waren vier fervente Canadese muziekliefhebbers die elkaar leerden kennen op de Saint Michael’s Cathedral Choir School in Toronto. De muziek zat hen zo in de aders, dat ze vrij snel besloten een groep op te richten, The Four Tones, bestaande uit John Perkins, Rudi Maugeri, Bernie Toorish en Connie Codarini. Ze bleven in deze samenstelling muziek maken tot in 1947 Bernie en Connie de groep verlieten en met twee andere vrienden de Four Lads oprichten en naar New York gingen. John en Rudi, die achterbleven, gingen echter niet bij de pakken zitten en richtten samen met Johns broer, Ray Perkins, en een oude schoolkameraad, Pat Barrett, een nieuwe groep op, The Canadaires. Die begonnen in 1952 op professionele basis te werken en volgden het voetspoor van The Four Lads, richting New York. Hier ontmoetten ze Gene Carroll die hun naam meteen veranderde in The Crew Cuts. Hun manager Fred Strauss slaagde er vrij snel in een auditie te versieren bij Mercury records en in februari 1954 scoorden ze hun eerste succes Crazy ‘bout you baby.
Deze single deed het niet slecht, maar het zou de opvolger zijn, die voor de doorbraak zou zorgen. In maart 1954 hadden The Chords, een zwarte rhythm and blues-groep, een niet onaardig nummer uitgebracht, Sh-boom, de meest succesvolle rhythm and blues-hit van dat moment. Het was Art Talmadge van Mercury records die dat nummer aan The Crew Cuts voorlegde als eventuele opvolger van Crazy ‘bout you baby, want het was in die tijd nog zo dat Race Records, platen van de zwarte markt, niet konden doorbreken in de blanke pop scène. De zwarte platen verschenen bij kleine onafhankelijke labels die meteen de kop werden ingedrukt door de grotere firma’s, die vrij snel met een coverversie kwamen aandraven, die dan ook nog meestal een hit werd. Zo gebeurde het ook met het nummer van The Chords. De Crew Cuts stemden in om het op plaat te zetten en nadat arrangeur David Carroll het nummer had opgepoetst voor de blanke markt, werd het op 4 juni uitgebracht en binnen de kortste keren een nummer één. Sh-boom bleef negen weken na mekaar aan de top van de Amerikaanse charts. Oop shoop, een nummer geschoeid op dezelfde leest, leverde hen in september ’54 hun derde opeenvolgende hit op maar de daarop volgende drie singles flopten. The Crew Cuts wilden bewust van het rhythm and blues-repertoire afstappen, maar dat bleek een slechte gok te zijn. Dan maar opnieuw een nummer coveren dat reeds een hit was in de zwarte rhythm and blues-hitlijsten. Er werd deze keer gekozen voor The Penguins-hit Earth Angel opgenomen in december 1954, ook nu weer samen met het orkest David Carroll.
Earth Angel werd een enorm succes voor The Crew Cuts, die er in 1954 de eindejaarsshow van de toen razend populaire Ed Sullivan mee haalde. Ze konden toen nog niet voorspellen dat aan hun succes behoorlijk vlug een einde zou komen, want artiesten als Fats Domino zouden er vrij snel in slagen als zwarte zangers door te dringen tot in de nationale hitlijsten en in Memphis stond Elvis klaar om de hit fakkel definitief over te nemen. Toch werd 1955 nog behoorlijk succesvol ingezet, met Don’t be angry, opgenomen in februari van dat jaar en hun zesde hit in 14 maanden tijd.
Januari 1956 zag de komst van Elvis Presley, maar de Crew Cuts bleven zich vastklampen aan hun oude formule. Omswitchen zoals bijvoorbeeld The Diamonds deden, zagen ze toen nog niet zitten. Alles liep redelijk naar wens en ze dachten dat het voor hen zo nog wel een hele tijd zou doorgaan. In 1958 echter was het afgelopen. Ze hadden in die tussentijd maar één hit meer gescoord en wel met een cover van Sonny James Young love. Meningsverschillen met hun platenfirma Mercury verplichten hen over te stappen naar RCA, maar tegen die tijd was het publiek hen volledig vergeten. De rock’n’roll-concurrentie was toen al té groot geworden. Toch bleven ze nog enkele jaren teren op hun vroegere successen, maar in 1963 werd er definitief een punt achter gezet.( bron: Wikipedia )