De inwoners van het gedeelte achter het bos
beweren dat ze ’s nachts soms zijn bloot gat uit de
grond zien komen in een wedstrijd wit licht met de maan.
Maar over de begravene gaan zo veel verhalen dat
we al blij zijn als we er zelf niet in voorkomen.
De smid heeft zo hard op zijn vingers geslagen dat
hij wenend de dag toegaf dat hij zijn vrouw bedroog.
Hij bedroog haar niet, hij heeft haar zelfs nooit gekend laat staan gehad.
maar de pijn, mensen de pijn.
Zondag zijn we in een cirkel gaan staan rond een
gat in de grond, zo onbeschaamd als een vrouw in november
en wij zongen tot God, en als wij daarin niet geloofden dan
schaarden wij ons machtig solidair samen, en wij neurieden laag
om samenhorigheid
en wij ondersteunden de schokkende smid
en wisselden geschenken uit met de mensen
van achter het bos.