalen naar huiskamers, een voorloper van de kabeltelevisie) al voor de oorlog een georganiseerde en "wettig erkende" beroepsgroep was.
Logo: Het briefhoofd bevat een prachtig grafisch logo uit die tijd: een hand die een stekker vasthoudt voor een gestileerd stadsgezicht, wat de fysieke verbinding (de distributie) symboliseert.
De term "opbeuring van het cultureel niveau" is zeer typerend voor de vroege jaren '50. Na de verschrikkingen van de oorlog zag men radio niet alleen als entertainment, maar als een instrument om de bevolking te vormen en de democratische waarden te herstellen. Door dit argument te gebruiken, speelde de B.V.R. slim in op de prioriteiten van de toenmalige overheid om zo de schadevergoeding sneller los te krijgen.
1. Context en Afzender De brief is een officieel afschrift van correspondentie, opgesteld op briefpapier van de Beroepsvereniging der Radiodistributie (B.V.R.). De vereniging werd opgericht in 1936 en behartigde de belangen van bedrijven die radio-uitzendingen via kabels naar huishoudens distribueerden (de voorloper van de kabeltelevisie).
2. Geadresseerde De brief is gericht aan de Provinciale Directie voor Oorlogsschade in Antwerpen (Frankrijklei 71). Dit duidt erop dat het verzoek te maken heeft met schade die is opgelopen tijdens of direct na de Tweede Wereldoorlog.
3. Inhoud en Strekking De directeur van de B.V.R., R. Delaruelle, bevestigt en ondersteunt een verzoek van de N.V. Radiodistributie Merksem. De kernpunten zijn:
Schadevergoeding: De firma uit Merksem vraagt om een schadevergoeding.
Wettelijke basis: De schrijver benadrukt dat radiodistributiebedrijven werken onder strikte ministeriële en koninklijke besluiten (gedateerd november 1934).
Verplichtingen: De vergunninghouders (concessiehouders) hadden de wettelijke plicht om constant en gelijktijdig ten minste twee programma's van het Belgisch Nationaal Instituut voor Radio Omroep (NIR) door te geven.
4. Doel van de brief De brief dient als bewijslast of ondersteuning ("de redenen bevestigen") voor het dossier van de firma uit Merksem. Door te wijzen op de wettelijke verplichtingen die de overheid aan deze bedrijven oplegde, probeert de vereniging de legitimiteit van de claim op schadevergoeding bij de Directie voor Oorlogsschade te versterken. Als de overheid hen verplichtte een dienst te leveren, is de overheid ook moreel of juridisch verantwoordelijk voor de compensatie van schade die deze dienstverlening heeft verstoord.
5. Formele details
Datum: 12 april 1950.
Ondertekening: Ondertekend door de Ondervoorzitter van de B.V.R. voor "gelijkluidend afschrift".
Referentie: 720 RV.
1. Het Officiële Startpunt (De Stempel) De fiche is officieel geregistreerd door de Provinciale Dienst van Brabant op 1 juli 1952. Dit is het moment waarop de verspreide gegevens over de oorlogsschade van de Radio Broadcasting Company werden gebundeld in één gestandaardiseerd overheidsdocument.
2. Maatschappelijk en Economisch Profiel De fiche dwingt de overheid om de RBC niet als een "gewoon" bedrijf te zien.
Culturele waarde: Er wordt expliciet vermeld dat het bedrijf bijdraagt aan de "opbeuring van het culturele niveau". Dit hielp om de claim boven puur commerciële dossiers te tillen.
Groei ondanks de oorlog: De cijfers over 1951 tonen een bedrijf dat ondanks de vernielingen massaal was gegroeid in omzet, wat bewees dat het een levensvatbare investering was voor de staat.
3. De Technische Schade-inventaris Het document specificeert de drie fatale momenten voor de installaties in Leuven:
Mei 1940 & April 1943: Bombardementen.
Mei 1944: Het opblazen van bruggen door terugtrekkende troepen, wat de bovengrondse lijnen van de radiodistributie vernielde.
De totale schade aan materiaal en voorraden werd vastgesteld op ruim 754.000 frank (waarde 1939). Dit bedrag is de basis voor de miljoenenuitbetalingen van de jaren '50 na indexering.
4. Financiële Verwevenheid De fiche onthult dat de RBC al voor 1952 aan het "overleven" was met leningen:
Er was een herstelkrediet van 500.000 frank verstrekt door de N.M.K.N.
Verzekeringsgelden van ruim 342.000 frank waren al geïndexeerd en uitgekeerd in 1951.
Dit bewees aan de commissie dat het bedrijf al maximaal eigen middelen en kredieten had ingezet, wat de noodzaak voor extra staatshulp (oorlogsschade) legitimeerde.
« Radio Broadcasting Company », in verkorting « R. B. C. », naamloze vennootschap, te Leuven, Bogaardenstraat, 70.
Handelsregister van Leuven, n° 3003.
—
Bijeenroeping.
De heren aandeelhouders worden verzocht deel te nemen aan de buitengewone algemene vergadering die zal gehouden worden te Sint-Gillis-bij-Brussel, ter studie van notaris Wagemans, Zwitserlandstraat, 15, de 26 November 1952, te 15 uur, ten einde te beraadslagen over volgende dagorde :
DAGORDE :
1° Afschrijving van het verlies voorkomend in de balans afgesloten op 30 Juni 1952 voor een bedrag van 387,680 fr. 52 c., door affectatie voor hetzelfde bedrag van de meerderwaarde van herschatting;
2° Eenmaking der maatschappelijke aandelen en der stichtersaandelen door schepping van 1,500 nieuwe maatschappelijke aandelen zonder waardevermelding, alle volledig afbetaald, in te wisselen op voet van 2 nieuwe maatschappelijke aandelen voor een ondeelbare groep van 14 oude maatschappelijke aandelen en 7 stichtersaandelen;
3° Verhoging van het kapitaal voor een bedrag van 1,950,000 fr. om het te brengen van 1,050,000 frank op 3,000,000 frank, door inlijving van de meerderwaarde van herschatting (1947) voor hetzelfde bedrag, zonder uitgave van nieuwe maatschappelijke aandelen;
4° Verlenging van de duur der vennootschap voor een nieuwe termijn van dertig jaren;
5° Wijziging aan de hierna vermelde artikels der standregelen :
Artikel 2. Om er de overplaatsing van de maatschappelijke zetel naar Leuven vast te stellen en er het tweede lid weg te laten.
Artikel 4. Om het in overeenstemming te brengen met de verlenging van de duur der vennootschap.
Artikel 5. Om het in overeenstemming te brengen met de beslissingen betreffende de eenmaking der titels en de verhoging van het kapitaal.
Artikel 6. Om er de vorming van het kapitaal samen te vatten.
Artikels 10 en 20. Om er de opstelling om te vormen en vervallen schikkingen weg te laten.
Artikel 13. Om er in het tweede lid de woorden « ... hun stem uitbrengen bij brief of bij telegram. Zij mogen insgelijks... » weg te laten.
Artikel 21. Om er de borgtocht der beheerders en toezichters respectievelijk op zes en drie maatschappelijke aandelen vast te stellen.
Artikel 23. Om er de datum der jaarlijkse algemene vergadering op de derde Donderdag der maand October vast te stellen, het woord « ... Tongeren... » te vervangen door het woord « ... Leuven... » en er vervallen schikkingen weg te laten.
Artikel 24. Om er de woorden « ... en stichtersaandelen... » te vervangen door het woord « ... aandelen... ».
Artikel 25. Om er de schikkingen betreffende de vertegenwoordiging der aandeelhouders in de algemene vergaderingen om te vormen.
Artikel 26. Om het in overeenstemming te brengen met de eenmaking der titels en de schikkingen van artikel 76 der samengeschakelde wetten op de handelsvennootschappen.
Artikel 31. Om er de woorden « ... en voor de eerste maal de dertigste Juli 1930 » weg te laten.
Artikel 32. Om er het vijfde, zesde en zevende lid sub 3 te vervangen door volgende tekst :
« 3° Het saldo zal, op voorstel van de beheerraad verdeeld worden tussen de maatschappelijke aandelen, gebeurlijk prorata temporis et liberationis. »
Artikels 37, 38 en 39. Om ze weg te laten, hun schikkingen voor het ogenblik vervallen zijnde;
6° Toekenning van macht aan de beheerraad voor de uitvoering van de genomen besluiten.
Om toegelaten te worden tot de vergadering, zullen de heren aandeelhouders en gevolmachtigden de schikkingen der artikels 24 en 25 der standregelen moeten naleven.
Neerlegging der titels aan toonder ten minste vijf dagen vóór de vergadering, in de maatschappelijke zetel of bij de Kredietbank te Leuven, of bij een harer agentschappen.
De volmachten waarvan de tekst mag gevraagd worden op de maatschappelijke zetel, zullen er ten minste drie dagen vóór de vergadering moeten neergelegd worden.
(N. 11945.)
De beheerraad.
1. Context en Datum De brief is gedateerd op 12 januari 1953. Dit is slechts enkele weken nadat de Interministeriële Commissie bijeenkwam om te beslissen wie de aanvraag van het Leuvense radiodistributiebedrijf inhoudelijk zou gaan beoordelen.
2. De Procedurele Opstart In deze brief wordt de formele overdracht van het fysieke dossier ("de bundel") bevestigd:
De Zitting: De brief verwijst naar een zitting van de Interministeriële Commissie op 30 december 1952. Tijdens deze vergadering is besloten wie het onderzoek mocht leiden.
De Onderzoekers: * Heer Grusenmeyer (de geadresseerde) wordt aangesteld als eerste verslaggever.
Heer Van Tichelen wordt aangesteld als tweede verslaggever.
De Opdracht: Grusenmeyer krijgt het dossier toegestuurd en moet dit na onderzoek terugsturen, voorzien van een besluit dat door beide verslaggevers is ondertekend.
3. Administratieve "Missing Link" Deze brief verklaart de frustratie die we in de brief van april 1953 zagen. Op 12 januari wordt het dossier naar Grusenmeyer gestuurd met het verzoek om een besluit. Wanneer hij drie maanden later nog niets heeft laten horen, volgt de aanmaning die u eerder liet zien.
4. Formele Kenmerken
Verzending: Ook deze brief is "Aangetekend" verstuurd, wat het belang en de juridische gevoeligheid van oorlogsschadedossiers onderstreept.
Kenmerk: AB/LVR 15/V/I / 17.455.
Ondertekening: Opnieuw door L. Colmant, de spilfiguur in deze administratieve correspondentie als secretaris van de Commissie voor Uitzonderlijke Voorrangen.
1. Context en Chronologie Deze brief van 27 april 1953 is de directe opvolger van de lobbybrief van de Beroepsvereniging (januari 1952). We zien hier dat de Commissie voor Uitzonderlijke Voorrangen de druk van de firma uit Leuven begint te voelen. De firma heeft namelijk zelf "aangedrongen" op uitsluitsel.
2. Betrokken partijen
Afzender: Opnieuw L. Colmant, Afdelingshoofd en Secretaris van de Commissie.
Ontvanger: Dezelfde Heer Grusenmeyer A. van het Ministerie van Economische Zaken.
De dupe: De Radiobroadcasting Company N.V. te Leuven, die blijkbaar ongeduldig wordt over de voortgang van hun dossier (nr. 2.051.078).
3. De kern van het probleem: Bureaucreatieve vertraging De brief legt een pijnlijke vinger op de zere plek:
De Heer Grusenmeyer werd al op 30 december 1952 aangeduid als "eerste verslaggever" voor dit dossier.
Vier maanden later (april 1953) heeft hij zijn besluiten nog steeds niet ingediend.
De secretaris verzoekt hem nu "zo spoedig mogelijk" zijn rapportage in te leveren bij het secretariaat.
4. Administratieve betekenis Deze brief laat zien dat de "uitzonderlijke voorrang" in de praktijk verre van snel verliep. Voordat de commissie een besluit kon nemen, was men afhankelijk van individuele adviseurs/verslaggevers op verschillende ministeries die blijkbaar overbelast waren of het dossier lieten liggen.
1. De Geadresseerde De brief is gericht aan Mijnheer A. Grusenmeyer, de Adjunct-Adviseur bij het Ministerie van Economische Zaken. Dit is dezelfde persoon die we later in de documenten van 1954 zagen terugkeren. Het toont aan dat hij de vaste dossierbeheerder was die de Radio Broadcasting Company (RBC) gedurende het hele proces volgde.
2. De Kernboodschap De secretaris van de Commissie (L. Colmant) stuurt een afschrift van een "aanvullend verslag" betreffende de aanvraag van de RBC. Dit verslag was de basis voor de zitting van 16 juni 1953, waar werd beslist om het bedrijf nog niet de hoogste voorrang te geven, maar hen te klasseren in "voorrangscategorie III".
3. Tijdslijn en Context Deze brief, gedateerd op 20 juni 1953, is de administratieve verwerking van de zitting die slechts vier dagen eerder plaatsvond. Het is het sluitstuk van de eerste poging van de RBC om geld los te krijgen.
Op dat moment was het oordeel nog: "Niet urgent genoeg".
Men wist toen nog niet dat de RBC een jaar later met het "televisie-argument" de hele situatie zou doen kantelen naar Prioriteit I.
4. Administratieve nummers De brief herbevestigt de koppeling tussen de verschillende nummers die we in het hele archief zien:
Dossier oorlogsschade: 2.051.078
Aanvraag uitzonderlijke voorrang: 5724/II/364
1. De Inhoudelijke Match In het document van 24 juni 1953 (dat we eerder zagen) werd besloten dat de RBC geen uitzonderlijke voorrang kreeg. Deze brief is de formele uitvoering van dat besluit. Er staat letterlijk in dat de aanvraag is gerangschikt in:
"de derde categorie van rangorde (artikel 52, § 1, 3° van de gecoördineerde wetten)."
2. De Ontbrekende Datum verklaard Vaak werden dit soort brieven als doorslag of sjabloon bewaard in het dossier. De eigenlijke datum van verzending zou normaal gesproken kort na de zitting van 24 juni liggen (vermoedelijk eind juni of begin juli 1953).
3. De Rol van de RBC-Directie Onderaan zie je de ruimte voor de adressering aan de "Heer Beheerder-Directeur van de N.V. Radio Broadcasting Company". Dit document was voor de RBC het koude douch-moment: ze kregen te horen dat ze op de lange baan werden geschoven.
4. De link naar 1954 Dit document is essentieel om de "vechtlust" van de RBC in 1954 te begrijpen. Omdat ze deze brief ontvingen (waarin stond dat ze in Categorie III zaten), wisten ze dat ze met zwaarder geschut moesten komen (de televisie-plannen en de precaire financiën) om alsnog die Prioriteit I binnen te halen.
1. Context en Afzender Deze brief is verstuurd door de Commissie voor Uitzonderlijke Voorrangen, gevestigd aan de Wetstraat 45 in Brussel. De brief is ondertekend door L. Colmant, afdelingschef en secretaris van de commissie. Het is een formele, ambtelijke mededeling die per aangetekende post is verzonden.
2. Geadresseerde De brief is gericht aan De Heer Grusenmeyer A., Adjunct Adviseur bij het Ministerie van Economische Zaken en Middenstand. Dit toont aan dat het dossier nu op een hoger, interministerieel niveau wordt behandeld, waarbij ook economische belangen worden afgewogen.
3. Inhoud en Status van het dossier De brief geeft een belangrijke update over de voortgang van de aanvraag die in de brief van 1952 werd gestart:
Dossiernummer: Het betreft dossier oorlogsschade nr. 2.051.078 van de Radiobroadcasting Company N.V. Leuven.
Huidige status: Het dossier was een jaar eerder (in 1953) al gerangschikt in "voorrangscategorie III".
Doel van de zending: De commissie stuurt het fysieke dossier naar de Adjunct Adviseur voor een nieuw besluit. Het lijkt erop dat er een herbeoordeling plaatsvindt, mogelijk om de voorrang te verhogen of definitief te bevestigen.
4. Administratieve procedure De secretaris vraagt om het dossier "zo spoedig mogelijk" terug te sturen, inclusief de nieuwe besluiten. Deze besluiten moeten mede ondertekend worden door een zekere Heer VAN TICHELEN. Dit wijst op een strikte hiërarchische controle binnen de Belgische administratie van de wederopbouw.
Deze brief is een prachtig voorbeeld van de Belgische bureaucratie tijdens de naoorlogse wederopbouw, waarbij de claims voor oorlogsschade tot diep in de jaren '50 zorgvuldig (en traag) werden gewogen door verschillende commissies en ministeries.
