opgericht 14 februari 1986
Aangepast in 1990
Aangepast in 1999
NAAM
Artikel 1
De vereniging draagt de naam: Bridgeclub Enter 86
ZETEL
Artikel 2
Zij heeft haar zetel te Enter, gemeente Wierden.
DOEL
Artikel 3
1. De vereniging heeft ten doel het sportief beoefenen van het bridgespel en de bevordering van het gezellig samenzijn.
2. Van het doel is uitgesloten het doen beoefenen en het bevorderen van het beroepsbridge-spel.
3. De vereniging tracht het doel te bereiken door het organiseren van onderlinge competities en vrije speelavonden.
LEDEN
Artikel 4
1. De vereniging kent gewone- en ereleden.
2. Gewoon lid kunnen worden zij, die de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt en het bridgespel actief beoefenen of beoefend hebben. Zij die het bridgespel als beroep uitoefenen, kunnen geen lid zijn.
3. Ereleden worden op voorstel van het bestuur benoemd door de algemene ledenvergadering en kunnen vrijgesteld worden van betaling van verenigingscontributie.
4. Gewone leden hebben het recht van introductie van een niet-lid op de speelavonden met een maximum van de speelavonden van één competitieronde. Buiten de competitie gelden geen beperkingen.
5. Het spelen met invallers wordt geregeld in het reglement parencompetitie.
6. Het bestuur houdt een register waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen.
BEGUNSTIGERS
Artikel 5
1. Begunstigers zijn zij die zich bereid verklaard hebben de vereniging financieel dan wel op andere wijze te steunen.
2. Begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hun bij of krachtens de statuten zijn toegekend en opgelegd.
3. Het bestuur houdt een register waarin de namen en adressen van alle begunstigers zijn opgenomen.
TOELATING
Artikel 6
1. Zij die zich schriftelijk aanmelden bij de secretaris en aan de vereisten van het lidmaatschap voldoen kunnen lid worden. Het lidmaatschap gaat in op de dag dat het lid daarvan een bevestiging van de secretaris heeft ontvangen.
2. Het bestuur beslist omtrent de toelating van leden en begunstigers.
3. Bij niet-toelating tot lid of begunstiger kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP
Artikel 7
1. Het lidmaatschap eindigt:
a. Door opzegging van het lid;
b. door overlijden van het lid;
c. door opzegging namens de vereniging. Deze kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten van het lidmaatschap, bij de statuten gesteld, te voldoen, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren;
d. door ontzetting. Deze kan alleen worden uitgesproken, wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden met in achtneming van een opzegtermijn van twee maanden. Het lidmaatschap kan echter onmiddellijk worden beëindigd, indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgend op de datum waartegen was opgezegd.
5. Onmiddellijke beëindiging van het lidmaatschap door opzegging is voorts mogelijk:
a. binnen één maand nadat een besluit waarbij de rechten van de leden zijn beperkt of hun verplichtingen zijn verzwaard aan het lid bekend is geworden of medegedeeld. Het besluit is alsdan niet op dat lid van toepassing. Een lid is evenwel niet bevoegd tot opzegging als bedoeld in dit lid naar aanleiding van een besluit waarbij de verplichtingen van geldelijke aard van de leden zijn verzwaard;
b. binnen een maand nadat een besluit tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie aan hem is medegedeeld.
6. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur. Alvorens het bestuur hiertoe over gaat, zal het bestuur het betrokken lid op zijn misdragingen wijzen. Een besluit tot schorsing in het lidmaatschap, dan wel daarvan vervallen worden verklaard, geschiedt in een door het bestuur bijeen te roepen ledenvergadering. Tot het nemen van een dergelijk besluit is een meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen vereist, terwijl ten minste één/derde der leden aan die stemming moet deelnemen.
7. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van het besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap, staat de betrokkene binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
8. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, is, met in achtneming van de opzegtermijn, geen contributie verschuldigd gedurende de rest van het verenigingsjaar. Eventueel teveel betaalde contributie zal worden gerestitueerd.
EINDE VAN DE RECHTEN EN VERPLICHTINGEN VAN BEGUNSTIGERS
Artikel 8
1. De rechten en verplichtingen van begunstigers kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd.
2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
JAARLIJKSE BIJDRAGE
Artikel 9
1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:
a. contributie van de leden;
b. andere inkomsten.
