Digitale geletterdheid is een basisvaardigheid in het funderend onderwijs. Het omvat de kennis en vaardigheden om technologie functioneel te gebruiken, ermee te creëren en de impact op de samenleving te begrijpen. De definitieve conceptkerndoelen (2025) zijn verdeeld over drie domeinen:
Praktische kennis en vaardigheden;
Ontwerpen en maken;
De gedigitaliseerde wereld.
Leerlingen leren kritisch reflecteren, veilig participeren en computational thinking toepassen. Deze doelen staan naast Nederlands, rekenen en burgerschap centraal in het nieuwe curriculum. Een integrale aanpak op school is nodig voor een succesvolle implementatie.
Bron: https://actualisatiekerndoelen.nl/digitalegeletterdheid/
Leerlingen moeten begrijpen hoe een apparaat werkt. Hoe kan ik een computer aanzetten, welke sneltoetsen gebruik ik om de geselecteerde tekst te kopieren en te plakken en welke vaardigheden heb ik nodig om een presentatie te maken.
Op internet tref je veel informatie, daarnaast laten we onze leerlingen ook veel informatie op internet opzoeken. Hoe vind je de juiste informatie en welke zoekwoorden geef je in? Daarnaast is het ook belangrijk dat leerlingen leren te beoordelen of de informatie correct is.
Media is niet meer weg te denken. Tegenwoordig heeft iedereen wel een telefoon waar Facebook, Instagram, Snapchat, Spotify, Youtube etc. Daarnaast vinden we het leuk en interessant om aan de wereld te laten zien waar we zijn en wat we aan het doen zijn.
Bij computational thinking leren de leerlingen stapsgewijs een probleem op te lossen. Doordat de leerling in stapjes leert denken, ontdekt men waar het probleem zit en hoe je het kan oplossen. Bij computational thinking wordt vaak gedacht aan programmeren. Hoe makkelijk is het als de computer door middel van algoritmes handelingen geautomatiseerd kan uitvoeren.
Meer informatie over de inhoudslijnen digitale geletterdheid vind je op de website van het SLO.
https://www.slo.nl/thema/meer/basisvaardigheden/digitale-geletterdheid/