1. De Vragenlijst van de Commissie
Dit is een brief van 5 augustus 1954, ondertekend door adjunct-adviseur A. Grusenmeyer. De toon is zakelijk maar dwingend.
De kern: De staat herinnert de RBC eraan dat ze in 1953 in de lage 'categorie III' waren geplaatst. Om te heroverwegen of ze naar een hogere prioriteit mogen, eist de staat 6 harde bewijzen: abonneecijfers, uitbreiding van het gebied, personeelssterkte, zakencijfer, winstcijfer en openstaande schulden.
2. Het Antwoord van de RBC
Dit is het zeer gedetailleerde antwoord van de RBC van 11 augustus 1954. Dit is het meest onthullende document van je hele dossier:
Abonnees: Ze geven toe dat ze 400 klanten verloren (van 5178 naar 4774) na een tariefverhoging in 1952, wat de precaire situatie onderstreept.
Investeringen: Ondanks de oorlogsschade hebben ze in twee jaar tijd meer dan 1,2 miljoen frank geïnvesteerd in uitbreidingen in Kessel-Lo en Heverlee.
De Financiële Noodkreet: Op de tweede en derde pagina wordt de situatie pijnlijk duidelijk. De schuldenlast bedraagt ruim 1,5 miljoen frank (bij de Kredietbank en de Nationale Maatschappij voor Krediet aan de Nijverheid).
De "Televisie-troef": De brief eindigt met een sterk argument. Ze leggen uit dat ze voor "zeer belangrijke problemen" staan: de bedeling van de Televisie. Ze willen hun netwerk uitbreiden van 4 naar 6 (of meer) programma's, maar zeggen letterlijk: "Met dergelijke schulden is alle mogelijkheid om krediet te bekomen bij bankinrichtingen uitgesloten."
Conclusie: Ze smeken bijna om een gunstige regeling van de oorlogsschade om hun voortbestaan en de komst van televisie te garanderen.
3. De Oorspronkelijke Afwijzing
Dit document van 24 juni 1953 verklaart waarom de RBC in 1954 zo hard moest vechten.
In 1953 oordeelde de Commissie nog dat de RBC geen "uitzonderlijk belang" had voor een onmiddellijke vergoeding. Ze werden in 'categorie III' geplaatst (de wachtkamer).
Deze brief is de reden waarom Grusenmeyer in 1954 opnieuw op bezoek kwam en waarom de RBC al die cijfers moest aanleveren.
Deze reeks foto's is de "smoking gun". Het laat zien dat de Radio Broadcasting Company een riskante maar succesvolle strategie volgde:
In 1953 werden ze afgewezen voor snelle hulp.
In 1954 gooiden ze hun slechtste financiële cijfers op tafel, gecombineerd met de belofte van "Nationale Televisie".
Dit werkte: de staat was zo onder de indruk van de noodzaak voor televisiedistributie dat ze hun eerdere besluit (van juni 1953) herriepen en de prioriteit verhoogden.
Conclusie: Zonder deze specifieke briefwisseling uit augustus 1954 (waarin ze de televisiedistributie als troefkaart inzetten) had het bedrijf de financiële crisis waarschijnlijk niet overleefd en was de uitbetaling van 1955 er nooit gekomen.
1. Administratieve Identificatie Het document brengt alle relevante nummers samen:
Dossiernummer Oorlogsschade: 2.051.078.
Aanvraag Prioriteit: 5724/II/364.
Datum van het onderzoek: De aantekeningen en parafen lopen tot oktober 1954.
2. De kerngegevens: Waarom voorrang? In de kolom "Voorwerp en redenen van de aanvraag" staat een zeer belangrijke samenvatting van de motivatie van het bedrijf:
Modernisering: De noodzaak om verouderde en beschadigde apparatuur te vervangen.
Nationale Televisie: Er staat expliciet dat de firma betrokken is bij de "bedeling van de nationale televisie". Dit was in 1954 dé technologische prioriteit van de Belgische staat.
Financiële nood: De expliciete opmerking dat de toestand van het bedrijf "precair" is (gebaseerd op het verslag van augustus dat we eerder zagen).
3. Het Oordeel van de Inspectie Het document bevat de bevindingen van de inspecteur (H. Van Tichelen). Hij bevestigt dat de onderneming van "onbetwistbaar economisch belang" is. Dit is de juridische 'sleutel' die nodig was om de wet op de uitzonderlijke voorrang toe te passen.
4. Besluitvorming in de marge Rechtsonder zie je de handgeschreven besluitvorming:
Er wordt verwezen naar het gunstig advies van 15 september.
De uiteindelijke goedkeuring voor "Prioriteit I" (de hoogste graad) door de commissie wordt hier administratief voorbereid.
Dit document fungeerde als de "samenvatting voor de beslisser". Waar de andere brieven de formele communicatie waren, was dit het werkdocument waarop de ambtenaren hun finale oordeel baseerden. Het bevestigt definitief dat de overstap van de RBC naar televisie-activiteiten de hoofdoorzaak was waarom de staat zo snel over de brug kwam met het geld voor de oorlogsschade in Leuven.
1. Doel van het onderzoek: Het verslag opent met de aanleiding: een onderzoek naar de "economische en financiële toestand" van de Radio Broadcasting Company (RBC) in Leuven. Men wilde nagaan of het bedrijf inderdaad recht had op de hoogste prioriteit (Prioriteit I) voor de heropbouw na de oorlogsschade.
2. Bedrijfsactiviteiten en Infrastructuur Het verslag geeft een uniek kijkje in de keuken van de RBC in 1954:
Activiteit: Het bedrijf houdt zich bezig met het uitzenden van programma's ("radio-distributie") via een netwerk in de regio Leuven.
Techniek: Men beschikt over een ontvangststation en versterkerstations die verbonden zijn met 12.000 abonnees via 300 kilometer aan bovengrondse lijnen.
Televisie: Zeer belangrijk is de vermelding dat het bedrijf zich voorbereidt op "télévision par fil" (televisie via de kabel), een revolutionaire technologie voor die tijd.
3. De Financiële Cijfers: De onderzoekers hebben de boekhouding diepgaand geanalyseerd. De conclusie is bikkelhard: de situatie is "beangstigend" (précaire).
Verliezen: Het bedrijf draait structureel verlies (387.680 fr. in 1952).
Schulden: De schulden aan banken en de overheid (sociale zekerheid/belastingen) zijn opgelopen tot boven de 1,5 miljoen frank.
Oorlogsschade: Het bedrijf wacht nog op de definitieve uitbetaling van hun claim voor de vernielde apparatuur in Leuven en de gebouwen in Tongeren.
4. Personeel en Sociale Impact: Het verslag eindigt met de sociale kant van het bedrijf:
Er werken op dat moment 20 personen (bedienden en werklieden).
De onderzoekers concluderen dat het bedrijf levensvatbaar is, mits de oorlogsschadevergoeding snel wordt uitgekeerd om de schulden te saneren en nieuwe investeringen in televisie mogelijk te maken.
5. Eindconclusie van de Controleurs De heren sluiten af met een krachtig advies: Gunstig advies voor Prioriteit I. Ze stellen dat het bedrijf van "onbetwistbaar economisch belang" is voor de regio Leuven en voor de technologische vooruitgang in België.
Dit verslag is de "bewijslast" die alle voorgaande brieven die we hebben gezien, verklaart. Het is geen droge administratieve tekst, maar een bedrijfsdoorlichting die de overgang van radio naar televisie beschrijft en de wanhopige financiële situatie van de RBC blootlegt.
Zonder dit bezoek en dit positieve verslag van 17 augustus 1954 zou de staat nooit de uitzonderlijke voorrang hebben verleend. Het is het fundament waarop de miljoenenuitbetalingen van 1955 en 1958 zijn gebouwd.
1. Aanleiding: Een verslechterde situatie De nota, opgesteld door de Dienst der Handelsreglementering van het Ministerie van Economische Zaken, stelt vast dat de situatie van de Radio Broadcasting Company (RBC) sinds een vorig onderzoek in 1953 aanzienlijk is verslechterd. Waar het bedrijf eerst in de standaard "categorie III" was ondergebracht, adviseren de verslaggevers nu een promotie naar de hoogste prioriteit.
2. Harde cijfers: Financiële noodkreet De verslaggevers (A. Grusenmeyer en Van Tichelen) presenteren alarmerende cijfers om hun advies te staven:
Verliessaldo: Het verlies steeg van 328.015 fr. in 1951 naar 387.680 fr. in 1952.
Schuldenlast: De totale schuld explodeerde van 975.000 fr. in 1951 naar maar liefst 1.566.826 fr. in 1953.
3. Strategisch belang: De komst van Televisie Naast de slechte cijfers wordt er een visionair argument gebruikt: het bedrijf moet financieel gezond zijn om de "thans hangende belangrijke problemen" aan te pakken. Er wordt expliciet verwezen naar:
De uitbreiding van de bestaande installaties.
De bedeling van de televisie, wat destijds een gloednieuwe en cruciale nationale technologie was.
4. Het Besluit: Prioriteit I Op basis van deze "verslechterde financiële toestand" adviseren de verslaggevers om aan de aanvraag tot uitzonderlijke voorrang een Prioriteit I toe te kennen. In de marge zie je de handgeschreven bevestiging hiervan met de datum 5/10, wat direct voorafging aan het formele besluit van de Commissie op 6 oktober dat we eerder zagen.
Conclusie voor je dossier: Dit is misschien wel het meest "menselijke" document in de administratieve stapel. Het laat zien dat de RBC op het randje van de afgrond balanceerde en dat de oorlogsschadevergoeding niet alleen een recht was, maar een noodzakelijke reddingslijn om het bedrijf te laten overleven en te laten deelnemen aan de opkomst van de televisie in België.
1. Administratieve Identificatie Het document brengt alle relevante nummers samen:
Dossiernummer Oorlogsschade: 2.051.078.
Aanvraag Prioriteit: 5724/II/364.
Datum van het onderzoek: De aantekeningen lopen tot oktober 1954.
2. De kerngegevens: Waarom voorrang? In de kolom "Voorwerp en redenen van de aanvraag" staat een zeer belangrijke samenvatting van de motivatie van het bedrijf:
Modernisering: De noodzaak om verouderde apparatuur te vervangen.
Nationale Televisie: Er staat expliciet dat de firma betrokken is bij de "bedeling van de nationale televisie". Dit was in 1954 dé technologische prioriteit van de Belgische staat.
Financiële nood: De opmerking dat de toestand van het bedrijf "precair" is (gebaseerd op het verslag van 17 augustus dat we eerder zagen).
3. Het Oordeel van de Inspectie Het document bevat de bevindingen van de inspecteur (H. Van Tichelen). Hij bevestigt dat de onderneming van "onbetwistbaar economisch belang" is. Dit is de juridische 'sleutel' die nodig was om de wet op de uitzonderlijke voorrang toe te passen.
4. Besluitvorming in de marge Rechtsonder zie je de handgeschreven besluitvorming:
Er wordt verwezen naar het gunstig advies van 15 september.
De uiteindelijke goedkeuring voor "Prioriteit I" (de hoogste graad) door de commissie.
Dit document fungeerde als de "samenvatting voor de beslisser". Waar de andere brieven de formele communicatie waren, was dit het werkdocument waarop de ambtenaren hun handtekening baseerden. Het bevestigt definitief dat de overstap van de RBC naar televisie-activiteiten de hoofdoorzaak was waarom de staat zo snel over de brug kwam met het geld voor de oorlogsschade in Leuven.
1. De Statusverhoging (Van Categorie III naar Voorrang) Het document laat een cruciale administratieve verschuiving zien. Oorspronkelijk was de schadeclaim van de RBC ingedeeld in "Rangorde III" (een standaardcategorie). Echter, op basis van dit besluit van 6 oktober 1954 heeft de Commissie de aanvraag ambtshalve (op eigen initiatief van de overheid) gepromoveerd naar de status van Uitzonderlijke Voorrang.
2. De Rechtvaardiging: Nationaal Belang De overheid motiveert deze beslissing door te wijzen op het:
"Uitzonderlijk economisch belang voor het land van de te herstellen oorlogsschade."
Dit is een zeer sterke erkenning. Het betekent dat de radio-omroep (RBC) niet zomaar als een privaat bedrijf werd gezien, maar als een essentieel onderdeel van de Belgische economische en sociale infrastructuur. Het herstel van de zenders en studio's in Leuven kreeg daarom voorrang op duizenden andere dossiers.
3. De Technische Afbakening
Dossiernummer: Het is gekoppeld aan het algemene dossier 2.051.078.
Aard van de schade: De voorrang geldt specifiek voor de roerende goederen (de technische uitrusting, machines en zenders), niet voor de gebouwen zelf.
Locatie-eis: De RBC was verplicht de goederen te herstellen of te vervangen in de gemeente Leuven. Dit was bedoeld om de lokale economische activiteit in de stad te stimuleren.
4. De Controle en Geldigheid Op de achterzijde (foto 2) zien we de handtekeningen van de voorzitter, ir. M. Stevigny, en de verschillende controleorganen. Het document werd definitief afgetekend tussen 12 en 18 oktober 1954. Er wordt expliciet bij vermeld dat deze voorrang geen garantie is voor het uiteindelijke schadebedrag; dat moest de provinciale directie daarna nog exact uitrekenen.
Conclusie voor uw archief: Dit tweezijdige document is de "vrijgeleide" die ervoor zorgde dat de RBC niet jarenlang op een wachtlijst bleef staan. Het markeert het moment waarop de overheid officieel erkende dat de Radio Broadcasting Company cruciaal was voor de wederopbouw van het land. Zonder dit besluit zouden de betalingen van 1955 en 1958 veel later zijn gekomen.
1. De Kern: De "Groene Kaart" voor RBC In deze brief, geschreven door afdelingschef L. Colmant, geeft de Commissie voor Uitzonderlijke Voorrangen de directe opdracht aan de Provinciale Dienst voor Oorlogsschade om over te gaan tot het "definitief onderzoek" van de aanvraag.
2. Belangrijke elementen in de brief
De Status: De brief bevestigt dat er een gunstige beslissing is getroffen inzake de "uitzonderlijke voorrang" voor RBC. Dit was de hoogste prioriteitsstatus die een bedrijf kon krijgen om sneller aan herstelkapitaal te komen.
Bijlagen als bewijs: Er wordt verwezen naar twee ingesloten exemplaren van de beslissing en een "degelijk aangevulde inlichtingenfiche". Dit betekent dat RBC al haar administratieve huiswerk zeer grondig had gedaan.
Referenties: De brief koppelt het algemene dossiernummer (2.051.078) aan het specifieke voorrangsnummer (5724/II/364).
3. De tijdlijn wordt nu volledig sluitend Dankzij de brieven die je hebt gedeeld, kunnen we de cruciale 'prioriteitsweek' van RBC nu exact reconstrueren:
4 november 1954 (deze brief): De Commissie beslist dat RBC voorrang krijgt en stuurt het dossier naar de provinciale directie.
9 november 1954: RBC stuurt een brief (de gele brief) om te vragen waar ze nu precies moeten zijn om die voorrang te verzilveren.
13 november 1954: De Commissie antwoordt formeel dat het dossier nu inderdaad bij de Provinciale Directeur in de Wetstraat 35 ligt.
4. Waarom is dit belangrijk? Zonder deze specifieke brief en de status van "uitzonderlijke voorrang" had het waarschijnlijk nog jaren geduurd voordat de beslissing van 1955 (de 1,1 miljoen frank) was gevallen. RBC wist hiermee succesvol "voor te dringen" in de enorme wachtrij van tienduizenden oorlogsschadedossiers in België.
1. Doel van de brief In deze brief reageert de directie van de RBC op een eerder bericht (van 4 november 1954) waarin hun de status van "uitzonderlijke voorrang" werd toegekend. Het bedrijf vraagt hier heel concreet: "Wat moeten we nu doen om te zorgen dat de bevoegde diensten deze beslissing ook daadwerkelijk uitvoeren?" Ze willen voorkomen dat hun prioriteitsstatus ergens op een bureau blijft liggen.
2. Belangrijke kenmerken en stempels
Briefhoofd: Het bevat het prachtige originele logo van de RBC Leuven, gevestigd aan de Bogaardenstraat 70.
Datum: 9 november 1954.
Ontvangststempel: Rechtsonder staat de officiële stempel van het Ministerie van Oorlogsschade (Min. des Dommages de Guerre). Hierop is te zien dat de brief de volgende dag, 10 november 1954, al in Brussel is aangekomen en geregistreerd onder nummer 983815.
Handtekeningen: De brief is ondertekend door twee functionarissen van het bedrijf: de rekenplichtige en de procuratiehouder.
