Trucje 1
Wanneer een kaars begint te lekken, dicht ik gewoonlijk de opening langs waar het vet wegloopt. Gewoon door er een stukje gestold vet tegen te duwen langs de binnenkant. Wanneer er al veel vet weggelopen is en de vlam daardoor erg groot is, vul ik de holte rondom de vlam terug op met het gestolde kaarsvet dat er voordien uitgelopen was. Deze enkele handelingen kunnen voor veel extra branduren zorgen! Een andere optie is de lont bijknippen. Maar wanneer je de holte terug opvult, krijg je er natuurlijk meer branduren uit dan met alleen maar de lont bij te knippen.
Trucje 2
Soms dooft een kaars wanneer die bijna ten einde is omdat de lont geen steun meer heeft en omvalt. Het vet een beetje laten stollen en dan met een fijn scherp voorwerp (tandenstoker, naald, schaarpunt ...) de lont terug rechtzetten. Soms moet je de lont eventjes tegenhouden tot de bodem en lont voldoende gestold zijn en de lont blijft staan. Ook dit trucje deed bij mij al vele kaarsen nog meerdere uren branden nadat ze het dus in eerste instantie eigenlijk hadden opgegeven!