2. De hoogte van de contributies en de entreegelden worden jaarlijks door de algemene ledenvergadering vastgesteld en moeten bij vooruitbetaling door de leden worden voldaan.
3. De leden zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse bijdrage, die door de algemene vergadering wordt vast gesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende bijdrage betalen.
4. Begunstigers zijn gehouden tot betalen van de met het bestuur overeengekomen bijdrage.
5. Het bestuur is bevoegd in bijzonder gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage te verlenen.
6. Indien een lid de door hem aan de vereniging verschuldigde contributie niet op tijd voldoet, wordt hij door de penningmeester tweemaal tot betaling gemaand.
7. Indien een lid in gebreke blijft in de nakoming van enige verplichting welke ingevolge de wet en/of deze statuten op hem of haar rust en waardoor door de vereniging gerechtelijke en/of buiten gerechtelijke maatregelen moeten worden genomen, zijn alle daaruit voortvloeiende kosten, welke reeds nu voor alsdan gefixeerd worden op tenminste vijftien procent (15%) van de verschuldigde hoofdsom, voor rekening van het lid en kan hij door het bestuur van zijn lidmaatschap vervallen worden verklaard.
8. Wie lid van de vereniging is geweest en na meer dan één kalenderjaar opnieuw als lid is toegelaten, zal opnieuw entreegeld hebben te voldoen.
BESTUUR
Artikel 10
1. Het bestuur bestaat uit tenminste drie en ten hoogste vijf gewone leden, die door de algemene vergadering worden benoemd, De benoeming geschiedt uit leden, behoudens het bepaalde in lid 2. Zij verdelen onderling hun werkzaamheden; zonodig doen zij dit door schriftelijke stemming.
2. De algemene vergadering kan besluiten dat één lid van het bestuur buiten de leden wordt benoemd.
3. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit een of meer bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in lid 4. Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn bevoegd zowel het bestuur als tien leden. De voordracht van het bestuur wordt bij de opening van de vergadering medegedeeld. Een voordracht door tien of meer leden moet ten minste 48 uur vóór de aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.
4. Aan elke voordracht kan het bindend karakter worden ontnomen door een met tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene vergadering, genomen in een vergadering waarin tenminste twee/derde van de leden vertegenwoordigd is.
5. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de algemene vergadering overeenkomstig het voorgaande lid de opgemaakte voordrachten het bindend karakter te ontnemen, dan is de algemene vergadering vrij in de keus.
6. Indien er meer dan één bindende voordracht is, geschiedt de benoeming uit die voordrachten.
7. De penningmeester heeft het beheer over de geldmiddelen. Alle de door hem te verrichten uitgaven boven de 250.= worden vooraf in een bestuursvergadering onderzocht en goedgekeurd. Hij bewaart de kasbescheiden tenminste gedurende een periode van vijf jaar.
8. De secretaris is belast met de bewaring van het archief, de briefwisseling, de oproep tot vergaderen en verdere administratie.
EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP-PERIODIEK
LIDMAATSCHAP-SCHORSING
Artikel 11
1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk vier jaar na zijn benoeming af, volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding. De aftredende is herkiesbaar; wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts:
a. ten aanzien van een bestuurslid dat uit de leden benoemd is: door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging;
b. door bedanken.
BESTUURSFUNCTIES - BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR
Artikel 12
1. Het bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester aan. Het kan voor elk hunner uit zijn midden een vervanger aanwijzen.
2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris notulen gemaakt, die door de voorzitter en de secretaris worden vast gesteld en ondertekend. In afwijking van wat de wet dienaangaande bepaalt, is het oordeel van de voorzitter omtrent de tot stand koming en de inhoud van een besluit niet beslissend.
3. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden aangegeven.
BESTUURSTAAK - VERTEGENWOORDIGING
Artikel 13
1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
2. Indien het aantal bestuursleden beneden de drie is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering te beleggen waarin de voorziening van de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.
3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door personen of commissies die door het bestuur worden benoemd.
4. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor de schuld van een ander verbindt.
Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden beroep worden gedaan.
5. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de algemene vergadering voor besluiten tot:
I. het aangaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen een bedrag of waarde van vijf duizend (. 5000,==) te boven gaande; onverminderd het hierna onder II bepaalde;
II. a. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van onroerende goederen;
b. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging bankkrediet wordt verleend;
c. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruik maken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;
d. het aangaan van dadingen;
e. Het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen en het nemen van die rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden;
f. het sluiten en wijzigen van arbeidsovereenkomsten.
Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.
6. Onverminderd het in de laatste volzin van lid 4 bepaalde wordt de vereniging in en buiten rechte vertegenwoordigd door het bestuur.
De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk handelende bestuursleden en aan de voorzitter.
JAARVERSLAG - REKENING EN VERANTWOORDING
Artikel 14
1. Het verenigingsjaar loopt van 1 september januari tot en met 31 augustus.
2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
3. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene ledenvergadering, zijn jaarverslag uit over de gang van zaken binnen de vereniging en over het gevoerde beleid en legt een staat van baten en lasten met toelichting aan de vergadering over. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van één of meer hunner, dan wordt onder opgaaf van redenen melding gemaakt.
4. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een kascommissie van tenminste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De kascommissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.
5. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de kascommissie van onderzoek zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht aan de kascommissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
6. De last van de kascommissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere kascommissie.
7. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 2 en 3, tien jaar lang te bewaren.
ALGEMENE VERGADERING
Artikel 15
1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de stuten aan het bestuur zijn opgedragen.
2. Jaarlijks, uiterlijk drie maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering, de jaarvergadering, gehouden. In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:
a. het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 14 met het verslag van de aldaar bedoelde commissie;
b. de benoeming van de in artikel 14 genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar;
c. voorziening in eventuele vacatures;
d. voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.
3. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/vijfde gedeelte der stemmen verplicht tot het bijeen roepen van een algemene vergadering op een termijn niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeen roeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 19 of bij advertentie in tenminste een ter plaatse, waar de vereniging gevestigd is, veel gelezen dagblad. De verzoekers kunnen alsdan anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van de vergadering en het opstellen van de notulen.
5. Over de op de agenda vermelde voorstellen moet beslist worden op de vergadering waarvoor de agenda is opgesteld. Onverminderd het bepaalde in lid 2d staat het ieder lid vrij ook andere voorstellen tijdens de vergadering te doen. De beslissing hierover kan door het bestuur worden uitgesteld.
TOEGANG EN STEMRECHT
Artikel 16
1. Toegang tot de algemene vergadering hebben alle leden van de vereniging, de ereleden, het bestuurslid dat geen lid van de vereniging is en alle begunstigers. Geen toegang hebben geschorste leden en geschorste bestuursleden met dien verstande dat een geschorst lid toegang heeft tot de vergadering waarin het besluit tot schorsing wordt behandeld. Hij heeft tevens het recht om in die vergadering het woord te voeren.
2. Over toelating van andere dan de in lid 1 bedoelde personen beslist de algemene vergadering.
3. Ieder lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft één stem. Het bestuurslid dat geen lid van de vereniging is heeft een raadgevende stem. Ereleden hebben geen stemrecht, tenzij zij ook als gewoon lid kunnen worden beschouwd.
4. In geval van een schriftelijke stemming kan een lid zijn stem door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid uitbrengen.
5. Een lid mag naast zijn eigen stem niet meer dan 2 stemmen van volmachtgevers uitbrengen.
VOORZITTERSCHAP - NOTULEN
Artikel 17
1. De algemene vergaderingen worden, tenzij de situatie zich voordoet als omschreven in artikel 15 lid 4, geleid door de voorzitter van de vereniging of door zijn plaatsvervanger. Ontbreken de voorzitter en zijn plaatsvervanger, dan treedt één der andere bestuursleden, door het bestuur aan te wijzen, als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelve.
2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld en ondertekend. De notulen van het verhandelde op de bestuurs- en ledenvergaderingen, worden telkens op de eerstvolgende vergadering voorgelezen en zijn aan de goedkeuring der aanwezige leden onderworpen.
3. Op de ledenvergadering wordt door de secretaris verslag gedaan omtrent de toestand van de vereniging. De rekening en verantwoording der geldmiddelen geschiedt door de penningmeester.
BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE VERGADERING
Artikel 18
1. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoelde oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
3. Voor zover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen. (de helft + 1).
4. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming, of in geval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten, plaats.
Heeft alsdan weder niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken.
Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht.
Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht.
Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.
6. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen.
7. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht, of één der stemgerechtigden zulks voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.
8. Een éénstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in vergadering bijeen, heeft , mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.
