Gelukkig is daar altijd nog de welingelichte bron!
Ze knipoogt schalks
ze weet van de muren
en hun oren
Eerbiedig schuifelen wij rond de tafel
schenken drankjes
trekken open de zakjes
met de nootjes
en net op tijd om niet te beginnen huilen
zeggen we: Bron!
Wij zijn zo dorstig
Wees welkom, bron
maar begin eraan
de zitting verklaren wij
zonder verwijl
voor geopend.