3. Administratieve context Deze brief verklaart waarom de Commissie voor Uitzonderlijke Voorrangen slechts vier dagen later (op 13 november, de brief die je eerder liet zien) antwoordde. De RBC zette de overheid onder druk om vaart te maken. Dit leidde ertoe dat de zaak werd overgedragen aan de Provinciale Directeur van Brabant, wat uiteindelijk resulteerde in de grote uitbetalingen van 1955 en 1958.
4. Opmerkelijke details In de linkermarge zie je opnieuw het handgeschreven cijfer "V/1". Dit lijkt een intern klasseringssysteem te zijn van de RBC zelf om hun correspondentie met het ministerie te ordenen.
Conclusie voor je dossier: Waar de vorige brief het officiële antwoord van de staat was, is dit document het bewijs van het initiatief van het bedrijf. Het laat de actieve lobby-inspanningen zien van een Leuvense onderneming die na de verwoestingen van de oorlog zo snel mogelijk haar kapitaal en uitrusting wilde herstellen.
1. Context van de brief De brief, gedateerd op 13 november 1954, is een officieel antwoord op een schrijven van de Radio Broadcasting Company van enkele dagen daarvoor (9 november). Op dat moment probeerde het bedrijf waarschijnlijk de afhandeling van hun oorlogsschade te versnellen via een status van "uitzonderlijke voorrang".
2. Kernboodschap De secretaris van de commissie, L. Colmant, deelt mee dat de aanvraag voor uitzonderlijke voorrang (geregistreerd onder nummer 5724/II/364) is verwerkt. De commissie laat weten dat zij niet langer het aanspreekpunt zijn, maar dat het dossier voor de verdere inhoudelijke behandeling is overgedragen aan:
De Provinciale Directeur van Brabant
Adres: Wetstraat 35, Brussel
3. Belang voor het dossier Deze brief vormt de "schakel" tussen de aanvraagfase en de uiteindelijke besluitvorming. Het bevestigt dat het dossier met nummer 2.051.078 nu officieel in handen is van de instantie die een half jaar later (in juni 1955) de eerste "Beslissing in zake definitieve vergoeding" zou nemen (het document van 1,1 miljoen frank waar we het eerder over hadden).
4. Administratieve details
Afzender: Commissie voor Uitzonderlijke Voorrangen (gevestigd aan de Wetstraat 45, Brussel).
Referentie: AB/JVW – 15/V/1.
Opmerking: Er staat een handgeschreven getal op de brief (83.815), wat mogelijk een intern archiefnummer of een boekhoudkundige referentie van de RBC zelf is.
Kortom: Deze brief bewijst dat de Radio Broadcasting Company actief druk uitoefende om hun dossier prioritair te laten behandelen, en markeert het startschot voor de definitieve berekeningen door de provinciale directie.
1. De Omvang van de Schade Het verslag (voornamelijk opgesteld in 1955) geeft een gedetailleerd overzicht van de vernielingen die het bedrijf opliep gedurende de gehele oorlog. De schade is niet op één moment ontstaan, maar door een reeks gebeurtenissen:
Mei 1940: Artilleriebeschietingen en het opblazen van bruggen tijdens de inval.
Maart 1943: Geallieerde luchtaanvallen.
April/Mei 1944: Zware bombardementen op Leuven (o.a. het rangeerstation).
September 1944: Vernieling van bruggen door de terugtrekkende Duitsers en de inslag van een V1-raket op 29 november 1944.
2. De Technische Argumentatie (Het "Franstalige" verslag) Omdat de schade aan kabels vaak ondergronds zat of al provisorisch hersteld was, konden de experts de schade niet meer fysiek "tellen". Ze gebruikten daarom een ingenieuze methode:
Abonneeverlies: De experts analyseerden grafieken van het aantal abonnees. Bij elk bombardement zag men een scherpe daling. Ze concludeerden dat dit niet alleen door kapotte radio's kwam, maar door breuken in de hoofdkabels.
Statistiek: Men berekende dat gemiddeld 20% van het netwerk (ca. 130 km aan kabels) onherstelbaar beschadigd was geraakt door de opeenvolgende oorlogshandelingen.
3. De Financiële Berekening (De Tabellen) De tabellen (formulieren C1 en Intercalaire nr. 6) tonen de keiharde cijfers:
Gedeclareerde waarde: De firma claimde een totale schade van bijna 700.000 Belgische frank (gebaseerd op prijzen van 1939).
Expertise-waarde: De overheidsinspecteurs waren strenger. Ze trokken bedragen af voor "sleet" (vétusté) en verwierpen bepaalde provisorische herstellingen die niet strikt noodzakelijk waren.
Eindbedrag: Uiteindelijk werd de vergoedbare schade vastgesteld op een bedrag rond de 500.000 à 600.000 frank (waarde 1939), afhankelijk van de specifieke categorie (materieel vs. installaties).
4. Personeel en Kosten Opvallend is dat de firma destijds 5 arbeiders en 5 bedienden in dienst had. De experts berekenden zelfs de loonkosten voor herstel: een technicus verdiende in 1939 gemiddeld 6,50 frank per uur.
Dit pakket documenten is de "finale" van de jarenlange correspondentie. Het dossier werd op 10 maart 1955 definitief afgesloten met de handtekeningen van de experts (o.a. J. Goffin). Het bewijst dat de firma Radio Broadcasting Cy bijna 11 jaar na de bevrijding eindelijk de juridische en financiële erkenning kreeg voor de enorme schade aan hun infrastructuur in Leuven, Kessel-Lo en Heverlee.
1. Context en Betrokkenen Dit dossier betreft de aanvraag tot schadevergoeding van de Radio Broadcasting Company N.V. (RBC), gevestigd aan de Bogaardenstraat 70 te Leuven. De schade is ontstaan tussen 1940 en 1944 door gevechten en luchtbombardementen in Leuven tijdens de Tweede Wereldoorlog.
2. De Eerste Beslissing (7 juni 1955) Op deze datum werd de eerste "Beslissing in zake definitieve vergoeding" genomen door de Provinciale Directie van Brabant.
Aard van de schade: Verlies van "Exploitatie-uitrusting" (technische bedrijfsinstallaties).
Vastgesteld bedrag: Een totale vergoeding van 1.177.464 Belgische frank.
Wijze van uitbetaling:
588.732 fr. in contanten (speciën).
588.732 fr. in obligaties.
Extra steun: Er werd een aanvullend krediet (waarborg voor wederopbouw) verleend van 860.146 fr.
3. Waardebepaling De administratie baseerde zich op de waarde van de goederen in 1939 (geschat op 100.000 fr.). Dit bedrag werd via wettelijke coëfficiënten aangepast naar de prijzen van 1955, waarbij rekening werd gehouden met een ouderdomssleet van 64.436 fr.
4. De Cruciale Aantekening (15 juli 1958) Hoewel het basisdocument uit 1955 stamt, bevat de eerste pagina een belangrijke rode stempel van 15 juli 1958: "BEROEP of vanwege de Staat VERHAAL".
Deze stempel bewijst dat de beslissing uit 1955 niet het eindpunt was.
Drie jaar na de eerste raming werd de procedure heropend, wat uiteindelijk zou leiden tot de hogere herberekeningen (naar ruim 2 miljoen frank) die in latere documenten van dit dossier te vinden zijn.
5. Voorwaarden voor uitbetaling De vergoeding werd toegekend onder de strikte voorwaarde dat de geteisterde goederen hersteld of vervangen zouden worden in hun oorspronkelijke gemeente (Leuven) en voor hetzelfde gebruiksdoel.
Conclusie: Dit pakket documenten vormt de administratieve basis van de claim van RBC. Het laat zien hoe de staat in eerste instantie een vergoeding van 1,1 miljoen frank toekende, maar ook dat er in de zomer van 1958 een juridisch proces (beroep) in gang werd gezet om deze bedragen te herzien.
De brief bevestigt dat er een gerechtelijk onderzoek (een "instruction") is gevoerd door het Militair Auditoraat van Leuven naar de S.A. Raffinerie Tirlemontoise (de Suikerraffinaderij van Tienen).
Grondslag: Het onderzoek gebeurde op basis van artikel 115 van het Strafwetboek. In de context van de periode vlak na de Tweede Wereldoorlog was dit artikel gelinkt aan economische collaboratie of "hulp aan de vijand".
De uitkomst: Het onderzoek werd al op 3 juni 1946 afgesloten met een "ordonnance de non-lieu" (een beschikking van buitenvervolgingstelling). Dit betekent dat er onvoldoende bewijs was van strafbare feiten of dat de aanklacht werd geseponeerd. De raffinaderij werd dus volledig vrijgepleit.
Verklaring voor de vertraging: Nu begrijpen we waarom de uitbetaling van de oorlogsschade pas in 1958 werd afgerond. De overheid keerde geen schadevergoedingen uit aan bedrijven zolang er een onderzoek liep naar hun gedrag tijdens de bezetting.
De link met RBC: Omdat de RBC haar rechten op de schadevergoeding in 1941 had verkocht aan de Suikerraffinaderij, hing de uitbetaling van "jouw" dossier direct af van de juridische zuivering van de raffinaderij.
Context van de verkoop: Het werpt een interessant licht op de verkoop in 1941. In die tijd werden veel transacties met grote bedrijven na de oorlog nauwgezet onderzocht om te kijken of er sprake was van onrechtmatige verrijking of collaboratie.
Dit verslag, opgesteld door de Provinciale Directie van Wederopbouw te Hasselt, bevat de definitieve berekening van de oorlogsschade aan de gebouwen in de Henisstraat 67 te Tongeren naar aanleiding van de vernielingen in mei 1940.
Kernpunten voor het onderzoek:
Perceelreconstructie: Het document bevestigt de oorspronkelijke aankoop van 43a 65ca in 1931 en de verkoop van 4a 60ca bouwgrond in 1936.
De Verkoop van 1941: Het verduidelijkt dat bij de verkoop aan de Raffinerie Tirlemontoise in 1941 slechts 28a 08ca werd overgedragen. Een restant van 15a 57ca bleef in het bezit van RBC (voor de afwikkeling van schadeclaims).
Schadevaststelling: De materiële schade aan de bijgebouwen en hangars werd gewaardeerd op 42.500 fr. (waardepeil 1939).
Waardebepaling: Het verslag bevat een gedetailleerde vergelijking tussen de venale waarde (verkoopwaarde) in niet-geteisterde staat en de uiteindelijke verkoopprijs tijdens de oorlog.
Brussel: 15/12/1985
Ministerie van openbare werken en van wederopbouw
Provinciale directie: Brabant Wetstraat 35 Brussel
Beslissing inzake definitieve vergoeding, oorlogsschade dossier nr. 2.051.078
I. Bedrijfsuitrusting: Bogaardenstraat 70 Leuven
II. Onroerende goederen: Henisstraat 67 Tongeren.
betaalbaar cash = 1.264.458 Bfr.
aanvullend kredieten 780.924 Bfr.
Het uitbaten van alle nijverheids- handels- en financiële zaken en ondernemingen, inzonderheid die welke rechtstreeks of onrechtstreeks verband houden met electriciteit, radio-omroep en radionijverheid, televisie, mekaniek en radio, zowel als alle andere geluidsverspreiding tevens televisie en zoo voorts, het plaatsen en het exploiteeren van de netten en de installaties, die daarbij te pas komen en de handel in, verhuur en zoo voorts van alle toestellen die gebruikt worden of zouden kunnen worden voor de ontvangst en de verspreiding van ethergolven en verder alle zaken die daarmee in verband kunnen staan. Zij mag die uitbating doen rechtstreeks of onrechtstreeks. Dit doel wordt in den ruimsten zin opgevat; alles wat naar den zin der wet als handelsverrichting wordt beschouwd of aan naamloze vennootschappen wordt toegelaten, zoals onroerende zaken is mede in dit doel begrepen. Deze handel wordt ook gedreven onder de firmanaam “Radiocentrale” en Phonocentrale” op de adressen Bogaerdenstraat 70 Leuven en Fochplein 9 te Leuven, respectievelijk sedert 1 april 1933 en 15 oktober 1955.
Charles Nagant, geboren te Luik op 9 juli 1896, wonende te Tongeren, benoemd als beheerder op 20 oktober 1955 met volmacht tot 20 oktober 1961.
Jules Hamal, geboren te Luik op 23 maart 1896, wonende te Luik, benoemd als beheerder op 17 oktober 1957 met volmacht tot 17 oktober 1963.
Etienne Stevens, geboren te Mechelen op 2 februari 1896, wonende O.-L.-Vrouw-Waver, benoemd als beheerder op 17 oktober 1957 met volmacht tot 17 oktober 1963.
Louis Geradts, geboren te Posterholt op 6 januari 1901, wonende te Leuven, benoemd als beheerder op 15 oktober 1959 met volmacht tot 15 oktober 1965.
1. Betrokken Partijen Het contract is gesloten tussen twee groepen:
De Opdrachtgevers (enerzijds): N.V. Radio Echo (Antwerpen) en N.V. Radio Public (Brussel).
De Uitvoerder (anderzijds): N.V. Radio Technisch Studiebureau, afgekort als R.T.S. (Brussel).
2. Context en Doel (De "Overwegingen") De partijen stellen vast dat de N.V. Radio Broadcasting Cy (R.B.C.) uit Leuven soortgelijke activiteiten uitvoert als zijzelf. De opdrachtgevers willen nauwer samenwerken met R.B.C. en hebben vernomen dat de aandeelhouders van R.B.C. bereid zijn hun aandelen te verkopen.
3. Kern van de Overeenkomst (De Artikelen)
Artikel 1: De opdrachtgevers geven R.T.S. de opdracht om alle aandelen van R.B.C. aan te kopen. R.T.S. doet dit in eigen naam, maar in opdracht van de andere twee firma's.
Artikel 2: Voordat de koop definitief wordt, moet R.T.S. verslag uitbrengen aan de opdrachtgevers over de voorwaarden en specifiek over de gevraagde prijs.
Artikel 3: Zodra de koopvoorwaarden zijn goedgekeurd, zal R.T.S. de aandelen verdelen onder de opdrachtgevers volgens een vooraf opgestelde verdeellijst.
4. Datering en Ondertekening Het document is opgemaakt in Brussel op 24 januari 1964. Het is ondertekend door verschillende beheerders (bestuurders), waaronder G. Fris, A. Sledsens, E. Legrand, P. Coppens, C. van Beckhoven en W. Christiaensen.
Deze Franstalige en Nederlandstalige aktes duidelijk dat de aandelen werden overgedragen aan een afgevaardigde van Philips Brussel. Dit suggereert dat R.T.S. optrad als een dochteronderneming of holdingvehikel voor het Philips-concern.
1. Volmacht tot Verkoop en Schuldenregeling
In de eerste akte geven de hoofdaandeelhouders (Delvoie, Nagant en Geradts) volmacht aan advocaat Camille Vandenbergh om de aandelenoverdracht formeel af te wikkelen.
Transactiewaarde: De bevestiging van de totale som van 12.750.000 frank.
Directe Schuldaflossing: Er wordt specifiek vastgelegd dat 750.000 frank van de koopsom direct wordt gereserveerd voor de gedeeltelijke aanzuivering van schulden die de aandeelhouders nog hadden bij hun eigen vennootschap.
Verdeling Restant: Na aftrek van alle schulden wordt het saldo van 12 miljoen frank verdeeld onder de verkopers, waarbij Louis Geradts (ruim 5 miljoen frank) en Emile Delvoie (ruim 3,2 miljoen frank) de grootste begunstigden zijn.
2. Formele Afstand van Mandaten
Een tweede reeks documenten bevat de verklaringen van de zittende beheerders, de heren Nagant en Geradts.
Afstand van rechten: Zij doen expliciet afstand van alle vergoedingen en rechten die zij nog zouden hebben in hun hoedanigheid als beheerder van de N.V. Radio Broadcasting Cy te Leuven.
Ontslag: Zij stellen hun mandaat "ter beschikking", wat de weg vrijmaakt voor de nieuwe raad van beheer die op 20 februari (zoals gezien in de eerste documenten) werd geïnstalleerd.
3. De Philips-Connectie
Het meest opvallende element in deze documenten is de instructie om de aandelen over te dragen aan de afgevaardigde van de "S.A. Philips à Bruxelles, Rue d'Anderlecht". Dit plaatst de hele overname in een breder industrieel perspectief: een lokale radiodistributeur uit Leuven/Limburg die wordt opgeslokt door een internationale elektronicagigant.
