Nelson Mandela was een Zuid Afrikaan. Hij zette zich in voor gelijke rechten voor kleurlingen, blanke mensen en donkere mensen. Hij werd geboren in 1918 in een klein dorpje in Zuid Afrika. Hij heeft een Engelse naam (Nelson) en een Afrikaanse naam (Rolihlahla). Toen Nelson leefde was er apartheid in Zuid Afrika. Apartheid betekent dat verschillende groepen mensen anders worden behandeld, dat er andere regels zijn voor de verschillende groepen. Zo waren er stranden die alleen toegankelijk waren voor blanke mensen. En er waren aparte zitplaatsen voor donkere mensen in de bus. Blanke mensen en donkere mensen mochten ook niet met elkaar trouwen. Veel mensen waren het daar niet mee eens. Ze kwamen in opstand. De regering trad daar hard tegen op. Mensen werden gevangen gezet of doodgeschoten. Ook Nelson kwam in opstand.
Hij werd lid van de politieke partij het ANC (Het Afrikaanse Nationaal Congres). Op een gegeven moment besloot het ANC dat demonstreren zonder geweld te weinig zin had en ze besloten een militaire afdeling op te starten. Er werden bijvoorbeeld bommen bij gebouwen van de regering geplaatst. Hierdoor vielen soms slachtoffers. De regering verbood daarom het ANC. In 1964 werd Nelson opgepakt omdat hij de leider was van deze verboden partij en hij werd gevangen gezet. In de gevangenis kreeg Nelson een paar keer het aanbod om vrij te komen. Hij moest dan wel stoppen met demonstreren en naar een ander land verhuizen. Daar ging Nelson niet mee acoord. Na 27 jaar gevangen te hebben gezeten kwam hij in 1990 weer vrij. Zijn vrijlating werd live op de Nederlandse TV uitgezonden. Na zijn vrijlating werd het ANC weer een legale partij. In 1993 kreeg Nelson de Nobelprijs voor de vrede. In 1994 werden er voor het eerst normale verkiezingen gehouden. Het ANC won deze verkiezingen en Nelson werd de eerste donkere president van Zuid Afrika. Hij schafte meteen de apartheidsregels af. In 2013 stierf Nelson Mandela.
Op 18 juli 1918 wordt Rolilhlahla Mandela geboren in Transkei in Zuid-Afrika. Hij behoort tot de stam van de Xhosa’s, een stam van zwarte mensen die plezierig met elkaar samenleeft. Rolilhahla groeit op bij zijn voogd, het stamhoofd Jongintaba. De jongen kijkt en luistert graag als Jongintaba de stambijeenkomsten leidt, en leert ervan. Iedereen die iets te zeggen heeft doet dat ook, luistert naar elkaar en praat niet door elkaar heen. Iedereen is gelijk en vrij om zijn mening te uiten.
Op het einde van de bijeenkomst vat Jongintaba alles wat gezegd is samen en zorgt dat iedereen het met elkaar eens wordt. Nooit dwingt hij mensen met een andere mening. Een beslissing wordt samen, als één volk genomen.
Op de eerste schooldag zegt zijn juf dat hij voortaan Nelson heet. Op de middelbare school voelt Nelson dat hij een wereld binnengaat waarvan hij de regels nog niet snapt. Voor het eerst krijgt hij echt te maken met blanke mensen. Het valt Nelson daar op dat het niets uitmaakt hoe goed een zwarte is opgeleid. Een blanke wordt altijd voorgetrokken en als beter beschouwd. Hij vindt dat het nergens op slaat dat de blanken altijd de baas spelen. Nelson vindt het rechtvaardiger als ieder gelijk behandeld wordt. Hij wordt zich bewust dat hij niet alleen lid van de Xhosa stam is maar ook Afrikaan. Nelson is blij en trots dat hij in 1938 op de enige zwarte universiteit van Zuid-Afrika wordt toegelaten.
In 1940 vertrekt Nelson naar Johannesburg. De reis is een spannende en gevaarlijke gebeurtenis omdat het voor zwarten in die tijd moeilijk is om te reizen. Op veel treinen en bussen staat ‘verboden voor zwarten’. In de stad ziet en ervaart hij steeds vaker dat zwarte mensen gediscrimineerd worden, en dat wie daar tegen in opstand komt in elkaar wordt geslagen of in de gevangenis gegooid. Ze noemen dat apartheid. De zwarte Afrikanen krijgen zo weinig kans op een beter leven. Nelson wil graag rechten studeren om advocaat te worden. Dankzij zijn vriend Walter Sisulu krijgt hij een baan bij een blanke advocaat. In 1943 begint hij aan zijn studie. Zwarte studenten mogen, alleen omdat ze zwart zijn, aan veel activiteiten niet meedoen.
