Voor een auto springen is ook winnen: je bent de zwakke weggebruiker en dat is bij dezen bewezen.
Hangend met mijn nek in een elastiek dat tussen de twee kanten van de kamer spant, doe ik mijn vrije bewegingen, allemaal. Ik kan tegenwoordig al wentelen. Als iemand de deur opent, knik ik blij als een tafelvoetballertje. Het veld ligt er slecht bij want vroeg of laat moet men zijn kak laten gaan, daar ben ik geen uitzondering op.
Opent een deur, ik knik als een butler. Sluit ze weer, dan zwier ik mijn benen omhoog van een ander soort vreugde. De dag is een veld zonder randen.
03/10/2016