Synthese
Deze aktes van 3 februari 1964 vormen de juridische "schoonmaak" die nodig was vóór de eigenlijke overdracht op 19 en 20 februari. De verkopers trokken zich volledig terug, deden afstand van hun bestuursrechten en gebruikten een deel van de verkoopprijs om hun privéboekhouding met de vennootschap recht te trekken. De vermelding van Philips bevestigt dat deze herstructurering onderdeel was van een consolidatieslag in de Belgische radiosector door grote marktspelers.
Dit luik van het dossier vormt de inventarisatie van het "kapitaal op de weg en in de lucht". Het bevestigt dat Philips/R.T.S. een volledig operationeel en fysiek vertakt netwerk kocht, inclusief de middelen om dit te onderhouden.
1. Het Rollend Materieel en de Mobiele Dienst
De nieuwe bijlagen bevatten een gedetailleerde lijst van het wagenpark. Dit was essentieel voor de interventies bij abonnees en het onderhoud van de bovengrondse lijnen:
Wagenpark: Er is sprake van diverse bedrijfsvoertuigen, waaronder bestelwagens (type Citroën 2CV of vergelijkbaar) die specifiek waren ingericht voor technische diensten.
Uitrusting: De voertuigen waren uitgerust met ladders, gereedschapskisten en meetapparatuur, wat aantoont dat R.B.C. een zelfvoorzienende technische dienst had.
2. De "Koppen" van het Netwerk: Versterkers en Centrales
De documenten beschrijven de technische configuratie van de hoofstations (centrales):
Hasselt en Leuven: Deze steden fungeerden als de belangrijkste hubs. De inventaris vermeldt grote aantallen versterkers, modulatoren en zendapparatuur.
Technische Staat: Er is een focus op de "reserve-capaciteit". Philips kocht niet alleen wat er op dat moment in gebruik was, maar ook de volledige stock aan reserveonderdelen (zoals vacuümbuizen en transformatoren), wat cruciaal was voor de continuïteit van de uitzendingen.
3. Netwerkstatistieken per Provincie
In de lijsten wordt een scherp onderscheid gemaakt tussen de verschillende regio's:
Limburgse as: De as Hasselt - Sint-Truiden - Tongeren vormde het hart van de operatie met duizenden actieve aansluitingen.
Brabantse spreiding: Leuven en Tienen dienden als de westelijke steunpunten.
Capaciteitsberekening: Een van de documenten bevat handgeschreven berekeningen waarbij het aantal abonnees wordt afgezet tegen de technische capaciteit van de kabels. Dit diende waarschijnlijk om te bepalen hoeveel extra abonnees Philips nog kon toevoegen zonder zware nieuwe investeringen in de grond.
4. Magazijninventaris en Gereedschappen
De laatste bijlagen tonen een bijna obsessieve inventarisatie van kleine goederen:
Van kabelhaspels en isolatoren tot soldeerstations en eenvoudige kantoormeubelen.
Deze "kleine activa" verklaren de nauwkeurigheid van de balans (zoals eerder gezien) en dienden als bewijs dat de verkopers de vennootschap in een volledig operationele staat overdroegen.
Eindconclusie van het volledige dossier
De combinatie van alle documenten — van de eerste verkoopovereenkomst en de Philips-volmachten tot deze laatste technische inventarissen — schetst het beeld van een uiterst grondige bedrijfsovername.
1. De Overnameovereenkomst (Aandelenoverdracht)
De kern van de documenten is een contract tussen de private aandeelhouders (de families Delvoie, Nagant en Geradts) en de koper, R.T.S.
Transactie: R.T.S. koopt alle 1.500 aandelen van R.B.C. op.
Koopsom: De totale prijs is vastgesteld op 12.750.000 Belgische frank (8.500 frank per aandeel).
Schuldenverrekening: Een opvallend detail is dat de verkopers nog aanzienlijke persoonlijke schulden hadden uitstaan bij hun eigen vennootschap (totaal ruim 1,5 miljoen frank). Dit bedrag werd direct van de koopsom ingehouden via een aparte bankcheck om deze schulden te delgen. De grootste schuldenaar was Emile Delvoie (1.000.000 frank).
Garanties: De verkopers garanderen dat de balans van 30 juni 1963 correct is en dat er sindsdien geen abnormale zaken zijn gebeurd, zoals winstuitkeringen of het bezwaren van onroerend goed.
Dochterondernemingen: Uit het contract blijkt dat R.B.C. niet alleen stond; het was de moedermaatschappij van Interradio en de Belgian Radio Corporation.
2. Financiële Analyse (Balans per 30 juni 1963)
De bijgevoegde balans geeft een inkijk in de waarde van het bedrijf ten tijde van de overname.
Activa (Bezittingen): Het balanstotaal bedraagt 18.822.329 frank.
Het overgrote deel van de waarde zit in de "Centrale en Aansluitingen" (ruim 13 miljoen frank), wat duidt op een uitgebreid fysiek netwerk voor radiodistributie.
Er zijn vestigingen of inrichtingskosten vermeld voor Leuven, Hasselt, Sint-Truiden en Diest.
Opvallend is de post "Diverse debiteuren", waarin de schulden van de heren Geradts en Delvoie al zichtbaar zijn op de balans.
Passiva (Kapitaal en Schulden):
Het eigen vermogen (kapitaal en reserves) bedraagt ongeveer 6,5 miljoen frank.
De vennootschap heeft een aanzienlijke schuldenlast bij leveranciers (9,6 miljoen frank) en bankinstellingen (Kredietbank en N.M.K.N.).
Resultaat: Het boekjaar werd afgesloten met een klein verlies van 6.229 frank, wat in combinatie met de overgedragen winst resulteerde in een positief saldo van 291.175 frank.
3. Juridische Waarborgen en Geschillen
Het contract bevat een uitgebreide clausule over een "Scheidsgerecht". Eventuele betwistingen over de overname worden niet voor een gewone rechtbank gebracht, maar voorgelegd aan drie "twistvereffenaars" (arbitrage). Dit was een gebruikelijke manier om zakelijke geschillen discreet en snel op te lossen.
Synthese
De overname voor 12,75 miljoen frank was een strategische zet van R.T.S. om een gevestigd netwerk in de regio Leuven-Limburg in handen te krijgen. De balans laat zien dat R.B.C. een kapitaalintensief bedrijf was met veel vaste activa (infrastructuur), maar ook met een aanzienlijke schuldenlast en private verstrengeling van de aandeelhouders. De overname zorgde voor een "propere lei" door de persoonlijke schulden van de verkopers direct te verrekenen met de verkoopprijs.
Dit schrijven, gedateerd op 19 februari 1964, is gericht aan advocaat Camille Vandenbergh (als volmachthebber) en de heer Emile Delvoie. De brief is ondertekend door M. De Sutter, die optreedt namens de kopende partij, N.V. Radio-technisch Studie Bureau (R.T.S.).
Kernpunten van de Analyse
Tijdsbeperking van de Waarborg: De brief dient om formeel vast te leggen dat de waarborg die door de verkopers is verleend (zoals omschreven in Artikel 4 van de hoofdovereenkomst), niet onbeperkt geldig blijft. De partijen zijn overeengekomen deze in de tijd te beperken tot 1 augustus 1964.
Risicomanagement: De verkopers verklaarden in de hoofdovereenkomst dat de balans correct was en dat er geen verborgen schulden waren. Met dit document wordt de periode waarin de koper (R.T.S.) claims kan indienen voor eventuele onregelmatigheden uit het verleden, beperkt tot circa vijf en een halve maand na de overname.
Uitzondering op de Beperking: In de tekst wordt expliciet vermeld dat de beperking geldt voor de volledige waarborg, uitgezonderd het onderwerp van de laatste alinea van Artikel 4. Dit wijst erop dat voor specifieke, mogelijk risicovollere verplichtingen of verbintenissen die niet in de boekhouding waren opgenomen, de persoonlijke verantwoordelijkheid van de verkopers langer van kracht bleef (zoals ook gesuggereerd in de tekst van de hoofdovereenkomst).
Juridische Bevestiging: De brief fungeert als een bindende bevestiging van een mondelinge of aanvullende afspraak ("sterkmaking") tussen koper en verkoper, om latere discussies over de duur van de aansprakelijkheid te vermijden.
Conclusie
Dit document was essentieel voor de verkopers (de families Delvoie, Nagant en Geradts) om hun juridische blootstelling na de verkoop van de aandelen te limiteren. Het markeert het definitieve kader waarbinnen de overdracht van de Radio Broadcasting Cy plaatsvond: een snelle overgang van verantwoordelijkheid, waarbij de koper slechts een korte periode kreeg om eventuele lijken in de kast te ontdekken onder de algemene waarborgclausules.
1. Context en Datum De brief is gedateerd op 19 februari 1964, Brussel. Dit is minder dan een maand na de initiële overeenkomst van 24 januari. De brief verwijst naar een "op heden ondertekende overeenkomst" betreffende de overdracht van de aandelen van Radio Broadcasting Cy (R.B.C.) aan R.T.S.
2. Geadresseerde De brief is gericht aan de Heer E. Delvoie, woonachtig aan de Winston Churchilllaan in Brussel. Gezien de inhoud van de brief (commissies op abonnementen en verkopen) lijkt de heer Delvoie een directeur of een commercieel verantwoordelijke te zijn binnen R.B.C.
3. Kern van de Brief: De Bezoldiging De brief legt vast dat het bruto salaris van de heer Delvoie tot en met 29 februari 1964 berekend blijft volgens de bij R.B.C. gebruikelijke basis, ondanks een afwijking van het algemene contract. De vergoeding bestaat uit:
Vast salaris: 36.300 Belgische Frank per maand.
Variabel loon (Commissies):
3% op de geïnde abonnementsgelden (over de periode juli 1963 - februari 1964).
3% op de verwezenlijkte brutowinst op verkopen in dezelfde periode.
Onkostenvergoedingen:
5.000 Frank reisvergoeding.
6.800 Frank autokosten per maand.
Opmerking: De persoonlijke auto- en kilometerkosten zijn voor eigen rekening, maar de effectieve reiskosten worden gedragen door de N.V. R.B.C.
4. Ondertekening De brief is ondertekend door twee Beheerders (bestuurders), waarschijnlijk van de overnemende partij (R.T.S.), om de gemaakte afspraken te bekrachtigen.
1. Betrokken Partijen
Eerste ondergetekende: N.V. Radio Technisch Studiebureau (R.T.S.), vertegenwoordigd door twee beheerders.
Tweede ondergetekende: De Heer Emile Delvoie.
2. Kernpunten van de Overeenkomst Het document regelt de "zachte landing" van de heer Delvoie na de verkoop van zijn aandelen in R.B.C.:
Artikel 1: Toekomstige tewerkstelling en pensioen
Fase A (1964-1967): Delvoie blijft in dienst als adviseur met een bediendenstatuut. Hij ontvangt een vast bruto maandloon van 40.000 Frank en behoudt zijn groepsverzekering bij "La Royale Belge".
Fase B (1967-1974): Na zijn actieve dienst krijgt hij gedurende zeven jaar een maandelijkse som van 10.000 Frank, bovenop zijn reguliere pensioen. Dit fungeert in feite als een soort afvloeiingsregeling of aanvullend pensioen.
Artikel 2: Financiële Vrijwaring (Cruciaal punt) R.T.S. verbindt zich ertoe Emile Delvoie te ontslaan van al zijn persoonlijke borgstellingen en hypotheekbeloften die hij was aangegaan bij de Kredietbank en de N.M.K.N. voor de schulden van N.V. R.B.C. en N.V. Interradio. Dit betekent dat de overnemer de bankrisico's van de voormalige eigenaar overneemt.
Artikel 3: Werkgelegenheid voor zoon R.T.S. belooft (maakt zich sterk) dat ook de zoon, Christiaen Delvoie, zijn functie binnen het bedrijf kan voortzetten, mits hij over de juiste kwaliteiten beschikt volgens de directie.
Artikel 4: Scheidsgerecht Eventuele geschillen over dit contract worden niet voor de gewone rechtbank beslecht, maar via arbitrage (drie "twistvereffenaars"). Dit was (en is) gebruikelijk bij grote zakelijke overdrachten om discretie te waarborgen.
3. Datering en Ondertekening Opgemaakt te Leuven in februari 1964. Het document is ondertekend door de beheerders van R.T.S. en door Emile Delvoie zelf.
Op 20 februari 1964 vond een cruciale bestuurlijke transitie plaats binnen de Belgische vennootschap N.V. Radio Broadcasting Cy. Tijdens een Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders werd een volledige herschikking van het beleid doorgevoerd, gestuurd door de hoofdaandeelhouder, N.V. Radio Technisch Studiebureau.
Sanering van het Bestuur
Tijdens de vergadering werd besloten om het zittende bestuur, bestaande uit vier beheerders en een commissaris, eervol ontslag te verlenen. Om de slagvaardigheid van de onderneming te vergroten, werd het aantal beheerders statutair teruggebracht naar drie. De nieuwe Raad van Beheer werd als volgt samengesteld:
E. Delvoie (Ukkel) – Voorzitter van de Raad.
M. De Sutter (Sint-Pieters-Leeuw) – Afgevaardigde-Beheerder.
W. Christiaensen (Berchem-Antwerpen) – Beheerder.
W.L. Michaels werd aangesteld als de nieuwe commissaris van de vennootschap.
Operationele Bevoegdheden en Financiële Controle
Direct na de algemene vergadering legde de nieuwe raad de interne taakverdeling en de tekenbevoegdheden vast. Hierbij werd een strikt kader gecreëerd voor de dagelijkse leiding:
Dagelijks Beheer: De heer M. De Sutter werd als Afgevaardigde-Beheerder verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken. Hij kreeg de bevoegdheid om zelfstandig te tekenen voor transacties tot een bedrag van 1.000.000 Belgische frank.
Collectieve Controle: Voor alle betalingen en transacties die het bedrag van één miljoen frank overschreden, werd de gezamenlijke handtekening van twee beheerders verplicht gesteld.
Gedelegeerde Volmachten: Om de administratieve continuïteit te waarborgen, kregen ook enkele andere functionarissen beperkte volmachten. De heer F. Maenen mocht handelen tot een limiet van 500.000 frank, terwijl de heren Ludovik Doucet, Frans Pawnes en Aug. Van Leemput specifieke volmachten kregen voor de ondertekening van briefwisseling en de ontvangst van goederen.
Conclusie
Deze herstructurering markeerde een duidelijke centralisatie van de controle onder de vlag van de N.V. Radio Technisch Studiebureau. Door het afslanken van de raad en het invoeren van scherpe financiële limieten, werd een transparante en hiërarchische commandostructuur neergezet die kenmerkend was voor de zakelijke professionalisering in die periode.
1. Context en Formele Gegevens
Datum: 15 juli 1964.
Locatie van verzending: Antwerpen.
Bestemmeling: Radio Technisch Studiebureau, Chazallaan 140, Brussel 3.
Ondertekenaars: Beheerders van zowel N.V. Radio Public (E. Legrand & P. Coppens) als N.V. Radio Echo (G. Fris & A. Sledsens).
2. Kern van de Brief
De brief verwijst naar een contract van 24 januari 1964 (artikel 3) betreffende de overname van de aandelen van R.B.C. Er wordt expliciet gevraagd om over te gaan tot de verdeling van 1500 aandelen volgens een specifieke verdeelsleutel.
3. De Aandelenverdeling
De verdeling bevestigt de machtsverhoudingen die in het latere document (van november 1964) leiden tot de fusie:
Aandeelhouder / Aantal Aandelen
Radio Echo 1.000
Radio Public 460
Interradio 5
M. De Sutter 10
M. D'Haens 10
M. Verhoop 10
M. Michaels 5
Totaal 1.500
1. Context en Verzender De brief is gedateerd op 23 september 1964 (acht maanden na de overnameovereenkomst). De brief is geschreven door M. De Sutter uit Sint-Pieters-Leeuw en is gericht aan de Heer R. Humbeeck. Gezien de toon en de vraag om een "project van ingebrekestelling" op te maken, is de heer Humbeeck waarschijnlijk de juridisch adviseur of advocaat van de overnemende partij (R.T.S.).
2. De Betwiste Punten (Het Geschil) Er is een conflict ontstaan tussen de N.V. Radio Technisch Studie Bureau (R.T.S.) en de Heer A.E. Delvoie "en consorten" (de voormalige eigenaars). Er is een totaal tekort vastgesteld van ongeveer 755.000 Belgische Frank. Dit is onderverdeeld in:
Inventarisverschillen (Fr. 591.494,-): De administratie heeft vastgesteld dat er grote tekorten waren in de voorraad over twee periodes:
Juli 1962 – Juni 1963: Fr. 152.384,-
Juli 1963 – Februari 1964: Fr. 439.110,-
Achtergehouden gelden (Fr. 163.700,-): Er wordt melding gemaakt van gelden die zijn achtergehouden door de gerant van de winkel in Tervuren (een zekere heer Braes).
