De leerlingen krijgen afbeeldingen te zien of beantwoorden vragen over rituelen die zij thuis uitvoeren. Daarbij kunnen vragen gesteld worden over welke handelingen, symbolen, gerechten en andere elementen voor hen belangrijk zijn. Vervolgens stellen de leerlingen deze rituelen voor aan de klas en leggen ze uit waarom ze van betekenis zijn in hun leven. Tijdens dit klasgesprek luisteren de leerlingen naar elkaar en verwoorden ze hun mening of gedachten op een respectvolle en constructieve manier.
Creatieve opdracht (poster)
De leerlingen stellen een ritueel, traditie of gewoonte uit hun eigen leefwereld voor aan de klas. Dit doen ze door een poster te maken hierrond. De leerkracht beoordeelt de inhoud, de duidelijkheid van de uitleg en het gebruik van gepaste taal. Hiervoor heb je een evaluatieformulier, computers en een bord nodig.
Leerkrachtobservatie
Tijdens de presentaties en klasgesprekken observeert de leerkracht de luisterhouding, respectvolle omgang met anderen, actieve deelname, het stellen van vragen en het verwoorden van eigen ideeën. Hiervoor kan een observatiefiche of rubrics worden gebruikt.
Presentatie
De leerlingen stellen een ritueel, traditie of gewoonte uit hun eigen leefwereld voor aan de klas. Ze lichten toe welke handelingen, voorwerpen, symbolen of gerechten hierbij horen en waarom dit voor hen betekenisvol is. De leerkracht beoordeelt de inhoud, de duidelijkheid van de uitleg en het gebruik van gepaste taal. Hiervoor heb je een evaluatieformulier, computers en een bord nodig.
Vergelijkingsopdracht
De leerlingen vergelijken hun eigen rituelen met die van een andere levensbeschouwing. Ze noteren gelijkenissen en verschillen.
LPD2 De leerlingen dialogeren open en constructief over levensbeschouwing, inspiratie en zingeving.
LPD3 De leerlingen reflecteren over de eigen identiteit.
LPD4 De leerlingen gaan in dialoog over het relationele, dynamische en meervoudige karakter van identiteit.
LPD5 De leerlingen lichten toe hoe verschillende vormen van diversiteit verrijkend en uitdagend zijn voor het samenleven.
LPD6 De leerlingen gaan respectvol en constructief met anderen in interactie rekening houdend met elkaars grenzen.
LPD7 De leerlingen verwoorden hun eigen standpunt over maatschappelijke thema’s vanuit aangereikte informatie.
LPD8 De leerlingen dialogeren geïnformeerd en beargumenteerd over maatschappelijke thema’s.
LPD9 De leerlingen reflecteren over hun engagement op school en in de samenleving.
LPD11 De leerlingen brengen kunst- en cultuuruitingen in verband met de context waarin die voorkomen.
LPD24 De leerlingen nemen notities bij het lezen en beluisteren van teksten.
LPD25 De leerlingen gebruiken schooltaal en vaktaal.