Ongeveer 75% van Japan is bergachtig. Dat betekent veel bossen, valleien en wandelroutes.
De bekendste berg is Mount Fuji (Fuji-san):
Hoogste berg van Japan (3.776 meter).
Heilig symbool in kunst en religie.
Populaire plek om te beklimmen (juli–september).
Er zijn meer dan 100 actieve vulkanen, waaronder:
Sakurajima bij Kagoshima (nog actief).
Aso-vulkaan op Kyushu.
Japan kent vier duidelijke seizoenen, elk met hun eigen natuurpracht:
Seizoen
Wat is typisch?
🌸 Lente
Kersenbloesems (sakura) in parken en langs rivieren.
☀️ Zomer
Groene rijstvelden, festivals, vuurwerk en tropische hitte.
🍁 Herfst
Rode esdoornbladeren (momiji) kleuren de bergen.
❄️ Winter
Veel sneeuw in het noorden, zoals Hokkaido en de Alpen.
Japan heeft uitgestrekte natuurbossen, vooral in de bergen.
In Kyoto ligt het beroemde Arashiyama bamboebos – een magische plek.
Er zijn ook cederbossen, zoals op het eiland Yakushima (UNESCO-gebied), met oeroude bomen van meer dan 1.000 jaar oud.
Mooie meren zoals:
Lake Kawaguchi bij Fuji.
Lake Ashi in Hakone met zicht op de bergen.
Belangrijke rivieren: Shinano, Tone, en Kiso.
Wetlands (moerasgebieden) zoals in Kushiro (Hokkaido) trekken zeldzame vogels aan (zoals kraanvogels).
Japan is een eilandengroep met duizenden eilanden.
Tropische eilanden zoals Okinawa hebben witte zandstranden, koraalriffen en helderblauw water.
De kustlijn is vaak rotsachtig en indrukwekkend, met veel rotsformaties, baaien en kliffen (zoals bij de Izu-eilanden).
Door de vulkanische activiteit zijn er duizenden onsen (natuurlijke heetwaterbaden).
Ze liggen vaak in de natuur of bij bergen. Bekende plekken zijn:
Beppu en Yufuin (Kyushu)
Hakone (bij Mount Fuji)
Noboribetsu (Hokkaido)