Deelnemersregistratie per intervisie. Niet alleen een tekstveld met namen, maar vier of meer gekoppelde gebruikers: naam, e-mail, eventueel licentienummer, aanwezigheid, rol en deelname-uren.
Rollen. Bijvoorbeeld casusinbrenger, intervisieleider/begeleider, deelnemer en eventueel observator. Dan kan dezelfde bijeenkomst voor iedere trainer een eigen persoonlijk dossier opleveren.
Intervisieronde. Eerst de casus en centrale vraag, daarna feitelijke/verhelderende vragen van de andere trainers, vervolgens perspectieven en pas daarna mogelijke oplossingsrichtingen. Dat voorkomt dat intervisie meteen een adviesgesprek wordt.
Bijdragen per collega. Nu schrijft één trainer bijvoorbeeld “Welke feedback kreeg ik?”.
Beter is dat Laurens, trainer B, trainer C en trainer D ieder hun eigen vraag/perspectief kunnen vastleggen. Daarmee ontstaat aantoonbaar het “leren van en met elkaar” dat KNLTB noemt. Leraren
Gezamenlijk versus persoonlijk verslag. Eén bijeenkomst krijgt een INTERVISIEVERSLAG, terwijl iedere deelnemer daarnaast een PERSOONLIJK REFLECTIEDOSSIER krijgt. Dat onderscheid ontbreekt nu nog.
Follow-up. Bij de volgende intervisie moet de vorige afspraak automatisch terugkomen: Wat wilde je proberen? Wat heb je werkelijk gedaan? Wat zag je? Wat veranderde? Wat werkte? Wat wordt je volgende stap? Dat maakt persoonlijke groei meetbaar over meerdere bijeenkomsten.
Rapportage over ontwikkeling. Niet alleen losse PDF's, maar bijvoorbeeld: intervisies gevolgd, uren, thema's, terugkerende leerdoelen, experimenten, feedbackmomenten, afgeronde vervolgacties en ontwikkeling door de tijd.
KNLTB-administratie apart houden. KNLTB noemt voor accreditatie onder meer type/vorm, inhoud/omschrijving, docent, datum en tijdsduur/programma en verhouding theorie/praktijk. Leraren Onze Index heeft al vorm, inhoud, begeleider, datum en duur, maar theorie/praktijk-verdeling en een werkelijk programma/tijdschema ontbreken nog als expliciete velden. KNLTB biedt op dezelfde pagina ook een apart informatiedocument en aanvraagformulier voor intervisie aan. Leraren