Hier in het aarsgat van Ijsland verkopen de
lachende marktkramers hun zonlicht in flessen.
De boer rochelt levertraan en in bar Paranoia
zingt Jackson Bollocks een imitatie van Elvis.
Op de straat schuift een type voorbij met een tweeloopsgeweer
bungelend tussen de lippen
en niemand die een oordeel velt over goed of
kwaad of de weelderige stal van zijn naaste.
Het leven is goed.
Walvis is fijn eten en altijd genoeg.
In de blokhut der posterijen rammelt een telex
als de tanden van een koortsige reiziger.
Even
met de gratie van de gewoonte
bukt men voor de avond die valt.