Stommen van Kampen
maak kennis met:
We komen ze tegen in de Kamper archieven: de stommen, de innocenten en de onnozelen. Allemaal omschrijvingen voor medemensen die extra ondersteuning nodig hadden in het dagelijkse leven. Voor de samenleving waren zij onmondige mensen, omdat ze stom waren of op een andere wijze beperkt. Deze positie moet invloed gehad hebben op hun geestelijk welzijn.
In het project ''Stommen van Kampen'' beschrijft cultuurZIEN de levens van drie doofstomme kunstenaars uit Kampen. Zij tonen aan dat ''stom'' zijn niet het zelfde is als dom zijn. Toch werden en worden mensen met een beperking als tweederangs burgers behandeld.
Daarnaast wordt het leven beschreven van drie ''innocente'' Kamper vrouwen, tijdgenoten van de drie doofstomme kunstenaars. Juist omdat zij ''innocent'' waren en daardoor extra zorg nodig hadden, worden deze vrouwen in de Kamper archieven genoemd.
Bij de combinatie Kampen en ''de stomme'' denken de meeste mensen aan kunstschilder Hendrick Avercamp. Eén van de drie voorbeelden van een doofstom geboren kind uit een gegoede familie, die de mogelijkheid kreeg om zich te ontwikkelen en -min of meer zelfstandig- werkzaam te zijn.
Vanuit ons gepriviligeerde, 21ste eeuwse perspectief menen wij dat wij betere zorg verlenen dan voorheen. Maar is dat wel zo? Wat vertellen de archieven ons over ''de zorg'' vroeger?
In ''Stommen van Kampen'' maakt u kennis met Aelt Boister & Engele ter Stege (16e eeuw), Hendrik Avercamp & Weijme Spierlinck (17e eeuw), Pieter Remmers & Hester Brunier (18e eeuw) in woord en beeld of tijdens een stadswandeling.
''Stommen van Kampen'' is de bijdrage van cultuurZIEN aan de Maand van de Geschiedenis 2026
© cultuurZIEN 2026