Ziedaar de kampioen
hij krijt zijn keu
bekijkt niet zijn publiek dat hem bekijkt.
Legt aan op die ene hoek van
de straatsteen die vrij ligt.
De lans loopt aan
en drijft met de kracht van een zuiger die
terugslaat.
Zo ook de plavei.
Hij geeft zich door aan de volgende
als een woord in de kerk, verboden, belangrijk.
De laatste plavei raakt de gevel.
De kampioen schroeft zijn keu uit elkaar.
Het gebouw ginder ver
is nog louter idee.