Grafieken
Omzet
Winst
BTW
Kosten
Belasting
Netto
per maand
Aanpassing betalingsregeling belastingschuld door bijzonder uitstel
Aanpassingen aanvragen van de betalingsregeling voor de belastingschuld door het bijzonder uitstel? Lees of u hiervoor een verzoek kunt indienen, en hoe.
Aftrekken lijfrentepremies
U mag lijfrentepremies en -stortingen alleen aftrekken in het jaar dat u deze hebt betaald. Dit mag voor diverse inkomensvoorzieningen. Lees meer.
Beleidsplan
Een ANBI moet een actueel beleidsplan hebben dat inzicht geeft in de manier waarop de ANBI het werk uitvoert. Lees meer over deze eis.
Rechten op periodieke uitkeringen: saldolijfrente
U moet een deel van de waarde van uw lijfrente in box 3 aangeven als u deze voor 16 oktober 1990 hebt afgesloten. Bekijk de andere voorwaarden.
Update: 15 april 2024
Hebt u moeite met het betalen van de termijnbedragen van de betalingsregeling? Dan kunt u ons vragen de betalingsregeling (tijdelijk) aan te passen. Hiervoor gelden voorwaarden. En de aanpassing heeft gevolgen voor het termijnbedrag, het bedrag aan invorderingsrente en de looptijd van de betalingsregeling.
Als u aan bepaalde voorwaarden voldoet, kunt u ons vragen om 1 of meer van deze 3 aanpassingen:
kwartaalbetaling: u betaalt per kwartaal in plaats van per maand
betaalpauze: u kunt 1 keer een periode van maximaal 6 aaneengesloten maanden of 2 aaneengesloten kwartalen stoppen met betalen
verlenging: u verlengt de regeling naar maximaal 7 jaar
Dit kan alleen als u een betalingsregeling hebt voor minimaal € 10.000.
Lukt het tijdelijk niet om de termijnbedragen geheel te betalen? Dan kunt u ons onder voorwaarden ook vragen om een betaalpauze en/of aanvullend een verlenging van de betalingsregeling naar maximaal 7 jaar. Deze betaalpauze mag ingaan op een datum in het verleden, bijvoorbeeld 1 oktober 2022.
Stuur een brief met uw verzoek naar:
Belastingdienst
Postbus 100
6400 AC Heerlen
U kunt ons vragen of u per kwartaal mag betalen als u voldoet aan de volgende voorwaarden:
U hebt vanaf 1 april 2022 steeds voldaan aan uw nieuwe betalingsverplichtingen. Of u hebt hiervoor uitstel van betaling gekregen.
In uw verzoek motiveert u waarom u per kwartaal wilt betalen.
Als uw verzoek wordt toegewezen, heeft dit de volgende gevolgen:
De termijnbedragen worden hoger.
U betaalt meer invorderingsrente.
De uiterste betaaldatum van de eerstvolgende betalingstermijn wordt de laatste dag van het lopende kalenderkwartaal waarin het verzoek is ingediend.
Voorbeeld: U doet een verzoek op 10 oktober 2022. Dan is de uiterste betaaldatum van de maanden oktober tot en met december: 31 december 2022. Elke volgende termijn vervalt telkens een kwartaal later.
De einddatum van de betalingsregeling blijft 1 oktober 2027.
U krijgt van ons een brief met de nieuwe termijnbedragen en betaaldatums.
U kunt ons vragen om een betaalpauze van maximaal 6 maanden of 2 aaneengesloten kwartaaltermijnen als u voldoet aan de volgende voorwaarden:
U hebt vanaf 1 april 2022 steeds voldaan aan uw nieuwe betalingsverplichtingen. Of u hebt hiervoor uitstel van betaling gekregen.
In uw verzoek motiveert u waarom u voor een korte periode problemen bij het afbetalen verwacht.
Als uw verzoek wordt toegewezen, heeft dit de volgende gevolgen:
De termijnbedragen worden hoger.
U moet meer invorderingsrente betalen.
De einddatum blijft 1 oktober 2027.
U krijgt van ons een brief met de nieuwe termijnbedragen en betaaldatums.
Hebt u ons al gevraagd om een betaalpauze? Dan nemen wij contact met u op met de vraag of u deze wilt verlengen naar maximaal 6 maanden.
U kunt ons vragen of u maximaal 7 jaar (84 maanden) mag doen over het afbetalen van uw belastingschuld als u voldoet aan de volgende voorwaarden:
Uw belastingschuld door het bijzonder uitstel is € 10.000 of hoger.
U hebt vanaf 1 april 2022 steeds voldaan aan uw nieuwe betalingsverplichtingen. Of u hebt hiervoor uitstel van betaling gekregen.
U hebt geen openstaande belastingschuld die op of vóór 12 maart 2020 betaald had moeten zijn, waarvoor de dwanginvordering was opgestart en waarvoor u op 12 maart 2020 geen uitstel van betaling had. Er is sprake van dwanginvordering als wij u een aanmaning hebben gestuurd.
