12 juni 2026
Het Limburgs Vastelaovendsleedjes Konkoer (LVK) bracht eind januari een prachtig carnavalsfeest naar Landgraaf. Vrijwilligers uit verschillende verenigingen hebben zich meer dan een jaar ingezet om er een geslaagd evenement van te maken en honderden vrijwilligers hebben daar twee dagen lang aan meegeholpen. Daarvoor verdienen zij alle waardering. Toch heeft de organisatie uiteindelijk geleid tot een financieel tekort van maar liefst 258.000 euro, een bedrag dat de gemeenteraad uit gemeenschapsgeld heeft moeten aanvullen.
Het is zeer ongebruikelijk dat publieke middelen worden ingezet om de tekorten van een privaatrechtelijke stichting af te dekken. Toch stelde het college van burgemeester en wethouders voor om dat te doen. Volgens het college voelt het zich bestuurlijk verantwoordelijk voor het binnenhalen van het evenement en de financiële gevolgen die daaruit zijn voortgekomen.
Het volledige college ging in 2024 akkoord om wethouder Janssen het finale-evenement van het LVK naar Landgraaf te laten halen. Op promotiemateriaal en video's werd bovendien nadrukkelijk uitgedragen dat de gemeente samen met de carnavalsverenigingen het evenement zou organiseren. Omdat het LVK als voorwaarde stelt dat de finale wordt georganiseerd door carnavalsverenigingen en de stuurgroep van die gezamenlijke carnavalsorganisaties het financiële risico niet wilde dragen, werd speciaal voor dit doel een stichting opgericht.
Deze stichting, bestaande uit een aantal vrijwilligers, werkte anderhalf jaar aan de organisatie van het evenement. Daarbij vond regelmatig overleg plaats met betrokken wethouders en een financieel ambtenaar van de gemeente. Omdat de stichting zelf niet over bezittingen of financiële reserves beschikte, verstrekte het college een lening van 20.000 euro en daarnaast een garantstelling van 105.000 euro. De gemeenteraad werd daarbij niet betrokken, omdat het verstrekken van garantstellingen een bevoegdheid van het college is.
Pas toen bleek dat de stichting extra geld nodig had om onder meer artiesten en het grote evenementenpaviljoen vooraf te kunnen betalen, kwam het dossier voor het eerst naar de gemeenteraad. De raad werd gevraagd akkoord te gaan met een aanvullende lening van 150.000 euro. Onze fractie OPL-éénLandgraaf was vanaf dat moment al kritisch en stelde direct een groot aantal schriftelijke vragen. Daarbij vroegen wij onder meer waarom de gemeenteraad niet veel eerder in positie was gebracht om kaders te stellen voor een project van ongeveer 1 miljoen euro met zulke aanzienlijke financiële risico's. De antwoorden stelden ons destijds niet gerust, maar vrijwel alle andere partijen waren enthousiast over het evenement en er werd met grote zekerheid uitgesproken dat de verstrekte leningen zouden worden terugbetaald. De lening werd daarom door de gemeenteraad verstrekt.
Het LVK-finaleweekend was zonder twijfel een mooi visitekaartje voor Landgraaf. De finaleavond verliep uitstekend en de organisatie stond als een huis. Tegelijkertijd bleek al eerder dat de opbrengsten van de finaleavond alleen onvoldoende zouden zijn om alle kosten te dekken. Daarom werd een tweede evenement toegevoegd: een avond onder de naam "Schlager meets Symphony". Die vreemde combinatie bleek echter nauwelijks publiek aan te trekken. Het grote paviljoen was die avond slechts voor 10% gevuld, waardoor een fors financieel tekort ontstond.