3. Juridische Grondslag De brief verwijst expliciet naar de "bestaande overeenkomst" (waarschijnlijk het contract uit februari 1964). Volgens artikel 4, punt 1 van die overeenkomst zouden de heer Delvoie en zijn partners persoonlijk aansprakelijk zijn voor deze tekorten en moeten zij deze vergoeden.
4. Verloop van het Conflict Uit de tekst blijkt dat R.T.S. de heer Delvoie al vaker heeft gecontacteerd:
Een eerste schrijven op 28 mei 1964.
Een herinnering per aangetekende brief op 22 juli 1964. Omdat er blijkbaar geen bevredigende reactie kwam, wordt er nu overgegaan tot een formele ingebrekestelling.
1. Context en Formele Gegevens
Datum: 9 november 1964.
Locatie: Maatschappelijke zetel aan de Bogaerdenstraat 50 te Leuven.
Aanwezigen: De heer W. Christiaensen (beheerder) en de heer M. De Sutter (afgevaardigde-beheerder).
2. Kern van de Besluitvorming
Het document betreft een strategisch voorstel om de N.V. Radio Broadcasting Cy (R.B.C.) te laten fuseren met haar hoofdaandeelhouder, de N.V. Radio Echo. De belangrijkste punten zijn:
Rationalisatie: Men stelt dat de activiteiten van beide bedrijven nauw samenhangen. Een fusie zou leiden tot een efficiënter beheer en een betere exploitatie.
De Fusievorm: Er is gekozen voor een overname (opslorping). Aangezien Radio Echo reeds $2/3$ van de aandelen van R.B.C. in bezit heeft, is dit de meest logische weg.
Betrokken Partijen: Naast Radio Echo wordt ook Radio Public genoemd als de tweede belangrijke aandeelhouder waarmee overlegd moet worden.
3. Juridische en Procedurele Stappen
De Raad van Beheer heeft de volgende acties goedgekeurd:
Mandaat: De heer De Sutter krijgt de volmacht om de modaliteiten van de fusie te regelen.
Ontbinding: Er wordt een buitengewone algemene vergadering bijeengeroepen om te beslissen over de vervroegde ontbinding van de vennootschap (onder voorwaarde van de fusie).
Audit: De heer Tytgat is aangesteld als bedrijfsrevisor om een speciaal verslag op te stellen conform de toenmalige wetgeving op de handelsvennootschappen (Art. 34).
Conclusie
Dit document markeert een historisch moment van consolidatie binnen de Belgische radiosector van de jaren '60, waarbij kleinere entiteiten werden samengevoegd onder grotere spelers zoals Radio Echo om schaalvoordelen te behalen.
« Radio Broadcasting Company », in 't kort « R.B.C. », naamloze vennootschap, te Leuven, Bogaardenstraat 50
Handelsregister van Leuven, nr. 3003
—
De heren aandeelhouders worden uitgenodigd tot het bijwonen van de buitengewone algemene vergadering, welke doorgaat te Brussel-3, Chazallaan 140, op woensdag 16 december 1964, om 14 u 30, met de volgende dagorde :
Dagorde :
1. Voorstel tot versmelting met de naamloze vennootschap « Radio Echo », te Berchem-Antwerpen, door inbreng in deze vennootschap van gans het actief en passief op 31 augustus 1964, met in verstande dat alle verhandelingen gedaan van 1 september 1964 af, voor rekening zijn van de vennootschap « Radio Echo », ten laste van deze laatste :
a) In vergelding van deze inbreng, 3.000 nieuwe aandelen van de vennootschap « Radio Echo » zonder aanduiding van nominale waarde toekennen; deze nieuwe aandelen van hetzelfde soort en genietend van dezelfde rechten als de huidige bestaande aandelen, door de vereffenaars aan de aandeelhouders van de vennootschap « R.B.C. » te overhandigen, behalve aan de naamloze vennootschap « Radio Echo », naar evenredigheid van zes nieuwe aandelen « Radio Echo » voor één aandeel « Radio Broadcasting Company »;
b) Al de passiva van de overdragende vennootschap te betalen, haar verbintenissen te voldoen, alle kosten, lasten en belastingen veroorzaakt door de inbreng en de vereffening te dragen.
2. Onder de opschorsende voorwaarde van beslissing door de algemene vergadering der aandeelhouders van de vennootschap « Radio Echo » tot versmelting :
a) Vroegtijdige ontbinding en vereffening van de vennootschap;
b) Benoeming der vereffenaars;
c) Aanduiding van hun bevoegdheden, ondermeer inbreng te doen van gans het actief en het passief van de vennootschap aan de naamloze vennootschap « Radio Echo », de versmelting authentiek te doen vaststellen; in vergelding van deze inbreng de 3.000 nieuwe aandelen van de vennootschap « Radio Echo » te ontvangen en deze aan de aandeelhouders te overhandigen, behalve aan de vennootschap « Radio Echo ».
3. Ontslag aan de beheerders en commissarissen tot vereffening.
Neerlegging van de titels vóór 11 december 1964, op de maatschappelijke zetel, of Chazallaan 140, Brussel-3.
(12620)
« Radio Echo », naamloze vennootschap, te Berchem-Antwerpen, Statiestraat 2
Handelsregister van Antwerpen, nr. 154766
—
De heren aandeelhouders worden uitgenodigd tot het bijwonen van de buitengewone algemene vergadering, welke doorgaat te Brussel-3, Chazallaan 140, op woensdag 16 december 1964, om 15 uur, met de volgende dagorde :
Dagorde :
1. Voorstel tot opslorping van de naamloze vennootschap « Radio Broadcasting Company », in het kort « R.B.C. », waarvan de maatschappelijke zetel te Leuven gevestigd is, door inbreng door deze maatschappij van gans haar actieve en passieve toestand op 31 augustus 1964, met dien verstande dat van deze dag af alle verhandelingen gedaan door « R.B.C. » voor rekening en ten laste zijn van de vennootschap « Radio Echo », evenals de kosten, belastingen en lasten veroorzaakt door de inbreng en de vereffening van de vennootschap « Radio Broadcasting Company ».
Bijzonder verslag van de raad van beheer over het belang van de ontworpen opslorping voor de vennootschap.
Verslag van de bedrijfsrevisor betreffende de beschrijving en de schatting van de inbrengen en de als tegenprestatie verstrekte vergoeding.
2. Vaststelling dat op de 1 500 aandelen zonder aanduiding van nominale waarde die het kapitaal van de vennootschap « Radio Broadcasting Company » vertegenwoordigen, er 1 000 in het bezit zijn van de vennootschap « Radio Echo ».
3. Met het oog op deze verrichting : kapitaalsverhoging tot beloop van 4 000 000 F om het te brengen van 75 000 000 F op 79 000 000 F, door het uitgeven van 3 000 nieuwe aandelen zonder aanduiding van nominale waarde, volledig volgestort, van hetzelfde soort en genietend vanaf 1 januari 1964 van dezelfde rechten en voordelen als de op dit ogenblik bestaande aandelen.
4. Tot vergelding van haar inbreng, de 3 000 nieuwe aandelen aan de vennootschap « Radio Broadcasting Company » toekennen, en deze aan de aandeelhouders van de geabsorbeerde vennootschap te overhandigen, behalve aan de vennootschap « Radio Echo », naar evenredigheid van zes nieuwe aandelen voor één aandeel van de geabsorbeerde vennootschap.
De vereffenaars zullen deze verdeling doen.
5. Bevoegdheid aan twee leden van de raad van beheer te verlenen voor het uitoefenen van de hierboven vastgestelde beslissingen, en onder meer, ze authentiek te doen vaststellen.
Neerlegging van de titels vóór 11 december 1964, op de maatschappelijke zetel, of Chazallaan 140, Brussel-3.
(12621)
5 DECEMBER 1964
« Radio Broadcasting Company », in 't kort « R.B.C. », naamloze vennootschap, te Leuven, Bogaardenstraat 50
Handelsregister van Leuven, nr. 3003
De heren aandeelhouders worden uitgenodigd tot het bijwonen van de buitengewone algemene vergadering, welke doorgaat te Brussel-3, Chazallaan 140, op woensdag 16 december 1964, om 14 h 30, met de volgende dagorde :
Dagorde :
1. Voorstel tot versmelting met de naamloze vennootschap « Radio Echo », te Berchem-Antwerpen, door inbreng in deze vennootschap van gans het actief en passief op 31 augustus 1964, met in verstande dat alle verhandelingen gedaan van 1 september 1964 af, voor rekening zijn van de vennootschap « Radio Echo », ten laste van deze laatste :
a) In vergelding van deze inbreng, 3 000 nieuwe aandelen van de vennootschap « Radio Echo » zonder aanduiding van nominale waarde toekennen; deze nieuwe aandelen van hetzelfde soort en genietend van dezelfde rechten als de huidige bestaande aandelen, door de vereffenaars aan de aandeelhouders van de vennootschap « R.B.C. » te overhandigen, behalve aan de naamloze vennootschap « Radio Echo », naar evenredigheid van zes nieuwe aandelen « Radio Echo » voor één aandeel « Radio Broadcasting Company »;
b) Al de passiva van de overdragende vennootschap te betalen, haar verbintenissen te voldoen, alle kosten, laste en belastingen veroorzaakt door de inbreng en de vereffening te dragen.
2. Onder de opschorsende voorwaarde van beslissing door de algemene vergadering der aandeelhouders van de vennootschap « Radio Echo » tot versmelting :
a) Vroegtijdige ontbinding en vereffening van de vennootschap;
b) Benoeming der vereffenaars;
c) Aanduiding van hun bevoegdheden, ondermeer inbreng te doen van gans het actief en het passief van de vennootschap aan de naamloze vennootschap « Radio Echo », de versmelting authentiek te doen vaststellen; in vergelding van deze inbreng de 3 000 nieuwe aandelen van de vennootschap « Radio Echo » te ontvangen en deze aan de aandeelhouders te overhandigen, behalve aan de vennootschap « Radio Echo ».
3. Ontslag aan de beheerders en commissarissen tot vereffening.
Neerlegging van de titels vóór 11 december 1964, op de maatschappelijke zetel, of Chazallaan 140, Brussel-3. (12620)
« Radio Echo », naamloze vennootschap, te Berchem-Antwerpen, Statiestraat 2
Handelsregister van Antwerpen, nr. 154766
—
De heren aandeelhouders worden uitgenodigd tot het bijwonen van de buitengewone algemene vergadering, welke doorgaat te Brussel-3, Chazallaan 140, op woensdag 16 december 1964, om 15 uur, met de volgende dagorde :
Dagorde :
1. Voorstel tot opslorping van de naamloze vennootschap « Radio Broadcasting Company », in het kort « R.B.C. », waarvan de maatschappelijke zetel te Leuven gevestigd is, door inbreng door deze maatschappij van gans haar actieve en passieve toestand op 31 augustus 1964, met dien verstande dat van deze dag af alle verhandelingen gedaan door « R.B.C. » voor rekening en ten laste zijn van de vennootschap « Radio Echo », evenals de kosten, belastingen en lasten veroorzaakt door de inbreng en de vereffening van de vennootschap « Radio Broadcasting Company ».
Bijzonder verslag van de raad van beheer over het belang van de ontworpen opslorping voor de vennootschap.
Verslag van de bedrijfsrevisor betreffende de beschrijving en de schatting van de inbrengen en de als tegenprestatie verstrekte vergoeding.
2. Vaststelling dat op de 1 500 aandelen zonder aanduiding van nominale waarde die het kapitaal van de vennootschap « Radio Broadcasting Company » vertegenwoordigen, er 1 000 in het bezit zijn van de vennootschap « Radio Echo ».
3. Met het oog op deze verrichting : kapitaalsverhoging tot beloop van 4.000.000 F om het te brengen van 75.000.000 F op 79.000.000 F, door het uitgeven van 3000 nieuwe aandelen zonder aanduiding van nominale waarde, volledig volgestort, van hetzelfde soort en genietend vanaf 1 januari 1964 van dezelfde rechten en voordelen als de op dit ogenblik bestaande aandelen.
4. Tot vergelding van haar inbreng, de 3000 nieuwe aandelen aan de vennootschap « Radio Broadcasting Company » toekennen, en deze aan de aandeelhouders van de geabsorbeerde vennootschap te overhandigen, behalve aan de vennootschap « Radio Echo », naar evenredigheid van zes nieuwe aandelen voor één aandeel van de geabsorbeerde vennootschap.
De vereffenaars zullen deze verdeling doen.
5. Bevoegdheid aan twee leden van de raad van beheer te verlenen voor het uitoefenen van de hierboven vastgestelde beslissingen, en onder meer, ze authentiek te doen vaststellen.
Neerlegging van de titels vóór 11 december 1964, op de maatschappelijke zetel, of Chazallaan 140, Brussel-3.
(12621)
Bij akte van 16 december 1964 (Belgisch Staatsblad nr. 453 van 6 januari 1965) werd vermeld dat de vennootschap R.B.C. vroegtijdig ontbonden werd maar dat er overgegaan werd tot een versmelting met de naamloze vennootschap “Radio Echo” hebbende de maatschappelijke zetel te Berchem-Antwerpen, Statiestraat 2.
Sociétés commerciales — 453-462 — Handelsvennootschappen
N. 453
« Radio Broadcasting Company », in 't kort : « R.B.C. », naamloze vennootschap, te Leuven
Bogaardenstraat 50
Handelsregister van Leuven, nr. 3003
—
BESLUIT TOT VERSMELTING MET DE NAAMLOZE VENNOOTSCHAP « RADIO ECHO ». — VROEGTIJDIGE ONTBINDING. BENOEMING DER VEREFFENAARS. — AANDUIDING VAN HUN BEVOEGDHEDEN
Het jaar negentienhonderd vierenzeventig, op zestien december, om veertien uur dertig.
Te Schaarbeek (Brussel-3), Chazallaan 140.
Voor ons, Jean Dupont, notaris verblijvende te Brussel.
Werd gehouden een buitengewone algemene vergadering der aandeelhouders van de naamloze vennootschap « Radio Broadcasting Company », in 't kort : « R.B.C. », hebbende haar maatschappelijke zetel te Leuven, Bogaardenstraat 50, opgericht luidens akte opgemaakt door Mr. Frans Alois Torfs, notaris te Antwerpen, op achtentwintig februari negentienhonderd negenentwintig, verschenen in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad van tweeëntwintig maart daarna, nr. 3287, en waarvan de statuten verscheidene malen gewijzigd werden en voor de laatste maal door akte verleden voor Mr. Albert Richir, notaris te Brussel, op veertien juni negentienhonderd tweeënzestig, verschenen als hierhoger, op twee juli negentienhonderd tweeënzestig, nr. 20090.
De vergadering wordt voorgezeten door de heer Aloïs Sledsens.
Zijn tegenwoordig of vertegenwoordigd :
1. De naamloze vennootschap « Radio Echo », hebbende haar maatschappelijke zetel te Berchem-Antwerpen, Statiestraat 2.
Hier vertegenwoordigd door twee van haar beheerders, te weten : 1° de heer Aloïs Sledsens, beheerder van maatschappij, wonende te Borgerhout, Helmstraat 87, en 2° de heer Paul Coppens, hoogleraar aan de Universiteit van Leuven, wonende te Elsene, Tenbosstraat 49, handelende krachtens artikel 22 der statuten, tot deze functie benoemd ingevolge beslissing van de algemene vergadering van gezegde vennootschap, op zes oktober negentienhonderd éénenzestig, als hierboven verschenen op vijfentwintig oktober daarna, nr. 28775, eigenares van duizend aandelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1000
2. De heer Marcel De Sutter, directeur van maatschappij, wonende te Sint-Pieters-Leeuw, Europalaan 104, eigenaar van vijf aandelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
3. De heer Paul d'Haens, accountant, wonende te Zellik, Sint-Bavolaan 4, eigenaar van vijf aandelen . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
— — — —
Samen : duizend en tien aandelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1010
De voorzitter zet uiteen :
A. Dat deze vergadering samengeroepen is geworden om te beraadslagen over de volgende dagorde :
1. Voorstel tot versmelting met de naamloze vennootschap « Radio Echo », te Berchem-Antwerpen, door inbreng in deze vennootschap van gans het actief en passief op éénendertig augustus negentienhonderd vierenzeventig, met dien verstande dat alle verhandelingen gedaan van één september negentienhonderd vierenzeventig af, voor rekening zijn van de vennootschap « Radio Echo », ten laste van deze laatste :
a) in vergelding van deze inbreng, drieduizend nieuwe aandelen van de vennootschap « Radio Echo » zonder aanduiding van nominale waarde toekennen; deze nieuwe aandelen van hetzelfde soort en genietend van dezelfde rechten als de huidige bestaande aandelen, door de vereffenaars aan de aandeelhouders van de vennootschap « R.B.C. », te overhandigen, behalve aan de naamloze vennootschap « Radio Echo », naar evenredigheid van zes nieuwe aandelen « Radio Echo » voor één aandeel « Radio Broadcasting Company ».
b) al de passiva van de overdragende vennootschap te betalen, haar verbintenissen te voldoen, alle kosten, lasten en belastingen veroorzaakt door de inbreng en de vereffening te dragen.
