Als ik raadsleden beleidsmedewerkers, ouders, of hulpbehoevende vraag naar de decentralisatie van het sociale domein hoor ik nooit iets over het passend onderwijs. Vanaf augustus 2014 moeten scholen volgens de nieuwe Wet op het passend onderwijs ook leerlingen die extra zorg nodig hebben een passende plek bieden.
Uit onderzoek van vakbond CNV Onderwijs bleek al eerder dat 58 procent van de middelbare en basisscholen vreest nog niet klaar te zijn om kinderen met leer- of gedragsproblemen op te kunnen nemen. Ruim een jaar later blijkt uit uitspraken van de geschillencommissie passend dat scholen hun onderzoek plicht schenden en niet genoeg doen om maatwerk te bieden. Wie de uitspraken leest, begrijpt al snel dat scholen een jaar later nog steeds niet hebben begrepen wat kinderen met leer en gedragsproblemen en hoogbegaafde kinderen nodig hebben. Wijkteams, Zorg Advies Teams, leerplichtambtenaren en de Jeugdbescherming begrijpen niet waarom sommige hoogbegaafde kinderen en kinderen met leer en gedragsproblemen niet naar school kunnen.
Deze kinderen zijn thuiszitter. Thuiszitters en hun ouders worden door wijkteams, Zorg Advies Teams en leerplichtambtenaren – door het opleggen van drang maatregelen – gedwongen een school te kiezen die hun geen passend onderwijs kan bieden. Hoe dat komt? leest u mee!
Drangmaatregelen
In de eerste plaats is het beeld van school en schoolgang wat wijkteams, Zorg Advies Teams, leerplichtambtenaren en de jeugdbescherming hebben een oorzaak van de opgelegde drang. Schoolonderwijs wordt door genoemde partijen gezien als de optimale onderwijsplek voor kinderen. Het is de vraag of dat juist is. Als ik ouders ondersteun bij gesprekken over passend onderwijs, zeg ik altijd dat schoolgang niet zomaar kan. Thuiszitters die hoogbegaafd zijn of leer en gedragsprobleem hebben en lang thuis hebben gezeten kampen met onderwijsachterstanden. Deze achterstanden verschillen vaak per vak. Daarom kunnen deze thuiszitters niet meteen en wellicht nooit meedraaien in een klassikale setting.
Dit is voor hun frustrerend omdat zij per vak verschillend onder of boven hun niveau zitten. Het veelal klassikale onderwijssysteem houdt voor iedere leerling per vak een gezamenlijk tempo aan. Scholen kunnen in die zin geen maatwerk bieden.
Reparatietraject
Voordat thuiszitters terug naar school kunnen, is het altijd nodig dat er een reparatietraject wordt ingezet. Alleen dan kunnen thuiszitters hun achterstand inlopen. Het IVIO onderwijs van de (Wereldschool) is daarvoor uitstekend geschikt. Iedere leerling kan via de Wereldschool per vak op een passend niveau onderwijs krijgen. Omdat er bij de Wereldschool geen sprake is van schoolvakanties kunnen achterstanden versneld worden ingelopen. De thuiszitters leren in de omgeving waar zij zich het meest veilig voelen, de thuissituatie. Docenten van IVIO onderwijs op de Wereldschool zijn ook werkzaam op onze reguliere scholen. Daarom zijn zij goed bekend met de problematiek van de thuiszitter. Er is sprake van één op één onderwijs. Een reguliere school biedt thuiszitters veel minder adequate begeleiding.
Sociale ontwikkeling
Naast onderwijs zetten scholen in op sociale ontwikkeling. Op dat gebied gaat het voor thuiszitters mis op school omdat zij aansluiting missen. Thuiszitters worden niet geaccepteerd in de groep, vaak gepest en/of docenten begrijpen hen niet. Het is zeer informatief om het boek “Alles over pesten” te lezen van Mieke van Stigt, socioloog en pedagoog, waarin zij helder beschrijft wat voor bepaalde groepen kinderen de nadelen zijn van ons schoolonderwijs; zoals jaargroepen voor grote groepen kinderen. Een ramp voor thuiszitters; dat zijn kinderen met een andere onderwijs- en begeleidingsbehoefte omdat zij niet beantwoorden aan het gemiddelde beeld.
Isolement
Thuiszitters raken op school in een isolement en dat is traumatisch. Hun beeld van school is dat zij daar niet welkom zijn en diep ongelukkig. Er zijn veel kinderen die school niet leuk vinden en toch gaan. Dit geldt niet voor thuiszitters die hoogbegaafd zijn of leer en gedragsproblemen hebben. Die raken op school overprikkeld of zijn overgevoelig. Hierdoor kunnen thuiszitters schoolbezoek niet meer opbrengen. Veel thuiszitters die meer dan gemiddeld begaafd zijn, zijn zeer gevoelig. Onder de thuiszitters die kunnen leren en toch uitvallen op school is het aantal hoogbegaafde kinderen en kinderen met autisme spectrumstoornissen zeer hoog. Van de kinderen met een IQ dat hoger is dan 130 haalt slechts 30% het hoger onderwijs. Binnen die groep kinderen is niet alleen sprake van schooluitval maar ook van depressie en zelfs suïcide pogingen. Zij kunnen het leven niet meer leven als zij worden gedwongen om dagelijks afgewezen te worden en dat is wat er met hen op school vaak gebeurd.
