"Hanenwandeling door De Haan" - Nu ook als audiotour!
Na de storm van einde januari 1990 wilde ik zoals gewoonlijk een kijkje nemen op het strand en de duinen tussen Vosseslag en De Haan. Hoe zou het er na deze zware storm uitzien?
Na dergelijke zware stormen is er steeds een grote ontzanding en een enorme afkalving van de duinen. Inderdaad: ik liep er precies langs een muur van zand. De duinen waren dermate afgekalfd dat de zandmuur soms wel vijf meter hoog was. De beplanting met het helmgras hing overal naar beneden, het leek wel op hangende tuinen, dit was van de toppen van de hoge duinen afgerukt en naar beneden gestort.
Mijn camera heb ik steeds bij de hand en kon aldus alles op de gevoelige plaat vastleggen. Een onherstelbare ravage aan onze mooie duinen. De beplanting van het strand met rijshout om aan zandwinning te doen was losgerukt en in zee gespoeld. Met het opkomend water spoelden tonnen van deze wilgentakken tot aan de duinenvoet en bleven voor de zandmuur liggen. Het strand was hier op zijn minst 4 à 5 meter verlaagd..
Op weg richting De Haan zag ik al van ver een houten constructie opduiken uit het nog steeds opwaaiend zand, want de storm blies zijn laatste adem uit. Ongeveer ter hoogte van het preventorium maar nog op het grondgebied van Klemskerke-Vosseslag, bleek er een scheepswrak te zijn blootgelegd door de zee.
Ik was er niet alleen, enkele strandjutters probeerden balken uit het geraamte los te rukken om ze als brandhout te gebruiken voor de houtstoof. Met blote hand lukte het echter niet. Nochtans waren er toch al spanten verdwenen, te merken aan de koperen klinknagels die er her en der op het strand verspreid lagen.
Van het wrak werden natuurlijk verschillende foto's genomen alsook van de afgekalfde duinen, die als een loodrechte wand op het strand stonden. Ik zette mijn wandeling of liever stormloop verder want het was ijskoud en het stormde nog steeds. Het strand van De Haan was er niet meer, tonnen zand in zee gespoeld en verzwolgen. Ik kon er kiekjes nemen van de allereerste zeedijk, een afgeronde waterkeringmuur diep onder de huidige zeedijk.
Het wrak was al eens eerder opgedoken in 1941 en in 1960. Strandjutters uit Vosseslag wisten dat dit wrak al zeer lange tijd vastzat in het zand tweehonderd meter ver in zee. Oude schriften spreken van een Amerikaanse barkantijn: een driemaster met de naam ‘Equity’ die op 14 januari 1858 zou vergaan zijn op het strand van Vosseslag en dan ook prompt leeggeroofd werd door de arme bevolking.
Wat er nu nog overbleef van het wrak bleek na de plunderingen van 1941 en 1960 nog menig kustbezoeker te boeien, want in het daaropvolgend weekend kwamen de souvenirjagers uit het binnenland en zou het anker en een stuk leuning plus koperen klinknagels en houten tappen waarmee de spanten aan de romp vastgemaakt waren verdwenen zijn.
De Equity bleef er slechts enkele dagen liggen, alsof hij nog in dienst was en terug moest vertrekken, geen tijd om het wrak te kunnen bergen. Het was bij nacht en nevel met de volgende storm opnieuw in zee verdwenen om de volgende nacht nog opgemerkt te worden op het strand van Wenduine, vanwaar het terug in zee spoelde om tot op heden niet meer op te duiken.
Volgens Marcel Aldeweireldt hebben we hier te maken met een schip dat gebouwd werd in 1848 in Boston (USA). De Equity, een driemaster van het type Brick dat diende als handelsschip tussen de VS en Europa. Het verging in een storm oostwaarts van Oostende. Zijn 10 bemanningsleden werden gered door de reddingsdiensten van Oostende. Tegen de middag brak de grote mast van het schip als een luciferstokje in elkaar. Het wrak dreef richting De Haan waar het voor de Vosseslag bleef haperen in het zand.
En dan is er ook nog het verhaal van de Borny-clan, die zich heel goed herinneren hoe hun vader over dit ongeluk verhaalde waar zijn broer en zoon omkwamen op het strand. Frans (18) en Ingelbrechtus (Engel) Borny (40) verdronken in het wrak toen ze op 19 december 1929 met paard en kar, na het steken van aaswormen, door de mist en het opkomend tij verrast in het wrak gezogen werden.
Het stoffelijk overschot van Engel Borny spoelde drie dagen later aan op het strand, maar van Frans Borny, paard en kar werd nooit iets teruggezien. Engel Borny was de vader van Frans. Engel Borny was een zoon van Laurentius Borny die in 1836 't Vissershof op d'Heie 18 aankocht. Hij had 14 kinderen waarvan Engel de tweede oudste was. Ze woonden op d'Heie in de Vissersstraat op hun boerderij. In die tijd waren er nog geen vaste wegen en kregen de huisnummers gewoon een Heide-nummer.
In alle geval was deze scheepsromp, die eruit zag als het geraamte van een walvis met een lengte van 18 meter en 8 meter breedte een gevaarlijk obstakel voor de kust. Menig garnaalkruier bleef er met zijn netten in haperen en moest terug naar huis zonder vangst, maar tevreden dat hij heelhuids nog het strand kon bereiken.
Of we op d'Heie ooit dit wrak nog terugzien? Ik denk het niet, want het is richting Noorden verdwenen en bij de stormen van de laatste jaren is het niet meer opgedoken.
Tekst: Ignace Vanden Bulcke - Eerder verschenen in ons tijdschrift