Ik ben opgegroeid in een gezin, een familie waar het katholieke geloof werd doorgegeven. Dus de waarden van het evangelie zijn me bijgebracht en hebben de visie op mijn leven mee bepaald.
Soms zijn het mensen die op ons pad komen, die ons laten ontdekken wat we zelf belangrijk vinden. Voor mij was Martien D’Halluin zo iemand. Toen ik 16 jaar terug les gaf in het derde leerjaar, werd ik geraakt door de manier waarop Martien godsdienst gaf. Haar lessen waren voor mij meer dan zomaar een les. Ze wist kinderen te raken, te laten nadenken en stil te staan bij wat echt belangrijk is in het leven. Ze bracht verhalen uit de Bijbel tot leven en maakte ruimte voor vragen, verwondering en gesprek. Martien was voor mij een voorbeeldfiguur. Misschien heeft ze zelf nooit geweten welke indruk ze op mij heeft nagelaten, maar haar manier van lesgeven is blijven hangen. Ze liet mij ervaren dat godsdienstonderwijs niet alleen gaat over kennis van Bijbelverhalen of christelijke feesten. Het gaat ook over mens worden, leren kijken naar de ander, keuzes maken, zoeken naar betekenis en ontdekken wat liefde, verbondenheid, vergeving en hoop kunnen betekenen in ons leven.
Toen Martien overleed, kwam er een andere leerkracht godsdienst. Haar overlijden maakte mij bewust van wat zij voor mij had betekend. Haar voorbeeld bleef ergens verder leven. Na enkele jaren voelde ik dat ik zelf iets wilde betekenen binnen het godsdienstonderwijs. Daarom heb ik aan de directie gevraagd of ik de taak als godsdienstleerkracht op mij mocht nemen.
De leerlingen krijgen elke week drie lessen godsdienst van hun klasleerkracht, waarvan ik er één om de veertien dagen geef. In VBS Sint-Michiel in 12 klassen en in VBS Sint-Pieter in 8 klassen. Het is misschien maar één les op twee weken, maar voor mij is het een waardevol moment. Ik wil de leerlingen iets meegeven van wat Martien mij ooit heeft meegegeven: ruimte om te verwonderen, om vragen te stellen, om stil te worden en om na te denken over wat er echt toe doet.
Ik wil hen laten kennismaken met de verhalen van Jezus en met de christelijke traditie, maar tegelijk wil ik aansluiten bij hun eigen leefwereld. Waar gaat het over als we spreken over liefde? Wat betekent vergeving? Hoe kunnen we zorg dragen voor iemand die het moeilijk heeft? Waarom is het belangrijk dat niemand wordt uitgesloten? Waar vinden we hoop wanneer het tegenzit?
Het jaarthema ‘Liefde houdt alle stukjes bij elkaar’ sluit daar voor mij heel mooi bij aan. Liefde is niet alleen iets waarover we spreken. Liefde wordt zichtbaar in hoe we met elkaar omgaan. In kleine gebaren van aandacht, in barmhartigheid en vergeving, in delen en er zijn voor elkaar.
Misschien is dat uiteindelijk ook wat ik als godsdienstleerkracht wil doorgeven: dat ieder kind een waardevol stukje is van een groter geheel. Dat niemand er zomaar bij loopt. Dat we elkaar nodig hebben. En dat liefde ons kan helpen om de stukjes bij elkaar te houden. Misschien is dat wel het mooiste aan lesgeven: iets meegeven aan kinderen waarvan je nooit helemaal weet waar het hen later zal brengen.
Naast het christendom besteden we ook aandacht aan andere godsdiensten en levensbeschouwingen. De leerlingen maken op een respectvolle en laagdrempelige manier kennis met verschillende overtuigingen, tradities en manieren waarop mensen naar het leven kijken. Zo leren ze dat mensen op verschillende manieren betekenis kunnen geven aan hun leven en dat diversiteit een verrijking kan zijn.
De lessen zijn aangepast aan de leeftijd en leefwereld van de kinderen. Het godsdienstonderwijs wil kinderen niet alleen kennis meegeven, maar hen ook helpen groeien als mens. Thema's zoals vriendschap, verbondenheid, eerlijkheid, respect, vergeving, zorg voor anderen en de wereld rondom ons komen regelmatig aan bod. Op die manier zoeken we samen naar antwoorden op grote en kleine levensvragen. Zo wil ik als leerkracht godsdienst bijdragen aan een warme klasomgeving waarin kinderen zichzelf mogen zijn, nieuwsgierig mogen zijn naar anderen en leren kijken naar de wereld met verwondering, respect en betrokkenheid.
Juf Katrien