In uw verzoek motiveert u waarom u de betalingsregeling wilt verlengen. En u maakt aannemelijk dat u uw belastingschuld niet binnen 5 jaar kunt afbetalen, maar wel binnen 7 jaar.
U stuurt ons een liquiditeitsprognose voor de komende 2 jaar, gerekend vanaf de datum van uw verzoek. Uit deze prognose moet blijken dat u de nieuwe, lagere termijnbedragen wel kunt betalen.
Is uw belastingschuld door het bijzonder uitstel € 50.000 of hoger? Dan moet u ons ook het volgende sturen:
jaarstukken van de laatste 3 kalenderjaren
een verklaring van een derde deskundige (bijvoorbeeld een accountant) dat er geen aanwijzingen zijn dat uw onderneming niet levensvatbaar is
Als uw verzoek wordt toegewezen, heeft dit de volgende gevolgen:
De termijnbedragen worden lager.
U betaalt meer invorderingsrente.
De einddatum van de betalingsregeling wordt 1 oktober 2029.
U krijgt van ons een brief met de nieuwe termijnbedragen en betaaldatums.
In de brief die u van ons hebt gekregen met het vastgestelde maandbedrag dat u moet betalen, staan het rekeningnummer en het betalingskenmerk van de betalingsregeling. Gebruik dit betalingskenmerk bij elke betaling.
Is het u niet gelukt om vanaf 1 oktober 2022 maandelijks uw termijnbedragen van de betalingsregeling te betalen? Maar hebt u vanaf 1 april 2022 wel voldaan aan al uw nieuwe aangifte- en betaalverplichtingen? Dan kunt u ons alsnog vragen om een betaalpauze van maximaal 6 maanden. Deze betaalpauze mag ingaan op een datum in het verleden, bijvoorbeeld 1 oktober 2022. Wij passen dan uw huidige betalingsregeling aan deze betaalpauze aan: u krijgt een nieuw, hoger termijnbedrag vanaf de datum waarop de betaalpauze is afgelopen, tot 30 september 2027.
Hebt u een betaalpauze gekregen die ingaat op 1 oktober en geldt tot 1 april 2023? Dan kunt u aanvullend ook een verzoek doen om verlenging van de betalingsregeling naar maximaal 7 jaar. Om in aanmerking te komen voor deze verlenging moet u voldoen aan de voorwaarden die gelden voor verlenging van de betalingsregeling . 1 van die voorwaarden is dat uw belastingschuld op het moment dat u het verzoek doet € 10.000 of hoger is.
Hebt u al een verzoek ingediend om de betalingsregeling aan te passen, maar hebt u nog geen bericht van ons gekregen? Betaal dan alvast volgens uw verzoek. Houdt u er wel rekening mee dat als uw verzoek is afgewezen, u dan de inmiddels opgelopen achterstand direct moet inlopen. Wij handelen uw verzoek in principe af binnen 8 weken nadat wij uw verzoek hebben ontvangen.
Lees meer over de betalingsregeling voor opgebouwde belastingschuld door bijzonder uitstel
Bekijk de video over de versoepelingen van de betalingsregeling
U mag premies en stortingen alleen aftrekken in het jaar dat u deze hebt betaald. Voor het aftrekken van lijfrentepremies gelden voorwaarden:
Betaalt u premies voor een lijfrente die (ook) recht geeft op een nabestaandenlijfrente? En voldoet deze lijfrente aan de voorwaarden? Dan mag u de premies aftrekken binnen uw jaar- en/of reserveringsruimte.
Hebt u premies betaald voor een lijfrenteverzekering die in de toekomst wordt uitgekeerd aan uw meerderjarig invalide (klein)kind? Dan kunt u deze premies aftrekken als de uitkeringen aan de volgende voorwaarden voldoen:
De uitkeringen zijn bestemd om in het levensonderhoud van het (klein)kind te kunnen voorzien. De uitkeringen moeten in verhouding staan met de (woon)situatie en eigen inkomsten van het (klein)kind.
De uitkeringen eindigen bij het overlijden van het (klein)kind.
U mag de premies ook aftrekken als u deze betaalt voor een (klein)kind dat op het tijdstip van de premiebetaling (nog) niet invalide is, maar dit volgens de medische prognose wel zal zijn op de datum waarop de uitkeringen ingaan.
Betaalt u premies voor een lijfrenteverzekering of doet u stortingen op een lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht? Dan mag u deze premies en stortingen aftrekken in uw aangifte inkomstenbelasting. U moet dan wel aan de volgende voorwaarden voldoen:
U moet zelf de premies betalen of stortingen doen.
U hebt een pensioentekort.
U mag alleen (een deel van uw) premie en storting aftrekken als u een pensioentekort hebt. U kunt ook een pensioentekort hebben terwijl u in loondienst pensioen opbouwt.