Het nadeel is dat hoogbegaafdheid en stoornissen in het autistisch spectrum vaak niet goed gemeten kunnen worden als een kind slecht in zijn vel zit. Hoogbegaafdheid wordt bijvoorbeeld vaak vermoed aan de hand van signalen die een kind afgeeft. Depressie is daar één van.
Stereotype reactie
De reactie van Jeugdbescherming om bij thuiszitters te duiken op de ouders die hun kwetsbare kind op schoot nemen, is stereotiep. Ouders nemen hun kind in bescherming en hen wordt vervolgens vaak een symbiotische relatie met hun kind verweten. Deze reactie wordt vaak ingegeven omdat Jeugdbescherming zich laat informeren door scholen, die het kind vaak lang niet meer hebben gezien en er bovendien zelf niet in zijn geslaagd om op de onderwijsbehoefte en begeleidingsbehoefte van deze vaak bijzondere kinderen een antwoord te vinden. Veel scholen blinken niet uit in zelfreflectie en verwijten de verstoorde relatie tussen kind en school aan de ouders. Wij hebben dat vele, vele malen gezien, met name waar sprake is van een oudergezinnen.
Luister naar ouders
Onze ervaring is dat kinderen die thuiszitten alleen geholpen kunnen worden door naar de ouders te luisteren. Zij kennen het kind het beste en hebben vaak al alles geprobeerd om het kind op schoot krijgen. Door te luisteren kan er een oplossing worden gevonden. Pas als kind tot rust komt kan het weer gaan functioneren/presteren, durft het weer een stap te zetten richting de maatschappij en kunnen ouders loslaten. Het helpt hulpverleners in het onderwijs, wijkteam-medewerkers en jeugdbeschermers een voorbeeld te nemen aan de benadering van ouders in het ziekenhuis. Daar is het vanzelfsprekend dat ouders niet van de zijde van het kind wijken en worden zij bij alles betrokken. Het is goed eens kennis te nemen van de website van Stichting Kind en Ziekenhuis.
Ouders van thuiszitters hebben meestal al adequate zorg ingezet. Deze kinderen zijn (bijna) altijd onder behandeling van behandelaar (orthopedagoog, psycholoog of psychiater). Deze behandelaren bepalen samen met de ouders wat voor hun kind de beste weg is om te gaan. Anderen kunnen hen enkel ondersteunen met hun kennis en hun netwerk.
Denktanks
Die ondersteuning om ouders in hun kracht te zetten, was ook het uitgangspunt bij de twee denktanks waaraan ik heb deelgenomen. De denktank van het NJI over de transitie van de Jeugdzorg, onder leiding van Job Cohen, en de denktank over Drang in de Jeugdzorg, zie de notitie vasthouden-en-motiveren-bij-zorgen-over-kinderen. Voor beide werkgroepen was de ouder het uitgangspunt bij het zoeken naar oplossingen. Daarom is het belangrijk dat ouders van een thuiszitter aan de slag gaan met een gezinsplan. Dat gezinsplan is in feite een verslag van het traject dat is ingezet.
De kans op een definitieve terugkeer naar school is het grootst door bij thuiszitters te kiezen voor:
een reparatietraject onderwijs met inzet van afstandsonderwijs IVIO
en door een plan te maken voor sociale ontwikkeling van thuiszitters
Plan maken
De eerste stap van wijkteams, Zorg Advies Teams, leerplichtambtenaren en de jeugdbescherming als zij betrokken raken bij thuiszitters is dan ook:
De ouders vragen een plan te maken voor de sociale activiteiten om schoolbezoek te compenseren.
Naast een plan voor het onderwijs en de sociale ontwikkeling zal ook de rol van de behandelaar in het gezinsplan worden meegenomen. Zolang thuiszitters kampen met uiteenlopende klachten door schoolbezoek is het advies van de behandelaar altijd bepalend voor de besluiten om het schoolbezoek te hervatten.
Tot slot
Het toepassen van drang of dwangmaatregelen bij thuiszitters heeft geen enkele toegevoegde waarde. Het werkt averechts. In het verleden is al bewezen dat gezinsvoogden ook niet in staat zijn om passend onderwijs voor deze kinderen te realiseren. Kijk naar deze uitzending van Zembla van 22 april jl. daar stelt voormalig bestuurder van Jeugdbescherming Regio Amsterdam, en thans secretaris generaal van VWS Erik Gerritsen dat drang en dwang maatregelen in deze situatie geen oplossing is.
26 augustus 2015
Bron: www.maassluis.nu/columns/column-passend-onderwijs-en-de-thuiszitters