Ieder mens zou dezelfde rechten moeten hebben, vindt Nelson Mandela. Als advocaat wil hij daarvoor vechten. Veel mensen roepen zijn hulp in en Nelson Mandela helpt hen met succes. Door hem gaan mensen beseffen dat ieder mens het recht heeft voor zichzelf op te komen. Toch komen er steeds meer wetten en regels die het vooral de zwarte mensen moeilijk maken een menswaardig leven te leiden.
Als het kleineren en vernederen maar door blijft gaan, vindt Nelson Mandela dat zijn volk in opstand moet komen. Hij wordt lid van het ANC (Afrikaans Nationaal Congres) en organiseert met het ANC vreedzame protestmarsen tegen het onrecht. Als tijdens zo’n protestmars de politie het vuur opent vallen er vele doden en gewonden. De hele wereld reageert geschokt. Nelson Mandela raakt er van overtuigd dat een meer krachtdadig verzet nodig is. Hij besluit ondergronds dat verzet te organiseren.
In 1945 trouwt hij met Evelyn Mase. Samen krijgen ze vier kinderen. Hun tweede kindje overlijdt tot hun grote ver- driet al na negen maanden. Doordat de strijd voor de vrijheid hem helemaal in beslag neemt is Nelson maar weinig thuis. Zijn vrouw Evelyn stelt hem voor de keuze: het ANC of het gezin. Nelson kan niet kiezen. Als Nelson Mandela in 1956 gearresteerd wordt is het laatste wat hij ziet de verschrikte en behuilde gezichtjes van zijn kinderen. Als hij weer thuiskomt, heeft Evelyn zelf gekozen en is met de kinderen vertrokken. Na de scheiding trouwt hij in 1958 met Winnie Madikizela. Ze krijgen twee dochters.
Op 5 augustus 1962 wordt Nelson Mandela gearresteerd. In oktober 1962 veroordeelt de rechter hem tot 5 jaar gevangenisstraf. Dan vindt de politie in één van de schuilplaatsen van Nelson Mandela papieren. Daarop staan zijn plannen uitgewerkt hoe de zwarte mensen zich krachtig tegen de regering kunnen verzetten. De rechters vinden dat ze daarmee, in 1963, het bewijs in handen hebben dat Nelson Mandela de regering wil dwarsbomen. Daarop staat de hoogste straf. Het proces tegen Nelson Mandela en zijn medestrijders wordt niet alleen in Zuid-Afrika, maar door de hele wereld op de voet gevolgd. Op 12 juni 1964 wordt Mandela tot levenslang veroordeeld.
De eerste 18 jaar zit hij in de gevangenis van Robbeneiland, een dor, droog rotsachtig eiland voor de kust van Kaap- stad. De binnenplaats is aan drie kanten omgeven met cellen. De vierde kant is een hoge muur, waarop bewakers met honden wacht lopen. Ontsnappen is niet mogelijk. Nog nooit heeft Nelson Mandela het zo koud gehad als op Robbeneiland. De dekens zijn zo dun dat hij altijd aangekleed slaapt. In het begin krijgt hij alleen vieze soep te eten. Hele dagen moet hij op de binnenplaats steen tot kiezels hakken. Nelson Mandela krijgt gevangenisnummer 46664, wat betekent dat hij de 466e gevangene van 1964 is.Zijn eerste wanhoop maakt al snel plaats voor een nieuwe strijd. Hij blijft, ook in de gevangenis, volhouden om met waardige protesten te strijden voor een beter leven voor zijn volk. Later vraagt Nelson Mandela zich af of hij het zonder de anderen gered zou hebben:“We steunden elkaar en gaven elkaar kracht. Alles wat we wisten en ontdekten deelden we met elkaar en door dat delen vergrootten we de moed die ieder van ons had.”
Op 27 april 1994 gaat de zwarte bevolking van Zuid-Afrika voor het eerst naar de stembus. De mensen genieten, want nog nooit eerder is naar hun mening gevraagd. In lange rijen in de hete zon, staan mensen geduldig op hun beurt te wachten. Als Nelson Mandela zijn stem uitbrengt, denkt hij aan alle Afrikanen die zich hebben opgeofferd zodat van- daag miljoenen Zuid-Afrikanen kunnen stemmen. De verkiezingsuitslag is een overwinning voor het ANC. Op 10 mei 1994 wordt Nelson Mandela, temidden van vele belangrijke mensen en beroemdheden uit de hele wereld gehuldigd als de eerste zwarte president van Zuid-Afrika. Hij eindigt zijn inhuldigingsspeech met de woorden: “Nooit, nooit en nooit weer zal dit prachtige land de onderdrukking van de één door de ander meemaken.”