2. Onder de opschorsende voorwaarde van beslissing door de algemene vergadering der aandeelhouders van de vennootschap « Radio Echo » tot versmelting :
a) vroegtijdige ontbinding en vereffening van de vennootschap;
b) benoeming der vereffenaars;
c) aanduiding van hun bevoegdheden, ondermeer inbreng te doen van gans het actief en het passief van de vennootschap aan de naamloze vennootschap « Radio Echo », de versmelting authentiek te doen vaststellen; in vergelding van deze inbreng de drieduizend nieuwe aandelen van de vennootschap « Radio Echo » te ontvangen en deze aan de aandeelhouders te overhandigen, behalve aan de vennootschap « Radio Echo ».
3. Ontslag aan de beheerders en commissarissen tot vereffening.
B. Dat de oproepingsbrieven met deze dagorde gedaan werden overeenkomstig de bepalingen van het artikel 73 der gecoördineerde wetten, benevens de zendbrieven gericht tot de aandeelhouders op naam, door de aankondigingen tweemaal ingelast ten minste met acht dagen tussentijd en acht dagen vóór de vergadering in de volgende dagbladen, waarvan de verrechtvaardigende nummers neergelegd worden op het bureau van de vergadering, te weten :
Het Belgisch Staatsblad, nummers van zesentwintig november negentienhonderd vierenzeventig en vijf december negentienhonderd vierenzeventig.
La Cote libre, dagblad verschijnende te Brussel, nummers van zesentwintig november negentienhonderd vierenzeventig en zes/zeven december negentienhonderd vierenzeventig.
Monimat, dagblad verschijnende in de provincie Brabant, nummers van zesentwintig november negentienhonderd vierenzeventig en vijf/zes december negentienhonderd vierenzeventig.
C. Dat op de duizend vijfhonderd aandelen, die geheel het maatschappelijk kapitaal uitmaken, de huidige vergadering duizend en tien aandelen vertegenwoordigt, hetzij meer dan de helft van het maatschappelijk kapitaal.
Dientengevolge en overeenkomstig artikel zeventig van de gecoördineerde wetten, kan de huidige vergadering geldig beraadslagen.
De vergadering gaat over tot de bespreking der dagorde.
Na een uiteenzetting door de voorzitter neemt de vergadering de volgende besluiten :
Eerste besluit
De vergadering neemt het besluit onder de opschorsende voorwaarde van beslissing tot versmelting door de buitengewone algemene vergadering der aandeelhouders van de naamloze vennootschap « Radio Echo », te Berchem-Antwerpen, Statiestraat 2, de huidige vennootschap met de vennootschap « Radio Echo », te versmelten, door inbreng in deze vennootschap van gans het actief en passief op éénendertig augustus negentienhonderd vierenzeventig, met dien verstande dat alle verhandelingen gedaan van één september negentienhonderd vierenzeventig af, voor rekening van de vennootschap « Radio Echo » zijn, ten laste van deze laatste :
a) in vergelding van deze inbreng, drieduizend nieuwe aandelen van de vennootschap « Radio Echo » zonder aanduiding van nominale waarde, volledig volgestort toekennen; deze nieuwe aandelen van hetzelfde soort en genietend van dezelfde rechten als de huidige bestaande aandelen, door de vereffenaars aan de aandeelhouders van de vennootschap « R.B.C. », te overhandigen, behalve aan de naamloze vennootschap « Radio Echo », naar evenredigheid van zes nieuwe aandelen « Radio Echo », voor één aandeel « Radio Broadcasting Company ».
De aandelen van de vennootschap « Radio Broadcasting Company », toebehorende aan de vennootschap « Radio Echo » zullen ingevolge de versmelting vernietigd worden.
b) al de passiva van de overdragende vennootschap te betalen, haar verbintenissen te voldoen, alle kosten, lasten en belastingen veroorzaakt door de inbreng en de vereffening te dragen.
Tweede besluit
Dientengevolge, neemt de vergadering het besluit de vennootschap « Radio Broadcasting Company », vroegtijdig te ontbinden en te vereffenen.
Deze ontbinding en vereffening zullen door de eenvoudige aanneming van de versmelting door de buitengewone algemene vergadering der aandeelhouders van de vennootschap « Radio Echo » werkelijk worden.
De benoeming der vereffenaars en de bevoegdheden die hun hierna verleend zijn, zullen op dat ogenblik van kracht worden.
Derde besluit
Onder dezelfde opschorsende voorwaarde, beslist de vergadering twee vereffenaars te benoemen :
1. De heer Marcel De Sutter, wonende te Sint-Pieters-Leeuw, Europalaan 104.
2. De heer Paul d'Haens, wonende te Zellik, Sint-Bavolaan 4.
De vergadering verleent aan de vereffenaars volgende bevoegdheid :
De samenstelling tot stand brengen, zoals ze in voorgaand besluit ontworpen werd en namelijk aan de vennootschap « Radio Echo », gans het actief overdragen van de vennootschap, ontbonden onder de hierboven vermelde voorwaarden; al de nodige bewerkingen en vaststellingen doen; alle nodige uitvoeringsmaatregelen nemen; de termijnen en de bijkomende voorwaarden van de overeenkomst der versmelting vaststellen; alle titels en stukken afgeven of aannemen; alle ontlastingen geven en aannemen.
De vereffenaars ontvangen daarenboven in het algemeen en zonder dat zij daartoe een nieuwe machtiging van de algemene vergadering nodig hebben, al de machten vermeld in de artikelen 181 tot en met 185 van de samengeordende wetten op de handelsvennootschappen en namelijk deze om handlichting te verlenen, met of zonder betaling, van alle inschrijvingen, ambtshalve genomen en andere, genomen of nog te nemen, met verzakking aan alle rechten op hypotheek, voorkeur of ontbindende voorwaarde; handlichting te geven voor alle overschrijvingen, randmeldingen, inbeslagnamen, verzet en andere beletselen, en tenslotte, alle bevoegde hypotheekbewaarders te ontslaan ambtshalve inschrijving te nemen om welke reden ook.
Vierde besluit
De vergadering beslist ontslag aan de beheerders en commissarissen tot de vereffening te geven.
Stemming
Deze beslissingen zijn met de eenparigheid der stemmen genomen.
De zitting is opgeheven om vijftien uur.
Van al hetgeen wij onderhavig proces-verbaal hebben opgemaakt, plaats en datum als hierboven.
En na lezing, hebben de leden van de vergadering getekend samen met de notaris.
(Volgen de handtekeningen.)
Geboekt vier bladen twee verzendingen, ten 2e kantoor der B.A. en Erfenissen van Brussel, de 18e december 1964, boek 1434, blad 46, vak 12. Ontvangen tweehonderd vijfentwintig frank. De ontvanger, (get.) Radar.
Voor gelijkvormige uitgifte :
(Get.) Jean Dupont.
Neergelegd ter griffie der rechtbank van koophandel te Brussel de 29e december 1964.
(205)
N. 454
« Radio Echo », naamloze vennootschap, te Berchem-Antwerpen
Statiestraat 2
Handelsregister van Antwerpen, nr. 154766
—
BESLUIT TOT OPSLORPING VAN DE NAAMLOZE VENNOOTSCHAP « RADIO BROADCASTING COMPANY », IN VERKORTING « R.B.C. ». — VERHOGING VAN KAPITAAL.
Het jaar negentienhonderd vierenzeventig, op zestien december, om vijftien uur.
Te Schaarbeek (Brussel-3), Chazallaan 140.
Voor ons, Jean Dupont, notaris verblijvende te Brussel.
Werd gehouden een buitengewone algemene vergadering der aandeelhouders van de naamloze vennootschap « Radio Echo », hebbende haar maatschappelijke zetel te Berchem-Antwerpen, Statiestraat 2, opgericht luidens akte opgemaakt door Mr. Frederic Deckers, notaris te Antwerpen, op zes oktober negentienhonderd eenenzestig, verschenen in de bijlage van het Belgisch Staatsblad van vijfentwintig oktober daarna, onder nr. 28773.
De vergadering wordt voorgezeten door de heer Willy Michaels.
Zijn tegenwoordig of vertegenwoordigd :
1. De naamloze vennootschap « Radio Technisch Studiebureau », in het Frans « Bureau d'Etudes radio-électrique », hebbende haar maatschappelijke zetel te Schaarbeek, Chazallaan, nr. 140.
Hier vertegenwoordigd door de heer Willy Lucien Michaels, accountant, wonende te Antwerpen, Goudbloemstraat 4, ingevolge een onderhandse volmacht, die hieraan gehecht zal blijven.
Eigenares van veertigduizend aandelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 40000
2. De heer Marcel De Backer, deskundig boekhouder, wonende te Aalst, Nieuwbeekstraat 102, eigenaar van vijf aandelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
Hier vertegenwoordigd door de heer Michaels, voornoemd, ingevolge een onderhandse volmacht die hieraangehecht zal blijven.
— — — —
Samen : veertigduizend en vijf aandelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 40005
De voorzitter zet uiteen :
A. Dat deze vergadering samengeroepen is geworden om te beraadslagen over de volgende dagorde :
1. Voorstel tot opslorping van de naamloze vennootschap « Radio Broadcasting Company », in het kort : « R.B.C. », waarvan de maatschappelijke zetel te Leuven gevestigd is, door inbreng door deze maatschappij van gans haar actieve en passieve toestand op eenendertig augustus negentienhonderd vierenzeventig, met dien verstande dat van deze dag af alle verhandelingen gedaan door « R.B.C. » voor rekening en ten laste zijn van de vennootschap « Radio Echo », evenals de kosten, belastingen en lasten veroorzaakt door de inbreng en de vereffening van de vennootschap « Radio Broadcasting Company ».
Bijzonder verslag van de raad van beheer over het belang van de ontworpen opslorping voor de vennootschap.
Verslag van de bedrijfsrevisor betreffende de beschrijving en de schatting van de inbrengen en de als tegenprestatie verstrekte vergoeding.
2. Vaststelling dat op de duizend vijfhonderd aandelen zonder aanduiding van nominale waarde, die het kapitaal van de vennootschap « Radio Broadcasting Company » vertegenwoordigen, er duizend in het bezit zijn van de vennootschap « Radio Echo ».
3. Met het oog op deze verrichting : kapitaalsverhoging tot beloop van vier miljoen frank om het te brengen van vijfenzeventig miljoen frank op negenenzeventig miljoen frank, door het uitgeven van drieduizend nieuwe aandelen zonder aanduiding van nominale waarde, volledig volgestort, van hetzelfde soort en genietend vanaf één januari negentienhonderd vierenzeventig van dezelfde rechten en voordelen als de op dit ogenblik bestaande aandelen.
4. Tot vergelding van haar inbreng, de drieduizend nieuwe aandelen aan de vennootschap « Radio Broadcasting Company » toekennen, en deze aan de aandeelhouders van de geabsorbeerde vennootschap te overhandigen, behalve aan de vennootschap « Radio Echo » naar evenredigheid van zes nieuwe aandelen voor één aandeel van de absorberende vennootschap.
De vereffenaars zullen deze verdeling doen.
5. Bevoegdheid aan twee leden van de raad van beheer te verlenen voor het uitoefenen van de hierboven vastgestelde beslissingen en onder meer ze authentiek te doen vaststellen.
B. Dat de oproepingsbrieven met deze dagorde gedaan werden overeenkomstig de bepalingen van het artikel 73 der gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen, benevens de zendbrieven gericht tot de aandeelhouders op naam, door de aankondigingen tweemaal ingelast ten minste met acht dagen tussentijd en acht dagen vóór de vergadering in de volgende dagbladen, waarvan de verrechtvaardigende nummers neergelegd worden op het bureau van de vergadering, te weten :
Het Belgisch Staatsblad, nummers van zesentwintig november negentienhonderd vierenzeventig en vijf december negentienhonderd vierenzeventig.
Avond-Echo, dagblad verschijnende in de provincie Antwerpen, nummers van zevenentwintig/achtentwintig november negentienhonderd vierenzeventig en acht december negentienhonderd vierenzeventig.
Monimat, dagblad verschijnende te Brussel, nummers van zevenentwintig november negentienhonderd vierenzeventig en vijf/zes december negentienhonderd vierenzeventig.
C. Dat op de vijfenzeventigduizend aandelen, die geheel het maatschappelijk kapitaal uitmaken, de huidige vergadering veertigduizend en vijf aandelen vertegenwoordigt, hetzij meer dan de helft van het maatschappelijk kapitaal.
Dientengevolge en overeenkomstig artikel zeventig van de gecoördineerde wetten kan de huidige vergadering geldig beraadslagen.
De vergadering gaat over tot de bespreking der dagorde.
Na een uiteenzetting door de voorzitter neemt de vergadering de volgende besluiten :
Eerste besluit
De vergadering neemt kennis van het bijzonder verslag van de raad van beheer (voorzien door artikel 34 der gezegde wetten) over het belang voor de vennootschap « Radio Echo » om de opslorping van de vennootschap « Radio Broadcasting Company » te verwezenlijken.
De vergadering neemt kennis van het verslag opgemaakt door de heer Jacques Tytgat, wonende te Brussel-18, Leo Erreralaan nr. 60, bedrijfsrevisor, ter uitvoering van gezegde wetten, over de beschrijving van inbreng in natura, over de toegepaste schattingswijze en over de als tegenprestatie verstrekte vergoeding wegens de inbreng tot versmelting die door de vereffenaars van de vennootschap « Radio Broadcasting Company » zullen gedaan worden.
Een exemplaar van dit verslag wordt aan deze akte aangehecht.
1. Context en Correspondentie De brief is gedateerd op 18 januari 1965 (precies een jaar na de start van de overname). Hij is geschreven door M. De Sutter (directeur van R.T.S.) en gericht aan Meester Pierre Vandenbergh, de advocaat van de tegenpartij (waarschijnlijk de familie Delvoie) in Leuven.
2. Falende Bewijsvoering (Accountancy) R.T.S. heeft contact gehad met de accountantsdienst S.V. Accountex. Een afgevaardigde daarvan (de heer Vander Perre) heeft de boekhouding van R.B.C. onderzocht op 31 december 1964. De conclusie van R.T.S. is vernietigend: de accountants zijn er niet in geslaagd om de openstaande posten te rechtvaardigen.
Het gaat om de volgende bedragen:
Fr. 161.713,-: Inventaris materialen van depanneurs.
Fr. 89.449,-: Materialen geleverd door R.B.C. aan Interradio die nog gefactureerd moesten worden.
Fr. 26.061,-: Kosten voor lampen verwerkt in de centrale.
3. Discussie over de "Geest van het Contract" Er is een fundamenteel meningsverschil over de interpretatie van Artikel 4, punt 1 van de overeenkomst van 19 februari 1964:
De verdediging (Delvoie/Vandenbergh) voert blijkbaar aan dat kleine inventarisverschillen er niet toe doen, omdat de overnameprijs toch al veel hoger lag dan de boekwaarde van de inventaris.
R.T.S. (De Sutter) veegt dit argument van tafel. Zij stellen dat de clausule niet gaat over de waarde, maar over de oprechtheid en volledigheid van de verstrekte informatie. Met andere woorden: "Het maakt niet uit wat we betaald hebben; jullie hebben gelogen over wat er in de magazijnen lag."
4. Conclusie van de brief R.T.S. houdt voet bij stuk en verwijst naar hun eerdere standpunt van december 1964. De directeur dringt aan op een definitieve afhandeling, wat in deze context meestal betekent: "Betaal ons terug, of we gaan naar de rechter."
1. Context en Doel De nota is gedateerd op 17 februari 1965, geschreven door de heer R. Humbeeck en gericht aan de heer van der Weide. Humbeeck stelt vast dat de zaak "rijp" is. Hij ziet twee grote risico's:
De discussie over de inventarisverschillen moet naar de arbitragecommissie.
