Energie in balans

Om je energieniveau weer op peil te krijgen, moet je eerst een beter zicht krijgen op wat je energie geeft, en wat energie neemt. Ook voldoende rust is belangrijk.

Stap 1. Energienemers, energiegevers en rustbrengers in kaart

Energiegevers

Wat geeft je energie in je leven en je werk? Waar beleef je plezier aan, of waaraan laad je je op? Vaak is dit de moeilijkste pijler om in kaart te brengen.

Energienemers

Wat kost je energie in je leven en op je werk? Dit zijn zaken waar je moe van wordt, die je laten leeglopen, waar je tegenop ziet, of die je niet leuk vindt.

Rustbrengers

Het is belangrijk om regelmatig en voldoende rust in te lassen. Welke omstandigheden, personen of activiteiten geven jou rust en ontspanning?

ACTIE

Sta stil bij je energie-besteding:

1. Lijst je energiegevers op, en ga na hoeveel tijd je hiervoor per week vrijmaakt.

2. Lijst je energienemers op, en ga na hoeveel tijd je hier gemiddeld per week mee geconfronteerd wordt.

3. Lijst je rustbrengers op, en ga na hoeveel tijd je hier gemiddeld per week mee bezig bent.

Stap 2. De balans opmaken

Is je energieniveau in balans? Durf kritisch te kijken naar je tijdsbesteding. Streef daarbij naar een 50-50 verdeling (van energiegevers en energienemers). Durf out of the box te denken voor aanpassingen.

ACTIE

Stel jezelf de volgende vragen:

1. Hoe is de balans de laatste tijd tussen mijn energienemers en energiegevers?

2. Indien uit balans: hoe komt het dat dit is scheefgegroeid?

3. Wat kan je zelf doen om de balans gezonder te krijgen?

4. Hoe kan je energienemers verminderen in je leven en in je werk?

5. Hoe kan je meer ruimte maken voor energiegevers en rustbrengers?

6. Hoe zorg je dat je momenten van ontspanning inbouwt? Wat heb je daarvoor nodig?

7. Hoe zou een gebalanceerde (werk)dag en (werk)week er voor jou uitzien?

Stap 3. Een realistisch stappenplan

Stel jezelf een aantal concrete doelen om je energiebalans weer in evenwicht te krijgen. Maak een haalbaar plan op om je doelen te bereiken, en evalueer regelmatig. Stuur bij waar nodig. Tip: deel je plan met anderen. Zij kunnen je nieuwe ideeën of inzichten geven.

ACTIE

1. Maak je doelen concreet

Wat wil je bereiken om je energie terug op peil te krijgen?

Voorbeelden:

  • Een betere nachtrust

  • Meer sporten

  • Beter prioriteiten stellen

2. Denk na over de manier waarop je je doelen wil bereiken

Hoe wil je dit aanpakken?

Voorbeelden:

  • Eén ontspanningsoefening doen voor het slapen gaan

  • Een afwegingskader maken voor wat dringend is en wat niet

  • Een fitness-abonnement nemen

3. Maak een planning op

Zet je goede bedoelingen om in acties door middel van een weekplanning.

Voorbeelden:

  • Elke avond op een vast uur 10 minuten ademhalingsoefeningen doen

  • Eén keer per week je prioriteiten checken, en uitstellen/uitbesteden wat niet-dringend is

  • Elke week 2 keer gaan sporten

4. Evalueer en stuur bij

Ga regelmatig na hoe het loopt. Wat lukt er wel, wat lukt er niet? Waarom wel/niet? Is er bijsturing nodig? Zo ja, wat kan je doen om je doelen te bereiken, op een haalbare manier.

Voorbeelden:

  • Tien minuten ademhalingsoefeningen doen lukt niet altijd. Bijsturing: nood aan meer discipline, een nieuw tijdstip zoeken en combineren met andere rustbrengers.

  • Prioriteiten stellen gaat soms moeilijk door tijdsgebrek, of eisen van werk en gezin. Bijsturing: het gesprek aangaan met mijn leidinggevende, meer grenzen stellen naar mijn gezin toe, minder perfectionistisch zijn in het huishouden ...

  • Twee keer per week sporten is niet haalbaar. Of er is niet altijd de zin om te gaan. Bijsturing: 1 keer fitness per week, aangevuld met andere vormen van beweging, zoals een korte wandeling 's middags, meer de fiets nemen ...