Op 11 februari 1990 om 16.00 uur ‘s middags, na 27 jaar gevangen gezeten te hebben, wandelt Nelson Mandela, hand in hand met zijn vrouw Winnie, de poort van de gevangenis uit. Als alle mensen juichen en schreeuwen:
“Amandla” (macht!) straalt Nelson Mandela. Hij bedankt zijn aanhangers voor 27 jaar steun. De hele wereld is getuige van deze gebeurtenis. Hij voelt dat hij nu een nieuw leven begint. Aan het huwelijk met Winnie komt een eind. Hoe zwaar het hem ook wordt gemaakt door tegenstanders, Nelson Mandela geeft niet op. Dankzij jarenlang moeizaam onderhandelen krijgt hij het samen met De Klerk (de nieuwe president) op 3 juni 1993 voor elkaar: 26 partijen zijn
het erover eens dat er verkiezingen komen om te stemmen voor een regering waarin alle rassen, kleuren en standen welkom zijn. In december 1993 krijgt Nelson Mandela, samen met De Klerk, de Nobelprijs voor de vrede.
Nelson Mandela voelt zich machteloos ten opzichte van zijn familie en wat er met hen gebeurt. Hij voelt zich zó een- zaam zonder hen. Politieke gevangenen hebben geen rechten. Brieven worden achtergehouden of zo nagekeken en doorgestreept dat ze nauwelijks nog te lezen zijn. Bezoek krijgt hij eens per half jaar, slechts een half uur en in bijzijn van bewakers. Zijn bezoek mag hij niet aanraken. Zijn moeder mag hem één keer, in 1968, bezoeken. Nelson Mandela weet dat dit de laatste keer is dat hij haar in leven zal zien, zo slecht ziet ze eruit. Ook valt het hem op hoe afgetobd zijn vrouw Winnie eruit ziet, niet wetend dat zij voortdurend gepest en vernederd wordt. Als hij in 1969 het bericht krijgt dat zijn oudste zoon bij een ongeluk om het leven is gekomen is hij kapot van verdriet. Toestemming om de begrafenis bij te wonen krijgt hij niet.
Zowel in Zuid-Afrika als in Europa zijn veel mensen actie aan het voeren om Nelson Mandela vrij te krijgen. Mandela wordt overgebracht naar de Pollsmoore gevangenis in Tokai (1982). Hoewel het leven daar beter is mist Nelson Mandela de kameraadschap van zijn vrienden op Robbeneiland. Hij geniet ervan dat zijn familie nu vaker op bezoek kan komen. President Botha van Zuid-Afrika wordt onder druk gezet om Nelson Mandela vrij te laten. Maar die wil dat Nelson Mandela eerst belooft dat hij geen gewelddadige acties meer zal voeren. Nelson Mandela schrijft op dat hij altijd zal blijven strijden voor vrijheid van de zwarte mensen. Zijn dochter Zindzi leest, met tranen in haar stem, in een overvol stadion, voor wat haar vader heeft opgeschreven.
Binnen zijn regering weet hij een sfeer van nationale verzoening te bereiken. Eind 1997 treed hij af als president. Zijn leven staat in het teken van het verlangen en strijden voor vrijheid. Hij, maar ook zijn familie heeft daarvoor een hoge prijs betaald. Zelf zegt Mandela daarover: “Als de strijd je leven is, zoals bij mij, dan blijft er weinig ruimte voor het gezin. Dat is altijd mijn grootste verdriet geweest van de keuze die ik gemaakt heb”. Na zijn aftreden is hij actief bezig om geld voor goede doelen los te krijgen Hij zet stichtingen op, zoals het Nelson Mandela Kinderfonds. In 1998, op zijn 80e verjaardag, trouwt hij voor de derde keer in zijn leven, met Graca Machel, met wie hij heel gelukkig is.
Voor zijn standvastige verzet tégen en overwinning óp de apartheid krijgt Nelson Mandela op 3 november 2006 de hoogste onderscheiding van Amnesty International ‘Ambassadeur van het geweten’.
Volgens Amnesty inspireert Mandela nog altijd miljoenen mensen over de hele wereld om elk probleem - hoe moeilijk ook - aan te gaan.