Ik schijn nu weer al slapend
een koepel te hebben getekend
in de grote, zwarte ruimte.
Op het tuinfeest een deur verder,
in de mik van de wilg, heeft men
een vreemde opgehangen. Hij is nog daar,
tussen papieren bekertjes en
omgevallen stoelen.
Ik begin rode emmers
te stapelen, de één in de ander
om mijn ziel met geurend plastic
te verzadigen.
11/07/2015