Volgens de beschikbare informatie heeft de stichting kort na het evenement al bij het college aan de bel getrokken over de financiële problemen. Toch duurde het vervolgens nog 4 maanden voordat de gemeenteraad en de inwoners van Landgraaf hierover werden geïnformeerd. Pas vlak voor het vertrek van de verantwoordelijke wethouders werd duidelijk dat er een tekort van ruim een kwart miljoen euro was ontstaan en dat het college voorstelde dit bedrag door de gemeente te laten betalen. Dat vinden wij een kwalijke gang van zaken. De gemeenteraad kreeg slechts twee weken de tijd om zich over een dossier van deze omvang en complexiteit uit te spreken.
Ook in deze fase heeft onze fractie opnieuw veel schriftelijke vragen voor de commissievergadering en voor de raadsvergadering gesteld over het proces, de rol van de gemeente, de besluitvorming en de hoge uitgaven die zijn gedaan. Op een aantal vragen kwam echter geen duidelijke antwoord en belangrijke informatie bleef onvolledig. Daardoor bleef voor de gemeenteraad onduidelijk hoe bepaalde keuzes tot stand zijn gekomen en waarom financiële risico's onvoldoende zijn beheerst.
Tijdens de commissiebehandeling bleek dat veel partijen kritisch waren op het proces, maar tegelijkertijd vonden dat de organiserende stichting niet aan haar lot kon worden overgelaten. Daarbij speelde mee dat de gemeente zelf met afstand de grootste schuldeiser was. Van de openstaande schulden was ongeveer 175.000 euro voor de gemeente. Daarnaast dreigden honderden vrijwilligers hun vergoeding mis te lopen en zouden bestuursleden van de stichting mogelijk jarenlang betrokken kunnen raken bij een faillissementstraject, inclusief onderzoeken naar eventuele persoonlijke aansprakelijkheid met inzet van hun privé vermogen.
De gemeenteraad stond daardoor feitelijk in korte tijd met de rug tegen de muur. Niet instemmen met het voorstel zou betekenen dat de gemeente alsnog haar uitgeleende geld kwijt zou zijn, terwijl tegelijkertijd vrijwilligers en bestuursleden de gevolgen zouden moeten dragen. Uiteindelijk stemde de gemeenteraad daarom unaniem in met het aanvullen van het tekort.
Onze grootste kritiek richt zich niet op de vrijwilligers die zich met hart en ziel hebben ingezet voor dit evenement. Ook richt onze kritiek zich niet op het feit dat er een mooi feest is georganiseerd. Waar het volgens ons misgaat, is de manier waarop het college de gemeenteraad een jaar lang buiten spel heeft gezet. Als het college zich nu zó verantwoordelijk voelt voor de financiële gevolgen van het LVK dat het bereid is meer dan een kwart miljoen euro gemeenschapsgeld beschikbaar te stellen, waarom werd de gemeenteraad dan niet veel eerder betrokken bij de besluitvorming? Waarom mocht de raad achteraf de rekening betalen, maar vooraf geen kaders stellen?
Om die reden heeft ons raadslid Frenk van de Burgt tijdens de raadsvergadering scherpe kritiek geuit op het gevolgde proces, de rol van de betrokken wethouders en de omvang van de uitgaven binnen dit project. Daarnaast dienden wij een motie van afkeuring in richting het college. Helaas kon deze motie niet rekenen op steun van andere partijen.
Tijdens het debat erkende het college uiteindelijk dat de gemeenteraad mogelijk eerder betrokken had kunnen worden. Verder bleef echte zelfreflectie echter uit. Daarmee blijft voor ons de belangrijkste les uit dit dossier overeind: wanneer grote financiële risico's worden genomen met projecten die door of namens de gemeente worden ondersteund, moet de gemeenteraad vanaf het begin betrokken zijn. Dat is niet alleen beter voor de controle op gemeenschapsgeld, maar voorkomt ook dat de raad achteraf wordt geconfronteerd met voldongen feiten.
Het LVK 2026 leverde Landgraaf een mooi feest op. Maar het leverde de inwoners ook een rekening op van ruim een kwart miljoen euro voor een feest waar ze niet geweest zijn. Wat ons betreft mag zo'n proces zich nooit meer herhalen en komt het college niet meer weg zonder duidelijke reprimande van deze gemeenteraad.