Vandaag misschien alleen de contouren
in brede vegen petroleumblauw.
Ik heb in de zee een paar zaken begraven.
Ze lagen bijeen in een doosje gemaakt
uit een doos van karton van zo’n doekjes voor baby’s.
Boven de spullen van klei en van hout
lag de brief met de woorden van schade en schande
en de mij steeds verbazende
mijnwerkersarbeid
van hen die beweren:
belangeloos
en de doos ging dicht en te water.
Toen had ik geluk:
het tij was me gunstig
en de zee speelde mee
en de doos speelde mee.
Ze is pas gezonken toen ik niet meer keek
want zo ver heeft de zee,
een vrouw uit de duizend,
de doos meegevoerd.
Zij vroeg niets terug, zij vertrok
en zij bleef.