In de 15de eeuw ontstond in Italië de Renaissance (letterlijk: wedergeboorte). Men begon terug te grijpen naar elementen uit de Griekse en Romeinse beschaving. Ook het concept van de Uomo Universale maakte opgang: de mens moest zich op verschillende vlakken ontwikkelen. Naast de verstandelijke ontwikkeling ging er steeds meer aandacht naar het lichaam en de kunsten. Musiceren en dansen werden belangrijke eigenschappen van de ontwikkelde renaissancemens. De ideale hoveling was zowel bedreven in het gevecht en de sport als in de muziek en de dans, waarbij hij bij voorkeur liet uitschijnen dat al deze moeilijke disciplines koude kunstjes waren. Wie hierin slaagde, bezat sprezzatura. Ook de symetrie werd erg belangrijk in de dans en de choreografie.
Dansen werd dus een belangrijke uiting van beschaving en won nog aan belang aan de hoven. De aristocratie huurde dansmeesters in om de juiste dansen en danshoudingen aan te leren, waaronder de bekende Antonio Cornazano (Boek over de kunst van het dansen, 1465) en Cesare Negri (De gratiën van Amor, 1602 en Nieuwe uitvindingen van dansen, 1604). Tijdens de 16de eeuw verspreid de renaissance zich over de rest van Europa. Na verloop van tijd huurden de buitenlandse hoven deze Italiaanse dansmeesters ook in en de Italiaanse hofdansen raakten verspreid over Europa samen met de overige renaissance-idealen. Door de tijd die deze verspreiding in beslag nam is er zowel op het vlak van de dansen als op het vlak van de kleding een duidelijk verschil te merken tussen de vroege renaissance (Italië, 15de eeuw) en de bloeiperiode van de renaissance (Europa, 16de eeuw).
Dansen deed men ook om te zien en gezien te worden - het moment bij uitstek om kennis te maken met het andere geslacht en een geschikte huwelijkspartner (of maîtresse) te vinden. Er werd flink geflirt op de dansvloer. Hofdansen uit de renaissance werden speciaal samengesteld, opdat de man zijn viriliteit kon uitdrukken via verschillende sprongen (zoals de gaillarde) terwijl de dame haar beheersing en elegantie uitdrukte met verfijnde en golvende danspassen.