Het grootste gevaar: Men is bang dat de heer Delvoie naar de werkrechtersraad (de huidige Arbeidsrechtbank) stapt voor zijn loonuitkeringen. Omdat dit arbeidsrecht van "openbare orde" is, kan men dit niet contractueel uitsluiten via arbitrage.
2. De Strategie: Een "Koopje" Sluiten Om van de "eindeloze discussie" af te zijn, stelt directeur De Sutter voor om alle lopende contracten en claims af te kopen met één forfaitaire som.
3. De Berekening (De Afrekening) In de nota wordt een nauwkeurige balans opgemaakt tussen wat Delvoie nog tegoed heeft en wat hij de firma nog verschuldigd is:
Tegoed van Delvoie (Loon & Pensioen):
Achterstallig loon tot eind 1964.
De resterende 33 maanden van zijn adviseurscontract (à Fr. 40.000).
De 7 jaar pensioentoeslag (à Fr. 120.000 per jaar).
Totaal (na verdiscontering): Fr. 2.116.757,-
Schuld van Delvoie (Inventaris & Fraude):
Het bekende inventaristekort: Fr. 755.000,-
Correctie: Er werd een deel teruggevonden (Fr. 79.114) en Delvoie betaalde de helft van de schuldvordering op de frauduleuze gerant Braes terug.
Eindresultaat: Na aftrek van de inventarisverschillen blijft er een saldo over van Fr. 1.513.721,-.
4. Het Voorstel Humbeeck stelt voor om de heer Delvoie een eenmalige uitkering van Fr. 1.500.000,- aan te bieden. In ruil hiervoor moeten alle claims over en weer (zowel loon als inventaris) definitief vervallen.
1. Context De nota is gedateerd op 26 februari 1965, slechts negen dagen na de vorige strategische nota. Dit wijst erop dat de onderhandelingen in een stroomversnelling zijn geraakt en dat er een akkoord is bereikt met de advocaten van de tegenpartij.
2. Deel A: De Zaak Christian Delvoie (De Zoon) In de overeenkomst van februari 1964 was beloofd dat Christian zijn functie mocht behouden (zie Artikel 3 van dat document). Uit deze nieuwe nota blijkt dat hij de firma nu toch verlaat.
Status: De overeenkomst is al door hem ondertekend.
Vergoeding: * Forfaitaire opzegvergoeding: 350.000 Frank.
Loon voor februari 1965.
Wettelijk vakantiegeld voor 1964 en 1965. Dit betekent dat de nieuwe eigenaars de familie Delvoie nu volledig uit het bedrijf willen hebben.
3. Deel B: De Zaak A.E. Delvoie (De Vader) Hier wordt het voorstel uit de vorige nota (van 17 februari) geformaliseerd.
Cijfers: De berekening van Fr. 1.513.721,- wordt nu expliciet "virtueel aanvaard" door Meester Vanden Berghe (de advocaat van Delvoie).
Het Akkoord: Men rondt het bedrag af naar een eenmalige forfaitaire uitkering van Fr. 1.500.000,-.
1. Context en Verzender De brief is gedateerd op 12 maart 1965. De brief is opgesteld door P. D’Haens uit Brussel. Gezien de inhoud fungeert D’Haens hier waarschijnlijk als de boekhoudkundige tussenpersoon of de vereffenaar die de complexe berekeningen van de advocaten heeft omgezet in een definitieve betaalstaat.
2. De Rekensom van 1,5 Miljoen (Specificatie) De brief bevestigt het bedrag dat we in de nota van 26 februari zagen, maar voegt een cruciale stap toe:
Bruto Tegoed: Fr. 2.116.757,- (Loon tot eind '64 + toekomstig loon/pensioen).
Aftrekposten (De "Schade"):
Het initiële inventarisverschil van Fr. 755.000,- wordt verminderd met de recuperaties (Braes en teruggevonden goederen), waardoor er een netto schuld van Fr. 603.036,- overblijft.
Saldo: Na aftrek van de schuld blijft er Fr. 1.513.721,- over.
Correctie: Er wordt nog Fr. 13.721,- ingehouden voor "administratie-kosten en briefwisseling".
Netto uitbetaling: Precies Fr. 1.500.000,-.
3. Fiscale en Administratieve Details (Vervolgblad) Het tweede blad ("Vervolg 1") gaat in op de technische details van de uitbetaling en de belastingen:
Belastingen: Delvoie vroeg blijkbaar om een rectificatie voor zijn belastingen van 1964. De verzender meldt dat dit niet meer kan omdat de lijsten al op 31 januari 1965 naar het Belastingskantoor te Antwerpen zijn gestuurd.
Loonjanuari-maart: Er wordt uitgelegd dat hij voor de eerste maanden van 1965 geen apart salaris krijgt, omdat dit al is verwerkt in de grote afkoopsom van 1,5 miljoen.
1. Context en Verzender De brief is gedateerd op 16 maart 1965 en verstuurd door P. D'Haens uit Brussel. Het is een direct vervolg op de brief van 12 maart waarin de grote eindafrekening werd gepresenteerd. Delvoie had blijkbaar op 13 maart direct gereageerd met een vraag over een verschil van 25.920 Frank in zijn belastingaangifte.
2. Verklaring van het Verschil D'Haens legt uit dat de belastingaangiften correct zijn en verklaart het bedrag van 25.920 Frank: dit zijn de persoonlijke bijdragen voor het groepscontract (de verzekering/pensioenopbouw). Deze werden per kwartaal ingehouden:
4 kwartalen × 6.480 Frank = 25.920 Frank.
3. Inkomen per Werkgever Het document bevestigt de overgang van de heer Delvoie tussen de verschillende entiteiten gedurende het jaar 1964:
R.B.C. (tot 31 augustus 1964): Belastbaar inkomen van Fr. 354.357,-.
Radio Echo (september t/m december 1964): Belastbaar inkomen van Fr. 173.892,-.
Totaal belastbaar inkomen 1964: Fr. 528.249,-.
Totaal ingehouden belastingen: Fr. 131.129,-.
4. Kwartaaloverzicht Onderaan wordt het inkomen per kwartaal gespecificeerd onder de kolom "Rémunération imposable", waaruit blijkt dat zijn inkomen in het eerste kwartaal (toen de overname plaatsvond) het hoogst was.
Afzender: W.L. Michaels (namens M. DE SUTTER, Brussel).
Geadresseerde: Monsieur Collignon.
Datum: 17 maart 1965.
Kern van de brief: Michaels stuurt een dossier door over de brandbeveiliging van het pand aan het Fochplein 9 in Leuven (gehuurd door "Radio Broadcasting Cy"). Hij vraagt Collignon om advies over maatregelen om de veiligheid van de onderhuurders te garanderen.
De cruciale wending (Getypte tekst)
Michaels geeft toe dat hij vreest dat de eigenaar van het pand niet zal ingrijpen, omdat het huurcontract de mogelijkheid tot onderverhuur helemaal niet voorziet.
De handgeschreven annotaties (De 'clou' van het verhaal)
De kantlijnnotities onthullen de ernst van de situatie en de uiteindelijke besluitvorming:
"Aberrant!" (Waanzinnig!): Een heftige reactie op het feit dat er onderverhuurd wordt zonder dat dit in het contract staat.
Juridisch risico: Er wordt genoteerd dat de hoofdhurende partij (RBC - Radio Broadcasting Cy) de volledige aansprakelijkheid draagt bij brand. Men stelt vast dat er geen noodtrap aanwezig is en de risico's "zeer groot" zijn.
De harde oplossing: In het rood staat geschreven: "Je ne vois qu'une solution: mettre les 10 étudiants à la porte de leurs 'kots'." (Ik zie maar één oplossing: de 10 studenten uit hun 'kots' zetten).
Schuldvraag: Er wordt expliciet verwezen naar Michaels als degene die het initiatief nam om te verhuren zonder toestemming.
1. Context en Auteur De nota is gedateerd op 31 maart 1965 en is ondertekend door M.H.M. Rombouts, Bedrijfsrevisor. Hij adviseert de heer van der Weide over de vraag hoe het afgesproken bedrag van 1,5 miljoen Frank betaald kan worden zonder dat de belastingdienst (of de bedrijfsrevisoren) hier problemen mee krijgen.
2. Optie A: Bijkomende betaling voor aandelen (Verworpen) Het is niet toegestaan om het bedrag simpelweg als "extra koopprijs" voor de aandelen te boeken.
Reden: De fusie tussen R.B.C. en Radio Echo is al officieel gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op basis van een officieel revisorenverslag. Dat kan men niet zomaar achteraf aanpassen.
Fiscaal nadeel: Als men dit als "Goodwill" boekt, mag het bedrijf hierop niet afschrijven, wat een verlies aan belastingaftrek van ongeveer 700.000 Frank zou betekenen.
3. Optie B: Vergoeding voor contractbreuk (Geadviseerd) Rombouts stelt voor om de betaling te kwalificeren als een schadevergoeding wegens contractbreuk.
Berekening: Men vertrekt van het bruto bedrag van Fr. 2.116.157,-.
Belasting: Hierop moet 25% bedrijfsvoorheffing worden ingehouden (Fr. 529.047,-).
Netto resultaat: Dit laat een netto bedrag over van Fr. 1.587.110,-.
4. De Finale Verrekening (Pagina 2) Vervolgens past de revisor de "schulden" van Delvoie toe op dit netto bedrag:
Afhouding: Het debetsaldo (voorraadtekorten en administratiekosten) van Fr. 616.757,- wordt in mindering gebracht.
Saldo: Er blijft Fr. 970.353,- over.
Reeds betaald: Omdat er blijkbaar al een voorschot van Fr. 500.000,- was gegeven, rest er een laatste betaling van Fr. 470.353,-.
5. Risico's De revisor waarschuwt wel dat de belastingcontroleur dit alsnog kan verwerpen. Omdat de contractbreuk zo kort na de aankoop van de aandelen plaatsvindt, kan de fiscus dit zien als een "verkapte koopprijs" (een verlengstuk van de koopsom) om belastingen te ontduiken.
1. Context en Betrokkenen
Datum: 2 april 1965.
Geadresseerde: De heer Ir. A. E. Delvoie, woonachtig te Tellin.
Afzender: P. Th. van der Weide (namens de organisaties R.T.S. en R.D.).
Kernboodschap: Het document bevestigt het einde van een "persoonlijk dienstkontrakt" dat dateerde van 19 februari 1964. Er is sprake geweest van een "betwisting" (conflict) die via een ontmoeting in Namen is bijgelegd.
2. Financiële Afwikkeling (Pagina 1) Er is een eenmalige forfaitaire uitkering overeengekomen van Frs. 1.500.000,-. De berekening is als volgt opgebouwd:
Bruto bedrag: Een som van achterstallige wedde (tot eind 1964) en een gedisconteerde wedde voor de toekomst (tot 1974), totaal Frs. 2.116.757,-.
Inhoudingen: Er worden diverse posten in mindering gebracht, waaronder "verschillen volgens brief RTS", een tegemoetkoming en gevonden inventaris (totaal Frs. 603.036,-).
Kosten: Administratiekosten en correspondentie worden eveneens afgetrokken om op het ronde bedrag van 1,5 miljoen uit te komen.
3. Fiscale Optimalisatie (Pagina 2) De brief beschrijft een strategie om de belastingdruk voor de heer Delvoie te verlagen:
De partijen hebben afgesproken het totale bedrag van Frs. 2.116.757,- te motiveren als opzegvergoeding.
Hierdoor hoeft er slechts 25% belasting te worden ingehouden op een specifiek deel, wat gunstiger is dan de normale inkomstenbelasting op maandsalaris.
De schrijver suggereert bovendien dat de heer Delvoie het ingehouden bedrag van de debetsaldi (Frs. 616.757,-) mogelijk nog als aftrekpost kan opvoeren bij zijn eigen belastingaangifte.
4. Juridische Status Met deze betaling vervallen alle rechten en vorderingen tussen de heer Delvoie en de organisatie "R.D.". Het document dient als een finale kwijting van het arbeidscontract.
Afzender: R. Humbeeck (Brussel).
Geadresseerde: De heer W.L. Michaels.
Datum: 5 april 1965.
Onderwerp: De onderverhuring van het pand aan het Fochplein 9 te Leuven (tegenwoordig bekend als het Rector De Somerplein).
Kernboodschap: De afzender heeft overlegd met de heren Saenen en Collignon. De conclusie is dat de onderverhuring in het betreffende gebouw onmiddellijk moet worden beëindigd.
Argumentatie: De brief voert twee redenen aan voor dit besluit:
Moreel aspect: De betrokkenen willen geen enkel risico dragen met betrekking tot deze onderverhuring.
Juridisch aspect: Er wordt expliciet vermeld dat de onderverhuring juridisch gezien zelfs niet toegelaten is (in de tekst is het woord "toegelaten" handmatig gecorrigeerd/benadrukt).
Conclusie: De brief dient als een officiële afwijzing of stopzetting. De afzender stuurt het bijbehorende dossier terug naar de heer Michaels, wat duidt op de afsluiting van de zaak.
1. Context en Betrokkenen
Datum: 20 mei 1965 (ongeveer anderhalve maand na de schikkingsbrief).
Afzender: Advocaat Pierre Vandenbergh uit Leuven.
Geadresseerde: Radio Technisch Studie BUREAU (RTS) te Brussel, ter attentie van de heer Desutter.
Kern van het geschil: De advocaat reageert op de wijze waarop RTS de betaling aan de heer Delvoie fiscaal wil inkleden. Er is een fundamenteel meningsverschil over de vraag of een deel van de betaling moet worden gezien als een belaste vergoeding (loon) of als een onbelaste overdracht van aandelen.
2. Juridisch Argument: Handelszaak vs. Aandelen (Pagina 1)
Onderscheid: De advocaat stelt dat de adviseurs van RTS zich baseren op een verkeerd juridisch precedent. Waar RTS spreekt over de overname van een handelszaak (waarbij winst op immateriële elementen belastbaar is), stelt Vandenbergh dat hier sprake is van een overname van aandelen.
Belastingvrij: Volgens de advocaat is de meerwaarde op aandelen in dit geval "in geen geval belastbaar". Of de prijs nu 12 of 14 miljoen frank bedraagt, de fiscus heeft hier volgens hem geen boodschap aan.
Risico: Hij benadrukt dat zelfs als de fiscus moeilijk zou doen, het risico bij zijn cliënten ligt en niet bij RTS. Hij stelt dat RTS "in geen geval verantwoordelijkheid zou kunnen dragen."
3. Betwisting van de "Inhoudingen" (Pagina 2)
De 1,5 miljoen grens: De advocaat is zeer stellig: RTS betaalt aan de heer Delvoie feitelijk slechts Frs. 1.500.000,-. De inhouding aan de bron (belasting) mag daarom alleen over dít bedrag berekend worden, en niet over de bruto som van Frs. 2.116.757,- die in de eerdere brief werd genoemd.
Ontkenning van tekorten: Vandenbergh verwerpt de bewering dat er "tekorten op de inventaris" waren (de Frs. 616.757,- die in mindering werd gebracht). Hij noemt dit een kunstmatige constructie van RTS om de overnameprijs te verlagen en om te zetten in een "gekapitaliseerde wedde".
Fiscale weergave: Hij stelt dat de totale overnameprijs van 14.250.000 frank hoe dan ook in de boeken van RTS komt als last. Of dit nu als "overname" of deels als "vergoeding" wordt geboekt, maakt voor de vennootschap fiscaal niets uit, maar voor de ontvanger wel.
4. Conclusie en Strategie De advocaat probeert RTS ervan te overtuigen de constructie van de "inhoudingen" en de "tekorten" te laten varen. Zijn doel is om de uitbetaling aan Delvoie zo zuiver mogelijk te houden als onderdeel van de aandelenoverdracht, om zo de belastingdruk bij de bron te minimaliseren.
1. Context en Betrokkenen
Datum: 8 juni 1965.
Afzender: M. De Sutter (Directeur RTS).
Geadresseerde: De heer R. Humbeeck.
Onderwerp: De afstemming van een reactie op de brief van advocaat Vandenbergh (gedateerd 20 mei 1965).
2. Inhoud van de begeleidende brief
Transparantie: De Sutter stuurt een fotokopie van de kritische brief van de advocaat van de heer Delvoie door naar de heer Humbeeck.
Concept-antwoord: Bijgevoegd is een "projekt van antwoord" (het concept van de brief die we in de vorige set zagen, gedateerd juni 1965).
Verzoek om advies: De Sutter vraagt Humbeeck expliciet om de inhoud "onder de loupe te nemen" en eventuele opmerkingen door te geven. Dit wijst erop dat Humbeeck een belangrijke adviserende of besluitvormende rol had binnen de organisatie of de groep.