9. Zolang in een algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.
10.Wanneer het bestuur van mening is dat een bepaalde beslissing, of het voortbestaan van de vereniging in gevaar kan brengen, of dermate ingrijpend is voor een eventuele minderheid van tegenstemmers, dat uittreden van leden of scheuring in de vereniging kan optreden, kan het bestuur besluiten dat over deze aangelegenheid niet kan worden beslist door een eenvoudige meerderheid van stemmen. Het bestuur heeft dan de bevoegdheid te stellen, dat voor het onderhavige voorstel:
1. een volstrekte meerderheid van twee/derde van de door alle betalende gewone leden uitgebrachte stemmen vereist is; of
2. een meerderheid van twee/derde der uitgebrachte stemmen vereist is, terwijl minstens de helft van het aantal betalende gewone leden aan de stemming moet deelnemen. In geval het bestuur het nodig acht van de onder 1 en 2 aangegeven maatregel gebruik te maken, dient dit in de uitnodiging voor de vergadering te worden bekend gemaakt.
BIJEENROEPING ALGEMENE VERGADERING
Artikel 19
1. De algemene vergaderingen worden bijeen geroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden volgens het ledenregister, bedoeld in artilel 4. De termijn voor de oproeping bedraagt tenminste 2 weken.
2. Op de uitnodiging worden de te behandelen onderwerpen vermeld, alsmede de naam van het aftredende bestuurslid en de aftredende commissieleden, onverminderd het bepaalde in artikel 20.
STATUTENWIJZIGING
Artikel 20
1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van een algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste vijf dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift, als hiervoor bedoeld, aan alle leden toegezonden.
3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin tenminste twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd is. Is niet twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd, dan wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeen geroepen en gehouden, waarin over het voorstel zoals dit in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige of vertegenwoordige leden, kan worden besloten mits, met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiertoe op een conform de leden 1,2 en 3 van dit artikel bijeengeroepen en gehouden algemene vergadering is besloten.
ONTBINDING
Artikel 21
1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.
2. Tenzij de algemene vergadering anders besluit, geschiedt de vereffening door het bestuur.
3. Het batig saldo na vereffening vervalt aan degenen die ten tijde van het besluit tot ontbinding lid waren. Ieder hunner ontvangt een gelijk deel. Bij het besluit tot ontbinding kan echter ook een andere bestemming aan het batig saldo worden gegeven.
4. De vereniging houdt op te bestaan op het tijdstip waarop geen aan haar, dan wel aan de vereffenaars bekende baten meer aanwezig zijn. De vereffenaars doen hiervan opgaaf aan de registers waar de vereniging is ingeschreven.
HUISHOUDELIJK REGLEMENT
Artikel 22
1. De algemene vergadering kan een huishoudelijk reglement vaststellen.
2. Het huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.
WEDSTRIJDLEIDING EN VERVANGING
Artikel 23
1. Ter organisering en leiding van de door de vereniging georganiseerde bridgedrives wordt een wedstrijdleider benoemd.
2. De wedstrijdleider wordt voor onbepaalde tijd door het bestuur benoemd en in de eerstvolgende algemene vergadering ter bekrachtiging voorgelegd.
3. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het artikel 20 is van overeenkomstige toepassing.
4. De wedstrijdleider kan assistenten kiezen, die tijdens de wedstrijden door de leden als wedstrijdleider dienen te worden aanvaard.
5. Het bestuur heeft de bevoegdheid tegen de verkiezing door de algemene ledenvergadering een ander met de wedstrijdleiding te belasten indien deze andere, in tegenstelling met de gekozene, in het bezit is van het wedstrijdleiders diploma van de Nederlandse Bridge Bond.
SLOT EN OVERGANGSBEPALINGEN
Artikel 24
1. Ieder lid wordt geacht de statuten te kennen en zich aan de erin opgenomen bepalingen te onderwerpen.
2. Een exemplaar van deze statuten wordt ieder lid gratis ter beschikking gesteld.
3. In gevallen waarin deze statuten niet voorzien beslist het bestuur. Van het nemen van een hier bedoelde beslissing dient het bestuur in de eerstvolgende algemene ledenvergadering melding te maken, dan wel indien het bestuur van oordeel is dat zulks sneller vereist is, hiervan op de eerstvolgende bridge gelegenheid mededeling te doen.
4. Besluitvorming over wijzigingen in beleid zijn aan de zelfde voorwaarden onderhevig als in deze statuten is bepaald voor wijzigingen van de statuten.
Aldus vastgesteld in de algemene ledenvergadering van 7 september 1999
De voorzitter, De secretaris,