Het boek Why We Sleep van Matthew Walker is een van de primaire bronnen voor informatie over slaap voor de algemene lezer. De vraag is of dit nu echt zou moeten zijn. Het is een populair wetenschappelijk boek over de voordelen van slaap, de benodigdheid ervan en de tekortkomingen van hulpmiddelen. Zo worden meerdere ziekten en stoornissen beschreven die veroorzaakt kunnen worden door een tekort aan slaap. Maar is alles wat verteld wordt accuraat en waarom zou je het boek toch moeten lezen?
Waarom slapen we en waarom is gebrek aan slaap zo schadelijk? Dit zijn twee van de vragen waar Matthew Walker antwoord op geeft in zijn boek Why we sleep. In het eerste deel van het boek van in totaal 16 hoofdstukken bespreekt Walker wat slaap is en wat dit betekend. Hierin komt naar voren hoe slaap ontstaat en hoeveel slaap je nodig hebt, waarbij hij refereert naar verschillende dieren waarmee hij laat zien dat slaap bij het leven hoort. Vervolgens bespreekt hij de veranderingen van slaap gedurende het leven. In het tweede deel wordt het belang van slaap benadrukt; Wat gebeurt er tijdens de slaap en wat is het gevaar van te weinig slaap? Hierbij worden verschillende ziektes in verband gebracht met te weinig of slechte slaap. Het derde deel gaat verder in op hoe dromen ontstaan en waar deze goed voor zijn. Daarbij wordt ook de mogelijkheid van slaaptherapie besproken. In het vierde en laatste deel wordt de invloed van de huidige maatschappij op onze kwaliteit van slaap besproken, waar Walker ingaat op de invloed van de nieuwste technologie en het gebruik van slaappillen op de slaap. Walker sluit het boek af met twaalf tips waarmee gezonde slaap kan worden nagestreefd.
De proza uit Matthew Walker’s Why we Sleep probeert de verzamelde kennis en de state of art van slaaponderzoek over te brengen op het algemene publiek. Over het algemeen kun je stellen dat hij hierin geslaagd is, het boek is immers een bestseller, maar hij laat ook enkele steken vallen. Eerst een korte beschrijving van de schrijfstijl zelf; Walker begint secties vaak met heftige of overdreven uitroepen (“Unhealthy sleep, Unhealthy heart”) voordat hij ze enigszins relativeert. Vervolgens volgen meerdere voorbeelden, enkele gefundeerd in feiten en onderzoek, anderen zijn analogieën om de concepten begrijpelijk te maken voor de lezer onbekend met het (wetenschappelijke) onderwerp. Hij is hier meestal effectief in, de analogieën zijn interessant, grappig en intrigerend. Hierdoor zijn concepten snel begrijpelijk, houdt hij de pas in het ‘verhaal’ en is de stof iets minder droog. Ik vind het herhalende patroon soms echter net zo vervelend als een ietwat droger stuk tekst. Er zijn momenten waar ik verlang naar een ietwat drogere stof met meer informatie, mijn interesse gewekt door het onderwerp, maar deze blijft uit. Dit kan ik Walker moeilijk verwijten, het boek is immers geschreven voor een groter publiek, maar het geeft toch een zuur gevoel.
Nu het stuk droge stof aangesneden is, kunnen we gemakkelijk verder met het gebruik van onderbouwing en referenties. Walker is naar mijn mening ontzettend laks en inconsequent in zijn gebruik van referenties naar onderzoek. Ik vind de grens tussen algemene kennis, zijn eigen onderzoek en dat van anderen in de meeste gevallen vaag. Verwijzingen blijven soms meerdere pagina’s afwezig, om dan op de volgende bladzijde met drieën tegelijkertijd te verschijnen. Verwijzingen zijn niet per se fijn om in een stuk proza te hebben, maar hij zou er beter aan doen om ze toch toe te voegen. Al is het om zijn studenten te laten zien hoe je niet plagieert. Het ergste is nog wel het verspreiden van desinformatie, door het overdrijven of misinterpreteren van bronnen. Walker’s eerste, zesde en achtste hoofdstuk werden grondig ge-fact-checked door Alexey Guzey, die hier veel problemen tegenkwam. Onder andere dat Walker grafieken had aangepast uit een bron, zodat het beter bij zijn boodschap paste. Verder werden er uitspraken gedaan vanuit een bron, die niet overeen kwamen met de informatie in de bron zelf.
De schrijver Matthew Paul Walker zelf is geboren in Liverpool, Verenigd Koninkrijk. In 1996 studeerde hij af aan de universiteit van Nottingham en in 1999 behaalde hij een PhD in neurofysiologie aan de universiteit van Newcastle. Walker startte zijn loopbaan In 2004 toen hij een hoogleraar werd aan de Harvard Medical School. In 2007 verliet hij Harvard om te gaan werken als hoogleraar neurowetenschappen en psychologie aan de universiteit van Californië, waar hij vandaag de dag nog steeds werkt. Walker heeft naast het schrijven van het boek Why we sleep meerdere onderzoeken gedaan naar de rol van slaap in het menselijke lichaam. Hij begon met zijn onderzoek aan Harvard en voert deze inmiddels uit in Californië. Hier is hij oprichter en directeur van het Center for Human Sleep Science dat samenwerkt met het Helen Wills Neuroscience Institute en het Henry H. Wheeler Jr. Brain Imaging Center. Tegenwoordig voert hij hier nog steeds onderzoek, werkt samen met bedrijven als Google en verschijnt regelmatig in tv-programma’s en radio shows.
Matthew Walker's Why We Sleep is een goed boek om doorheen te lezen als je algemene informatie wilt hebben over slaap, maar het is noch diep genoeg, noch goed genoeg verwezen of neutraal om gebruikt te kunnen worden als wetenschappelijke bron, terwijl het soms wel de droge structuur aanhoudt. Het zit vrijwel tussen populair en wetenschappelijk in. Ook al zijn er wat kritieken, het is een goed boek om te lezen voor je naar bed gaat elke dag.