Werkt u in loondienst? En betaalt u zelf (een deel van) uw pensioenpremie? Dan mag u deze premie niet aftrekken. Uw werkgever heeft deze premie van uw loon afgetrokken voordat daar belasting over werd ingehouden.
Om te weten of u een bedrag kunt aftrekken, moet u eerst berekenen of u een pensioentekort hebt. Hebt u een pensioentekort? Dan hebt u 'ruimte' om een bedrag af te trekken. Uw jaarruimte en uw reserveringsruimte bepalen de maximale hoogte van uw aftrek.
Let op!
Voor lijfrentepremies voor een meerderjarig invalide (klein)kind hoeft u geen pensioentekort te hebben. U moet zelf de premies betalen of stortingen doen om ze te mogen aftrekken.
Jaarruimte
U mag premies en stortingen voor lijfrente aftrekken als u het jaar ervoor een pensioentekort had. Dit noemen wij de jaarruimte. De jaarruimte 2026 hangt dus af van uw situatie in 2025.
Uw jaarruimte berekent u met het hulpmiddel lijfrentepremie vanaf 2016.
Let op!
Bent u geboren vóór 1 september 1953? Dan kunt u niet gebruikmaken van de jaarruimte 2026. Maar misschien wel van de reserveringsruimte 2026.
Reserveringsruimte
Kunt u uw jaarruimte niet helemaal gebruiken, omdat u in het betreffende jaar minder premies hebt betaald en stortingen hebt gedaan? Dan is dit 'niet-benutte jaarruimte'. Het totaalbedrag van alle 'niet-benutte jaarruimtes' is uw 'reserveringsruimte'.
Voorbeeld
Uw jaarruimte is € 1.555. U hebt € 1.500 betaald aan premies voor een lijfrenteverzekering.
U mag € 1.500 aan premies aftrekken. De € 55 die u over hebt, neemt u mee in de berekening van uw reserveringsruimte over een later jaar.
Het Hulpmiddel Lijfrentepremie vanaf 2016 berekent wat uw maximale reserveringsruimte is.
Hoe lang kunt u de reserveringsruimte gebruiken?
De jaarruimte die u niet hebt gebruikt, kunt u nog in de 10 jaar erna gebruiken in uw reserveringsruimte. Hebt u zowel jaarruimte als reserveringsruimte? Gebruik dan eerst uw reserveringsruimte. Zo voorkomt u dat eerder niet-gebruikte jaarruimte verloren gaat.
Voorbeeld
In uw 'reserveringsruimte 2026' kunt u gebruikmaken van uw niet eerder gebruikte jaarruimtes uit 2016 tot en met 2025. In 2027 vervalt eventuele niet-gebruikte jaarruimte uit 2016.
Hulpmiddel lijfrentepremie
Wilt u weten welk bedrag u in een jaar maximaal mag aftrekken voor lijfrentepremies of stortingen op een lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht? Gebruik dan het Hulpmiddel lijfrentepremie vanaf 2016. Of voor de vorige/oude jaren het Hulpmiddel lijfrentepremie 2015 en eerder.
Maximumbedrag voor alle lijfrenteproducten samen
Het bedrag dat u maximaal mag aftrekken, geldt voor al uw lijfrenteproducten samen.
Voorbeeld
Uw jaarruimte in 2026 is € 1.600 en u hebt geen reserveringsruimte. U hebt in 2026 € 1.500 betaald aan premies voor een lijfrenteverzekering en € 500 gestort op een lijfrenterekening. U hebt dus totaal € 2.000 betaald voor lijfrenten.
U mag met gebruik van uw jaarruimte maximaal € 1.600 aftrekken van uw inkomen in box 1. De overige € 400 mag u niet aftrekken in uw belastingaangifte. Niet in 2026, en ook niet in een later jaar. Wel kan hiermee rekening worden gehouden bij de belasting die u betaalt over de uitkering(en) uit uw lijfrente.
Bent u (ex-)ondernemer en gebruikt u uw oudedagsreserve of stakingswinst voor de aankoop van een lijfrente? Dan mag u deze soms ook als premie/storting aftrekken. Hiervoor gelden wel aanvullende regels.
U moet de premie of storting hebben betaald voor 1 juli van het volgende kalenderjaar.
Let op!
U bent niet verplicht om de premies voor een lijfrenteverzekering of stortingen op een lijfrenterekening of -beleggingsrecht af te trekken. Maar u betaalt wel belasting over de uitkeringen of afkoopsommen daarvan. Lees meer daarover bij U hebt niet alle premies of stortingen afgetrokken.
Neemt u als ondernemer verplicht deel aan een beroeps- of bedrijfstakpensioenregeling? Dan zijn de premies die u betaalt geen lijfrentepremies. U mag de betaalde premies voor uw pensioenopbouw wel aftrekken als zakelijke kosten van uw onderneming. Voor deze aftrek geldt een beperking.