3. De handgeschreven kanttekening (Cruciaal voor de afwikkeling) Linksonder op het document staat een handgeschreven notitie, gedateerd 9 juni 1965, die de definitieve koers bepaalt:
"Juridisch brief in orde. Antwoord ligt in lijn van vorige beslissing. Telefonisch gemeld 9.6.1965."
Betekenis: De heer Humbeeck geeft hier formeel "groen licht". Hij bevestigt dat de juridische insteek correct is en dat het antwoord consistent is met eerdere beleidskeuzes van het bedrijf.
Snelheid: De goedkeuring kwam de dag na verzending al binnen, wat duidt op de prioriteit van dit dossier.
1. Context en Betrokkenen
Datum: Juni 1965.
Afzender: M. De Sutter, Directeur van N.V. Radio-Technisch Studie Bureau (RTS).
Geadresseerde: Advocaat P. Vandenbergh (de raadsman van de tegenpartij).
Doel: Het weerleggen van het voorstel van de advocaat om de betaling als een belastingvrije aandelenoverdracht te bestempelen.
2. Weerlegging van de "Aandelenconstructie" (Pagina 1) De Sutter erkent dat de verkoop van aandelen in België onbelast is, maar voert een krachtig feitelijk argument aan waarom dat hier niet opgaat:
Historische feiten: De overname van de R.B.C.-aandelen en de fusie met Radio Echo vonden al plaats in 1964 tegen een prijs van 12 miljoen frank.
Notariële vastlegging: Deze transactie is officieel vastgelegd in een notariële akte en gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad (6 januari 1965).
Fiscaal risico: De Sutter stelt dat als ze nu (in 1965) plotseling een "supplement" van 2 miljoen frank zouden betalen op diezelfde aandelen, de belastingcontroleur dit als een liberaliteit (een gift of verdoken winstuitkering) zou zien. Dit zou ertoe leiden dat het bedrijf (Radio Echo) zwaar belast wordt op dit supplement.
3. Handhaving van de Opzegvergoeding RTS blijft bij het oorspronkelijke plan:
De betaling van Frs. 2.116.757,- wordt gemotiveerd als opzegvergoeding.
Volgens hun adviseurs is dit de enige manier om de heer Delvoie de laagst mogelijke fiscale inhouding te garanderen (vergelijkbaar met zijn normale maandelijkse belastingdruk).
Het overeengekomen bedrag van 1,5 miljoen frank was reeds het resultaat van een netto-afspraak waarbij rekening werd gehouden met de inventarisverschillen.
4. Boekhoudkundige Scheiding en Reserve (Pagina 2)
Verschil tussen posten: De Sutter benadrukt dat de inventarisverschillen (Frs. 616.757,-) boekhoudkundig losstaan van de opzegvergoeding.
Reserve: Er was blijkbaar een reserve van Frs. 750.000,- vastgelegd. De Sutter verwacht dat de advocaat de definitieve afrekening van dit saldo regelt met de overige partijen van de "Groep Delvoie".
Conclusie: Het bedrijf weigert het voorstel van de advocaat te aanvaarden, omdat RTS anders "extra belast" zou worden, wat nooit de bedoeling van de overeenkomst was.
1. Context en Status (Pagina 1)
Datum: 20 juni 1965.
Afzender: Advocaat Pierre Vandenbergh.
Kern: De advocaat geeft op het eerste punt (de aandelenconstructie) mokkend toe: hij zal zich bij de zienswijze van RTS neerleggen ("wel verplicht zijn"), ook al vindt hij dat de heer Delvoie het fiscale risico zelf had willen dragen. Echter, op het tweede punt (de berekening van de inhoudingen) gaat hij in de tegenaanval.
2. Betwisting van het Bruto Bedrag
Vandenbergh stelt dat de boekhouding van RTS de feiten geweld aandoet:
Transactiebedrag: Hij stelt dat er feitelijk en juridisch slechts Frs. 1.500.000,- wordt betaald voor de verbreking van de overeenkomst.
Fictief tekort: De advocaat benadrukt dat de heer Delvoie en zijn vennoten het "te kort aan inventaris" (Frs. 616.757,-) nooit hebben aanvaard. Er is enkel afgesproken dat Delvoie genoegen zou nemen met 1,5 miljoen frank mits er niet meer over dat tekort gesproken zou worden.
Conclusie: RTS mag dus niet doen alsof ze 2,1 miljoen betalen en daar belasting op inhouden; ze betalen 1,5 miljoen en dát is het bedrag waarover de fiscus moet worden ingelicht.
3. Specificatie van Fouten en Dubbele Belasting (Pagina 2)
De advocaat ontleedt de berekening van RTS en wijst op drie grote fouten:
Dubbele Belasting: In de som van Frs. 2.116.757,- zit een bedrag van Frs. 139.955,- aan achterstallige wedde. Dit is echter een netto-bedrag waarover de belasting al is ingehouden. RTS wil hier nu opnieuw 25% op inhouden, wat neerkomt op illegale dubbele belasting.
Reken- en Discontofouten: Vandenbergh wijst op een fout van Frs. 5.277,- in de berekening van het disconto (6,875% op Frs. 76.725,-).
Verzwegen terugbetalingen: Hij stelt dat er geen rekening is gehouden met Frs. 18.000,- die de heer Braes op 31 december 1964 al had terugbetaald. Het "tekort" is dus in werkelijkheid 18.000 frank lager dan RTS beweert.
4. De nieuwe berekening volgens de advocaat
De advocaat eist dat de fiscale afhouding slechts gebeurt op het werkelijk te betalen bedrag minus de reeds belaste delen:
Gekapitaliseerde vergoeding (1.976 .802) - Afslag inventaris (616.757) = 1.360.045 frank
Dit is volgens hem de enige basis waarop de 25% inhouding mag plaatsvinden.
1. Context en Toegeving (Pagina 1)
Datum: Augustus 1965.
Afzender: M. De Sutter (RTS).
Handgeschreven notitie: "Akkoord Mr. Rombouts. Laatste mogelijke toegeving!!" Dit geeft aan dat de directie de grens heeft bereikt van wat zij bereid is te bieden.
Kern: RTS erkent het risico dat de belastingcontroleur de afboeking van een vordering van Frs. 750.000,- zou kunnen verwerpen. Als dat gebeurt, moet RTS 30% belasting (Frs. 225.000,-) betalen. Ze willen dit risico volledig bij de heer Delvoie leggen.
2. De Gecorrigeerde Berekening RTS heeft de berekening van advocaat Vandenbergh (uit de brief van 20 juni) bijna integraal overgenomen om tot de nieuwe belastbare basis te komen:
Gekapitaliseerde vergoeding: Frs. 1.976.802,-
Minus Inventaris tekort: Frs. 616.757,-
Basis: Frs. 1.360.045,-
Correcties (Disconto, Braes, Kosten): + Frs. 36.998,-
Nieuw belastbaar bedrag: Frs. 1.397.043,-
Wettelijke afhouding (25%): Frs. 349.261,- (Dit is lager dan de eerdere Frs. 529.047,-).
3. De Financiële Afwikkeling (Pagina 2) De brief specificeert hoe de totale som van 1,5 miljoen frank nu precies is opgebouwd en uitbetaald:
Reeds gestort (maart/april): Frs. 970.353,-
Betaling aan Ministerie van Financiën: Frs. 349.261,- (de ingehouden belasting).
Garantie uitstaande saldo: Frs. 180.386,-
Totaal: Frs. 1.500.000,-
4. De Garantie-clausule Omdat het fiscale risico voor RTS Frs. 225.000,- bedraagt, maar er slechts Frs. 180.386,- als saldo overblijft, eist RTS dat de heer Delvoie nog een supplementaire garantie van Frs. 44.614,- stort. Pas als Delvoie schriftelijk verklaart het volledige fiscale risico tot eind 1969 op zich te nemen, gaat RTS akkoord met deze voor hem gunstigere berekening.
1. Betwisting van de "Schuldvordering" (Pagina 1)
Datum: 23 augustus 1965.
Kernpunt: De advocaat valt de bewering van RTS aan dat er een schuldvordering van Frs. 750.000,- in hun boekhouding zou staan. Hij stelt dat dit onmogelijk is, aangezien de "consoorten Delvoie" dit tekort nooit hebben aanvaard.
Strategisch advies: Vandenbergh daagt RTS uit: als ze die vordering echt menen te hebben, moeten ze Delvoie maar dagvaarden voor de rechtbank. Hij is ervan overtuigd dat RTS die zaak zal verliezen, wat hen dan weer een perfect bewijs levert voor de fiscus om de post onbelast af te boeken.
2. Correctie van de Eindafrekening De advocaat presenteert zijn eigen berekening van het nog verschuldigde saldo:
Bruto vergoeding: Frs. 1.397.043,- (zoals overeengekomen).
Netto na belasting: Na aftrek van de 25% belasting (Frs. 349.261,-) blijft er Frs. 1.047.782,- over.
Reeds betaald: Er is al Frs. 970.353,- gestort (in schijven van 500.000 en 470.353).
Verschuldigd restsaldo: Volgens de advocaat moet RTS nog exact Frs. 217.384,- overmaken aan de heer Delvoie.
3. Verwerping van de Waarborg/Garantie (Pagina 2) Vandenbergh is zeer scherp over de eis van RTS om een garantiebedrag vast te houden tot 1969:
Fiscaal risico: Hij waarschuwt dat het opnemen van zo'n "garantiepost" in de balans juist de aandacht van de belastingdienst zal trekken.
Geloofwaardigheid: Hij stelt dat een schriftelijke verklaring van de heer Delvoie (een "man van woord") evenveel waarde heeft als een geblokkeerde borgsom. Hij voegt er cynisch aan toe dat RTS vast wel "minder betaalkrachtige debiteuren" heeft dan zijn cliënt.
Rechtsperspectief: Hij herhaalt dat de fiscus enkel naar de werkelijke transactie moet kijken: Delvoie aanvaardt een lagere vergoeding van ca. 1,4 miljoen, en RTS laat de (hypothetische) claim op de inventaris vallen.
De Schikking (April 1965)
Het dossier opent met een brief van P. Th. van der Weide waarin een "eenmalige forfaitaire uitkering" van 1.500.000 frank wordt bevestigd. RTS probeert de betaling fiscaal gunstig in te boeken als een opzegvergoeding van ruim 2,1 miljoen frank, waarop zij een belasting van 25% inhouden en diverse "tekorten in de inventaris" (ca. 616.000 frank) verrekenen.
Het Verzet (Mei 1965)
Advocaat Pierre Vandenbergh reageert namens Delvoie. Hij stelt dat de betaling geen loon (opzegvergoeding) is, maar een overname van aandelen, wat in België onbelast is. Hij beschuldigt RTS ervan kunstmatige "tekorten" te creëren om de belastingdruk bij Delvoie te leggen en de eigen boekhouding te ontlasten.
De Patstelling (Juni 1965)
Directeur M. De Sutter van RTS wijst het aandelenvriendelijke voorstel af. Hij voert aan dat de aandelenoverdracht al in 1964 notarieel was vastgelegd voor 12 miljoen frank. Een "supplement" in 1965 zou door de fiscus als een verdoken gift worden gezien, wat RTS extra belasting zou kosten. RTS houdt voet bij stuk: het is een opzegvergoeding.
Interne Besluitvorming en de "Hete Aardappel" (Augustus 1965)
Intern overlegt De Sutter met de heer Humbeeck (waarschijnlijk een adviseur of medebestuurder). Er wordt een "laatste mogelijke toegeving" gedaan waarbij de berekening van de advocaat deels wordt gevolgd (om dubbele belasting te vermijden), maar RTS eist een schriftelijke garantstelling van Delvoie voor eventuele fiscale claims tot 1969.
De Finale Confrontatie (23 - 25 Augustus 1965)
De Advocaat: Vandenbergh verwerpt de garantie-eis. Hij noemt de schuldvordering van 750.000 frank "hypothetisch" en daagt RTS uit om Delvoie voor de rechter te slepen als ze echt menen dat er tekorten zijn. Hij berekent een verschuldigd restsaldo van 217.384 frank.
De Directie: In het laatste document (25 augustus) stuurt De Sutter de felle brief van de advocaat door naar Humbeeck. Hij meldt dat Van der Weide eventueel bereid is om te betalen om de zaak "beslag te geven" (af te ronden), maar vraagt Humbeeck om het juridische aspect nog één keer "onder de lope" te nemen.
1. Aanvaarding van de Fiscale Verantwoordelijkheid RTS stelt vast dat de heer Delvoie bereid is het fiscale risico te dragen voor het "wegboeken van de openstaande schuldvordering". RTS schat dit risico (de mogelijke belastingclaim) op circa Frs. 225.000,-.
2. De "Uiterste Tegemoetkoming": Het Geblokkeerde Saldo Om de zaak definitief te regelen, stelt RTS de volgende constructie voor:
Er wordt een bedrag van Frs. 180.000,- gereserveerd.
Dit bedrag wordt geblokkeerd bij een bank tot het verstrijken van de fiscale verjaringstermijn (waarschijnlijk eind 1969).
Rente: Het bedrag zal rentedragend zijn ten voordele van de heer Delvoie. Hij ontvangt dus uiteindelijk de hoofdsom plus rente, mits de fiscus de boekhouding van RTS accepteert.
3. Aanvullende Garantie Omdat het saldo (180.000) lager is dan het geschatte risico (225.000), eist RTS een schriftelijke verklaring waarin Delvoie zich verbindt om het ontbrekende saldo van ± Frs. 45.000,- onmiddellijk terug te storten indien de fiscus dit zou opeisen.
4. Motivatie De Sutter spreekt de hoop uit dat hiermee een einde komt aan een geschil dat "spijtig genoeg, meer dan een jaar aansleept". Dit bevestigt dat de breuk tussen Delvoie en de RTS-groep diepe sporen heeft nagelaten en juridisch zeer complex was.
De radiofabriek had voor zijn tijd een hypermodern laboratorium, uitgerust met Duitse precisie-meetapparatuur en had drie burgerlijk ingenieurs elektrotechniek in dienst. Dit laboratorium diende om betere en meer gevoelige ontvangers te ontwikkelen en produktiefouten op te sporen. In die beginjaren waren de omroepzenders redelijk zwak en wou men zeker kunnen luisteren naar Radio Parijs met als zendmast de Eiffeltoren. Bij elke ontvanger werd de middenfrequent doorlaatcurve zichtbaar gemaakt door middel van scoop en wobulator en op die manier optimaal visueel afgesteld. Alle spoelen en transformatoren werden in de werkplaatsen zelf gewikkeld. Luidsprekers en chassis werden in de perskamer gestampt. De radiokasten werden in de eigen meubelmakerij gemaakt en gepolijst. Toen reeds werkte men met een eigentijdse kwaliteitscontrole, die inhield dat men vooraleer een luidspreker in te bouwen, de elektromagneet gedurende 24 uur onder gelijkstroom zette. Doorstond de luidspreker deze proef, dan kon hij in het radiotoestel worden ingebouwd.
Het document bevestigt het ontslag van M. Alwin Foyer.
De delegatie: Foyer had sinds 15 juni 1933 een specifieke "delegatie" (bijzondere volmacht) binnen het bestuur.
Geen opvolger: De Raad van Bestuur besluit expliciet om hem niet te vervangen. Dit is een belangrijke aanwijzing: het bestuur wordt compacter gemaakt, waarschijnlijk als onderdeel van de besparingsronde of om de besluitvorming te versnellen tijdens de financiële crisis van het bedrijf.
De positie van Emile Delvoie als directeur gérant (directeur-bestuurder) blijft ongewijzigd. Hij blijft de operationele spil van de radio-omroep. Zijn bevoegdheden worden opnieuw bekrachtigd door te verwijzen naar eerdere aktes uit 1933.
Dit is het meest cruciale onderdeel van dit fragment. Er wordt een strikte limiet gesteld aan wie het bedrijf financieel mag binden:
De regel: Voor alle handelingen die een waarde van 50.000 frank overschrijden of een duur van langer dan één jaar hebben, is een dubbele handtekening vereist.
De ondertekenaars: De handtekeningen van Emile Delvoie (de directeur) én Louis Geradts (de hoofdaandeelhouder/bestuurder) zijn noodzakelijk.
Analyse: Dit wijst op een wantrouwen of op zijn minst een zeer strikt financieel beheer. Gezien de enorme verliezen die we in de balans zagen, wilde de hoofdaandeelhouder (Geradts) persoonlijk elke grote uitgave of elk langdurig contract goedkeuren. De directeur kon dus niet langer zelfstandig grote financiële verplichtingen aangaan.